Categorieën

Stuur ook jouw spreekbeurt in!

De spreekbeurtenstartpagina plaatst jouw spreekbeurt online. Door je spreekbeurt in te sturen help je andere kinderen bij het kiezen van een leuk onderwerp voor hun spreekbeurt.

Stuur dus vandaag nog je spreekbeurt in en help andere kinderen om ook zo’n mooie spreekbeurt te houden.

De spreekbeurten moet je inzenden naar inzenden@spreekbeurtenstartpagina.nl .

Mijn spreekbeurt over een moestuin

 

 

 

Het is niet heel moeilijk om een moestuin te beginnen. Je begint met het zaaien van de zaadjes.

Omdat  Albert Heijn weer begonnen is met een moestuinspaaractie wil ik mijn spreekbeurt houden over het houden van een moestuin.

Het is niet heel moeilijk om een moestuin te beginnen. Je begint met het zaaien van de zaadjes…dat kunnen verschillende kruiden, fruit of groenten zijn. Gemakkelijk om te kweken zijn kruiden zoals tuinkers, die hoef je alleen een beetje water te geven. Dit jaar helpt het IVN je ook bij het onderhouden van je moestuin. Vrijwilligers van IVN kun je vragen stellen over het houden van een moestuin en als je denkt dat iets bijna mislukt kun je door tips het plantje toch nog redden.

Vorig jaar had ik ook meegedaan aan de  moestuinactie en dat vond ik heel leuk maar ik had er wel een beetje hulp bij nodig want alleen zaadjes in de grond doen, daarmee heb je nog geen moestuin. Je moet ook water geven, zorgen dat ze genoeg licht krijgen enzovoort.  Dit jaar gaat het IVN (Instituut voor natuureducatie en duurzaamheid) kinderen helpen met het houden van een moestuin en ook workshops geven in winkels van Albert Heijn en lessen geven op basisscholen. Ik weet dat omdat mijn vader ook vrijwilligerswerk doet voor het IVN. Wij hebben thuis ook een moestuin en daar kunnen we zomers heel veel uit eten. Wij kweken thuis courgettes, pompoenen, boontjes en aardappelen, maar ook kruiden zoals rozemarijn, basilicum en munt.

Welke moestuin plantjes?
Bij de moestuintjes van AH hebben ze 20 moestuinplantjes uitgezocht die goed te kweken zijn voor kinderen, zoals  komkommer, cherrytomaatjes, sperziebonen, radijs, broccoli en basilicum.

Ik vind het heel leuk om een moestuintje te hebben want elke dat is er weer wat anders te ontdekken en je leert veel over de natuur.
Over IVN

IVN (Instituut voor natuureducatie en duurzaamheid) is een  organisatie die mensen bij de natuur betrekt. en ze willen jong en oud zélf laten beleven hoe leuk, leerzaam, gezond én belangrijk natuur is. Juist voor kinderen. Zelf onderzoeken, ervaren, frisse lucht, vieze handen, waterbeestjes vangen en vlotten bouwen. Zodat  kinderen creatiever, slimmer en fitter worden. Ook organiseren ze excursies, cursussen, wandelingen, lezingen en andere natuur (belevings-) activiteiten door heel Nederland.

Tot en met juni kun je je vragen over moestuinieren aan IVN’ers stellen op de website van AH

Mijn spreekbeurt over K3

Ik houd mijn spreekbeurt over K3 omdat ik ze heel leuk vind zingen en je kunt bij deze muziek ook heel leuk dansen en gelukkig houd ik van allebei.

K3 is begonnen met 3 meisjes Karen, Kristen en Kathleen, deze meiden komen uit Belgie maar ze hadden een grote hit Heyah mama, daarmee werden ze ook beroemd in Nederland. K3 reisde door heel België en Nederland om daar optredens te geven en ze kwamen ook op de televisie.

Andere bekende liedjes van K3 zijn : I love you baby, Alle Kleuren, Blub, ik ben een vis!, Tele-Romeo, Toveren, Verliefd, De 3 biggetjes, Oya lélé, Hart verloren, Liefdeskapitein, Kuma he, Ya ya yippee. Het laatste nummer Ya ya yippee vind ik een van de leukste liedjes van K3 omdat daar ook zo’n leuk dansje bij zit. Een van de beroemdste jurken van K3 is de regenboogjurk, die hadden ze aan bij veel optredens, mijn moeder heeft voor mij ook een regenboog jurkje gemaakt en die heb ik nu aan.

In 2009 ging Kathleen weg bij K3 en bleven alleen nog Karen en Kristel over, toen was het eigenlijk K2 geworden. Om er toch weer K3 van te maken is er een televisie programma gekomen K2 zoekt K3 en heeft Josje uit Zwolle de show gewonnen. Samen met Josje erbij kwam het leuke liedje uit Eya hoya! en werd er een videoclip van gemaakt zodat je ook zelf het nummer kunt instuderen en het dansje kunt oefenen.

Toen kwam er weer een televisieprogramma  K3 zoekt K3 en zijn  Karen, Kristel en Josje gestopt , dit vond ik erg jammer maar de nieuwe K3 werden Hanne, Marthe en Klaasje en deze K3 zullen vast ook heel leuk worden..

Nu zijn er overal afscheidsconcerten want de oude K3 met Karen, Kristel en Josje treden overal in het land op met de opvolgers Hanne, Marthe en Klaasje. Gelukkig gaat Kristel de nieuwe K3 nog wel helpen met de optreden en dat komt vast goed want ze is natuurlijk zelf ook een K3 meisje geweest.

Ik ben nu al vaak aan het oefenen met dansen en zingen en ik hoop natuurlijk dat ik later ook een K3 meisje word of dat ik later een keer met ze op mag treden. Ik ben ook ook naar het concert geweest in Zwolle en ik vond dat heel erg leuk. We konden meezingen en meedansen.

Dit was mijn spreekbeurt over K3, hebben jullie nog vragen?

Spreekbeurt over lawine

Wat is een lawine eigenlijk?

Een lawine is een grote laag sneeuw die op een helling van een berg naar beneden gaat schuiven, dit kan heel gevaarlijk zijn want je kunt er door bedolven worden.

Op de pistes wordt goed in de gaten gehouden of er kans is op lawines dit is niet altijd het buiten de piste en daarom is het ook gevaarlijker om daar te gaan skiën.

Er zijn verschillen soorten lawines.

Namelijk
– de plaklawine
– de poedersneeuwlawine
– de gletsjerlawine

Ik begin met de laatste, de
Gletsjerlawine
Een gletsjerlawine komt heel snel van een berg met een hoge snelheid en de sneeuwdeeltjes zijn erg vast.

De poedersneeuwlawine wordt vaak veroorzaakt doordat een nieuwe laag poedersneeuw niet op de oude laag sneeuw plakt, Daardoor gaat het snel schuiven en ontstaat er een lawine.

De plaklawine komt doordat de nieuwste laag sneeuw niet plakt op de vorige laag en daardoor begint de schuiven, dit kan heel snel gaan.

Wat kun je doen om je te beschermen tegen een lawine?
Een lawine airbag – dit is een opblaasbare airbag in een rugzak die er voor zorgt dan je niet helemaal onder de sneeuw verdwijnt maar dat je wat ruimte krijgt om te ademen

Een lawine pieper, deze zend een signaal uit waardoor ze je gemakkelijker kunnen vinden onder de sneeuw.

Een dunne opvouwbare stok waarmee ze kunnen vinden onder de sneeuw door ermee in de sneeuw te prikken, dit heet ook wel een sonde.

Een sneeuwschep, dit is een speciale schep omdat het een grotere schep is met een kleine steel die je dus makkelijk mee kunt nemen en waar je snel sneeuw mee kunt scheppen.

Komen er veel mensen om door een lawine?
In De wintersportlanden in Europa komen er gemiddeld zo’n honderd mensen per jaar om door een lawine.

In 2012 overleed Prins Friso doordat hij werd bedolven onder een lawine, daarna was er veel aandacht voor skiën en al de gevaren die het met zich mee kan brengen. Maar er kwam ook aandacht voor skiën op de pistes en het systeem van een airbag in een rugzak en een lawinepieper.

Spreekbeurt over Aardbevingen

AARDBEVINGEN SPREEKBEURT

Ik hou mijn spreekbeurt over aardbevingen omdat het een
leuk onderwerp is.

Bewegende platen

De aarde is bedekt met een laag gesteente, de aardkost. De
aardkost is de bodem van de aarde en van de oceanen. De aardkost is verdeeld in
kleinere stukken, de aardplaten. De platen bewegen heel langzaam, maar 1 of 2
centimeter per jaar. Soms komen de randen van de platen tegen elkaar aan. De
platen duwen dan met grote kracht tegen elkaar aan. Als deze druk vrijkomt
begint het land te schudden en veroorzaakt een aardbeving.

Er zijn ook aardbevingszones. Dat zijn gebieden en landen
waar heelvaak aardbevingen voorkomen(nu naar het bord). De barsten in de
aardkorst waar de platen elkaar raken worden breuken genoemd. De meeste van deze
breuken liggen onder de oceanen en zeeën. Maar sommige breuken liggen onder het
land. De bekendste breuk is de San Andreas Breuk in Californië in Amerika.

KRACHTIGE AARDBEVINGEN

Aardbevingen komen vaak voor. Elk jaar zijn er over de hele
wereld zo’n half miljoen aardbevingen. Driekwart van de aardbevingen zijn zo
licht dat de mens ze niet merkt. Grote aardbevingen kunnen veel schade
aanrichten. Gebouwen en bruggen storten in en mensen worden daarbij gedood of
gewond. Wetenschappers volgen aardbevingen via een apparaat, een seismograaf. Ze
gebruiken daarbij de Schaal van Richter om de sterkte van de aardbeving weer te
geven. Een waarde van minder dan twee op de schaal betekent dat het een zwakke
beving is die haast niet of helemaal niet gevoeld wordt. Een aardbeving met meer
dan een zes of een zeven veroorzaakt het instorten van gebouwen en bruggen.

De kracht van een aardbeving is haast niet voor te stellen.
Miljoenen tonnen steen worden in een paar seconde verplaatst, en duizenden
vierkante kilometers kunnen door de beving geraakt worden. De schade van de
aardbevingen is het grootst in steden. Veel gebouwen staan op instorten of lopen
grote schade op. Mensen worden bedolven of ingesloten in de gebouwen.

Er reizen veel journalisten en experts af naar het gebied
dat getroffen om te kijken hoeveel schade er is. Het reizen er naartoe kan heel
moeilijk en gevaarlijk zijn omdat wegen kapot en versperd zijn door ingestorte
gebouwen of bruggen en tunnels zijn ingestort.

NABEVINGEN

Een aardbeving wordt dikwijls vervolgd door een aantal
nabevingen. Nabevingen zijn trillingen na een grote aardbeving, die veroorzaakt
worden door de bewegingen van gesteenten die zich in hun nieuwe positie stellen.
De nabevingen worden gewoonlijk steeds zwakker, totdat ze helemaal niet meer
gevoeld worden. Door de nabevingen kunnen gebouwen die al beschadigd waren door
de aardbeving instorten. De meeste mensen geven er dan ook de voorkeur aan
buiten te blijven tot het gevaar van nabevingen voorbij is.

HET ZOEKEN NAAR OVERLEVENDEN

Zodra het beven is gestopt gaan mensen op zoek naar familie
en vrienden die bedolven zijn onder stapels stenen en puin. Vaak wordt de
hulpverlening georganiseerd door politie en het leger. Soms worden bij de
reddingspogingen kranen gebruikt, vooral voor het optillen zware delen van
ingestorte gebouwen. De reddingswerkers gebruiken machines waarmee ze de
lichaamstemperatuur kunnen meten en geluiden kunnen horen vanuit het puin. Ze
gebruiken ook vaak honden.

HULPVERLENING

Hulporganisaties helpen overal ter wereld mensen die
getroffen zijn door een ramp. Ze zijn ook betrokken bij ontwikkelingswerk om
mensen hulp te geven. Als de reddingswerkers er zijn geven ze meestal meteen
door hoeveel mensen en goederen ze nodig hebben. Er moeten ook veel artsen en
medicijnen zijn. Veel mensen zijn dakloos geworden, dus worden er tenten
opgestuurd voor tijdelijke huisvesting, samen met kleding en dekens om de mensen
warm te kunnen houden.

DE KOSTEN VAN EEN AARDBEVING

De kosten van herbouw is ontzettend duur van een stad.
Rijke landen kunnen dat nog wel betalen, maar arme landen hebben veel geld
nodig.  De regering moet geld lenen
van buitenlandse banken. Maar dit geld moet terugbetaald worden binnen een
bepaalde tijd en er moet rente over worden betaald. Hulporganisaties helpen bij
plaatselijke heerbouwprojecten door materialen aan te voeren die de mensen nodig
hebben. Aannemers en architecten geven adviezen over veilige reparatie van
beschadigde gebouwen en voor de bouw van huizen die beter bestand zijn tegen
toekomstige aardbevingen. De aardbeving met de meeste kosten is de aardbeving in
Kobe in 1995. Die bedroegen boven de 100 miljard gulden.

Dit was mijn spreekbeurt, heeft iemand nog vragen?  

 

 

Spreekbeurt over Zintuigen

Zintuigen

 

Hoofdstuk 1

 

Ik doe mijn spreekbeurt over de zintuigen omdat ze heel belangrijk voor ons zijn. Je staat er niet bij stil maar zonder zintuigen zou het leven heel moeilijk zijn. Ik wil er ook nog meer over te weten komen.

 

 

Hoofdstuk 2

Wat zijn zintuigen en hoeveel hebben we er?

 

Je gebruikt je zintuigen de hele dag. Ze zijn de verkenners van je lichaam. Ze sturen berichten naar de hersenen en zo weet je wat er om je heen gebeurd.

 

Je hebt vijf zintuigen

  1. je ogen, daar kan je mee zien
  2. je oren, daar kan je mee horen
  3. je tong, daar kan je mee proeven
  4. je neus, daar kan je mee ruiken
  5. je huid, daar zit het gevoel

 

Ik ga ze nu bespreken:

 

Ogen:

 

Vanaf je geboorte gebruiken  wij onze ogen om allemaal dingen te zien. Je oog is een bol die in de oogkas ligt. Aan de voorkant van de oogkas zit de iris.

De iris geeft de kleur van je ogen zoals: groen, blauw, bruin en grijs.

Midden in de iris zit een opening, de pupil. Achter de pupil ligt een ooglens die lichtstralen opvangt en zo de beelden maakt die je ziet.

Als het donker wordt, wordt de pupil groter en als het lichter wordt dan wordt hij kleiner. Met je ogen kun je niet alleen zwart en wit zien. Ook kun je er kleuren mee zien. Tenminste als het licht genoeg is. Als het schemerig wordt, of donker, dan word alles steeds grijzer en grijzer, totdat je geen kleuren meer ziet.

Veel mensen kunnen in de verte of dichtbij niet meer scherp zien. Iemand die in de verte niet goed ziet, is bijziend. Iemand die dichtbij niet goed ziet, is verziend. Een bril of contactlenzen kunnen je helpen weer beter te zien.

Omdat we twee ogen hebben kunnen we goed afstanden inschatten, met maar één oog is dit veel moeilijker.

Met je ogen kijk je, maar je hersenen weten wat je ziet. Soms zijn je hersenen in de war, en lijken dingen anders dan ze zijn. Dit heet : gezichtsbedrog. (proefje met lijntjes)

 

Oren:

 

Het oor is niet alleen de oorschelp die je ziet aan de zijkant van je hoofd. Je oren vangen geluiden op en geven ze door aan je hersenen.

Ik zal vertellen hoe dit gaat: de oorschelp vangt het geluid op en via de gehoorgang gaat het naar binnen. Het geluid botst tegen je trommelvlies, die trillingen worden doorgegeven aan drie gehoorsbeentjes: de hamer, aambeeld en stijgbeugel. Die geven de trillingen weer door aan het slakkenhuis. In het slakkenhuis zitten gevoelige cellen die het geluid doorgeven aan de gehoorszenuw die helemaal in je hersenen ligt. Dan hoor je het geluid.

 

Sommige geluiden kunnen mooi zijn, zoals muziek of een vogeltje wat fluit. Ook kan een geluid je voor gevaar waarschuwen. Bijvoorbeeld brandalarm waarschuwt dat er gevaar is voor mensen. Ook een toeter of fietsbel waarschuwt voor gevaar.

Als je de bel hoort dan weet je dat er iemand aan de deur is. Je hebt harde en zachte geluiden, zo weet je of iemand of iets ver weg is of dichtbij. Dit kan heel belangrijk als je oversteekt want dan weet je beter of een auto ver weg is of dichtbij. Het geluid komt in je ene oor eerder naar binnen dan in je andere oor, doordoor weet je ook uit welke richting het geluid komt.

Het belangrijkste van het gehoor is eigenlijk dat als we met elkaar praten, dat we elkaar kunnen verstaan. Dove mensen kunnen ons niet horen, maar ze kunnen je toch begrijpen door je lippen te lezen. Mensen die slecht horen kunnen een gehoorapparaat kopen, dan horen ze weer een beetje beter.

 

 

Tong:

 

Met je tong kan je goed proeven. Je tong heeft smaakpapillen, die kun je goed zien zitten als je je tong bekijkt in de spiegel. Voor verschillende smaken heb je aparte papillen.  Je hebt er vier smaken,

1.       zoet

2.     zuur

3.     bitter

4.     zout.

Zout en zoet proef je beter dan bitter en zuur.

Voordat je iets kunt proeven moet het eten eerst een beetje opgelost worden in speeksel. Als je je tong met een zakdoek droog maakt, en je legt er een dropje op, dan proef je eerst even niks. Als er weer speeksel komt en het dropje laat smelten, dan proef je weer.

 

Alle smaken liggen op verschillende plaatsen op je tong:

 

Zoet dingen proef je vooral op het puntje van je tong. Prop een koekje dus nooit te snel achter in je mond, dat is zonde.

Zout proeven we aan de rand van de voorste helft van de tong.

Zure dingen proef je  aan de randen achter op je tong.

En bittere dingen helemaal midden achter op je tong.

Midden op je tong kun je niks proeven, daar zitten geen smaakpapillen.

 

 

 

Neus:

 

Je kan met je neus ruiken. Als je ademt komt er een stof of geur in je neus. Daar worden ze opgevangen door cellen met reukhaartjes. Het reukcentrum geeft een seintje door aan je hersenen.

Het is een belangrijke zintuig omdat je ruikt of iets lekker is of vies is. Als er een lekkere geur uit de keuken komt, weten je hersenen dat je moeder een taart aan het bakken is.  Dan heb je wel zin in die taart.

Ook waarschuwt je neus je voor gevaar, zoals een brandlucht of gaslucht. Proeven met je neus, je denkt wel van wat een onzin. Maar het is toch waar, je proeft een beetje met je mond en een beetje met je neus. Als je verkouden bent en je hebt een verstopte neus dan heeft het eten geen smaak. Baby’s herkennen de geur van hun moeder. Dat is heel belangrijk want zo weet een baby wie zijn moeder is.

 

 

Huid:

 

Met je huid kan je voelen. Je huid is gevoelig voor de aanrakingen van andere dingen. Je hele lichaam zit vol met cellen. De cellen geven prikkels door aan je hersenen. Die zorgen ervoor dat je iets gaat doen. Als iets jeukt weten je hersenen precies waar het jeukt, en ga je krabben.

 

 

Er zijn verschillende soorten van gevoel:

1.       tastzin

2.     pijnzin

3.     warmtezin

4.     koudezin

 

Ik zal ze nu met jullie bespreken.

 

Tastzin

 

Het tasten is het voelen van voorwerpen. Dat gaat het best met je vingertoppen, voorhoofd, lippen, en tong. Denk maar aan baby’s die alles in hun mond steken om hun speelgoed te herkennen.

 

Warmtezin en koudezin

 

Je kan koud en warm herkennen. Je lichaamstemperatuur is normaal 37 C. Als iets warmer of kouder is dan jouw dan voel je dat. Je voelt niet alleen met je huid. Koud en warm kun je ook voelen in de mond en de slokdarm. Denk maar eens aan je tong verbranden of een te hete aardappel die je hebt ingeslikt, voel je hier.

 

Pijnzin

 

Pijn voel je niet alleen in je huid. Ook in je hele lichaam. Als je hoofdpijn hebt of als je een gebroken bot hebt is dat niet op de huid. Pijn is een waarschuwing. Dan weet je dat er iets niet goed is. Je zegt automatisch auw als iemand je knijpt.

 

 

Hoofdstuk 3

Het zesde zintuig

 

Sommige mensen zeggen dat er ook een zesde zintuig bestaat.

Het zesde zintuig is helderziendheid. Helderziend is iemand die bijvoorbeeld weet wat er morgen zal gebeuren zoals een brand of iets anders. Niet iedereen gelooft hier in.

 

 

Dit is het einde van mijn spreekbeurt ik heb nog een paar proefjes, daarna mogen jullie vragen stellen.

Spreekbeurt over Zweden

Zweden spreekbeurt

1 Allemansrecht

De zweedse natuur staat open voor iedereen, maar men moet voorzichtig zijn met de natuur en eerbied hebben voor zowel mens als dier. Het allemansrecht is geen  f formele wet in Zweden, het is eerder een oud gewoonterecht.

Hieronder een paar voorbeelden van wat je wel en niet mag in de zweedse natuur. De volledige tekst van het Allemansrecht vind je op de website van Naturverdsverket.

Dit mag je :
Je mag je vrij over andermans land of water bewegen, zolang dit geen hinder of ongemak voor de eigenaar van het land of water veroorzaakt.
Je mag enkele dagen kamperen met een tent op het land van een ander, maar vraag de eigenaar van het land liefst vooraf om toestemming.
Je mag bloemen, bessen en paddestoelen plukken voor eigen gebruik.
Je mag een kampvuur aanleggen, maar overtuig je er eerst van dat er geen vuurverbod geldt.

Dit mag je niet :
Je mag geen bomen omhakken of omzagen.
Je mag geen afval achterlaten in de natuur.
Je mag niet met een motorvoertuig in het terrein rijden.
Je mag niet jagen en/of vissen. Vrij vissen mag je alleen langs de kust en in de vijf grootste meren. In alle overige wateren dien je te beschikken over een visvergunning.
Je mag in de periode van 1 maart tot en met 20 augustus je hond niet los laten lopen. Buiten deze periode dien je je hond zodanig onder controle te hebben dat deze geen last veroorzaakt voor de wilde dieren.

2 De Vikingtijd ( 800 – 1050 )

Samenleving en staat in de Vikingtijd

Vikingschip

Net als alle germaanse volkeren leefde de bevolking van Zweden in familiegroepen voor dat de staat werd gevormd. Zelfs daarna beleven de familiebanden erg belangrijk. Aanvankelijk had de germaanse staatsvorm het karakter van een verzameling kleine staatjes. Ook Zweden bestond in het begin uit een verzameling kleinere staatjes die elk ongeveer een provincie vormden. In die staatjes werd de macht gehandhaafd door enerzijds het volk en deels door koningen. Al voor de eindstrijd tussen de Svear en de Goten was er sprake van de twee grote koninkrijken Svearike en Getarike. Na de overwinning van de Svear ging het nieuwe land verder als Sverige en de bevolking als Svenskar. De op deze manier tot stand gebrachte staat was gedurende lange tijd erg zwak. De koning kon ter verdediging van het land een beroep doen op volkslegers en plunder- en veroveringstochten organiseren. Daarnaast had de koning, in de tijd dat Zweden nog niet gekerstend was, de zorg over de tempel van Uppsala. De macht van de koning bestond eigenlijk alleen maar uit een grote troep trouwe hoofdmannen en krijgers. De koning was in staat deze mannen tevreden te houden door met behulp van zijn bezittingen ervoor te zorgen zijn mannen voldoende te eten hadden en tevreden waren en door giften van de bevolking. Van een regering en een belastingstelsel was in die tijd geen sprake. Belasting was onverenigbaar met politieke vrijheid. Het rijk was in feite een slechts door de koning bijeen gehouden verbond van autonome provincies die onder leiding van hun hoofdmannen hun eigen wetten, rechtspraak en bestuur regelden. Een gevolg van de manier waarop het land werd gevormd is dat de koningstitel gebonden was aan het geslacht van de eerste koningen van de Svear. Het recht om een nieuwe koning te kiezen lag bij het gerecht Mora Stenar. De neiwue koning werd gekozen door de drie noordelijke provincies. De andere provincies mochten daarna slechts de nieuwe koning huldigen. Voor het overige waren alle provincies gelijkgesteld. De samenlevingsvorm was redelijk democratisch en bestond voornamelijk uit politiek gelijkgestelde grondeigenaren (boeren), maar onder hen stelden enkele grote boeren zich boven de massa. Een niet gering deel van de bevolking bestond uit slaven en lijfeigenen. De vikingtochten zorgden voor een verdere verrijking van de grote boeren en een verdere uitbreiding van het aantal slaven en lijfeigenen.

Vikingtochten

Terwijl de Scandinavische landen zich in heel verschillende mate bezighielden met de volsverhuizingen die uiteindelijk tot de ondergang van het Romeinse Rijk leidden, omtwikkelde de Vikingtochten zich tot een specifieke Scandinavische aangelegenheid. In de tochten naar het westen spelen de Zweden nauwelijks een rol van betekenis. De toenemende kracht van het Zweedse volk richtte zich voornamelijk op het zuiden en het oosten. Met door de koning georganiseerde en gefinancierde plundertochten naar de overkant van de Oostzee werd niet alleen een hoop krijgsbuit naar Zweden gebracht, maar ook grote “belastinggebieden” onder de macht van de zweedse koning gebracht. Een van de merkwaardigste ondernemingen uit die tijd was het stichten van het Russische Rijk door de privepersoon Rurik en zijn mannen in ongeveer 860. Een met die onderneming samenhangende gebeurtenis was de rekrutering van de Bizantijnse Garde die vanuit Zweden werd gestuurd. Ook in het zuiden werd rond het jaar 900 door de zweedse Viking Olof een zweeds rijk gesticht op het deense Jutland. Olof werd opgevolgd door zijn zoon Gnupa. Het werd korte tijd later alweer veroverd door de deense koning Gorm en zijn opvolgers. Als de Vikingtochten onder een eenduidige, doelbewuste leiding hadden plaats gevonden dan zou waarschijnlijk heel Noord-Europa Scandinavisch geworden zijn. Nu liep dat allemaal op niets uit. In de nieuwe gevormde staten Rusland, Normandi‘ en een deel van Engeland verloren de noordelijk emigranten hun nationaliteit en dat betekende voor de Scandinavische landen een verzwakking. Dat de Scandinavische landen zich naast de overige landen in Europa zich verder konden ontwikkelen is voor het grootste deel te danken aan de angst die er in Europa heerste voor de razende Vikingen. De Vikingtochten openden ook vele handelswegen en speciaal de Zweedse Vikingen begrepen heel goed hoe ze hier het meeste voordeel van konden hebben, zoals te zien is aan nederzttingen asl Birka, Sigtuna en Gotland. Het avontuurlijke Vikingleven lag ook aan de basis van de noordelijke dichtkunst met haar goden- en heldenliederen. Tot slot waren het de Vikingtochten die ervoor zorgden dat Zweden haar debuut maakte op het Europese staatstoneel. Het belangrijkste gevolg darvan was de invoering van het christendom in Zweden. De handels- en plundertochten brachten de eerste kennis over het christendom naar Scandinavie en de behoefte om de heidense krijgslust van de Vikingen wat te dempen bracht het reeds christelijke deel van Europa ertoe om zich erg in te spannen voor de kerstening van de Vikingen. Met de invoering van het christendom liepen ook de plundetochten van de Vikingen ten einde. De monnik Ansgar kwam voor het eerst rond het jaar 830 naar Zweden, maar pas ongeveer 200 jaar later, na de doop van Olof Skatkonung werd het christendom meer aanvaard.

Interne strijd tussen de Scandinavische volkeren

De sterke kracht van de noordse volken liet zich niet allen zien in de reizen van de Vikingen, maar ook in de interne oorlogen. Net als Zweden was Denemarken aan het begin van deze periode al een eenheid. Noorwegen werd ana het eind van de 9e eeuw een eenheid door toedoen van Harald Horfager. Tussen de drie landen vonden geweldige krachtmetingen plaats. Deze kunnen beschouwd worden als voortzettingen van de bewegingen die kleinere samenlevingen lieten samensmelten tot landen. Door de geringe cultuurverschillen in die tijd leek het niet onmogelijk dat heel Scandinavi‘ tot een land zou samensmelten. Maar de drang om onafhankelijk te blijven was groter dan de krachten om samen te smelten en een politieke eenheid werd niet gevonden en er trad zelfs een verdere verwijdering op. De lijst met namen van koningen uit het begin van de Vikingtijd is in hoge mate verwarrend, maar verschillende historische namen zijnndankzij de christelijke missie bewaard gebleven en duiden op een en hetzelfde geslacht. Bij het eerste bezoek van Ansgar aan Zweden heette de koning Bjorn en bij zijn tweede bezoek in ongeveer 852 Olof. IJslandse bronnen vermelden op het eind van de 9e eeuw de zweedse koning Erik Emundsson en daarna zijn zoon Bjorn. Deze laatste zou gedurende een periode van 50 jaar aan de macht geweest zijn, maar volgens Adam van Bremen zou Zweden kort voor het jaar 935 door interne strijd uiteen gevallen zijn, waarbij Bohuslan aan Noorwegen toekwam en Halland aan Denemarken. Adam van Bremen vertelt verder dat rond 960 een koning Emund Eriksson in Zweden regeerde en was hij en niet Bjorn, zoals ijslandse bronnen melden, de vader van de koningen Erik Segersall en Olof. Na de dood van de laatste eiste zijn zoon Styrbjorn de troon op en kreeg daarbij steun van de zoon van de deense koning Gorms Harald Blotand die daarmee probeerde macht in Zweden te verwerven, maar Styrbjorn werd in 980 in de slag bij Fyrisvallarna verslagen door zijn oom koning Erik die daarbij ook Denemarken veroverde op de Harald Blotands zoon Sven Tveskigg en daarmee Zweden tot het machtigste rijk van het noorden maakte. Deze situatie was niet te handhaven onder het bewind van Erik’s zoon en opvolger Olof Skatkonung. Sven Tveskigg heroverde Denemarken. Het deel van Noorwegen dat Olaf veroverd had op Olaf Tryggvesson in de slag bij Svolder ging verloren toen Olaf Haraldsson (Olaf de Heilige) in 1015 het noorse rijk opnieuw stichtte. Het bedreigende overwicht dat Denemarken daarna kreeg onder Svens zoon Knut de Grote zorgde ervoor dat Anund Jakob, de zoon van Olaf Skattkonung, een verbond aanging met Olaf Haraldsson, maar zij konden niet verhinderen dat Knut de Grote Noorwegen veroverde. De voor Zweden buitengewoon vervaarlijke vereniging van Denemarken en Noorwegen loste zich rond 1047 op en aan het einde van deze periode waren er de drie zelfstandige rijken Zweden, Noorwegen en Denemarken met ieder hun eigen identiteit. Bij Zweden hoorden toen nog niet de huidge provincies Skane, Halland, Blekinge en Bohuslan, waarvan de eerste drie bij Denemarken hoorden en de laatste bij Noorwegen. De Zweedse bezittingen aan de andere kant van de Oostzee waen inmiddels ook verloren gegaan. Met Anund Jakobs broer en opvolger Emund de Oude stierf de mannelijke lijn van het koninklijk geslacht uit.

3 Het Zweeds is misschien wel de meest welluidende taal van Scandinavi‘.
Ook in het Zweeds zijn er verschillen tussen de vaak door dialekten beinvloede spreektaal (Talsprak) en de officiele schrijftaal (Rikssprak). In het zuidelijk deel van Zweden is de invloed van het Deens goed merkbaar, terwijl de taal in het westen en noord-westen meer verwantschap heeft met het Noors.

U kunt zich op zeer veel verschillende manieren vertrouwd maken met het Zweeds. Voor de een is een enkel woordje Zweeds genoeg om zich te kunnen redden bij bijv. het boodschappen doen. Voor de ander mag het best een universitaire studie zijn.

 

Spreekbeurt over Zwanger zijn en Zwangerschap

 

Zwanger, Zwangerschap en Bevallen

Als een eitje in de baarmoeder is bevrucht en begint te groeien dan duurt het ongeveer 9 maanden totdat het babytje geboren word. Eerst heet het kindje embryo en is zó klein dat je het alleen door een microscoop kunt zien.
Die 9 maanden noemen we de zwangerschap. In de eerste 8 weken van de zwangerschap noemen we het kindje een embryo. In die 8 weken groeien alle organen van het embryo. Je hebt heel hard je hersenen, hart, longen, lever, nieren en nog een aantal organen nodig. Daarom begint een kleintje daarmee. Het is ook al heel snel mogelijk om met een speciaal apparaat het kloppen van het hartje te horen. Ook begint het embryo langzaam maar zeker steeds meer de vorm van een kindje te krijgen. Er beginnen al armpjes en beentjes te groeien.

Foetus

Na 8 weken noemen we zo’n nieuw kindje een foetus. (Dat spreek je uit als: feutus.) Het kindje zit in een zak vol vruchtwater in de buik van de moeder. Die zak beschermt het kindje tegen schokken en stoten. Die vruchtwaterzak zit in de baarmoeder. De baarmoeder van een vrouw kan een heel stuk oprekken en dat moet ook wel, anders kan het kindje niet groeien. In de vruchtwaterzak zit ook de placenta of moederkoek. Het kindje zit met een navelstreng aan die placenta vast. Door die navelstreng lopen bloedvaten en het bloed brengt door die navelstreng eten en zuurstof van de placenta naar het kindje toe. De placenta haalt eten en zuurstof uit de baarmoeder van de moeder.
Een foetus is al een compleet kindje, alleen nog piepklein. De belangrijkste taak is dus: groeien!   De organen moeten’rijpen’. Dat houdt in dat de organen van het kindje er al wel zijn, maar nog niet klaar zijn om te gebruiken. Het kindje moet in de lengte groeien, maar ook een laagje vet op zijn lijfje krijgen. Anders koelt het na zijn geboorte veel te snel af.       Als een kindje genoeg gegroeid is en klaar is voor het leven buiten de moeder begint de bevalling. Als een baby geboren wordt, is het ongeveer 50 cm lang. Na de geboorte kan het zelf ademen en drinken. Daarom is de navelstreng niet meer nodig. Meestal wordt de navelstreng doorgeknipt. Er blijft dan een klein stompje zitten, die er na twee weken vanzelf vanaf valt. Wat overblijft is een navel. Je navel is dus eigenlijk een litteken van de navelstreng waarmee je aan je moeder hebt vastgezeten.

 

Zo ben ik dus ook geboren en je kunt dus hier ook aan mijn navel zien waar ik aan mijn moeder vast zat.

Werkstuk over Zwitserland

 

Werkstuk Zwitserland!

Inhoud

                    

Pagina 1: Voorpagina

Pagina 2: Inhoud

 

Pagina 3: Voorwoord

 

Pagina 4:

Hoofdstuk 1: Het schone Zwitserland

 

Pagina 5:

Hoofdstuk 2: De talen

 

Pagina 6:

Hoofdstuk 3: Bevolking

 

Pagina 7:

Hoofdstuk 4: Het klimaat

 

Pagina 8:

Hoofdstuk 5: Vakantieland

 

Pagina 9:

Hoofdstuk 6: Natuur

 

Pagina 10:

Hoofdstuk 7: Economie

 

Pagina 11:

Nawoord

 

 

 

 

 

 

Voorwoord

Mijn werkstuk doe ik over Zwitserland, omdat het mij een mooi land lijkt en ik zou er nog wel wat meer over willen weten. Het landschap lijkt me ook erg mooi. Bergen en sneeuw hebben we hier in Nederland niet. Het lijkt me er wat anders dan Nederland, dus ik ben ook wel benieuwd hoe het daar is.

 


 

 

 

Ik vind het eigenlijk best wel leuk om een werkstuk te maken, alleen is het wel lastig wat je er allemaal in moet zetten! Ik wil graag wat vertellen over de talen die ze daar spreken, over het klimaat, over de bevolking en over nog veel meer!

 

 

 

 

 

Hoofdstuk 1
Het schone Zwitserland

In Zwitserland zijn de mensen erg trots op hun schone land. De mensen zijn ook veel bezig met het milieu. Ze maken van veel dingen ook weer veel nieuwe dingen. Papier, karton, glas, kunststof, blikjes en nog wat dingen worden allemaal verzameld. Dat kunnen de mensen dan allemaal in containers doen en wordt dan gebracht naar een plaats in de gemeente, zoals bij een postkantoor of bij een station. De mensen zijn dus ook erg zuinig.

 

 

 

Op dit plaatje verzamelen ze allemaal oude troep en maken er een soort kunstwerk van!

 

Voor veel toeristen gaan al deze dingen anders dan thuis. Het is dus wel even wennen, maar ze kunnen zo zien dat Zwitserland een heel schoon land is! Tijdens een wandeling kom je ook bijna geen vuil tegen. Zwitserland is dus veel bezig met het milieu. Niet alleen met het vuil, ook raden ze de mensen op vakantie vaak aan om met de trein of bus te gaan, in plaats van een auto. Een echt milieu vriendelijk, en schoon land!

 

 

 

Hoofdstuk 2

De talen

 

Zwitserland heeft drie officiële talen. Dat zijn: Frans, Duits en Italiaans. Ook wordt er wel Reto-Romaans gesproken. De taal, Frans die ze in Zwitserland ook wel spreken is wat verschillend dan de taal die ze in Frankrijk spreken. Ook is het Duits in Zwitserland anders dan het Duits in Duitsland. Van het Italiaans is wel het meeste hetzelfde dan van het Italiaans in Italië. Reto-Romaans is een kleinere taal. Het wordt minder gesproken dan het Frans, Duits en Italiaans. Maar het is een Zwitserse taal, die net zo als bij ons in Nederland als een Friese taal. In Zwitserland is Duits de grootste taal.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Het oranje deel op de kaart spreken de mensen Duits. 66% spreekt Duits. Het groene deel is Frans. Daar spreekt 18% Frans. Het lichtpaarse/blauwe deel, daar spreken ze Italiaans, 10%. En dan nog het paarse, daar spreken ze het Reto-Romaans. Dat wordt er 6% gesproken. Het streepjes gedeelte, daar spreken de mensen gemengd. Duits en Reto-Romaans.

 

Het is dus wel duidelijk dat er het meest Duits wordt gesproken. En het minst wordt Reto-Romaans gesproken!

 

 

Hoofdstuk 3

Bevolking

 

In Zwitserland wonen ongeveer 7,1 miljoen inwoners. 6 miljoen mensen hebben de Zwitserse nationaliteit. 1,1 miljoen, de rest, komt uit het buitenland. Van die 1,1 miljoen mensen zijn veel mensen uit het buitenland die in Zwitserland werken. Die mensen komen uit Italië, Spanje, Kroatië, Bosnië, Duitsland en Turkije. De mensen uit het buitenland kwamen om de minder leuke werkjes te doen, die de Zwitsers liever niet wilden doen. Er was werk genoeg. Ook veel vluchtelingen kwamen naar Zwitserland. Er wonen gemiddeld 174 inwoners per vierkante kilometer. Meer dan 60% van de bevolking woont in steden.


 

                                                                                                                                                                               

Op plaatje 1: Daar zie je Bern, de hoofdstad van Zwitserland. Er wonen 122.500 inwoners.

 

Op plaatje 2: Dat is de stad Zürich. De grootste stad van Zwitserland. Er wonen 338.00 inwoners. Dat is dus veel meer dan Bern!

 

Op plaatje 3: Dat is Genève. Er wonen 175.000 inwoners. Dat is dus ook nog veel meer dan Bern.

 

In Basel wonen 166.000 inwoners en in Lausanne 115.000.  Je ziet dus dat er in Zürich echt de meeste inwoners zijn!

 

 

 

Hoofdstuk 4

Het klimaat

 

In Zwitserland zijn er grote verschillen aan het klimaat. Van poolklimaatachtig in het hooggebergte boven de sneeuwgrens, tot bijna subtropisch in de zuidelijke Alpendalen! Je kunt zeggen dat Zwitserland een overgangsklimaat, een zeeklimaat en een landklimaat heeft. Je kunt zelfs stellen dat elk stukje Zwitserland zijn eigen klimaat heeft. Zo kan de noordhelling heel droog zijn, terwijl de zuidhelling bedekt is met dichte bossen. In Sion, een klein stadje van 28.000 inwoners, valt gemiddeld maar 600 millimeter neerslag per jaar. Dat is niet veel, want 30 kilometer verderop, valt op de berg Rochers de Naye gemiddeld 2600 millimeter neerslag per jaar. Dat is dus een heel verschil. Zwitserland heeft veel neerslag. Het droogste klimaat van Zwitserland heerst in het Rhônedal. Het weer kan snel veranderen. Zo kan de temperatuur zeer snel dalen. In de winter komt er een koude lucht in de dalen en op de hoogvlakte ligt en daar een sterke mistvorming veroorzaakt, terwijl in de hogere delen de zon schijnt en dat voor hogere temperaturen zorgt. Veel gebieden zijn in de winter met sneeuw bedekt.

 

 

 

 

December en januari zijn de koudste maanden van het jaar. Het is dan ongeveer 3 °C.

 

De warmste maanden zijn juni, juli en augustus. Dan is het ongeveer tussen de 21 °C en tussen de 23 °C.

 

 

 

 

 

Hoofdstuk 5

Vakantieland

 

Wintersport in Zwitserland

In de winter gaan er erg veel mensen op vakantie naar Zwitserland. Ze gaan dan op wintersport en gaan wandelingen in de bergen maken, skiën of snowboarden. In 1995 boekten er 18,4 miljoen mensen voor een vakantie in Zwitserland! Heel veel dus! Er ligt veel sneeuw. Dat komt omdat de Alpen voor een groot deel in Zwitserland ligt. De sneeuw blijft er dan erg lang liggen, maar je kunt er dan soms zelfs ook wel zonnebaden!  De temperatuur is er niet heel koud.

 

 

 

 

 

        

Zwitserland heeft dus elk jaar veel toeristen. Daarmee verdient Zwitserland erg veel geld. Daarom is het toerisme erg belangrijk voor Zwitserland. Veel beroemde hotels zitten vaak helemaal vol. Een vakantie in Zwitserland kost ook erg veel geld.

 

Zelf zou ik ook wel erg graag eens op vakantie willen in Zwitserland! Het lijkt me er erg mooi!

Hoofdstuk 6
Natuur

In Zwitserland zijn berghellingen voor een groot deel bedekt met bossen. Langs de rivieren komen oeverbossen voor. Aan de naam; oeverbossen kun je dat al een beetje horen. Bossen langs de oever! De bomen die in Mittelland staan, zijn vooral: beuken en fijnsparren, die aangevuld zijn met lindes, zomereiken, esdoorns en essen. Mittelland is een gebied. In dat gebied liggen ook veel grote steden.

 

 

 

 

 

 

 

 

Het licht gele is het gebied Mittelland. Daar zie je ook veel grote steden. Het donkergrijze is de Alpen. De Alpen is voor het grootste deel dus in Zwitserland. Op de hellingen van Jura, het groene gebied, daar vind je veel gemengde bossen vooral esdoorns en beuken. De boomgrens begint meestal tussen de 1800 en 2800 meter, maar dat is vaak ook verschillend door het weer. In de Alpenweide zijn veel struiken. Daar groeien bosbes, beredruif, bergden, groene els en alpenroosje. Allemaal vruchten! Op de Alpenweide boven de boomgrens groeien tussen het gras ook allemaal bloemen. In de lente en aan het begin van de zomer ziet dat er allemaal heel mooi uit.

 

Op het plaatje zie je allemaal leuke bloemen in allerlei soorten en kleuren. Dat ziet er dan in Zwitserland altijd heel mooi uit.

 

 

 

 

 

 

Hoofdstuk 7

Economie

 

Industrie

 

Zwitserland heeft zelf niet veel grondstoffen. Daarom verwerken ze ingevoerde grondstoffen tot producten, die ze vaak gebruiken in de industrie. Belangrijke producten zijn werktuigen die ze in de landbouw gebruiken, locomotieven, vliegtuigonderdelen en dieselmotoren. De belangrijkste industriegebieden in Zwitserland zijn in Zürich, Winterhur, Basel, Bern, Baden, Sankt, Gallen en Genéve.

 

Landbouw, veeteelt en bosbouw

 

Maar een klein deel van Zwitserland is geschikt voor landbouw, maar ze hebben erg moderne landbouwtechnieken en daardoor heeft Zwitserland wel gewoon genoeg eten. De landbouw produceert vooral suikerbieten, voedergewassen, granen, groenten, appels en peren. Zwitserland is vooral een veeteeltland. Zuivelproducten, melkproducten en chocoladeproducten zijn producten die Zwitserland verkoopt aan andere landen. 25% van Zwitserland is bedekt met bos. Het hout gebruiken ze er veel voor de huizenbouw. Als iemand een boom kapt, dan moet hij ook weer een nieuwe boom planten. Zo blijven er altijd genoeg bomen!

 

 

 

 

 

 

 

Allemaal kleine boompjes die weer groeien!

 

 

Nawoord

 

Ik vond het wel leuk om dit werkstuk te maken. Het was niet heel moeilijk. Ik ben ook erg veel dingen te weten gekomen over Zwitserland. Ik heb het eigenlijk helemaal alleen gedaan. Als ik iets op internet niet snapte, dan vroeg ik meestal even aan mijn vader of moeder. Ik heb eigenlijk de meeste informatie van Google afgehaald. Niet heel veel uit boeken.

 

 

 

 

 

 

 

Ik hoop dat je/u het leuk vond om te lezen!

 

 

 

 

Spreekbeurt over Zwitserland

 Spreekbeurt over Zwitserland

 

Juf en
klasgenootjes,

 

 

Mijn derde en laatste spreekbeurt in het vierde leerjaar gaat over een heel bijzonder mooi,
klein maar belangrijk land voor Europa  namelijk Zwitserland.

 

Zwitserland is een klein land gelegen in het midden van West-Europa met als buurtlanden: Duitsland,
Lichtenstein, Oostenrijk, Italië en Frankrijk.

Zwitserland heeft een oppervlakte van 41.290 Km²  verdeeld over 2973 gemeenten of steden en
ongeveer 6.750.000 inwoners.

Zwitserland is een vredig land dat sinds 1815 in geen enkele oorlog meer is gemengd.

Het is een
democratie, dat is een meerpartijenstelsel, er zijn 20 volle en 6 halve kantons
of leefgemeenschappen, elk met een eigen wetgeving, parlement en regering. Dus
is er geen koning of president die het land  regeert.

 

Het land Zwitserland bestaat uit
afgelegen leefgemeenschappen met verschillende talen en dialecten.

De officiële talen
zijn er Duits 70%, Frans 18%, Italiaans 11% en Retro-Romaans 1%.

In Zwitserland kun
je niet betalen met de Euro, de officiële munt is er Zwitserse frank.

De belangrijkste steden in Zwitserland zijn:

1.      Zürich is de grootste stad van Zwitserland, de luchthaven Kloten bevindt zich er
ook.

2.    Bern is  sedert 1848 de hoofdstad van Zwitserland.

3.    Basel is het
belangrijkste verkeerskruispunt van Europa, ligt juist op de kruising van
Frankrijk, Duitsland en Zwitserland. Het levert de belangrijkste
verbindingswegen voor zowel het water,spoor- en wegennet. Belangrijk voor het
wegen-en spoornet, zijn de tunnels door de bergen. Voor het waternet is
de haven het belangrijkst.

4.    Genève gelegen aan het Meer van Genève met een mooi uitzicht op de Mont Blanc.

5.    Lausanne is een stad gebouwd op 3 heuvels.

      

Aardrijkskundig gezien kan men Zwitserland verdelen in 3 grote natuurgebieden:

 

·        In het
Westen en het Noordwesten ligt de JURA = een middelgebergte uit
kalksteen met dichtbeboste bergruggen.

·        De Zwitserse hoogvlakte, ook wel Mittelland genoemd strekt zich uit
tussen de Jura en de Alpen van aan het Meer van Genève tot aan het Bodenmeer.
Dit is het belangrijkste landbouwgebied van Zwitserland.

·        De Alpen bestaan uit 2 bergketens die gescheiden worden door de diep
Rijn-Rhône-bedding. Dit gebied neemt 2/3 van Zwitserland in. In de Zwitserse
Alpen zijn meer dan 1000 gletsjers, dat zijn lange ijsrivieren die
afdalen tot aan de eeuwige sneeuw, deze grens ligt in ieder massief op een
andere hoogte.

 

De vier belangrijkste rivieren in Zwitserland zijn:

1)    de Aare

2)   de Inn

3)   de Rijn

4)   de Rhône

Zwitserland heeft ook vier meren:

1)    het Bodenmeer, dit is het grootste meer van Europa.

2)   Het Meer van Genève

3)   Lago Maggiore,
is het laagste punt in Zwitserland op 197m

4)   Neuenburger Zee

 

Enkele belangrijke bergen:

1)    De Jungfrau

2)   De Matterhorn

3)   De Monte Rosa, is het hoogste punt van Zwitserland op een hoogte
van 4638m. De afstand tussen het hoogste punt de Monte Rosa en Het Lago Maggiore
bedraagt slechts 50km.

 

Zwitserland is een belangrijk industrieland, de Zwitsers zijn gespecialiseerd in het maken van medicijnen en horloges, er worden elk jaar 50 miljoen horloges uitgevoerd naar andere landen over de hele wereld.

In de landbouw heeft men zich voornamelijk geconcentreerd op de veeteelt, koeien, schapen en geiten
grazen in de zomer op de bergweiden, ’s winters worden ze naar het dal
gebracht om te overwinteren in de stallen. De melk van deze dieren wordt
gebruikt voor het maken van verschillende soorten kaas en natuurlijk ook
voor de lekkere en wereldberoemde Zwitserse chocolade.

Wanneer de dieren op de bergweiden grazen wordt de alpenhoorn gebruikt door de boeren om hun
vee van de bergweiden te roepen.

 

 

Zwitserland is een zeer rijk land en hun rijkdom hebben ze vooral te danken aan de geldhandel en
het toerisme.

Doordat het een vredig land is komen mensen van over de hele wereld hun geld storten op
Zwitserse banken waardoor Zwitserland een heel belangrijk financieel centrum is
geworden.

 

Het toerisme; vooral Gräubunden, het grootste kanton van Zwitserland heeft een afwisselende
natuur met vele hoge toppen, gletsjers, wouden, rivieren en bergweiden. Samen
met Berner Oberland is dit gebied het meest geliefd bij de vele
buitenlandse vakantiegangers.
Wintersport Zwitserland

De skimogelijkheden zijn hier groot, er zijn veel goede hellingen en dit krijgt ook veel zon, zowel
in de winter als in de zomer.

 

In Zwitserland zijn er vroeger ook enkele bekende mensen geboren:

Eerst en vooral Henry Durant, de stichter van het Rode Kruis, de vlag van Zwitserland is
dan ook afgeleid van deze stichting namelijk een rode met een groot wit kruis.

De tweede persoon zul je wellicht beter kennen van stripverhalen of van filmpjes, Willem Tell,
dit was een man die leefde in de Middeleeuwen en opkwam voor de armen, dit was
niet naar de zich van de mensen die toen aan de macht waren en hij werd gevangen
genomen en kreeg een straf opgelegd, hij moest een appel op het hoofd van zijn
zoontje leggen en de appel moest hij doorboren met een pijl uit zijn boog. Als
hem dat niet lukte werd hij opgehangen en was zijn zoontje doorboord met zijn
pijl, als hem dat wel lukte was hij terug een vrij man en kon hij terug opkomen
voor de armen. En wat gebeurde… natuurlijk hij doorboorde de appel en was vrij.

 

 

Je kan Zwitserland vergelijken met een tentoonstelling waar je alleen maar kostbaarheden ziet, al
het mooie dat er bestaat op de wereld vind je er terug: lieflijke meren,
smaragdgroene bergbeken, hemelbestormende bergtoppen, ijswoestijnen, oeroude
bergdorpjes en imposante steden.

 

Kortom zeker een land om eens te bezoeken maar dan wel niet vergeten om veel Zwitserse franken
mee te nemen want het is er zeker niet goedkoop, vraag dat maar eens aan mensen
die er geweest zijn.

 

Danke, merci,
grazie, bedankt voor het luisteren

 

 

Zwitserland Spreekbeurt

 Spreekbeurt over Zwitserland

 

Beste juf en klasgenootjes

Ik ga mijn spreekbeurt vandaag houden over Zwitserland. Toen ik nog heel klein
was ging ik al met mijn ouders op vakantie naar Zwitserland. Dit komt omdat
mijn vader een Zwitser is. We stonden dan heel vroeg op en namen broodjes,
drinken en spelletjes voor onderweg mee. Het was 9 uur rijden voor we op de
plaats van bestemming waren. De weg naar Zwitserland toe is prachtig. Zeker als
je Bazel voorbij bent want daar beginnen de Alpen. Bazel is een plaats in
Zwitserland. De grootste berg van de Alpen heet de Mont-blanc deze is 4.807
meter hoog en ligt in Frankrijk. De hoogste berg van Zwitserland heet de Monta
Rosa. Deze berg is 4.638 meter hoog.

Bergbeklimmen in Zwitserland

Er zijn mensen die naar de hoogste top willen klimmen dat zijn alpinisten. Het
is heel gevaarlijk om dat te doen daarom nemen ze altijd berggidsen mee die de
weg goed kennen. Het is heel koud als je hoog in de bergen bent. Het vriest en
het sneeuwt er vaak ook in de zomer. Als je een top wil bereiken ben je vaak een
hele week aan het klimmen. Slapen doe je dan in berghutten. Ze lopen over
rotsblokken, sneeuw en soms ook ov er gletsjers. Gletsjers zijn heel gevaarlijk.
Het is een dik! ke laag ijs met daaroverheen sneeuw. maar in die ijslaag zitten
spleten. Als een beklimmer in een spleet terecht komt dan kan hij naar beneden
zakken onder de ijslaag.
Gelukkig gebeurt dit soort ongelukken niet vaak. Maar als ze gebeuren dan komt
de reddingsdienst in actie. Met helikopter en speurhonden gaan ze dan de bergen
in om de slachtoffers te zoeken. Ze hebben apparaten bij zich die ook de warmte
van mensen kan voelen. Zo kunnen ze vaak de slachtoffers vinden. Ze nemen ook
honden mee om te speuren naar slachtoffers. Deze heten de Berner Sennen honden.
Je hebt ze zeker wel eens gezien. Bij ons in Haelen lopen er een paar rond. Het
zijn hele slimme honden.Hij heeft witte zwarte en bruine plekken. Hij kan wel 70
cm. hoog worden. De helft zo groot als ik ben. Hij weegt 50 kilo. Hij wordt
getraind om mensen onder een diepe laag sneeuw uit te halen. Zijn neus doet het
speurwerk. Hij kan bijzonder goed ruiken. Als hij mee moet om mensen te redden
dan heeft hij om zijn hals een flesje met een beetje rum. Daar krijgen de
slachtoffers van te drinken en dan worden ze weer goed warm. Daarna gaan ze met
de reddingshelikopter naar een krankenhaus.

Beneden aan de berg, in de dalen, liggen de dorpjes. Deze dorpen hebben
prachtige huizen. De huizen zijn vaak van hout gemaakt en zijn in de zomer
versiert met prachtige bloemen. In de dorpen zie je veel timmerbedrijven want
Zwitserland heeft veel bossen die regelmatig gekapt worden. Maar vaak verdwijnen
deze bossen ook omdat er lawines omlaag komen. Lawines zijn dikke pakken sneeuw
die de berg af glijden en alles wat op hun weg komt nemen ze mee en ze
verwoesten complete bossen en soms ook bergdorpen.
In de zomer zie je veel watervallen van de bergen komen. Dit komt omdat de
warmte van de zon de sneeuw laat smelten. Het water ervan kun je drinken.

Bergwandelen in Zwitserland

In de vakantie gaan we vaak wandelen in de bergen in Zwitserland. Je wandelt dan door de
bergweide tussen de koeien. De koeien dragen koebellen, zodat je ze goed kunt
horen. Een keer heeft mam heel hard mo! eten ren nen want ze werd achterna
gezeten door een koe. Vaak kom je bij meertjes uit. Daar kun je dan uitrusten en
lekker pootje baden. Je kunt tot op de bodem kijken zo helder is het water.
Onderweg kom jij vaak bij waterpompen uit. Hier komt vers sneeuwwater uit. Je
kan er altijd van drinken.

Ook geiten en schapen grazen in de zomer op de bergweide. Ze kunnen dan lekker
vers gras eten wat lekkere goede melk geeft. Zwitserland is bekend om zijn
lekkere kaas en chocolade. Denk maar eens aan de paarse koe van Milka. Soms zie
je ook marmotjes in het wild. De koeien, geiten en schapen gaan in het voorjaar
de weides op en in het najaar gaan ze terug naar de dalen. Daar gaan ze weer op
stal. In het najaar gaat dit gepaard met een kei gezellig feest. Ze noemen het
een dankfeest. De koeien worden prachtig versierd met bloemen kransen en trekken
door de dorpen. De boeren en boerinnen lopen dan in oude klederdrachten rond.

Bloemen en planten in Zwitserland

In de bergen zie heel andere plantjes dan in het Leudal. De plantjes die er
groeien moeten goed tegen kou kunnen. Heel bekend is de Edelweiss. Het is een
mooie witte bloem. Ook groeien er de Enzianen. Dit is een prachtig helder blauw
bloemetje in de vorm van een kelk. Je mag geen bloemen plukken in de Alpen want
de meeste planten zijn beschermd. Dit wil zeggen dat je een bekeuring kan
krijgen als men ziet dat je deze bloemen plukt

Mam zegt wel eens: “je klimt als een berggeit”. Een berggeit leeft op de rotsen
van de bergen. Hij kan heel gemakkelijk klimmen en springen. Als je geluk hebt
kun je er wel een paar zien. Je ziet heel vaak roofvogels vliegen. Ze hebben
daar een groot jachtgebied.

Zwitserland is ’s zomers een prachtig land vanwege zijn natuur. Maar ook in de
winter is het er schitterend. De bergen die in de zomer nog kleurrijk begroeid
waren met bloemen en gras, worden in de winter bedekt door een dik pak sneeuw.
In de winter wordt van deze sneeuw volop gebruik gemaakt door wintersporters.
Deze mensen gaan dan skiën, snowboarden, langlaufen, rodelen en ! sleeën.

Zwitserland is niet alleen bekend om de Alpen maar het is een land wat beroemd
is om zijn horloge fabrieken. Heel bekend zijn de SWATCH horloges. En natuurlijk
zijn ook de Zwitserse messen erg bekend.
Mensen met heel veel geld sparen hun centen in Zwitserland. Dit doen ze omdat de
Nederlandse regering niet weet hoeveel geld ze hebben. In Zwitserland telt het
bankgeheim. Dus niemand mag vertellen hoeveel geld een spaarder daar heeft.

Zwitserland is een vredig land. Het heeft al bijna 200 jaar geen oorlog gehad.
Men noemt Zwitserland een neutraal land omdat ze zich nooit in oorlogen
vermengen.
De Zwitsers spreken 3 talen. Duits, Frans en Italiaans. Ook hebben ze een eigen
munt. Ze hebben de Zwitserse Franc als betaalmiddel. Het leven in Zwitserland is
zeker de helft duurder dan in Nederland.

Heb je wel eens van WILLEM TELL gehoord? Het was een Zwitser. Hij leefde in de
Middeleeuwen. Er zijn films van en strips. Hij kwam op voor de arme mense n. Dit
was niet naar de zin van de mensen, die toen aan de macht waren en hij werd
gevangen genomen en kreeg een straf opgelegd. HIJ MOEST EEN APPEL OP HET HOOFD
VAN ZIJN ZOONTJE LEGGEN EN DE APPEL MOEST HIJ DOORBOREN MET DE PIJL UIT ZIJN
BOOG. Als hem dat niet lukte werd hij opgehangen en werd zijn zoontje doorboord
met zijn pijl uit zijn boog.
Als hem dat wel lukte dan zou hij weer een vrij man zijn en mocht hij weer
opkomen voor de arme mensen. En hij had geluk. Hij schoot de appel kapot. En hij
was weer vrij.

Dit was mijn spreekbeurt. Ik hoop dat jullie nog veel vragen hebben. Ik kan ze
misschien wel beantwoorden.
Quizvragen:

1 Waar ligt de hoogste berg van de alpen ?
a) Zwitserland
b) Oostenrijk
c) Frankrijk

2 Waar slapen alpinisten (bergbeklimmers) onderweg ?
a) Hotel
b) Sneeuw
c) Alpenhutten

3 Welke honden redden mensen die een sneeuwongeluk hebben gehad ?
a) Teckel
b) Berner Sennenhond
c) Prins Bernhardhond

4 Wat is een gletscher ?
a)! Rivier
b) Berg
c) Verijsde sneeuwlaag

5 Wat is een waterval?
a) een merk water
b) smeltwater dat van de bergen af komt
c) een smalle rivier

6 Wat dragen de koeien in de bergen om hun nek?
a) een muts tegen de kou
b) een koebel zodat je ze kunt horen
c) een rugzak met lekker eten

7 Welke dieren grazen er op de bergweide?
a) geiten, schapen en koeien
b) konijnen, koeien en kamelen
c) geiten, schapen en paarden

8 Welke bloemen bloeien in de bergen?
a) tulpen en hyacinten
b) enzyan en edelweiss
c) edelweiss en dahlia

9 Waarom is Zwitserland bekend?
a) chocolade, horloges en messen
b) bergen mergelgrotten en steenkolen
c) wijn, kaas en stokbrood

10 Welke kleuren heeft de vlag van Zwitserland?
a) rood, wit blauw
b) rood met een wit kruis
c) wit met een rood kruis

Spreekbeurt Zwitserland, de natuur en de steden.

Spreekbeurt ZWITSERLAND, het mooie Alpenland

 

Inhoud

  • Inleiding
  • Situering
  • Vlag
  • Oppervlakte en inwoners
  • Hoofdstad
  • Taal
  • Godsdienst
  • Munteenheid
  • Regering
  • Klimaat
  • Toerisme
  • Bezienswaardigheden
  • Planten en dieren
  • Sporten
  • Voeding
  • Eindwoord met prijsvraag

 

 

 

 

 

 

 

1.Inleiding

Hallo, vandaag ga ik iets meer vertellen over Zwitserland.                                                                                                        Ik heb dit land gekozen omdat ik er al een paar keer op vakantie ben geweest en ik heel graag in de bergen wandel.

2.Situering

Zwitserland ligt in het midden van Europa met als buren Duitsland, Frankrijk, Italië, Oostenrijk en Liechtenstein.

3.Vlag van Zwitserland

Hoe de vlag eruit ziet, kunnen jullie zien op de afbeelding en op mijn pet.
I
4. Oppervlakte en inwoners

Zwitserland is 41000 km² groot, dat is 35% groter als België en telt 7,7 miljoen inwoners.

5. Hoofdstad

De hoofdstad van Zwitserland is Bern sinds 1848.

6. Taal
In Zwitserland worden er 4 talen gesproken nl. Duits, Frans, Italiaans Zwitsers en Reto-Romaans.

 

7.Godsdienst

44% van de Zwitserse bevolking is rooms katholiek, 5% protestants, 17% orthodox, 18% islamitisch en 2% is niet gelovig.                                                                                                                         De snelst groeiende religie is de Islam.

8. Munteenheid

Zwitserland is geen lid van de Europese unie. Je kan er dus niet betalen met euro’s, maar wel met Zwitserse Frank.

9. Regering

Zwitserland is een federale republiek. Dit wil zeggen dat Zwitserland geen koning heeft zoals België ( wat een monarchie is), maar wel een bondspresident namenlijk Micheline Calmy-Rey. Elk jaar opnieuw wordt er hiervoor gekozen.
Zwitserland  heeft geen provincies zoals bij ons, maar is wel verdeeld in 26 kantons.                   Elk kanton heeft zijn eigen grondwet, parlement, regering en rechtbanken. Elk kanton heeft ook een ander wapenschild.

10. Klimaat

Zwitserland kent 4 klimaten:

  • De hoogste gebieden hebben een hooggebergte klimaat.
  • De middelhoge gebieden hebben een koud landklimaat.
  • De lagergelegen gebieden hebben een gematigd landklimaat.
  • Het uiterst puntje dat grenst aan Italië heeft een warm zeeklimaat met milde winters en warme zomers.

Zwitserland is vooral gekend door de bergen en de sneeuw waardoor veel mensen denken dat het een koud land is. Maar als in het voorjaar de sneeuw op veel plekken verdwijnt, schiet de temperatuur de hoogte in.

11. Toerisme

Zwitserland is vooral gekend door wintersporters om te skiën en te snowboarden.            Maar ook  in de zomer kan je prachtige wandelingen maken, zowel op de bergen als in de bergweides.
In de bergweides kan je soms koeien tegenkomen, die een koebel dragen. Er bevinden zich ook veel kleine meertjes, waarvan het water heel helder is en waar je pootje in kan baden.Je komt er ook regelmatig marmotten tegen.
Koeien, geiten en schapen gaan in het voorjaar naar de weides en in het najaar gaan ze terug naar het dal, waar ze op stal gaan. Dit gaat gepaard met een feest, het dankfeest genaamd. De koeien worden versierd met bloemen. De boeren en boerinnen lopen dan in oude klederdracht rond en trekken met hun koeien door de dorpen.

12. Bezienswaardigheden

-Zwitserland heeft vele meren.
De grootste meren zijn:

  • Het Bodenmeer
  • Het Meer van Genève

De meren worden jaarlijks bezocht door honderdduizende mensen.
Het Vierwoudenstrekenmeer is het drukst bezochte meer van Europa.

-Zwitserland is ook vooral bekend door zijn bergen.
Het wordt ook wel het Alpenland genoemd.                                                                                    De hoogste bergen liggen in het zuiden en oosten van het land.
De hoogste berg is de Dufourspitze en is 4634 meterhoog en ligt op de grens met Italië.
-Naast de mooie natuur, kent Zwitserland ook prachtige steden zoals:

  • ->ZURICH : dit is de grootste stad van Zwitserland. Hier bevinden zich de belangrijkste   banken en het is ook de handelplaats van goud in de wereld.
  • ->LAUSANNE: ligt aan het prachtige meer van Genève. Ligt op 450meter hoogte in een wijnstreek.
  • BERN: is de hoofdstad. Hier is een legende aan verbonden. Bern komt eigenlijk van Bär. Op deze plaats heeft de stichter van de stad een beer gedood. Dit is ook de reden waarom Bern een berenkuil heeft. Beren zijn daarom hier ook heel belangrijk, ze zijn te koop in hout, chocolade en ze staan zelfs in het wapen van de stad.

Bern heeft ook een naam gegeven aan een Zwitsers hondenras namenlijk de Berner Sennen, een hond die vaak ingezet wordt bij reddingsactie in de bergen.

  • ST. MORITZ: hier ben ik zelf al geweest. Het is één van de belangrijkste wintersportplaatsen. Hier komen topatleten trainen, vanwege de zuivere en gezonde lucht.

13.Planten en dieren

De Zwitsers berghellingen zijn rijkelijk begroeid met bossen. De boomgrens is afhankelijk van het klimaat en begint tussen 1800 en 2800 meter.                                                                                  De overgang van bossen naar de alpenweiden wordt gevormd door struiken.
Op de alpenweiden groeien tussen het gras sleutelbloemen, orchideeën en het zeldzame edelweiss. Op het wild plukken van bloemen en planten staan in Zwitserland zeer strenge straffen.

Rond de rivieren en beken vind je vele zoogdieren zoals wilde katten, vossen, dassen, boommarters, wilde zwijnen. Je vindt er ook adders en hagedissen.                                                                 Roofvogels zoals buizerds, havik en boomvalk, zie je vaak boven de bossen zweven op zoek naar hun prooi.
Op de hogere hellingen vind je ook steenbokken.

14.Sporten

De populairste sporten zijn de wintersporten zoals skiën, snowboarden, ijshockey, langlaufen en schansspringen.                                                                                                                                  Ook voetbal en wegwielrennen wordt vaak beoefend in Zwitserland.
Bergbeklimmen is ook één van de belangrijke sporten.                                                                                    Mensen die naar de hoogste top willen noemt men alpinisten. Het is heel gevaarlijk en daarom nemen ze altijd berggidsen mee, die de weg goed kennen. Als je de top wil bereiken, ben je soms de hele week aan het klimmen. Ze lopen over rotsblokken, sneeuw en soms ook over gletsjers. Gletsjers zijn heel gevaarlijk. Het is een dikke laag ijs met daarover sneeuw, maar in die ijslaag kunnen spleten zitten. Spijtig genoeg gebeuren er dan soms ook ongelukken.

15. Voeding

Bekende gerechten zijn rösti en kaas, vooral dan raclettekaas of fonduekaas.                                                          Rösti werd oorspronkelijk gegeten als ontbijt. Het bestaat uit geraspte aardappelen die in een ronde koek worden gebakken.
De Zwitserse chocolade is ook erg bekend.

16.Eindwoord

Dit is wat ik jullie wou vertellen over het prachtige Zwitserland.                                                                       Graag zou ik willen afsluiten met een testje en wie weet misschien kunnen jullie wel iets winnen?
Dank u voor jullie aan dacht!

 

 

 

 

 

  • Wat is de hoofdstad van Zwitserland?
  •  Lausanne
  • Bern
  • Zurich
  • Hoeveel talen spreken ze in Zwitserland?
  • 2
  • 3
  • 4
  • Hoeveel kantons telt Zwitserland?
  • 26
  •  27
  • 28
  • Hoe noemt het feest dat doorgaat bij het begin van het najaar, als de koeien terug naar het dal gaan?
  • Dankfeest
  •  Koeienfeest
  • Herfstfeest
  • Wat wordt er ook wel eens gegeten als ontbijt?
  • Pannenkoeken
  • Rösti
  • Kaas

Schiftingsvraag: Hoeveel leerlingen hebben alle vragen juist?

Spreekbeurt over de Zorgverzekering

Een zorgverzekering is een verzekering tegen ziektekosten.

Mijn spreekbeurt over zorgverzekeringen. Iedereen in Nederland is volgens de Zorgverzekeringswet verplicht zich te verzekeren voor kosten van medische zorg, waaronder de huisarts, het ziekenhuis of medicijnen.

De zorgverzekeraars moeten iedereen die zich aanmeld voor een zorgverzekering aannemen als klant dat heet de acceptatieplicht. Dat betekent dat ze niemand voor het basispakket van de verzekering mogen weigeren, hoe oud, ziek of ongezond je ook bent. Na het afsluiten van een polis ben je verzekerd voor voorzieningen uit het basispakket.

Naast de basisverzekering die de gewone dingen zoals de kosten van de huisarts en medicijnen vergoed, hebben de zorgverzekeraars ook aanvullende verzekeringen. Als je meer wilt wilt verzekeren dan de zorg uit het basispakket dan kun je je daarvoor aanvullend verzekeren. De verzekeraar heeft voor de aanvullende verzekering geen wettelijke acceptatieplicht. Als je dus een bepaalde ziekte hebt die alleen onder de aanvullende verzekering vergoed wordt dan kun je daarvoor geweigerd worden. Mijn opa heeft bijvoorbeeld een heel slecht gebit en kan dus geen tandarts verzekering krijgen.

Iedereen moet elke maand premie betalen voor de verzekering maar als je weinig geld krijgt van je baas dan kun je van de overheid een zorgtoeslag krijgen. Dit betekent dat de overheid een deel van de premie aan je terug betaalt. De aanvullende verzekeringen moet je altijd zelf betalen. De verschillende mogelijkheden van een aanvullende verzekering kun je vinden op de website van de verschillende zorgverzekeraars

In het basispakket van de zorgverzekering worden de volgende kosten vergoed:

  • geneeskundige zorg, waaronder zorg verleend door huisartsen, ziekenhuizen, medisch specialisten en verloskundigen;
  • geneesmiddelen;
  • ivf (reageerbuisbevruchtingen) tot drie behandelingen;
  • kraamzorg;
  • medische hulpmiddelen;
  • paramedische zorg: beperkt fysiotherapie/oefentherapie, logopedie, ergotherapie, dieetadvisering;
  • tandheelkundige zorg tot 22 jaar;
  • specialistische tandheelkunde en het kunstgebit;
  • ziekenhuisverblijf;
  • ziekenvervoer per ambulance en zittend vervoer

Ook is er een eigen risico, dit wordt elk jaar opnieuw bepaald.  Dit betekent dat je de eerste rekeningen eerst zelf moet betalen. Om hoeveel geld dat gaat kan elk jaar veranderen.

Spreekbeurt over ons Zonnestelsel

Ons Zonnestelsel

Jullie krijgen vandaag mijn grote geheim te horen. Dus let goed op. Ik heb het nog nooit tegen iemand verteld. Dit is mijn geheim: in mijn hele leven heb ik al 10 keer een hele grote reis gemaakt. Een reis die iedere keer wel een heel jaar duurde. Waar denk je dat ik naar toe ging?  Luister goed. Dat was een reis om de zon. Nou ik kan je vertellen dat is een heel verre reis! Wie van jullie heeft ook wel eens een reis om de zon gemaakt?  Steek je hand eens op.

En hoe vaak denken jullie dat je om de zon gereisd bent?

Het zit zo. De aarde waarop wij wonen draait om de zon. En de aarde doet er precies een jaar over om dat rondje  te maken. Dus elke keer als je jarig bent kun je zeggen: ik ben weer een keer om de zon gedraaid. Goed hè.

Mijn spreek beurt gaat vandaag over ons zonnestelsel.  Er zijn heel veel zonnestelsels, ik ga er vandaag 1 bespreken, het stelsel van onze zon.

Deze presentatie is opgebouwd uit 6 onderwerpen:

1.       het heelal

2.      afstanden tot de zon

3.      de namen van de planeten

4.      mensen in de ruimte

5.      dag en nacht

6.      planetarium

 

Dan ga ik jullie eerst wat vertellen over

 

1.   Het heelal  en de zonnestelsels

Wat is het heelal? Dit is het moeilijkste deel van mijn spreekbeurt. Als je dit begrijpt, snap je de rest ook.

Het heelal is eigenlijk alles rondom jou. Alles onder je , boven en naast je. Ook al is dat heel ver weg. Het heelal  bestaat uit zonnen, manen, planeten en miljarden sterren die je aan de hemel ziet. Ook de aarde maakt  deel uit van het heelal. Jullie leven dus ook in het heelal.

Een piepklein stukje van dat heelal is ons zonnestelsel. Als het heelal een geweldig zeestrand zou zijn, zou ons zonnestelsel een zandkorreltje zijn.

Een zonnestelsel bestaat uit een hele grote ster en aantal planeten  die daarom heen draaien.

Ons  zonnestelsel bestaat uit een hele grote ster en 9 planeten. Die hele grote ster is de zon.

De  planeten zijn hemellichamen die rond de zon draaien.  Een van de 9 planeten is de aarde waarop wij wonen

2.    Afstanden tot de zon

De  9 planeten staan heel ver van de zon af.  Als je van de aarde naar de zon zou kunnen reizen dan duurt dat heel lang. Bijvoorbeeld, als je dat met de hoge snelheidstrein zou doen , die wel 300 kilometer per uur haalt, dan zou je er zestig jaar over doen om er te komen. Ik ben nu 10 jaar. Als ik vandaag zou vetrekken zou ik er aankomen als ik 70 jaar ben. En dan moet ik dag en nacht doorrijden om er te komen .

Er zijn 6 planeten die nog verder van de zon afstaan dan de aarde. Er zijn er twee die dichter bij de zon staan.

Om je een idee te geven hoe dat zit heb ik ons zonnestelsel met een touw nagemaakt. Kijk maar.

Wie wil mij even helpen?

Kijk, als is dit de zon is dan zijn dat de planeten. Iedere centimeter aan het touw is 10 miljoen kilometer in het echt.

De namen van de planeten heb ik erop geschreven.

De blauwe is de aarde.

 

3.         De namen van de planeten

 

Iedere planeet heeft een naam. Dat zijn namen die best moeilijk zijn te onthouden. Maar daar heb ik iets op gevonden. (Maarten draait het bord om).

Mijn Vader At Meestal Jonge Spruitjes Uit Nieuwe Potten

De eerste letter van ieder woord in deze zin, is ook de eerste letter van een planeet.

De M van Mijn staat voor Mercurius. Dat is de planeet die het dichtst bij de zon staat.  P van Potten is van Pluto. De planeet die het verst van de zon afstaat.  Zo kun je precies de volgorde onthouden.

Dus: Mercurius Venus Aarde Mars Jupiter Saturnus Uranus Neptunus Pluto

Pluto staat dus het verst weg.

Met de hoge snelheidstrein zou je er 2400 jaar over doen om bij Pluto te komen. Dat is wel erg lang.

4.         Mensen in de ruimte

 

In 1969 was er voor het eerst een mens op de maan. De maan is geen planeet maar is een hemellichaam dat rond de aarde draait. Verder is de mens nooit geweest.

Wel hebben we ruimte vaartuigen gemaakt die veel verder kunnen komen. Zonder mensen er in . Op afstand bedienbaar. Die soort ruimtevaartuigen kunnen  de planeten van dichtbij onderzoeken. Deze ruimtesondes zijn bij alle planeten geweest, op 1 na.  Pluto is nog niet onderzocht.

Door deze onderzoeken weten we bijvoorbeeld dat op Mars een hele grote berg ligt. De grootste uit ons zonnestelsel. Deze berg is 3 keer zo hoog als de hoogste berg op aarde. De hoogste berg op aarde is de Mount Everest en die is 8800 meter hoog.

5.                  Dag en nacht

 

Even testen of jullie goed hebben opgelet.

Wat denken jullie: draait de aarde om de zon of de zon om de aarde?

Antwoord: de aarde draait om de zon, net als alle ander 8 planeten.

De zon staat stil

Behalve dat de aarde om de zon draait,  draait hij ook rond om zijn as.

Het licht van de zon kan altijd maar op een kant van de aarde schijnen. Daar is het dan dag.

Doordat de aarde draait verschuift het licht over de aarde.

Dat zal ik demonstreren. (ik haal even iemand uit de klas met de zak lamp)

6.       Planetarium

Ongeveer een maand geleden ben ik  in het oudste, nog werkende planetarium, van de wereld geweest. Dat staat in Nederland, in de stad  Franeker.

Een planetarium is een soort model van het heelal. Daarin is dus het heelal nagebouwd.    Nou ja, het heelal. Een klein stukje ervan. De zon met de planeten heeft de man die dat gebouwd heeft in zijn kamer nagemaakt. En alles draait en beweegt zo als het ook in het echt is. Je ziet bijvoorbeeld precies hoe de 9 planeten om de zon draaien. En hoe laat de zon opkomt.

De man die het planetarium gemaakt heeft heette Eise Eisinga. Hij heeft er 7 jaar over gedaan om het te bouwen. In het jaar 1781 was het klaar. Dus dat is 224 jaar geleden. En het werkt nog steeds!

Ik heb voor iedereen van jullie een folder meegebracht. Dan kun je zelf ook een keer naar toe gaan als je het leuk vindt.  Als jullie straks naar buiten gaan kun je er 1 van de stapel afpakken.

Slot

Dit was mijn spreekbeurt. Ik heb proberen uit te leggen hoe ons zonnestelsel werkt en welke planeten we kennen. Om het goed te begrijpen raad ik jullie aan om het planetarium te bezoeken.

Spreekbeurt van Maarten van Willigen

Voor groep 6 van de Open Poort in Asperen

Spreekbeurt over het Ziekenhuis

Werken als verpleegkundige in het Ziekenhuis

Ik houd mijn spreekbeurt over de verpleegkundige in het ziekenhuis omdat , ik het een leuk beroep vind .

In het ziekenhuis

Als je valt op je hoofd moet je naar het ziekenhuis .

Dan kan je naar de EHBO =  Eerste hulp bij ongelukken.

Daar word je geholpen. Als je ziek bent of er is iets gebeurt, als je iets in hebt geslikt bijvoorbeeld, en het kan er niet meer uit, dan word je geopereerd worden. Daarna ben je niet sterk genoeg , dus moet je in het ziekenhuis blijven.  Daar word je goed verzorgd.

Als je weer sterker bent, dan mag je naar huis, maar thuis moet je ook nog goed rusten!

Wisseldiensten van een verpleegkundige

De verpleegkundige moet dag en nacht werken, verplegen.
De verpleegkundige heeft allemaal verschillende werktijden,
Deze werktijden worden WISSELDIENSTEN genoemd

Dat bestaat uit : Dag, Nacht en Middag. De verpleegkundige werkt niet op vaste werktijden, bijvoorbeeld niet van 9 tot 5 uur , want patienten moeten dag en nacht verzorgt worden, en natuurlijk ook in het weekend.

Daarom is het werk verdeeld in drie diensten. Dit  beroep is wel eens lastig als je iets met je vrienden wilt afspreken, want dan moet jij werken. S’ Morgens om half 8 begint de werkdag, de verpleegkundige die s’nachts heeft gewerkt   gaat dan naar huis! [maar er zijn wel voordelen, als iedereen werkt ben jij soms vrij]

Maar eerst vertelt de nachtdienst aan de dagdienst wat er die nacht is gebeurt,  er kan een opname zijn geweest, dat betekend dat een nieuwe patiënt in het ziekenhuis is opgenomen. Of er waren mensen die niet konden slapen. Het is natuurlijk moeilijk dat allemaal te onthouden.

Daarom schrijven de verpleegkundige steeds aan het eind van een dienst een rapport.

Veel mensen hebben vaak een infuus, dat is vloeistof in een zakje, de vloeistof druppelt door een slangetje in een dikke naald door de arm waar de ader zit, zo komt de vloeistof in het bloed. De infuusflessen worden regelmatig vervangen. Leerlingen mogen nog geen  moeilijke dingen doen aan het lichaam van de patiënt . Aan het eind van de ochtend komt de ronde van de arts,  een van de doktoren gaat langs alle patiënten. Hij maakt een praatje en kijkt op de lijst die over iedere patiënt is bijgehouden. Aan het eind van de ochtend worden ook de medicijnen rondgedeeld, daarna de warme maaltijd. In het ziekenhuis is het normaal om tussen de middag warm te eten. Dan hoeven de patiënten s’avonsds met z’n volle maag te gaan slapen. Daarna word hun temperatuur opgenomen, en een beetje opgefrist voor het bezoekuur.

Halverwege de middag schrijft men over alle patiënten weer een rapport. De vroege dienst zit erop, nu is het tijd voor de late dienst. De late dienst begint om half 3 s’middags. Het meeste deel van de late dienst is het zelfde als de vroege dienst. Om 5 uur word de avondmaaltijd uitgedeeld. Om een uur of 9 gaan de patiënten slapen.

Nu komt de nachtdienst. Om 11 uur s’avonds begint de nachtdienst.

Er moet s’nachts natuurlijk gewerkt worden, omdat er van alles kan gebeuren, dan moet iedereen paraat staan er kan ook iemand dood zijn gegaan dan word de familie gewaarschuwd. De verpleegkundige krijgt dan dus te maken met verdriet. Er moet veel gebeuren met het ziekenhuis: De spoelkamer, Het dag verblijf, De keuken. Voor patienten begint de dag weer om 6 uur. Eerst word hun temperatuur opgenomen.

Hoe word je Verpleegkundige ?

Een verpleegkundige is een beroep, met leuke en lastige kanten. Iedere verpleegkundige moet een opleiding volgen er zijn er 2 de 1= opleiding: werken en leren de 2= opleiding: leren en stage.

Werken en Leren. In veel ziekenhuizen is een Inservice-opleiding. Dat betekent een Dienst-opleiding. Je volgt een opleiding, terwijl je al in dienst bent. Het ziekenhuis neemt je aan als leerling verpleegkundige. De opleiding bestaat uit werken en leren. Je gaat zo nu en dan naar school. In het ziekenhuis krijg je les in verschillende vakken. De opleiding begint met een proefperiode van een aantal maanden. Er word dan gekeken of je geschikt bent voor dit beroep. Je word dan ook betaald. Na enkele jaren doe je examen.

Leren en Stage

Op een andere manier kun je ook verpleegkundige worden. Drie jaar duurt die opleiding verpleegkundige. Je gaat dan gewoon naar school. Op school krijg les, daarna en tussendoor ga je mee lopen met een langere verpleegkundige. [ daar bedoel ik mee: een verpleegkundige die langer verpleegkundige is ]  Dat heet stage lopen. In deze opleiding word je niet betaald, want je bent niet in dienst.

Aparte opleiding

Zieken mensen hebben ook vaker, een speciale verzorging nodig. Je hebt dan een aparte opleiding nodig. Eerst moet je een van de andere opleidingen hebben gedaan.

Kinder-verpleging

Vindt je het leuk om met kinderen te werken dan kun je kinder verpleging halen. Deze opleiding duurt 1 jaar. Dus als je aantekening haalt van kinderverpleging mag je gaan werken in een kinderkliniek. Zieken huis is een ander woord voor kliniek.

In z’n kliniek liggen kinderen van 0 tot 17 jaar oud. Er zijn zalen voor jongen en oudere kinderen. Je bent in een ziekenhuis niet alleen bezig met verplegen maar ook met de opvoeding. Je word wel geholpen door de anderen verpleegkundige.

Intensive care

Hier worden mensen met spoed heen gebracht, deze mensen zijn dood ziek. Deze patiënten dreigen op levens gevaar. De doodzieke patiënten worden met allerlei apparaten verzorgd en bewaakt. De opleiding voor op de intensive care duurt 2 jaar.

Geestelijke ziekten

Er zijn ook mensen die geestelijk ziek zijn. Voor deze mensen zijn speciale ziekenhuizen. Deze ziekenhuizen noemen we psychiatrische zieken huizen. Je moet wel een hele andere opleiding hebben gevolgd.
B verpleging deze opleiding duurt 3 jaar.

Afdelingen in het ziekenhuis

De verpleegkundige moeten op verschillende afdelingen werken. Er is een afdeling laboratorium, hier word alles onderzocht zoals urine en poep onderzoeken bloed en weefsel onderzoeken en nog veel meer.
Kraam afdeling, hier worden baby’s geboren.
Kinder afdeling, kinderen van ongeveer 5 tot 15 jaar.
Zuigeling afdeling en couveuse afdeling, voor pas geboren kinderen onder de 1 jaar.
Röntgen afdeling, hier worden foto’s gemaakt.
Hier in het ziekenhuis vindt je meer dan alleen verpleegkundige.

De Ziekenhuis keuken

Er is ook een keuken maar er moet veel gedaan worden, er moeten veel soorten etenswaren gemaakt worden. Er is ook een ijskast een hele groten. Je moet dan een speciale jassen aan doen als je erin gaat. Er zijn ook hele grote ketels ongeveer 1 meter lang.

tot slot

Ik vond deze spreekbeurt maken heel leuk, ik hoop dat jullie er iets van hebt kunnen leren.

gemaakt door: Elise Roose

Spreekbeurt IJs

Spreekbeurt over ijs.

Ik hou mijn spreekbeurt over consumptie ijs.

 

IJs is koud, ongeveer 0 graden Celsius. Water bevriest namelijk bij die temperatuur.

 

Je hebt verschillende soorten ijs:

Waterijs: wordt gemaakt van water, suiker en een smaakje.

Sorbetijs: wordt gemaakt van water, suiker en vruchtenmoes.

Roomijs: wordt van melk gemaakt met suiker en een smaakje.

Daarnaast heb je ook slagroomijs, dit is roomijs waaraan slagroom is toegevoegd.

Wie maakte het eerste consumptie ijs?

Chinezen waren de eersten die ijs maakten. Marco Polo bracht het recept mee naar Italië.

Echter in Italië was ijs al eerder bekend geworden, want voordat Marco Polo China bezocht, stuurde keizer Caesar zijn slaven de bergen in om ijs te halen waarmee ze vruchtensappen konden koelen en bevriezen.

 

Vanuit Europa werd ijs meegenomen naar Amerika. In 1774 werd het New York geïntroduceerd.

 

De eerste ijsmachine werd uitgevonden in 1926 door Clarence Vogt.

Hierdoor werd ijs massaproductie en ontstond een ware ijsindustrie.

 

Ik heb een ijsmachine meegenomen, zodat jullie kunnen zien, hoe een ijsmachine werkt en dat je in ongeveer 15 minuten ijs kunt maken. Daarna mogen jullie het uiteraard proeven. Vandaag heb ik K3 yoghurtdrank (Mona) meegenomen om ijs te maken.

 

IJs kun je maken op verschillende manieren:

–         in een ijsmachine;

–         gewoon in de vriezer.

 

In een ijsmachine worden de ingrediënten constant geroerd terwijl ze bevriezen. Hierdoor krijg je geen grote ijskristallen waardoor het ijs smeuïger en lekkerder van smaak wordt.

Ook in de vriezer kun je ijs maken, maar dan moet je wel af en toe roeren om zo die grote ijskristallen te voorkomen. Dit is natuurlijk een flinke klus.

Makkelijker is het om in de vriezer danoontjes te bevriezen of waterijsjes te maken.

 

IJs kun je van allerlei ingrediënten maken en natuurlijk kun je zelf ook nieuwe smaken uitvinden.

Heb je eenmaal ijs, dan kun je dat lekker opeten maar zoals het boekje “De lekkerste recepten met IJs” (isbn 90-243-4364-x) laat zien, zijn er ook heel leuke recepten mee te maken.

 

Eet smakelijk!

 

 

Vragen:

  1. Wie bracht het recept voor ijs naar Italië?
  2. Wie waren de eersten die ijs maakten?
  3. Hoe heet de keizer, die zijn slaven de bergen instuurde om ijs te halen?
  4. Bij welke temperatuur bevriest water?
  5. Wie vond de ijsmachine uit?

 

Antwoorden:

  1. Marco Polo.
  2. De Chinezen.
  3. Keizer Caesar.
  4. 0 graden Celsius.
  5. Clarence Vogt.

Spreekbeurt Drop

DROP

Ik ga mijn spreekbeurt houden over drop,hoe het gemaakt wordt en waar het vandaan komt.
Met z`n allen eten we per jaar 31 duizend ton drop ,dat is 31 met zes nullen .
Drop word niet alleen gebruikt om te snoepen maar ook om medicijnen te maken zoals hoestdrankjes en om pillen minder bitter te maken.

Niet in elk land eet men drop ,alleen in midden en noord europa eet men drop ,het zijn vooral de landen die aan zee liggen die van drop houden
Het gekke is dat de stoffen waar drop van gemaakt word juist niet uit die landen komt.

Mocht je eens een Russisch of Japans vriendje op visite hebben dan is het leuk om te kijken wat ze van een dropje vinden .
Als je vriendje beleefd is ,dan zal hij ermee in zijn mond blijven zitten,moeilijk kijkend ,zijn tong brandend aan de zoute smaak.
Heeft hij wat minder manieren dan rent hij snel naar de prullenbak of wc om het dropje uit te spugen .

Er zijn nu ook andere landen die de smaak van drop lekker gaan vinden en daarom word het drop nu al naar 21 andere landen in de wereld gestuurd .

Maar als je op vakantie gaat en je houd van drop is het altijd verstandig om zelf een zakje mee te nemen .

WAAR WORDT DROP VAN GEMAAKT ?

Drop word gemaakt van zoethout , Arabische gom of zetmeel, suiker, zout, kleurstof en geur en smaakstoffen.

Zoethout

De basis van drop is de wortel van de zoethout struik.
Zoethout is al eeuwen lang bekent niet omdat het zo lekker werd gevonden maar vanwege de geneeskrachtige werking ervan .
Het wordt in drop verwerkt en zorgt voor de speciale drop smaak .
Om preciezer te zijn de dropsmaak wordt veroorzaakt door een bepaalde stof in het zoethout die vijftig keer zoeter is dan kristalsuiker.
De geur en de smaakstoffen die in zoethout zitten zijn de zelfde als die in anijs en venkel voorkomen .

Arabische gom

Arabische gom is een soort hars die afkomstig is van de acaciabomen uit de Soedan en de stroomgebieden van de Nijl en uit Senegal.
Arabisch gom maakt drop zo gommig.
Tijdens de olie crisis in 1973 ontstond er een enorme schaarste aan Arabisch gom daar is de industrie in Nederland toen als een razende
gaan zoeken naar iets Dat als vervanging voor die gom zou kunnen dienen.
Ze ontdekten dat ze dat gommige ook kunnen maken met gemodificeerd zetmeel.
Dat word tegenwoordig veel gebruikt omdat het aan de smaak niets veranderd en het veel goedkoper is dan Arabische gom.

SUIKER

Zo`n 30 tot 60 procent van het gewicht van het dropje is suiker.
En wordt gebruikt om het dropje zoet te maken .

ZOUT

Er wordt meestal salmiak gebruikt dat minder bloeddruk verhogend werkt dan het gewone keukenzout.

KLEURSTOF

Van nature is drop bruinig en wat doorzichtig .
Met behulp van koolstof (een soort norit) of bijvoorbeeld caramel wordt drop donkerder gekleurd.
Die kleurstoffen zijn geheel schadeloos voor de gezondheid .

GEUR EN SMAAKSTOFFEN

Er worden ook geur en smaak stoffen in drop gedaan bijvoorbeeld:

laurier
Menthol
Anijs
Eucalyptus
En honing

De bereiding van drop

Als dit allemaal is samen gevoegd en in de juiste hoeveelheden word dit in machines verwerkt en wordt het warm in de mallen gegoten om de juiste
vorm aan het dropje te geven zoals boerderijfiguurtjes ,muntjes of autovormpjes .
Dan blijven de dropjes in de mallen ongeveer twee dagen staan bij een temperatuur van 65graden als ze uit de mallen komen worden ze
schoongeblazen en daarna worden de dropjes geglansd met een mengsel van olie en bijenwas en gaan ze naar een inpak machines die de dropjes in
rolletjes in doosjes of in zakjes doet .

De vormen van drop

Er zijn honderden soorten drop ze verschillen in vorm
Stevigheid
Smaak
Lengte
En kleur
Het gekke is dat al die verschillen bepalen hoe wij een dropje vinden .
Dat wil zeggen dat een langgerekt dropje anders smaakt dan een klein vierkant dropje.
Ook al is het recept van het dropje gelijk .
Drop fabrikanten noemen dat smaak beleving.
Juist doordat al die dingen zo`n belangrijke rol spelen ,kunnen de drop fabrikanten eindeloos combineren en variëren .
En steeds nieuwe dropjes bedenken in smaak en vorm.
Er zijn dus heel veel verschillende dropjes .honderden soorten elk met een eigen smaak

WIE WEET ER EEN PAAR OP TE NOEMEN?

De meest bekende dropjes zijn:

voldrop
Muntdrop
Honingdrop
Topdrop
Kokindjes
Salmiakriksen
Autodrop
Zachtedrop

Ik hoop dat jullie het een leuke spreekbeurt vonden en nog een keertje eraan terug denkt als je eens een dropje in je mond stopt .

Spreekbeurt Chocola

Spreekbeurt Chocola :

 

Onderwerpjes:

  1. Waarom gekozen.
  2. Hoe wordt chocola gemaakt.
  3. Soorten chocola.
  4. Geschiedenis van chocola.
  5. Cacaoboom en cacaovrucht.
  6. Weetjes.
  7. Vragen.

 

 

Alle plaatjes die in deze spreekbeurt voorkomen moet je er zelf via Google even bijzoeken.

1 Waarom het onderwerp Chocola gekozen :

Ik heb het onderwerp gekozen omdat ik het een leuk en lekker onderwerp vind.

En ik wou er wel wat meer over weten.

 

2 Hoe wordt chocola gemaakt :

Chocola wordt gemaakt van cacaobonen, uit die bonen kun je grote brokken harde cacao halen. Daarvan maken ze cacaopoeder, als dat klaar is wordt er suiker, melkpoeder en cacaoboter in gedaan. Het is dan heel nog heel modderig daarom wordt het fijngemalen in een warme mengmachine. Daarna gaat het in warme bakken van 50 graden Celsius. Dan wordt het in vormen gegoten bijvoorbeeld : repen of letters.Als er noten of iets anders in moet doen ze dat voor dat ze het in gaan gieten. Dan wordt de lucht in de chocola er op een lopende band uitgetild. Witte chocola wordt alleen van cacaoboter gemaakt, en niet van cacaopoeder.  Daarna kan de chocola afkoelen, als chocola is afkoelt gaat het iets krimpen, dus chocola is altijd kleiner dan het gemaakt is.

 

3 Soorten chocola :

Er zijn 3 standaard chocola soorten: puur, melk en wit. Als je allergisch voor chocola bent, mag je wel witte chocola. Dat komt omdat in witte chocola geen cacaopoeder in zit. Ingrediënten: – pure chocola: cacaopoeder, cacaoboter en suiker.

– melkchocola: cacaopoeder, cacaoboter, suiker en melkpoeder.

– witte chocola: cacaoboter, suiker en melkpoeder.

Je hebt ook chocola met nootjes, rozijnen of iets anders. Drank komt vaak voor in bonbons. Van chocola kan je heel veel maken bijv.: hagelslag, chocopasta, vlokken, chocomel, ijs, chocoladevla,  paashazen, paaseitjes, chocoladepepernoten, chocolade letters, koekjes, bonbons, mars, M&M’s, twix, loin, snicker, kitkat, bros en zo, after eight en er is nog veel meer.

 

4 Geschiedenis van Chocola :

Columbus is de genen die chocola heeft ontdekt. In zijn reis naar India kwam hij uit op Amerika. Daar is ook de chocola vandaan gekomen. Columbus was dus ook de eerste die chocolademelk dronk. In de chocolademelk zat toen nog geen suiker, niet zo lekker dus. Vroeger werd er alleen maar chocolademelk gedronken, chocola eten deden ze toen nog niet. In Amerika werd er ook gehandeld met cacaobonen. Columbus merkte toen dat er ook valse cacaobonen waren. Die bonen zagen er wel gewoon uit als cacaobonen, maar de cacao was er uit gehaald. Daarvoor hadden ze klei in de bonen gedaan. Rond 1650 ontstonden er ook chocoladehuizen, daar werd gehandeld met kostbare cacaobonen. Pas in 1900 was de prijs zo gedaald dat ook gewone mensen chocolademelk konden drinken. Na de tocht van Columbus nam hij wat cacaobonen mee naar Europa. De koning(en zijn familie)uit Spanje vonden de chocolademelk toen zo lekker dat ze het recept geheim wilde houden. Pas 100 jaar later kreeg een Italiaanse kok het te pakken. Toen die kok het recept een paar jaar had werd het verspreid door heel Europa. Nu word het heel veel gedronken.

 

5 Cacaoboom en cacaovrucht :

De cacaoboon groeit niet in Europa, alleen in Amerika, Afrika en in een heel klein gebied in Azië. De cacaovrucht in moeilijk om te plukken, omdat de cacaoboom heel kwetsbaar is. Ze hebben lange, dunne takken. Daarom worden ze tussen sterke en hoge bomen geplant. Die bomen vangen dan de wind op, want cacaobomen kunnen daar niet tegen. Een cacaovrucht lijkt veel op een in elkaar gedrukte komkommer. Ze zijn geel, rood of oranje. Cacaovruchten kunnen niet geplukt worden, omdat je niet in de cacaobomen kunt klimmen. Daar zijn de bomen te kwetsbaar voor. Het duurt ongeveer 8 maanden voor dat de cacaovrucht rijp is. Als de cacaovrucht rijp is wordt hij (voorzichtig)met lange messen afgesneden.  Na elke keer dat er een cacaovrucht is afgesneden, moet het mes heel goed schoon gemaakt worden. Dat moet om planten ziektes te voorkomen. In 1 cacaovrucht zitten 30 tot 50 cacaobonen. Als de vrucht van de bomen zijn gehaald, snijden ze de vrucht open. Daaruit worden de cacaobonen gehaald.

 

6 Weetjes over chocola :

Wist je dat………

  • Er cacaoboter in lippenbalsem zit dat je lippen tegen de zon beschermt.
  • In de vrije natuur cacaobomen wel 15 meten kunnen worden. En in de plantage maar 4 meter.
  • In chocola een stofje zit waar je vrolijk van wordt.
  • Chocola je geheugen verbetert.
  • Een cacaoboom meer dan 50 jaar oud kan worden.
  • Uit onderzoek melkchocolade de populairste chocola is.
  • Mensen die aan chocola verslaaft zijn vinden pure chocola meestal het lekkerst

 

 

Spreekbeurt over Suiker

Suiker

Ik doe mijn spreekbeurt over SUIKER omdat ik net als zoveel anderen elke dag suiker eet.

Inleiding

· De geschiedenis van suiker.
· Hoe wordt suiker gemaakt.
· Allemaal soorten suiker.
· Wist je dat.
· En aan het eind heb ik nog leuke vragen dus goed opletten.

De geschiedenis van suiker.

Suiker. Niet weg te denken uit ons dagelijks leven.
In elke huiskamer staat wel een suikerpot en in winkels is suiker volop te krijgen. Vroeger was dat anders. Suiker was er toen weinig en daardoor ook een duur artikel. Alleen rijke gezinnen konden dit betalen.

In 327 voor Christus maakte onze westerse wereld voor het eerst kennis met suiker. Ze hadden het toen over ‘een riet dat honing geeft zonder bijen’. Als het Romeinse rijk zich richting het oosten uitbreid, ontstaat een levendige handel in suikerriet tussen China en het Romeinse rijk .

Ook Perzië maakt kennis met het suikerriet. Het lukt de Perzen om suikerrietsap met melk te zuiveren en suikerriet te maken die lijkt op de ruwe rietsuiker zoals wij die kennen.

De suikerbieten op het land.

De suikerbiet is een gewas dat goed groeit in het Nederlandse klimaat. Vooral in de provincie Zeeland worden de suikerbieten gekweekt.
De suikerbiet is een twee jarige plant die heel veel suiker kan opslaan. De bladeren vangen het zonlicht op en maken er suiker van. Via de steel wordt de suiker naar de wortels onder de grond gebracht. Hoe meer suiker in de wortel wordt opgeslagen, hoe dikker en ronder de wortel wordt. Suikerbieten kun je niet eten. Daarvoor zijn ze te hard. De suiker die erin zit, heeft natuurlijk nog niet de vorm die je kent uit de suikerpot. Er zijn fabrieken nodig om de suiker uit de suikerbieten te halen.

Het vervoer van bieten naar de fabriek.

foto 1

In de maand september wordt begonnen met rooien van de suikerbieten, daarna worden ze naar de suikerfabriek vervoerd. Het grootste deel van de suikerbieten oogst in Nederland wordt over de weg vervoerd met vrachtauto’s, per trein of per boot komt ook voor. De bieten worden bij aankomst op de fabriek gewogen en bemonsterd om de hoeveelheid en kwaliteit van de geleverde bieten te kunnen bepalen.
In de fabriek.

De bieten worden in 3 of 4 maanden verwerkt. Deze periode is vanaf half september tot het eind van het jaar. Dit noemen we de bietencampagne. De mensen die daar werken zijn dag en nacht bezig.

Hoe maken ze van een suikerbiet een klontje suiker?

·

Bieten wassen

Foto 2 & 3
In de suikerfabriek krijgen de bieten eerst een bad en alle dingen die er tussen zitten die er niet in horen worden eruit gehaald. (stenen)

De schone bieten worden in grote snijmolens in reepjes gehakt. Deze ‘suikerfrieten’ gaan via de lopende band naar een grote ketel, de broeitrog.

Sapwinning.

Foto 4
In het warme water in de ketel lost de suiker uit biet op. Er ontstaat een zoete soep. Deze zoete soep wordt ruwsap genoemd. Behalve suiker en water, zitten daarin ook andere opgeloste stoffen uit de bieten, zoals zout en eiwit.

Sapzuivering

Foto 6
Het zout en eiwit worden eruit gefilterd, zodat puur suikerwater ontstaat, of dunsap.

Verdamping

Foto 7

Het dunsap wordt net zolang gekookt, tot het water is verdampt en er een dikke, zoete brij overblijft. Dit is het diksap.

Kristallisatie en centrifugeren.

Foto 8

Een grote centrifuge scheidt witte suiker en bruine stroop uit die brij. De witte suiker wordt gedroogd en valt uiteen in kristallen. De droge kristalsuiker wordt verpakt en naar de winkel vervoerd. De stroop wordt verder ingedikt tot donkerbruine melassestroop.

Pulp

Foto 5

Het maken van suiker uit suikerbieten geeft bijna geen afval. Zelfs de worteldeeltjes die in de broeitrog niet oplossen, worden niet weggegooid. Daarvan wordt veevoer gemaakt. De melassestroop wordt gebruikt voor het maken van alcohol en gist. Bij het maken van alcohol uit melasse blijft vinasse over. De kleverige vinasse wordt gebruikt om droge veevoedergrondstoffen aan elkaar te plakken.

Opslag en transport

Foto 10 & 11

De suiker wordt opgeslagen in silo’s en met vrachtwagens naar de verwerkers vervoerd.
· Allemaal suikersoorten.

Foto 12

Soorten suiker

Er bestaan veel soorten suiker bijv. kristalsuiker, fijne kristalsuiker, basterdsuiker, poedersuiker, suikerklontjes, kandijsuiker, vloeibare suiker en rietsuiker. Ik heb een aantal voorbeelden meegenomen.

Kristalsuiker

Kristalsuiker de witte suiker die iedereen kent. Het bekendste gebruik van deze soort suiker in het huishouden is het gebruik in koffie en thee. Ook wordt kristalsuiker gebruikt bij producten bijv. chocola, yoghurt, koek, snoep, frisdranken en ijs. Kristalsuiker zorgt niet alleen voor een zoete smaak maak ook als verdikkingsmiddel.
Fijne kristalsuiker

Fijne tafelsuiker of fijne kristalsuiker is een suikersoort met een fijnere kristal dan gewone kristal. Het wordt gebruikt voor het strooien van suiker over gebak en voor in de thee of koffie.

Basterdsuiker

Witte basterdsuiker wordt gemaakt door kristalsuiker te kneuzen tot kleinere deeltjes en hieraan invetsuikerstroop toe te voegen. Gele en bruine basterdsuiker krijgen hun kleur van de karamel die aan witte basterdsuiker is toegevoegd.
In de pot of in het zakje vormen zich vaak klonten. Daaraan kun je zien dat basterdsuiker iets vochtiger is dan gewone kristalsuiker. Bruine basterdsuiker is lekker in de pap, maar wordt ook gebruikt voor het bakken van cake en suikerbrood. Door de vochtige basterdsuiker droogt gebak minder snel uit.

Poedersuiker

Poedersuiker is heel fijn gemalen kristalsuiker. Naast een lekkere smaak geeft poedersuiker zoete lekkernijen bijv. oliebollen, pannenkoeken en wafels een feestelijk aanzien.
Poedersuiker is niet zoeter dan kristalsuiker. Dat lijkt zo, omdat poedersuiker zich meer over je tong verspreidt en snel oplost.

Suikerklontjes

In 1840 wordt in Oostenrijk het eerste echte suikerklontje gemaakt. Een suikermassa werd daarvoor in staven geperst en daarna in stukken geknipt. Later werd er een andere manier uitgevonden. Een gekookte suikermassa wordt in grote platte vormen met tussenschotten gestort. Daarna wordt het geheel gecentrifugeerd waardoor het laagje stroop er af wordt geslingerd, gedroogd en gezaagd. Naast suikerklontjes van kristal zijn er ook suikerklontjes van rietsuiker.

Kandij

Kandij is klontjes van gekristalliseerde suiker. Het wordt verkregen door in een oververzadigde warme suikeroplossing zeer langzaam grote kristallen te laten groeien op katoenen draden of houten stokjes {duurt enkele weken}. Om de donkere kandijsoorten te bekomen wordt er een carameloplossing toegevoegd.

Kandijsuiker wordt voornamelijk gebruikt in koffie of thee maar ook als garnering van koek; kandijkoek. Kandijstokjes zijn stokjes vol met kandij die worden gebruikt in thee.

De Nederlandse arts Boerhaave schreef in de 17e eeuw zwarte kandij voor als middel tegen keelpijn en verkoudheid.

Vloeibare suiker

Vloeibare suiker is de algemene naam voor een dikke suikeroplossing die onder andere door frisdrankfabrikanten wordt gebruikt.

Rietsuiker

De naam zegt het al, de suiker komt uit het riet. Suikerriet is over een groot deel van de wereld verspreid. De plant is bijna in alle tropische landen te vinden.

Wist je dat.

· er in één suikerbiet genoeg suiker zit om 35 klontjes suiker van te maken?

· In 1 liter cola zit 120 gram suiker! Dat zijn 24 suikerklontjes…

· in melkchocola meer suiker zit dan in pure chocola?

· als je een beetje suiker op een aardbei doet, je de smaak van de aardbei beter kunt proeven?

· iedereen zo van suiker houdt omdat het eerste wat je als baby proeft (zoete) moedermelk is?

· er per jaar in Nederland op 105.000 hectare grond suikerbieten verbouwd worden? Dat zijn wel 210.000 voetbalvelden vol.

· hoe meer suiker er aan ijs wordt toegevoegd, hoe langzamer het ijs bevriest, en dus hoe zachter het ijs wordt?

· ze niet alleen een laagje suiker om een pil doen om ‘m lekkerder te laten smaken? Maar ook om ervoor te zorgen dat er geen vocht in kan komen?

Proefje:

Twee soorten poedersuiker. De ene blijft drijven en de andere zinkt en lost op.

Decosneeuw blijft drijven doordat er een beetje vet in de suiker is toegevoegd.
De vragen.

1. Van welke maand tot welke maand is de bieten campagne?
Antwoord: half september tot het eind van het jaar.

2 Noem 3 soorten suiker of meer?
Antwoord: kristalsuiker, fijne kristalsuiker, basterdsuiker, poedersuiker, suikerklontjes, kandij, vloeibare suiker en rietsuiker.

3 In welk klimaat groeien suikerbieten goed?
Antwoord: Noordzee klimaat.

5 Hoe worden bieten naar de fabriek gebracht?
Antwoord: meestal met vrachtwagens, met schepen en treinen kan ook.

6 Waar groeit suikerriet het meest?
Antwoord: In tropische landen.

Spreekbeurt in steekwoorden.

Suiker eten we elke dag en daarom doe ik mijn spreekbeurt over suiker.

Inleiding: geschiedenis à hoe wordt suiker gemaakt à soorten suiker à wist je dat à
vragen.

Geschiedenis: 327 v chr. à westerse wereld à “een riet dat honing geeft zonder bijen”.
De perzen maakten suikerbrood dat op onze rietsuiker lijkt.

De suikerbiet: groeit in Nederland, Noodzeeklimaat à Zeeland à kleigrond.
2 jarige plant à zonlicht wordt gebruikt voor het omzetten naar suiker à
wortel opslag van suiker.

Hoe wordt suiker gemaakt.
September start het rooien. ( hele biet)
Met vrachtauto’s worden de bieten naar de suikerfabriek gebracht ( foto 1)
De bieten worden bij aankomst gewogen en bemonsterd.
De bietencampagne loopt tot het einde van het jaar.

De bieten worden gewassen en de stenen er uit halen.(foto 2 & 3)
De schone biet wordt in suikerfrieten gesneden ( potje suikerfriet)
Sapwinning: de suikerfriet wordt gekookt met water. (Foto 4) à ruwsap (potje ruwsap) pulp wordt veevoer. (foto 5)
Sapzuivering: ruwsap wordt gefilterd met kalk er ontstaat dunsap en betacal (potjes)
Verdamping: dunsap wordt gekookt en water verdampt à diksap. (potje)
Kristallisatie (foto 8): centrifuge à kristalsuiker en melassestroop. ( potje)
Melasse: alcohol, gist (papiertje) voor brood, vinasse veevoer.
Opslag en transport: silo’s en vachtwagens (foto 10 & 11)
In andere fabrieken maken ze van de suiker weer suikerproducten. ( foto 12)

Soorten suiker. à verschillende soorten suiker laten zien.

Wist je dat? à op blaadje.

Vragen. à op blaadje.

Materiaal voor deze spreekbeurt kun je vinden in het keukenkastje van je moeder, zij heeft vast meerdere soorten suiker in huis.

Sites:

http://suiker.startpagina.nl

http://www.suikerinfo.nl/

http://www.suikerunie.nl/nl/

http://www.suikerwereld.nl/

http://www.food-info.net/nl/national/ww-suiker.htm

http://www.kokenchemie.nl/dossier/voedingstoffen/suiker.htm

http://suikerbieten.startpagina.nl/

Spreekbeurt over Vegetariërs

1. Voorwoord
2. Wat is een vegetariër?
3. Waarom wordt iemand vegetariër?
4. Vleesvervangers!
5. vegetarische boterhamworst…..
6. Vegetarisch uit eten?
7. Verschillende groepen
8. Tijd en aandacht
9. Wat eten vegetariërs?
10. Wat zou er met de dieren gebeuren als iedereen vegetariër werd?

 

1. Voorwoord spreekbeurt Vegetariërs

Ik heb dit onderwerp gekozen omdat ik zelf ook een vegetariër ben en veel mensen weten niet veel van vegetarisme af.

2. Wat is een Vegetariër?

De meeste mensen eten het wel een paar keer per week.
Veel gezinnen eten het elke dag.
Vlees…….
Vooral bij het avond eten of op de boterham.
Maar er zijn ook mensen die géén vlees eten.
Daar hebben ze zelf voor gekozen.
Ze willen niet dat er voor hen dieren dood worden gemaakt.
Deze mensen noemen we vegetariërs.
Een vegetariër is dus iemand die geen vlees eet.
Loop je wel eens door een supermarkt?
Dan kun je artikelen zien die speciaal voor vegetariërs bedoeld zijn.
Bijvoorbeeld noten, bonen en granen.
Er zijn zelfs vegetarische producten die er net zo uit zien als vlees.
Maar er zit iets anders in.

3. Waarom wordt iemand vegetariër?

Veel jongeren besluiten vegetariër te worden, om een heleboel verschillende redenen.

Sommige vinden de gedachten aan de dieren in de bio-industrie, die een ondraaglijk bestaan leiden en opgepropt in vrachtwagens naar veemarkten en slachterijen worden vervoerd, onverdraaglijk.

Andere vinden dat vegetarische voeding gezonder is.

Vegetarische voeding is rijk aan vitaminen en aan mineralen en er zitten veel voedingsvezels in.

Weer anderen vinden het beter voor het milieu, omdat stoffen uit de mest terechtkomen in regen, rivieren en grondwater.

Sommige mensen zijn vegetariër vanwege hun geloof.

In sommige wereldgodsdiensten zeggen ze dat je geen vlees mag eten omdat je geen dieren mag doden.

En sommige dieren zijn heilig.

Hindoes en boeddhisten eten bijvoorbeeld meestal geen vlees.

Op veel plaatsen in de wereld hebben mensen geen keus of ze wel of niet vegetariër willen zijn.

In sommige arme landen hebben mensen geen geld om vlees te kopen want het vlees is te duur.

Dus eten ze goedkopere voeding zoals rijst en tarwe.

4. Vleesvervangers!

Vleesvervangers zijn producten die gemaakt zijn op basis van soja, op basis van quorn of op basis van aardappelen of tarwe.

Quorn is op dit moment de meest populairste vleesvervanger.

Quorn wordt gemaakt van een schimmelplant en smaakt een beetje naar kip (de schimmel op de brie en camembert is overigens ook van deze plant afkomstig).

Quorn is in verschillende variaties te koop.

In korreltjes met macaronikruiden voor een macaronischotel, in blokjes met nasikruiden voor een nasigerecht, als biefstuk, hamburger, schnitzel, cordon bleu, gehakt balletjes in saté saus en ga zo maar door.

Quorn is een voorbereid product.

Je haalt het uit de verpakking, je bakt het zo’n 5 á 10 minuten en klaar is Kees.

Quorn en andere vleesvervangers zijn te koop bij de supermarkt.

De grotere Albert Heijn heeft zelfs een hele afdeling met vegetarische producten.

5. Vegetarische boterhamworst…. … … …

Ja, die bestaat!

Net als vegetarische ham, paté, filet american en nog meer broodbeleg.

Handig en makkelijk als je besloten hebt om geen vlees meer te eten en nog niet helemaal thuis bent in het vleesloze wereldje.

Uiterlijk verschilt de vegetarische boterham worst niet van de echte boterhamworst.

En ook de qua smaak is er nauwelijks verschil.

Vegetarisch boterhambeleg is te koop bij de grotere supermarkten.

Ook lekker op brood is:

Kaas, smeerkaas, plakjes hard gekookt ei, jam, pindakaas, appelstoop en plakjes banaan.

6. Vegetarisch uit eten?

Dat is in ons land niet echt een probleem.

In de meeste restaurants kun je vaak een vegetarische maaltijd bestellen.
Of anders neem je twee voorgerechten.
Bijvoorbeeld groentesoep en daarna een salade met geitenkaas en stokbrood.
Bij iedere Italiaan in volop keus in overheerlijke pizza’s zonder vlees.
Bij McDonald’s staan visburgers, groenteburgers en vegetarische salades op het menu.

7. Verschillende groepen vegetariërs

Er zijn verschillende soorten vegetariërs.

Je hebt mensen die alleen geen vlees van koeien, varkens of schapen eten.

Er zijn mensen die ook geen vis eten en geen melk drinken.
Een kleine groep vegetariërs leeft zelfs helemaal zonder producten van dieren.
Zij kopen geen leren schoenen, want leer is gemaakt van dierenhuid.
Zij kopen ook geen kleren van wol, want wol is afkomstig van schapen.
Eigenlijk zijn er twee hoofdgroepen: lactovegetariërs en veganisten.

Lactovegetariërs eten niets van dieren die je daarvoor moet doden.

Zij eten dus geen vlees of vis.
Ze eten wel producten van levende dieren.
Lactovegetariërs eten dus bijvoorbeeld wel eieren, melk, kaas en honing.
Veganisten zijn nog strenger voor zichzelf.
Zij gebruiken helemaal niets dat van dieren afkomstig is.
Ook producten van levende dieren zullen ze niet eten of drinken.
Dus geen melk, geen boter, geen kaas en geen eieren.
Veganisten gebruiken zelfs geen dingen waar dierlijke producten in zitten.
Denk maar aan leren schoenen en aan wol in kleren en meubels.
Ook in sommige muziekinstrumenten (bijvoorbeeld trommels) zitten dierlijke producten.
Dus een veganist zal geen trommel bespelen.
Veganisten gebruiken alleen plantaardige stoffen. Dat wil zeggen:stoffen die van planten afkomstig zijn. Daar letten ze op bij alles wat ze kopen.
Nergens mogen dierlijke stoffen inzitten.

Veel mensen kiezen een eigen manier om vegetariër te zijn.
Ze eten bijvoorbeeld geen vlees, maar wel vis.
Of ze eten geen eieren, maar wel melkproducten zoals boter, kaas en yoghurt.
Of ze weten wel vlees, maar dan alleen van scharreldieren.
Dat zijn dieren die een behoorlijk leven hebben gehad voordat ze werden geslacht.
Zo zijn er allerlei verschillen tussen vegetariërs.

8. Tijd en aandacht

Stoppen met vlees eten kun je niet van de ene dag op de andere.
Dan loop je tegen allerlei problemen aan.
Hoe krijg je bijvoorbeeld die noodzakelijke afwisseling op het menu?
En waar verkopen ze datgene wat je wilt hebben?
De meeste mensen die vleesloos zijn gaan eten, hebben daar van te voren goed over nagedacht.
Ze weten in welke winkels ze moeten zijn om de juiste producten te kopen.
En hoe ze écht lekkere maaltijden kunnen maken.
Vegetariër worden kost dus heel veel tijd en aandacht.
Maar wie er eenmaal aan gewent is, weet na een tijdje niet beter meer.
Dan heeft men anders leren denken over het dagelijks voedsel.

9. Wat eten vegetariërs?

Als je gewent bent om vlees te eten is het vaak moeilijk voor te stellen wat vegetariërs eten.
Alleen maar groenten?
Dat zou wel een beetje saai zijn.
Hoe moet dat dan met de mensen die niet zo van groenten houden?
Kunnen zij wel vegetariër worden?
Wat moeten zij dan eten?
Een gewone warme maaltijd voor iemand die vlees eet bestaat meestal uit een stukje vlees met groenten en aardappelen.
Een vegetarische maaltijd betekend niet dat er gewoon een stukje vlees ontbreekt.
Dat zou niet erg gezond zijn.
Vegetariërs moeten hun eetgewoonte’s aanpassen.

 Wat zou er met de dieren gebeuren als iedereen vegetariër wordt?

Dit is een van de meest geselde vragen over vegetarisme.
Sommige mensen maken zich er zorgen omdat waarneer iedereen vegetariër werd er geen boerderijen meer zouden worden geboren omdat die niet meer nodig zouden zijn.
Koeien, varkens en kippen maken deel uit van onze wereld, net als katten, honden en paarden.
Niemand zou willen dan deze dieren zouden verdwijnen.
Als meer mensen vegetariër zouden zijn zouden er minder fokkerijen zijn.
Veel dieren zouden op een natuurlijke en vriendelijkere manier kunnen worden gehouden en op scharrelboerderijen waar ze lekker rond kunnen scharrelen.
Hoewel veel mensen vegetariër worden gaat de verandering heel geleidelijk.
Alle mensen worden niet van de ene op de andere dag vegetariër.

Spreekbeurt over Zout

Zout

Zout kun je halen uit de zee. Door het water te laten verdampen, houd je zout over.

 

Ook zit er zout in de grond, steenzout.

 

Op de plaatsen waar nu zout in de grond zit, was lang geleden een zee, de Zechsteinzee.

 

De zee is verdwenen door de warmte van de zon, waardoor het water is verdampt.

Het zout bleef daarbij liggen op de bodem.

 

Op die laag zout kwamen in de loop van de tijd verschillende lagen grond en zand te liggen.

 

Daardoor is het zout nu heel diep onder de grond. Daar zijn duizenden en duizenden jaren voor nodig geweest.

 

In Nederland zit ook zout onder de grond, vlakbij de plaats Hengelo in de provincie Overijssel.

Ook in de provincie Groningen zit zout in de grond.

 

 

Over dit zout gaat mijn spreekbeurt.

 

 

Hoe hebben ze dit zout ontdekt?

 

Doordat mensen op zoek waren naar schoner drinkwater in de grond, vonden ze toevallig de zoutlagen.

In Nederland zijn ze pas 100 jaar geleden begonnen zout te winnen. Dit betekent: hoe je zout uit de grond krijgt.

 

In Nederland zijn 34 plekken bekend, waar steenzout onder de grond zit.

25 in Noord Nederland en 9 in het oosten van Nederland.

 

!!! FOTO !!!

 

Om te kijken of er wel zout in de grond zit en hoeveel, gaan ze eerst een proefboring doen.

Ze gaan dan met een hele lange buis de grond in en halen zo alle lagen uit de grond die er zijn.

Als er zout in de grond zit, dan komt er dus ook een laag zout naar boven.

 

!!! VOORBEELD !!!  Boorkern.


 

 

In 1959 werd de eerste Zoutfabriek in Delfzijl gebouwd, de Akzo. Het zout voor de Akzo komt uit Zuidwending, vlakbij Veendam en uit Westerlee, vlakbij Winschoten. Dit ligt ongeveer 30 kilometer van Delfzijl.

 

Hier ligt een grote berg zout op ongeveer 1300 meter diepte onder de grond.
Op de plek waar zout onder de grond zit, worden twee buizen in elkaar in de grond gebracht.

Recht naar beneden, dwars door alle grond en zand lagen tot het steenzout.

 

!!! FOTO !!!  ( 2 X )

 

Je hebt dus een binnenbuis en een buitenbuis.

Door de binnenbuis wordt water naar beneden gepompt, waar het steenzout oplost.

Deze zoutoplossing heet ruwe pekel.

 

!!! VOORBEELD !!! Potje ruwe pekel.

 

De ruwe pekel gaat door de buitenbuis naar boven.

Daarna wordt de ruwe pekel door leidingen onder de grond naar Delfzijl gepompt.

 

!!! FOTO !!!

 

Daar komt de ruwe pekel in een hele grote bak. Dit noemen ze een bassin.

In de ruwe pekel zitten nog andere stoffen dan alleen zout.

Dit wordt eruit gehaald en je houdt zuivere pekel over.

 

!!! VOORBEELD !!! Potje zuivere pekel.

 

De zuivere pekel (schone pekel) wordt nu gekookt. Hierdoor verdampt het water en houd je zoutbrij over.

!!! VOORBEELD !!! Potje zoutbrij.

 

Daarna wordt in grote centrifuges het laatste vocht eruit gehaald en blijft er zout over.

 

!!! VOORBEELD !!! Potje zout.

 

Dit zout is niet om te eten maar wordt gebruikt in andere fabrieken. Er zitten nog stoffen in die worden gebruikt voor bijvoorbeeld het maken van wasmiddelen en papier.

Ook kun je dit zout gebruiken om op de weg te strooien als het glad is.

Zout om op te eten wordt gemaakt bij de Akzo in Hengelo.

Dit heet consumptiezout.

Waarvoor kun je zout nog meer gebruiken?

 

Ten eerste als smaakmaker voor het eten.

Mensen en dieren hebben zout nodig om te leven.

Dieren likken het zout van zoutstenen en mensen nemen het op via het eten.

 

Ook kun je zout gebruiken als bewaarmiddel.

Voordat de koelkast is uitgevonden werd vlees en vis bestrooid met zout en bewaard in zoutkisten. Dit noemen ze pekelen. Door voedsel met zout in te wrijven, drogen de bacteriën uit, waardoor dit voedsel niet bederft.

 

Ook werd zout gebruikt als betaalmiddel (een soort geld). Als je zout had, was je heel rijk.

 

 

 

Vragen over zout:

 

Hoe wordt het zout uit de grond gehaald?

Door het op te lossen in water en dan omhoog te pompen.

 

 

Hoe heet de zee die er vroeger was op de plaats waar nu het zout is?

  1. a) Noordzee
  2. b) Waddenzee
  3. c) Zechsteinzee

 

 

Wat voor zout wordt er gemaakt bij de AKZO in Hengelo?

Consumptiezout (zout om te op te eten).

 

 

 

 

 

Dit was mijn spreekbeurt over zout, zijn er nog vragen?

Spreekbeurt over Chocola

Inleiding Chocola

We hebben chocolade gekozen omdat we allemaal dol zijn op chocolade. En we dachten dat je er makkelijk veel informatie over konden vinden. En dat klopt ook wel. We willen graag weten of je serieus verslaafd kan worden aan chocolade, en hoe chocolade nou precies gemaakt wordt.

Soorten chocolade

pure chocolade

Pure chocolade bestaat uit : cacaopoeder, cacaoboter en suiker. pure chocola is beter voor je dan witte, praline en melkchocolade. Pure chocolade verkleint de kans op dementie, dat is een ziekte waarbij je snel dingen vergeet, vooral oudere mensen hebben daar last van. Ook helpt het volgens sommige onderzoeken voor hoestklachten. en het kan zelfs een hartaanval voorkomen! Voordat iedereen massaal aan de pure chocola gaat, er zit nog steeds suiker en vet in, dus je kan er nog steeds dik van worden. en let op dat er 50 tot 60 procent cacao in moet zitten. Extra pure chocola is nóg beter dan gewone pure chocolade. In extra pure chocolade zit 60 tot 80 procent cacao. Toch jammer dat veel mensen niet van pure chocolade houden…

melkchocolade

Melkchocolade bestaat uit : cacaopoeder, cacaoboter, suiker en melkpoeder. Er zit meer suiker in dan pure chocolade, daardoor is het ook minder gezond. In melkchocolade zit maar 25 procent cacao. Melkchocolade smelt makkelijker dan pure chocolade. Daarom wordt er met melkchocolade ook vaker gefonduud. En veel mensen vinden melkchocola lekkerder dan pure.

Butterscotch chocolade

Butterscotch is harde karamel. Het wordt niet alleen in chocolade gebruikt, maar ook in likeur, dat is hele sterke drank. Misschien ken je boterbabbelaars,(laat zien) dat zijn ook een soort van karamelsnoepjes, eigenlijk zit dat ook in Butter scotch chocolade, maar dan in hele kleine stukjes. Butterscotch chocolade is bijna altijd melkchocolade.

Hagelslag

De allereerste hagelslag komt uit 1936, en is gemaakt door het merk Venz. In het Vlaams worden ze ook wel ‘’muizenkeuteltjes’’ genoemd. Buiten Nederland, België, Indonesië en Suriname zal je niet zo snel hagelslag vinden. Tenminste, niet als beleg, maar ze kunnen het wel gebruiken als versiering op cake, of taart. Alleen hagelslag die minstens 32% cacao mag zichzelf chocoladehagelslag noemen. Als er minder in zit, wordt het cacaofantasie genoemd. Misschien ken je koetjesrepen, dat is ook cacaofantasie.

Geschiedenis van chocola

Columbus ontdekte chocola. Maar eigenlijk ook weer niet. de Maya’s teelden voor het eerst cacaobomen. Maar na een tijdje veroverden de azteken de plantages van de Maya’s en ze ontdekten dat je er een lekker drankje van kon maken; dat was dus de eerste chocomel! Alleen het smaakte niet zoals wij chocomel nu kennen. Het werd gemengd met chilipeper en vanille en het had een nogal bittere smaak. Ze noemden de drank Xocoalt. Columbus vond het best lekker, wel een beetje bitter. hij nam het mee naar Spanje, en de Spanjaarden vonden ze het ook lekker, maar daar voegde ze er suiker aan toe, waardoor het de chocolademelk van nu werd. In het begin werd het alleen gedronken door rijke mensen. Dit deden ze in zogenaamde chocoladehuizen. Daar praatten ze en dronken ze chocolademelk. In het begin van de 19e eeuw zakte de cacaoprijs in waardoor arme mensen ook chocolademelk konden gaan drinken. In 1728 was daar de eerste chocoladefabriek, in Engeland. Frankrijk en Duitsland volgden in 1760. Zwitserland wordt nu gezien als een groot chocoladeland, maar de eerste chocofabriek daar was er pas in 1820. Maarr…. Wie bedacht de eerste echte chocoreep? Een hollander! Hij ontdekte dat als je cacao boter en cacao poeder bij elkaar doet (en natuurlijk suiker en nog wat ingrediënten) dat je dan vaste chocola krijgt! Dit was wel pure chocola, daarna kwam er pas melkchocola, daarna witte chocola.

Werkstuk over Chocolade

Chocolade

Ik houd mijn werkstuk over chocolade omdat ik het lekker vind, en ik wil er wel meer van weten.

Dit zijn de hoofdstukken:

  1. De geschiedenis
  2. Hoe wordt het gemaakt?
  3. De soorten chocola
  4. Waaraan moet chocola voldoen?

Geschiedenis van Chocolade

  1. De eerste kennismaking van de westerse wereld met cacao was in 1521 toen Herman Cortez in Mexico aankwam. Hij werd door binnengehaald als een grote held door de Azteken. Ze boden grote hoeveelheden cacaobonen aan die zij als gebruikten om te betalen. In het begin wilde de Spaanse Cortez geen cacaobonen, maar nam toch het recept voor een cacaodrank mee naar Spanje. De Azteken noemden het drankje chocolat. Het recept van de chocolat werd daar meer dan 100 jaar geheim gehouden. Pas in 1825 legde de Nederlander van Houten de basis voor het maken van cacaopoeder, cacaoboter en chocolade. Van Houten ontdekte een manier om de cacaoboter uit de cacaobonen te persen. Ook ontdekte hij het alkaliseren, een manier om de zuren in de cacao minder zuur te maken, waardoor de smaak en kleur van cacaopoeder beter werden.

Hoe wordt Chocolade gemaakt

  1. Chocola is bij een temperatuur boven 45°C vloeibaar spul. Dat komt omdat de cacaoboter is gesmolten. Als het vloeibaar is kan chocola in vormen worden gegoten of gespoten.

In de fabriek wordt er in een grote ketel bij de cacaomassa extra cacaoboter en suiker gedaan. Zo krijg je pure chocolade. Als je er witte melkpoeder bij doet krijg je melkchocola. Witte chocolade wordt gemaakt met cacaoboter, suiker, vanille en melkpoeder. Alle ingrediënten worden gekneed en met de wals fijngemalen. Zo fijn dat je de korreltjes niet meer kunt zien. Daarna wordt deze brij nog een keer geroerd en warm gemaakt. Nu smaakt de chocolade pas echt lekker. De vloeibare chocolade wordt in grote opslagtanks bewaard. De vloeibare chocolade wordt in een machine lang geschommeld en gewreven. Zo wordt de smaak van de chocola lekkerder.

Na het schommelen en wrijven gaat de chocolade in temperketels. Hier wordt de chocolade tijdens het roeren gekoeld, maar het blijft wel vloeibaar. Chocolade die voor repen is, wordt hierna in gietmachines gedaan. Daarna wordt de massa in de vormen gegoten.

Daarna komt de dribbelbaan. Op de baan gaan de vormen hard op en neer, zodat de luchtbelletjes in de chocolademassa weggaan en de massa goed in zijn vorm zakt. Dan komt het koelen van de chocolade. Tijdens deze fase wordt de chocolade hard en krimpt het een beetje. Dan worden ze uit de vorm getikt en verpakt. Daarna komt de chocolade in de winkels te liggen en kunnen wij ze eten.

Wat voor soorten chocolade zijn er?

 

  1. Er zijn 3 verschillende soorten chocola melk, puur en wit deze worden vaak gemengd met iets anders zoals noten. Bij melkchocolade wordt extra suiker toegevoegd voor een lekkere smaak. Om pure chocola te krijgen wordt er bij het cacaopoeder extra veel suiker en chocoladeboter toegevoegd. Witte chocola heeft geen cacaopoeder in zich. Het wordt gemaakt met cacaoboter, melk, vanille-extracten en suiker. In veel dingen zit chocola zoals hagelslag, bonbons, en chocolade-ijs.

Waaraan moet chocolade voldoen?

 

  1. In Nederland wordt de samenstelling van chocola streng gecontroleerd. Elke chocolasoort heeft eigen eisen waaraan het moet voldoen. In pure chocolade moet minstens 35% cacaobestanddelen zijn, en daarvan moet minimaal 18% cacaoboter zijn. In melkchocolade moet minimaal 25% cacaobestanddelen zijn, waarvan minimaal 14% melkbestanddelen. En in witte chocolade minstens 20%, waarvan minimaal 14% melkbestanddelen.

Spreekbeurt over verslaving

Beste juf en klasgenoten,
Vandaag vertel ik jullie iets meer over verslavingen.

Mensen zeggen snel dat iemand verslaafd is, maar weten we wel echt wat verslaving is?
Verslaafd is men wanneer een persoon van een gewoonte of een stof afhankelijk is zodat hij die niet, of heel moeilijk, kan los laten.
Er bestaan dus twee soorten verslavingen:
Een middelenverslaving
Een gewoonteverslaving

Verslavingen

Middelen verslaving

1. Bij een middelenverslaving is men zowel lichamelijk als geestelijk afhankelijk van een middel. Lichamelijk is het lichaam zo gewoon geraakt aan de inname van de stof dat wanneer de persoon ermee stopt er ziekteverschijnselen optreden zoals pijn, misselijkheid, braken, koorts,… Geestelijk denk je dat je absoluut niet meer zonder een bepaalde stof kan. Het verlangen aan die stof is zo groot dat je het niet meer uit je hoofd krijgt en aan niets anders meer kan denken.

Drugs zijn stoffen die het bewustzijn beïnvloeden en om die reden worden ingenomen.
Drugs kunnen grofweg in 3 soorten worden ingedeeld.
De eerste groep zijn de stimulerende, energiegevende middelen. Hierbij horen onder andere :
Cocaïne
Nicotine
Amfetamine, speed
De tweede groep bestaat uit drugs die verdoven, zoals :
Alcohol
Slaap- en kalmeringsmiddelen
Morfine
Heroïne
Opium
De derde en laatste groep bestaat uit middelen  die de zintuiglijke waarneming veranderen, zoals:
THC
·         CST
·         XTC

Over drugs ga ik niet verder door omdat we volgend schooljaar hier uitgebreid uitleg krijgen tijdens het m.e.g.a. project.
2
Toch even wat meer uitleg over ‘Alcohol’ wat behoort tot de middelenverslaving.
Niemand wordt opeens een zware alcoholist, dit gebeurt in verschillende fasen.
Het niet gevaarlijke gebruik van alcohol is het sociaal drinken. Dit doet iedere volwassene wel eens, gewoon eens een glaasje voor de gezelligheid of bij een speciale gelegenheid.
Dan zijn er mensen die bijna iedere dag een of meerdere glaasjes gaan drinken na inspanningen of om te ontspannen; dit wordt het gewoonte drinken genoemd.
In de volgende fase wordt het probleem drinken genoemd. Hierbij gaat men iedere dag meerdere glazen drinken, om problemen te verdrinken, maar ook zonder reden grijpt men naar alcohol.
Tot slot spreekt men over alcoholisme,  hierbij is men werkelijk verslaafd en kan men niet zonder alcohol. Ze drinken ieder moment van de dag; ‘s morgens, ‘s middags, ‘s avonds en zelfs ’s nachts.
Iets wat ook regelmatig voorkomt, is het coma zuipen. Hier is men geen alcoholist, maar gaat men kort op elkaar heel veel alcohol drinken,  wat kan  leiden  tot   een diep coma en de dood.
De gevolgen van alcohol zijn gevaarlijk groot. Een paar minuten na teveel alcohol drinken, zijn er beangstigende effecten.  Zo komt er vaak agressiviteit bij te pas, zelfs overschatting en black-outs, waardoor men alles vergeet of  alles denkt aan te kunnen, wat  ook tot de dood kan leiden. Alcohol op jonge leeftijd veroorzaakt blijvende hersenschade! Op lange termijn kan men levercirrose krijgen met de dood tot gevolg.

Rookverslaving is de verslaving aan tabak. Dit wordt veroorzaakt door de verslavende stof Nicotine.
Veel mensen roken om hun zorgen te vergeten of om te leren omgaan met stress en spanningen. Ook zijn er echt héél veel jongeren die roken om bij de groep van de stoere kinderen te behoren waardoor ze later niet meer zonder kunnen. Mensen (vooral vrouwen) gaan ook roken om niet dik te worden. Je wordt er niet mager van, maar je krijgt het gevoel dat je sneller voldaan bent tijdens het eten, wat ervoor zorgt dat men sneller gaat stoppen met eten.
Bij de meesten is het gelukkig wel al bekend dat roken absoluut niet gezond is. Dit geldt voor de roker zelf maar ook voor hun  omgeving:  de zogenaamde’ mee-rokers’. De rook van een sigaret komt natuurlijk van het brandende deel. De hoeveelheid van de totale rook die door de roker wordt geïnhaleerd is slechts 15%. De overige 85% verdwijnt in de omgeving. In deze rook zitten  dezelfde ongezonde en zelfs kankerverwekkende stoffen. Vooral voor kinderen is meeroken bijzonder schadelijk.
Rokers sterven gemiddeld acht jaar eerder, hebben meer kans op hart en vaatziekten, luchtwegklachten verminderde vruchtbaarheid en kanker!
Tabak bevat koolmonoxide, teer en nicotine. Door de nicotine gaat je hart sneller kloppen,  krijg je er een hogere bloeddruk en worden je bloedvaten beschadigd. De koolmonoxide zorgt voor een slechtere conditie, een minder goede ademhaling en wist je dat de stof  al tien seconden na het innemen de hersenen betreed? Teer zorgt ervoor dat de  trilharen in je longen worden vastgeplakt waardoor je dikwijls gaat  bloeden.

Gewoonte verslaving

2. Bij een gewoonteverslaving  is een persoon verslaafd aan iets te doen waar hij   zich goed bij voelt, zoals:
Gokverslaving
Internetverslaving
Gameverslaving
Seksverslaving

Er bestaan verschillende vormen van internetverslaving.
Internetverslaving is een van de meest nieuwe verslavingen die pas enkele jaren echt bestaat maar nu al behoorlijke problemen veroorzaakt. Net als bij alle andere verslavingen gaat het niet meer om normaal of noodzakelijk gebruik maar om een niet te stoppen innerlijke drang.

·         Chatverslaving
Een andere vorm van internetverslaving is chatverslaving. Kinderen tussen de 13 en 15 jaar chatten het meeste. Dus dat er ook onder deze groep de meeste chatverslaafden zijn is niet verwonderlijk. Dit is dus een verslaving die ook zeer jonge mensen kan overkomen en behoorlijk gevolgen kan hebben. De verslaafde heeft niet het gevoel dat hij in een sociaal isolement raakt, maar loopt wel dat risico. Sommige jongeren hebben een constante behoefte om bezig te zijn op Facebook of Twitter.
·         Seksverslaving / Pornoverslaving
Een van de meest voorkomende internetverslavingen is pornoverslaving. Deze verslaving gaat zoals wellicht is te vermoeden vaak samen met een seksverslaving. Een manier voor de seksverslaafde om zijn behoefte te bevredigen is het bekijken van porno.
·         Gameverslaving
De laatste veelvoorkomende internetverslaving is gameverslaving. Een gameverslaving hoeft niet per definitie een internetverslaving te zijn, maar we zien dat juist de groep die via internet games speelt vaak verslaafd raakt. Doordat deze groep continu met mensen over de hele wereld ‘de strijd aangaat’ kan dit erg verslavend zijn. Er zijn helaas al vele voorbeelden van mensen die hierdoor in een sociaal isolement terecht komen en het is helaas al eens voorgekomen dat iemand zolang bleef gamen dat hij er aan is overleden.

4
Welke soort mensen loopt meer gevaar voor gameverslaving?
–      Iemand die het gevoel heeft nergens goed in te zijn en weinig of nooit beloningen  krijgt.

–      Iemand die weinig, geen of verkeerde vrienden heeft.

–      Beginnen gamen vanuit verveling of een slecht gevoel.

Er zijn een aantal kenmerken die erop wijzen dat iemand last heeft van gameverslaving. Ik zal er enkele opsommen:

Langer online zijn dan gewoonlijk, langer moeten spelen om hetzelfde (goed) gevoel te bekomen.
Spelgebruik ontkennen en verstoppen voor anderen.
Als er gestopt wordt met spelen, is dat vaak tegen de zin van de speler..
Als de speler moet stoppen, wordt men kwaad en zelfs woedend.
Er is weinig of geen contact mogelijk met de gamer als hij bezig is.
Het gamen heeft negatieve invloeden op de dagelijkse activiteiten zoals school of werk. Ook voor gezonde slaap of eten heeft men weinig aandacht.
De gevolgen hiervan zijn vaak gezondheidsproblemen en persoonlijke schade op lange termijn doordat opleiding / carrière worden verwaarloosd en sociale contacten wegvallen.

Een gameverslaving is het beste te vergelijken met een gokverslaving; zij hebben min of meer dezelfde gedachte : ‘De volgende keer zal ik winnen’.
Een bijkomstig probleem van gameverslaving is dat de verslaafde vaak gebruik maakt van (onschuldige) stimulerende middelen zoals Red Bull, koffie, sigaretten of soms zelfs soft en/of harddrugs om maar te kunnen blijven gamen. Zo wordt het altijd maar erger.

Gameverslaving is een relatief jong probleem waar nog maar weinig onderzoek is naar gebeurd. Momenteel komt daar snel verandering in. Voor het moment bestaan er geen regels voor het ontwerpen van computergames. Verschillende producenten proberen bewust hun games zo verslavend mogelijk te maken omdat het gewoonweg  meer geld opbrengt. Dit is onverantwoord maar we kunnen er nu nog niets aan doen.

Afkicken van een verslaving

Van elke verslaving kan men afkicken, maar met heel veel moeite.

Het is werkelijk een hel voor lichaam en geest.  Bijvoorbeeld bij roken is het lichaam pas helemaal nuchter na 3 tot 7 dagen, maar mentaal begint het nog maar.

Ook al kan het internet heel leuk zijn, moeten we er toch aan denken dat er nog andere interessante en plezante dingen zijn zoals buiten spelen,hobby beoefenen, boek lezen,met vrienden spelen,… en aan deze ook voldoende tijd besteden. Het is dan ook goed dat onze ouders af en toe de klok mee in het oog helpen houden als we op het internet zitten.

Een TE veel van iets is niet goed.

Iedere verslaving wordt beter voorkomen dan genezen.

Mocht er iemand een verslavingsprobleem hebben dan kan je er best met iemand over praten zoals je schoolhoofd, je huisarts of leerkracht. Ook bij de jongerentelefoon, momenteel Awel genoemd, of de druglijn kan je terecht.

www.jellinek.nl heeft heel veel informatie over verslaving

Rokeninfo voor informatie over verslaving aan roken

Spreekbeurt over Kaviaar

Spreekbeurt over Kaviaar

KAVIAAR

Er zijn verschillende soorten kaviaar rode,witte en zwarte.

Eerst de Beluga:

Dit is een vis die erg groot is en de vissen kunnen wel 800 kg wegen. De vis leeft in de Kaspische zee.

Dat ligt in Rusland.

De sevruga:

De sevruga eitjes komen van de een steur die ook in de Kaspische zee leeft. Deze steur komt meer voor. In tegenstelling tot de beluga, hebben de eitjes een heel andere structuur. Als je op de eitjes van de sevruga bijt zullen ze openklappen. Waarom weet ik ook niet.

Zalm eieren:

De meeste van deze eitjes komen van zalmen uit Alaska. Veel mensen vinden dat er geen andere kaviaar gegeten mag worden dan die van de steur en zeggen dat ze die andere kaviaar niet lekker vinden terwijl ze toch nog erg goed zijn van smaak.

AMERIKAANSE STEUR:

Volgens de Amerikanen is de amerikaanse kaviaar bijna even goed als de Russische of Irakese kaviaar. De Amerikaanse kaviaar smaakt alleen veel bitterder dan de originele. De Amerikaanse kaviaar was gedurende de negentiende eeuw zo populair dat je een portie gratis bij een drankje kreeg. Nu is hij niet meer zo populair.

FOREL EIEREN:

De forel eieren zijn iets kleveriger dan de zalm eitjes. Ze zijn lichtrood en in het midden zie je een puntje. De meeste foreleitjes die je hier kan kopen zijn ingevoerd.

KAVIAAR, HET ZWARTE GOUD!

Kaviaar is afkomstig van de steur die nog steeds met veel vissen voorkomt in de Kaspische zee. Met name de Russen en de Iraniers houden zich bezig met de vangsten op de steuren en de productie van kaviaar. De belangrijkste vangsten vinden plaats in het voor- en najaar. De steur komt dan naar ondiepere gedeelten van de Kaspische zee om kuit te schieten. De kaviaarsoorten: We kennen drie basissoorten steuren: SEVRUGA, OSCIETRE EN BELUGA. De verschillende soorten kaviaar zijn genoemd naar de steur waarvan het afkomstig is. De Sevruga kaviaar is licht tot donkergrijs van kleur heeft een relatief kleine korrel (de vis weegt circa 35 kilo en is daarmee de kleinste van de drie) en heeft een sterk gekruid aroma. De Oscietre kaviaar is donkergrijs met een gouden gloed. Op de achtergrond proeft men een zachte notensmaak. De korrel is wat groter omdat het een grotere vis betreft (circa 60 kg). De Beluga is de grootste van de drie. Hij weegt meestal ca 200 kilo. Er zijn uitzonderlijke exemplaren gevangen die wel 1000 kilo wogen. Iedere steur heeft 15% van haar lichaamsgewicht aan kaviaar bij zich. De Beluga kaviaar is donkergrijs van kleur heeft de grootste korrel en heeft een mooie zachtzilte smaak. Welke kaviaar is de beste? Deze vraag kan men eigenlijk niet zo stellen. Het hangt ervan vanaf waar uw voorkeur qua smaak naar uitgaat. Alle kaviaarsoorten worden in diverse kwaliteiten aangeboden..

Radioactieve Kaviaar

De wereldberoemde leverancier van kaviaar. Behoort tot de familie der beenvissen. Komt in de hele wereld voor maar toch voornamelijk in de Kaspische en de Zwarte Zee. Belangrijkste producenten van kaviaar zijn Iran en Rusland en voor een veel kleiner deel China. De grootste steur is de Beluga, die een gewicht kan bereiken van 500 tot 1000 kg. Iets kleiner is de Osiëtra en nog kleiner is de Sevruga. De kaviaaropbrengst is ± 15% van het lichaamsgewicht. De steur is ondanks zijn indrukwekkende gewicht geen roofvis. Hij is een alleseter en eet zelfs planten.

Vroeger het beleg op de boterham van de gewone man, nu culinaire hoogvliegerij.

Kaviaar is de kuit van de steurvis met zout op smaak gebracht. Het zout en dus het water bepaalt een groot stuk de smaak, tevens beinvloeden de kaviaarmakers de smaak door het zoutgehalte aan te passen. Hoe verser de eitjes, hoe beter de kaviaar. Kaviaar wordt zuurstofloos ingeblikt en kan zo koud 3 tot 6 maanden bewaren. In Iran gebeurt in tegenstelling tot Rusland, een heel strenge kwaliteitskontrole, wat de superieure kwaliteit van de Perzische op de Russische kaviaar verklaart. De steur is afkomstig van een ongeveer honderd jaar oude vis en geldt als het nec plus ultra op kaviaargebied.

Spreekbeurt over Groente

Groente, mijn spreekbeurt gaat over groente.

Groente bestaat in verschillende vormen, smaken en kleuren.

Groente is gezond en je word er niet dik van. In groenten zitten veel voedingsstoffen die je nodig hebt. Als je per dag drie scheppen groente eet, krijg je genoeg vitamines binnen. Vitamines helpen je om gezond te blijven. In elke groente zitten andere gezonde voedingsstoffen. Daarom moet je veel verschillende soorten eten. Niet elke dag bloemkool, maar ook eens rode kool of spinazie.

Het deel van een plant dat je kunt eten, noemen we groente. Van sommige planten eten we de bladeren, en van anderen de wortels. Er zijn verschillende soorten groenten:

  • Bladgroenten: spinazie, sla
  • Stengelgroenten: prei, asperges
  • Wortel: wortelen, aardappel
  • Koolsoorten; bloemkool, broccoli, boerenkool
  • Peulvruchten; doperwtjes, sperziebonen
  • Vruchten: tomaten, paprika, komkommer

Niet alle groente is groen. Paprika’s zijn er in 4 kleuren (groen, rood, geel, oranje). Tomaten zijn rood. Komkommers zijn groen, wortelen oranje en ga zo maar door
Als de groenten van het land of uit de kassen rijp zijn, worden ze geoogst. Veel groenten blijven in Nederland. Ze worden in de supermarkt verkocht. Maar er wordt ook veel Nederlandse groente geëxporteerd. Dat wil zeggen dat ze in het buitenland verkocht worden.

rode paprika

Rode Paprika, lekker en gezond!

Het vervoer van de groente gaat per boot of vliegtuig. Groenten die snel schimmelen, moeten snel worden vervoerd.
Met andere groenten hoeft dat niet. Andersom koopt Nederland ook groenten in het buitenland. Dat heet importeren. In de supermarkt kun je op de verpakking van groenten zien waar ze vandaan komen.

Veel groenten zijn pas eetbaar als je ze kookt .Groenten die ongekookt gegeten worden, worden rauwkost genoemd. Sommige groente kun je gekookt en rauw eten.

Wie weet er een te noemen? (antwoord: wortel, bloemkool, paprika)

 

smoesjes om geen groente te eten

1. Groente is duur

De prijs van verse groente is soms duur (bijvoorbeeld in de winter). Als verse groente duur is, kun je beter diepvriesgroente en groente uit blik of glas kopen. Diepvriesgroente is net zo goed als verse groente. Er zitten evenveel voedingsstoffen in. Diepvriesgroente is meteen na de oogst ingevroren. Daardoor gaan er geen vitamines meer verloren.
Verder is zelf snijden en schillen goedkoper dan voorgesneden groente.

Groente van het seizoen zijn ook goedkoop.
Sommige mensen vinden groente duur, terwijl ze wel veel geld uitgeven aan ongezond eten zoals chips en snoep.

2. Groente klaarmaken kost veel tijd

Niet iedereen houdt van koken of heeft daar altijd tijd voor. Je moet het wassen, schillen of schoonmaken. Je kunt ook voorgesneden groenten kopen kopen. Die kunnen zo in de pan. Ook groenten uit de diepvries of uit een pot zijn makkelijk en meestal ook niet duur.

3. Groente schimmelt snel

Groente bevat de meeste vitamines als het vers. Als je groente langer bewaart, in de winkel of in de koelkast, wordt de vitamine C minder. Ook bij het schillen en snijden van groente gaat vitamine C verloren. De celstructuur raakt beschadigd en de vitamine C lekt eruit
Voorgesneden groente uit de winkel kun je daarom beter niet te lang bewaren. Maar er zijn genoeg groenten die wel een tijd goed blijven: paprika, bloemkool, wortelen. Bij groente uit glas, blik of diepvries is de houdbaarheid al helemaal geen probleem.
Groente die snel schimmelt, moet je het eerste opeten.

4. kinderen lusten geen groente of fruit

Er zijn mensen die zeggen dat ze groente niet zo lekker vinden. Die eten liever koekjes en snoep. Maar er zijn zoveel verschillende soorten groente en fruit dat er altijd wel iets tussen zit wat je lust. Kinderen moeten soms 10 tot 15 keer iets moeten proeven voordat ze aan de smaak gewend zijn. Kinderen moeten dus elke keer weer proberen en proeven.

 

5. Ik kan geen twee ons groente op

Elke dag heb je 2 ons groente nodig. Het is belangrijk dat je iedere dag wat anders eet omdat in elke groente andere vitamines zitten.
Twee ons groente vinden sommige mensen erg veel. Maar alle groente telt mee, bij de warme maaltijd en ook rauwe groente op andere momenten van de dag (bij het brood of tussendoor) zoals kleine tomaatjes, komkommer en worteltjes of radijsjes.
De meeste mensen eten maar de helft van de groente die ze eigenlijk moeten eten.

Het meeste voedsel dat je eet, komt van planten. Je kunt ze zelf verbouwen. Dan krijg je ‘s avonds eten op je bord dat uit je eigen tuin komt. Veel mensen hebben zo’n moestuin als hobby. Ze telen er allerlei soorten groente en fruit, zoals aardappelen, uien, bieten, wortelen, bonen, bessen en aardbeien. Maar niet alle mensen hebben een moestuin. Daar is niet genoeg grond voor. Hun voedsel wordt door boeren en tuinders verbouwd. Die verkopen hun spullen weer aan de supermarkt en de groenteman. Mensen die hun eigen groente verbouwen, hoeven niet voor alles naar de winkel. Ze verbouwen niet om te verkopen, maar gewoon voor zichzelf.

De groente in de supermarkt komen lang niet altijd uit Nederland. Toch groeien er in Nederland ook veel groente die eigenlijk alleen in warme landen voorkomen. Die worden niet in de openlucht gekweekt, maar in kassen. Daar houden een kachel en de zon de planten warm. Grote lampen zorgen voor voldoende licht

Sommige soorten groente kunnen goed tegen regen en kou. Die groeien op het land. Bijvoorbeeld bloemkool. Er zijn ook soorten groente die beter in kassen groeien. Een kas is een groot, glazen gebouw. In een kas kan de boer de temperatuur en het licht zelf regelen. Paprika’s, tomaten en komkommers worden in Nederland het meest gekweekt. In Nederland worden op het land en in kassen samen wel vijftig groentesoorten verbouwd. Sommige groenten groeien uit zaadjes. Andere groenten groeien uit kleine plantjes die een boer koopt bij een kweker.

Kwekers zorgen ervoor dat de planten gezond blijven. Zo kijken ze bijvoorbeeld heel precies of er geen beestjes zijn die de planten en de vruchten opeten. Luizen bijvoorbeeld zuigen sap uit de plant. De plant wordt daardoor zwak. De kweker verdient er dan minder aan. Soms spuit hij daarom met gif. Maar dat is eigenlijk niet erg gezond. Een deel van het gif blijft op de planten zitten. Als je ze opeet, krijg je dus ook wat gif binnen. Daarom gebruiken steeds meer kwekers ook andere middelen. Zulke kwekers hebben een biologisch landbouwbedrijf. Bij biologische landbouw wordt geen gebruik gemaakt van chemische bestrijdingsmiddelen en kunstmest. Dat is dus beter voor het milieu Zij zetten bijvoorbeeld lieveheersbeestjes op de planten. Die zijn dol op luizen. (Luizen zijn slecht want die eten de groente op).

 

groente salade

salade van groenten

Afsluiting

Dit was mijn spreekbeurt over groente.

Ik heb leuke plaatjes van groente die ik jullie op het Digibord kan laten zien.

Kijk goed want de groente is verstopt.

En daarna wil ik jullie nog groente laten proeven (wortel, tomaat, bloemkool).

Zijn er nog vragen?

Spreekbeurt over eten

 

Eten en voedsel

Ik ga vandaag iets vertellen over ons eten en wat daarmee gebeurt in ons lijf. In ons leven eten we zoveel als 7 olifanten bij elkaar wegen. Dat is niet zo’n beetje. Zie je ze al op je bord liggen. Die massa? Bij elkaar is dat wel 30.000 kilo!!!
Ik ga je nu vertellen wat er met dat eten gebeurt.
Een gedeelte poep je uit.
Maar waar blijft dan de rest? Allerlei stofjes uit dat eten gebruikt je lichaam om er brandstof van te maken. Brandstof heb je nodig om te fietsen, te voetballen en ook om te groeien. Daarom willen pap en mam dat we goed eten want ons motortje moet blijven lopen. Kijk maar eens op de foto toen je klein was en nu. Wat een verschil hè. Als je niet goed eet word je zo slap als een vaatdoek. Ook krijg je het heel koud.
Een uurtje tv kijken kost ongeveer een boterham aan energie.
Niet al het eten dat we gebruiken kan het lichaam omzetten om te gebruiken.
Sommige voedingsstoffen zijn zelf erg slecht als je ze te veel eet. Mam zegt altijd niet te veel te snoepen want dat is niet goed voor de tanden. Maar je wordt er ook nog heel erg druk van en dik. En na veel snoep heb je geen zin meer in goed eten.
Soms zie je op de tv kinderen met hele dikke buikjes. Die kindjes eten niet te veel maar deze kinderen eten veel te weinig en krijgen onvoldoende vitamine n.

Voedingsstoffen

We hebben elke dag eiwitten nodig om te groeien. Zetmeel en vet om te kunnen spelen en leren.
Dus moet je veel melk en kaas en veel groenten en brood en aardappelen eten. Ook moeten we veel fruit eten want daar zitten vitaminen en vezels in. Vezels kietelen je darmen waardoor die goed kunnen bewegen.
Al heel jong leerde je wat je lekker vind. Ieder mens vindt iets anders heel erg lekker. Ik vind spaghetti lekker om te eten. Maar er zijn mensen die kikkerbilletjes lekker eten vinden en anderen vinden sprinkhanen lekker en weer andere wormen of slakken. Denk maar aan Chinezen of Japanners.
Het eten dat we gebruiken gaat bij onze mond naar binnen. Soms vind je het eten zo lekker dat het water je in de mond loopt. Watertanden noemen we dat. Het speeksel in de mond is eigenlijk een glijmiddel om ons voedsel door te kunnen slikken.

Smaak

Op je tong zitten smaak papillen. Daarmee proef je of iets zout is of zoet of bitter of zuur. Aan deze smaken leer je al vanaf babytijd wennen. Soms zie je een baby alle eten uitproesten omdat hij de smaak niet kent.
Van de mond gaat het eten naar de slokdarm en daarna naar de maag. Het maagsap is erg zuur. En dat zuur zorgt ervoor dat ons eten verteerd wordt.
Daarna gaat het naar de darmen. We hebben 7 meter darm in ons lichaam. Dat is ongeveer 5 keer zoveel als ik lang ben. De darmen zorgen ervoor dat ons eten doorgeduwd wordt. In de darmen zitten bacteriën die zorgen dat ons voedsel verder verteerd wordt. Die bacteriën maken gas. En daarom laten wij 15 keer per dag windjes (prrrrr….).
In het eten zit ook vocht of water. Dat water wordt door de nieren naar je blaas gebracht en dan moet je plassen.
Na 1 dag heeft het voedsel de lange weg van de mond naar de endeldarm gebracht. Alle voedselresten moeten er dan uit dan moet je naar de wc. om te poepen.
In je hele leven zit je een half jaar lang op de wc.

Hier in Nederland hebben we fijne wc. Maar in frankrijk hebben ze wc waar je gehurkt boven moet hangen. Dan moet je wel heel goed kunnen mikken.
Heel vroeger waren er nog geen wc’s. Je moest toen op een emmer. Als die vol was ! dan moes t je die emmer leeg maken in de beerput. Dat was geen fijn werkje.
Soms kun je niet goed poepen. Of soms kun je te goed naar de wc. Dat noemen we diarree Dan moet je eigelijk een dagje beschuitjes eten. En slappe thee drinken.
Als je de wc doorspoelt dan gaat alles van de riolering naar de waterzuivering waar alle bacteriën kapot worden gemaakt en gaat alles naar de zee.

Spreekbeurt over brood

Spreekbeurt over Brood

Het onderwerp van mijn spreekbeurt is:

van graan tot brood…..

Ik heb voor dit onderwerp gekozen omdat ik erg benieuwd was hoe brood gemaakt wordt.

Ik eet het elke dag, soms bruin, soms wit, soms broodjes…..

Niet alleen in Nederland wordt veel brood gegeten, ook in andere landen.

Niet alleen brood wordt van graan gemaakt, maar ook bier.

Ik ga beginnen met het graan.

Brood wordt van graankorrels gemaakt.

Graankorrels zijn de zaden van planten. De steel van de plant, halm genoemd, wordt gebruikt als stro. Voor de paarden, konijnen, en vele andere dieren.

Dus alleen de korrels worden gebruikt voor het maken van brood.

voordoen met het graan ….met mijn handen het graan fijnwrijven, zodat de korrels eraf gaan.

——————————————————————————-

Er zijn veel verschillende soorten graan.

tarwe

tarwe wordt heel veel gebruikt om brood van te maken.In Nederland is het de belangrijkste graansoort, omdat het hier goed groeit.

rogge

van rogge wordt bruin brood gemaakt.

gerst

gerst wordt niet door mensen gegeten, maar door vee, zoals paarden en koeien en varkens.

en gerst wordt gebruikt om bier te maken.

haver

paarden zijn er dol op. het zit ook in muesli en havermoutpap

gierst

dit lust het vee ook.

mais

mais….ikzelf vind het leuk om tussen de hoge planten verstoppertje te spelen. Mais wordt in veel gerechten gebruikt, en je kan een gekookte maiskolf ook eten met een beetje zout erover.

rijst

komt niet in Nederland voor.Rijst heeft veel warmte, water en licht nodig.

—————————————————————————–

dwarsdoorsnede van een tarwekorrel. tekening op bord!

vertellen over de woorden die je erbij hebt gezet.

om elke tarwekorrel zit een vliesje. Dat is een dun velletje. Ze worden zemelen genoemd.Je kunt ze er goed afpellen met je nagels.

Aan het uiteinde van iedere zemel zit een baard. Dat is een borstelig uitstekseltje. Onder de zemel ziet de kiem en de meelkern.

Als je een korrel zaait, dan groeit eruit de kiem een nieuw plantje.

In de kiem zitten belangrijke voedingsstoffen voor de mens, zoals vitamines, vetten, eiwitten.

In de meelkern zitten meer voedingsstoffen voor het nieuwe plantje.

In Nederland groeit tarwe heel goed omdat de zomers koel zijn en de winters niet te koud.

We kennen wintertarwe en zomertarwe.

Wintertarwe wordt in de herfst gezaaid. Voor de winter komt zie je dan al kleine groene plantjes…Die plantjes groeien pas weer verder in het voorjaar. In de zomermaanden zijn de korrels goed.

Zomertarwe wordt in het voorjaar gezaaid, en dezelfde zomer nog geoogst!

—————————————————————————-

Het zaaien….verzorgen…..en oogsten

Voordat de boer de zaden in de groen gaat doen, moet de grond eerst worden omgeploegd. Dat gebeurt met een tractor en een ploeg. Zo wordt de groen lekker luchtig, het regenwater kan er snel inzakken.

Na het ploegen wordt de grond mooi gelijk gemaakt. Dat doet de boer met een eg.

Dan wordt achter de tractor een rijenzaaimachine vastgemaakt. Die strooit de zaden in rechte rijen in de grond. Na het zaaien gooit de boer mest op het land. Daar groeien de plantjes goed van, want na ongeveer drie weken komen de eerste plantjes al tevoorschijn.

Als de plantjes uitgegroeid zijn, dan gaat de boer dorsen. Hiervoor gebruikt hij een combine. Dat is een machine die maait en dorst tegelijk. Maaien is de plantjes van de groen los maken en dorsen is de rijpe korrels uit de aren slaan. plaatje laten zien van een combine

——————————————————————————-

het bakken van brood

Het meeste brood dat wij eten is van tarwekorrels gemaakt.

Bakkers gebruiken graag tarwe omdat er veel gluten inzitten. Gluten zijn eiwitten, en die zorgen ervoor dat het deeg elastisch wordt. Daardoor kan het deeg beter rijzen. Sommige mensen zijn allergisch voor gluten. Voor hen is er brood zonder gluten.

De graankorrels worden na de oogst door de molenaar of in een grote meelfabriek tot meel gemalen.

De molenaar maalt de graankorrels met hulp van de wind fijn tussen twee zware ronddraaiende molenstenen.

In de meelfabriek gebruiken ze machines, dat zijn stalen walsen met ribbels. Hoe minder je van de graankorrels gebruikt, hoe lichter het meel. Het lichtste is wit meel/bloem. Daar zitten dus de minste voedingsstoffen in.

Om brood te bakken heb je nodig:meel….zout….water……gist.

Dit alles moet goed gekneed worden.Daar zijn machines voor.

Daarna maakt een andere machine bollen van het deeg. Die bollen gaan in de bollenkast. Het is daar lekker warm, en het deeg kan gaan rijzen.Na de bolllenkast komt het deeg in een machine die het brood een mooie vorm geeft.De bakker legt het deeg daarna in de bakvorm. De vormen gaan nog even de rijskast in en daarna wordt het brood gebakken.

————————————————————————–

Verschillende soorten brood

In Nederland kennen we wel 7 soorten brood.

1. witbrood.

Witbrood wordt gebakken van tarwebloem. Dit is het middelste gedeelte van de tarwekorrel.

2. bruinbrood

Bruinbrood wordt gebakken van tarwemeel.

Dit meel heeft meer vitamines dan bloem, omdat er meer van de korrel is gebruikt.

3. volkorenbrood

Volkorenbrood wordt gebakken van volkorenmeel.

De hele tarwekorrel wordt gebruikt. Dit brood heeft nog meer vitamines dan bruinbrood.

4. buitenlands brood

Door de buitenlanders die in Nederland zijn komen wonen en door onze vakantiereizen kennen we veel buitenlands brood, croissants,

stokbrood uit Frankrijk………de platte Turkse broden uit Turkije……. ciabatta uit Italië…….shoarmabrood

5. kleinbrood

Zo noemen we de kleine luxe broodjes tot 100 gram. foto

6. feestbrood

Dit brood wordt gebakken bij speciale gelegenheden zoals kerst….kerstbrood, pasen…paasbrood

7. meergranenbrood

Meergranenbrood is gebakken van meerder soorten brood.

Ik heb voor jullie stukjes buitenlands brood meegenomen, natuurlijk in Nederland gebakken.

Proeven maar………………………………………………

Greenpeace Spreekbeurt

Greenpeace

Greenpeace is ontstaan in 1972.
Greenpeace betekent groene vrede, green voor groen en peace voor vrede.
Greenpeace zorgt voor een schoon milieu.

De allereerste actie

Op veel plekken op aarde leven mensen in oorlog.
Sommige landen hebben zelfs atoombommen.
Sinds in 1945 zulke bommen 2 Japanse steden hebben verwoest, weten ze hoe verschrikkelijk de gevolgen van atoombommen kunnen zijn.
Die bommen moeten wel eerst worden uitgeprobeerd.
Dat doen ze door ze te laten ontploffen op afgelegen onbewoonde eilandjes.
De planten en dieren en ook het water hebben daaronder te lijden.
In 1997 maakt een groepje Canadese en Amerikanen ziek ongerust, over de Amerikaanse atoombomproeven op het eilandje Amahitka bij Olaka
Ze huurde een vissers bootje en gingen naar Amerika om te protesteren.
Hun tocht was overal op de wereld te zien op de televisie.
Die allereerste actie was een geweldloze actie voor het milieu en tegen oorlog.

Actievoeren

De actievoerders hielden het niet bij deze actie: ze richten Greenpeace op.
Ze spraken af nooit geweld te gebruiken bij deze acties die zij voerden.
Ze wilden proberen zo dicht mogelijk in de buurt te kopen van de plaats waar het milieu in gevaar is.
En zo waagde Greenpeace actievoerders zich vlak bij de grote en gevaarlijke dingen waar het milieu in gevaar zat.
Zoals bij jongen zeehondjes of bij het walvisjachten.
Maar ook bij het lozen van de troep die fabrieken achterlaten.

Altijd zorgt Greenpeace ervoor dat fotografen en filmcamera’s de acties volgden.
En dat is ook zo gebleven.
Wat Greenpeace wil is zoveel mogelijk mensen laten zien wat er allemaal wel niet met het milieu gebeurt.
Niet iedereen kan nu eenmaal zelf naar de Zuidpool gaan of met een zeilschip naar de stille oceaan varen.
Soms duurt dit jaren voordat de acties voltooit zijn.
En soms lukt het helemaal niet.
Één van de grootste successen uit de Greenpeace wereld kwam uit 1991.
Een heleboel landen besloten dat ze de eerste vijftig jaar niet zouden zoeken naar olie, gas en andere delfstoffen op Antarctica
Greenpeace heeft jaren lang hun best gedaan om Antartica het laatste werelddeel waar het milieu nog niet vervuild was te gaan beschermen.

Vergaderen

De acties zijn het meest opvallende deel van het Greenpeace-werk.
Maar Greenpeace doet meer.
Overal ter wereld vergaderen ministers en andere belangrijke mensen van allerlei landen over ernstige problemen.
Soms maken ze regels om het milieu te beschermen.
Greenpeace wordt dan uitgenodigd om hierover mee te praten.
Ook bezoeken mensen van Greenpeace wel eens een minister om te vertellen wat wij vinden. We proberen hem of haar te overtuigen van onze ideeën.
We hopen dan dat zij dat ook goed vinden.
Want om milieu problemen op te lossen moet de regering beslissingen nemen.
Voor Greenpeace is het dus belangrijk dat de mensen van de regeringen zich ook zorgen maken over het milieu.

Greenpeace schip:The Rainbow Warrior

The Rainbow Warrior

De schepen van Greenpeace

Schepen zijn voor Greenpeace erg belangrijk.
We hebben de ze nodig, omdat we op sommige plaatsen moeilijk kunnen komen en door de schepen word het een stuk handiger.
Zoals bij de Japanse walvisjagers in de wateren van het zuidpoolgebied, bij Moruroa in de Stille Oceaan, bij het olieplatform Brent Spar in de Noordzee of bij de illegale vissers in de Atlantische Oceaan.
Natuurlijk kan er niet 1 schip op verschillende plaatsen tegelijk zijn, daarom hebben wij verschillende schepen.

Artic sunrise
Argus
Beluga
Esperanza
Rainbow Warrior
Rubberboten

Ook zijn er schepen die rustiger aan mogen doen( dus minder worden gebruikt) of schepen die zijn verkocht omdat hun taak erop zat.
Dat zijn deze:
Gondwana, MV Greenpeace, Sirius, Solo, Vega, Moby Dick.

Giftige stoffen

Huishoudelijk afval

Het afval dat jullie thuis in de vuilnisemmer gooien, noemen we huishoudelijk afval.
Veel Nederlanders scheiden hun huishoudelijk afval: het GFT-afval (groente-, fruit- en tuinafval) gaat in de groene bak en de rest gaat in de grijze.
Van het GFT-afval wordt compost gemaakt, dat we gebruiken in tuinen en plantsoenen.
Het ‘restafval’ is een heel ander verhaal: dat wordt naar grote, speciale ovens gebracht om het te verbranden.
Dat lijkt een goede oplossing.
Je hoeft immers minder rommel op een vuilnisbelt te storten.
Maar in de rook die de ovens uitstoten bij de verbranding, zitten giftige stoffen.
Nou hebben die ovens wel speciale filters, die deze stoffen tegenhouden, zodat er minder viezigheid in de lucht terechtkomt.
Maar die giftige filters moeten ook weer ergens worden opgeborgen of verbrand.
Dus eigenlijk ook niet de beste oplossing.

Industrieel afval

Speelgoed, computers of vloerbedekking: in fabrieken over de hele wereld worden allerlei producten gemaakt.
Daar blijft natuurlijk ook veel afval over, industrieel afval noemen we dat.
Als in dat afval veel giftige stoffen zitten, is het ‘gevaarlijk afval’.
Net zoals wij allemaal betalen voor de vuilnisophaaldienst, kost het bedrijven ook geld om van hun afval af te komen.
Zeker in rijkere landen kan dat aardig duur zijn.
Dat komt omdat we hier strengere milieuregels hebben dan in veel armere landen.
In Nederland geldt: hoe viezer je afval, hoe meer je moet betalen voor het opruimen daarvan. Logisch toch?
Maar sommige bedrijven wilden zo weinig mogelijk geld uitgeven aan hun afval.
Jarenlang ‘verkochten’ ze hun rommel aan armere landen.
Dat was altijd nog goedkoper dan het hier verbranden, storten of er nieuwe dingen van maken. En de armere landen konden het geld natuurlijk goed gebruiken.
Die landen werden dan misschien een beetje rijker, ondertussen vervuilden lekkende vaten en huizenhoge vuilnisbelten wel hun bodem, hun lucht en hun water.

Wat wil Greenpeace?

Gevaarlijke stoffen komen dus vaak als een boemerang weer bij ons terug.
Is daar nou niets tegen te doen? Gelukkig wel! Greenpeace vindt dat we de oorzaak van het probleem moeten aanpakken: het is beter om bij het maken van producten geen giftige stoffen te gebruiken.
En in de producten zelf horen ze ook niet thuis.
Bovendien is het helemaal niet nodig: er bestaan vaak ook schonere stoffen.
Verder wil Greenpeace dat fabrieken toegeven dat de vervuiling hun verantwoordelijkheid is. Ze moeten net als iedereen hun eigen troep opruimen.
Ook vinden ze dat het vieze en gevaarlijke slopen van schepen moet stoppen.
Maar ook dat nieuwe schepen moeten worden gebouwd zonder giftige stoffen en dat de gevaarlijke materialen op schepen die nu nog rondvaren en om de paar jaar worden opgeknapt, vervangen worden door schone.

Schone energie

Wind, zon en water
Bij ‘vuile energie’ lees je over hoe slecht het eigenlijk is om energie uit fossiele brandstoffen en uit kerncentrales te halen.
Dus wat moeten we dan als we liever geen stroom willen van kolen, olie, gas of kernenergie? Hoe moeten we dan aan onze energie komen?
Energie die schoon en veilig is en nooit op raakt?
Wat dacht je van energie uit zon en wind?!
Ook water en ‘schone biomassa’ zijn schoon.
Deze energiebronnen leveren elektriciteit zonder broeikasgas, zonder lastig afval, en zijn altijd voorhanden.

Windenergie uit je stopcontact

Al eeuwen lang gebruikt de mens wind als bron van energie.
Om zeilschepen met vracht over de hele wereld te laten varen.
En om molens te laten draaien en daarmee graan te malen of drinkwater te pompen.
Vanaf de Industriële Revolutie in de 19e eeuw kwamen er steeds meer machines en fabrieken. Kolen en gas werden steeds belangrijker om elektriciteit daarvoor te leveren.
Wind werd een beetje vergeten.
De laatste jaren verandert dat.
Want de wind is ook energie en kan dus ook elektriciteit maken: door windmolens.
Moderne windmolens lijken niet echt op de molens van vroeger.
Ze zijn gemaakt van staal en zijn veel langer en slanker met twee of drie lange dunne wieken. Die wieken heten rotorbladen.
Een rotorblad kan wel 50 meter lang zijn!

Een molen in je achtertuin

Omdat het onhandig is om in elke tuin een windmolen neer te zetten, staan ze vaak bij elkaar. Het beste kunnen windmolens in windmolenparken bij elkaar worden gezet.
De elektriciteit van al die molens samen wordt dan verzameld in een soort elektriciteitscentrale.
Die stuurt de stroom dan door de kabels van het elektriciteitsnet naar de stopcontacten in jullie huis en bij jullie op school.
Veel windmolens in Nederland staan op het land, en daar kunnen nog best wat bij.
Maar op de Noordzee is nog meer plek en daar staan de molens niemand in de weg.
En niet te vergeten: op zee waait het bijna altijd en ook nog veel harder!
Windmolens die bij elkaar op zee staan noemen we ook wel offshore windmolenparken – offshore betekent letterlijk ‘van de kust af’.
Een windmolenpark op zee met 1.000 grote windmolens kan genoeg energie maken voor de helft van alle huizen in Nederland.

Wat wil Greenpeace?

Om minder kooldioxide uit te stoten en daardoor klimaatverandering tegen te gaan, hebben heel veel landen in Kyoto (ligt in Japan) in 1997 afspraken gemaakt.
Al die afspraken samen noemen we het Verdrag van Kyoto.
In 2000 hebben de landen onderhandeld hoe ze deze afspraken moeten uitvoeren.
Vanaf 2008 moeten deze landen, ook Nederland, minder kooldioxide uitstoten.
Zo?n verdrag is natuurlijk wel belangrijk, maar Greenpeace wil eigenlijk veel liever dat we stoppen olie, kolen en gas te verbranden voor onze elektriciteit en dat kerncentrales hun deuren sluiten.
Daarom voeren we vaak actie tegen kerncentrales en fabrieken die kooldioxide en andere schadelijke broeikasgassen uitstoten.
Ook vindt Greenpeace dat er een einde moet komen aan atoomproeven en schepen die atoombommen of plutonium aan boord hebben.
Je moet er niet aan denken wat er gebeurt als twee onderzeeërs met atoombommen aan boord tegen elkaar botsen.
Greenpeace probeert ook regeringen en elektriciteitsbedrijven overtuigen dat ze hun geld en tijd moeten steken in schone energie in plaats van in vuile energie.
Dit kan door windmolenparken in zee te plaatsen.
En door meer zonnepanelen te maken, zodat de prijs per paneel flink omlaag kan.
Dan kan iedereen zijn eigen zonnepanelen kopen.
Het is ook belangrijk dat de regering zonnepanelen gaat verplichten bij het bouwen van nieuwe huizen.

Vuile energie

Een warme deken

Om de aarde zit een laag lucht, die we de atmosfeer of dampkring noemen.
De atmosfeer ligt als een deken om de aardbol en zorgt ervoor dat de temperaturen op aarde precies geschikt zijn voor mensen en al de verschillende soorten planten en dieren.
Sommige soorten passen goed in een koud klimaat, bijvoorbeeld ijsberen.
Andere passen goed in een warm klimaat, zoals palmbomen.
De atmosfeer werkt ongeveer als een broeikas in de tuinbouw, waarin groenten, fruit en bloemen groeien.
Omdat de warmte onder het dak van de broeikas blijft, kunnen de planten in de kas goed groeien.
Op aarde werkt het zo: de stralen en de warmte van de zon worden door de aarde teruggekaatst en de atmosfeer houdt een groot deel van die warmte vast.
Net als een broeikas.
Vandaar dat we spreken van het broeikaseffect.
In de atmosfeer zitten allerlei stoffen die warmte kunnen vasthouden en kunnen doorlaten. Belangrijke stoffen, dus!
Ze zorgen ervoor dat er geen al te rare dingen gebeuren met de temperatuur op aarde, zodat de broeikas waarin we met z?n allen wonen, mooi gelijkmatig blijft.
Niet dat het dan overal altijd precies even warm is, maar wel dat het elke lente ongeveer even warm is als de vorige lente.
Natuurlijk heb je wel eens een heel strenge winter of een snikhete zomer, maar meestal blijft het klimaat ongeveer hetzelfde.
Prachtig geregeld dus, in de natuur!

Kernenergie: dé oplossing?

Geen olie, kolen en gas dus.
Maar wat dan wel? Lange tijd leek kernenergie de schone en goedkope oplossing.
In elk land een paar kerncentrales en we zouden nooit meer olie, gas, kolen (en ook hout) nodig hebben.
Maar kernenergie blijkt helemaal niet zo goedkoop en schoon te zijn als we vroeger dachten. En vooral: kernenergie heeft erg lastig afval.

Dit was mijn spreekbeurt over Greenpeace. Meer informatie kun je vinden op de website van Greenpeace

Politie spreekbeurt

Politie spreekbeurt

 

Wat doet de politie?

De politie zorgt niet alleen voor rust, veiligheid en orde, maar ook in andere gevallen helpen zij. Daarom houd ik een Politie Spreekbeurt! Veel mensen denken dat politie alleen is om misdadigers op te sporen, om het verkeer te regelen of om bekeuringen uit te delen. De politie doet veel meer. Als mensen hulp nodig hebben, kunnen ze altijd de politie bellen. De politiemensen doen dan beslist moeite om te helpen.

Samenwerking

Ook de politie kan niet alles alleen en in een aantal gevallen heeft de politie hulp nodig om een probleem te verhelpen. Denk maar aan een aanrijding . Als er gewonden zijn, werkt de politie samen met ambulancediensten en artsen. In andere gevallen weer met de brandweer. Zo heeft de politie hulp nodig van anderen.

De verkeerspolitie

In het politiebureau zijn dag en nacht agenten. Maar op straat ook. Iedere politieagent heeft zijn eigen werk. Er zijn politiemensen die zich alleen met het verkeer bemoeien. Dat is de verkeerspolitie. Agenten die bij de verkeerspolitie werken dragen meestal een witte uniformjas. De verkeerspolitie regelt het verkeer. `S morgens gaan veel mensen op dezelfde tijd naar hun werk. En veel kinderen gaan op dezelfde tijd naar school. Dan wordt het erg druk op de wegen. Vooral dan is er veel werk voor de verkeerspolitie. Erg veel auto` s, bromfietsers en fietsen moeten dan vaak over de zelfde wegen naar huis. De politie staat dan op kruispunten om het verkeer te regelen. De verkeerspolitie doet nog veel meer dan naar ongelukken toe gaan. De verkeerspolitie rijdt ook met een auto of motorfiets door de straten. Zo wordt op gelet, of mensen goed rijden of lopen.

De kinderpolitie

Er zijn ook vrouwen en mannen die bij de kinderpolitie werken. Wanneer  komen kinderen bij de kinderpolitie? Natuurlijk niet als ze gewoon ondeugend of vervelend geweest zijn. De kinderpolitie wordt er wel bij gehaald als kinderen uit winkels stelen. Er zijn ook kinderen die in scholen, huizen of fabrieken inbreken. Of die ruiten ingooien en struiken, bomen en planten in parken vernielen. Jongens en meisjes die zulke dingen doen kunnen bij de kinderpolitie terecht komen.

Mobiele eenheid

Soms moet een politievrouw of politieman voor de mobiele eenheid werken. Dan herken je ze aan een blauwe overall, hoge zwarte laarzen, een helm, een lange wapenstok en een schild. Bij voetbalwedstrijden moeten ze meestal alles in de gaten houden. In het stadion, maar ook daarbuiten. Soms moet een ME- peloton in een bos, duinen of een weiland voor de recherche naar sporen of een vermist kind zoeken. Dan hebben ze de helm en het schild niet bij zich.

Wat doet de politie te water?

Eigenlijk het zelfde als de politie op het land. Omdat er ook veel schepen varen, zijn er voor het water ook verkeersregels gemaakt. Die regels staan in het vaarreglement. De politie moet opletten of de schippers zich aan die regels houden. Als er een aanvaring geweest is komt de politie te water en zoekt uit wie de schuldige is. De schipper die de schuld heeft vaart wel eens door. Dan gaan ze er snel achter aan. Een politieschip heeft ook een marifoon. Dat is een apparaat waardoor  met schippers gepraat kan worden. De politie te water vaart niet alleen met speedboten. Verder hebben ze nog roeiboten, jollen,  sloepen en rubberboten. Dat zijn allemaal kleine bootjes. Die worden gebruikt in ondiep water.

Politie honden

Er zijn ook honden die bij de politie werken. Die honden zijn speciaal getraind om bijvoorbeeld drugs op te sporen. De honden wonen gewoon bij politiemensen thuis. En krijgen 1 keer in de week een training.

Bereden politie

In  grote  steden is bereden politie. De paarden zijn speciaal voor de politie afgericht. Ze mogen bijvoorbeeld niet snel schrikken. Ze moeten rustig langs mensen lopen. Want de paarden worden vooral gebruikt als het erg druk is op straat. Bereden politie zie  je vaak `s zomers op de grote, drukke stranden. De politie gebruikt dan paarden en geen auto` s . Dit wordt gedaan omdat ze  te paard alles beter kunnen zien. Op een paard kun je over de mensen heen kijken . Het is boven dien niet zo gemakkelijk om met een auto over het strand te rijden. Op een paard gaat dat veel beter.

Hoe kom je bij de politie?

Om een politieman of -vrouw  te zijn, moet je een heleboel doen en kunnen. Eerst moet je een diploma van MAVO of VBO halen. Voor agent zelfs op C -niveau. Om inspecteur of inspectrice te worden, moet je een diploma van het VWO hebben. Verder moet je minstens 17 of 18 jaar zijn. In de selectie kijken ze  onder andere of je slim bent, goed kunt leren, eerlijk  bent, niet snel boos wordt, niet te verlegen bent, een goede conditie hebt en gezond bent. Als alles goed genoeg is, stuurt het regiokorps je naar de politieschool. Daar leer bijvoorbeeld alle wetten, hoe je met mensen moet omgaan en wat je wel en niet mag doen. Ook krijg je sportlessen. En niet alleen om goede conditie te krijgen of te houden. Je leert ook jezelf te verdedigen en om de wapenstok en handboeien te gebruiken. Voor de meeste functies leer je ook met een pistool om te gaan. Hoe  moet je schieten, maar vooral wanneer mag of moet je schieten en wanneer niet. Hoe lang de opleiding duurt, ligt aan de functies die je gaat uitvoeren. Dat kan 6 maanden zijn of 16 maanden, maar ook 4 jaar

Dit was mijn politie spreekbeurt! ! !

meer informatie kun je vinden op de website van de politie

Ook hier kun je allemaal infomatie downloaden over de politie

Aardbeien spreekbeurt

 

Spreekbeurt over aardbeien

Mijn spreekbeurt gaat over aardbeien.
Vorig jaar zijn de planten gestekt op het trayveld.
In de winter gaan de aardbeien planten in de koelcel en in het voorjaar worden ze geplant.
Je hebt veel manieren om aardbeien te laten groeien.
Bijvoorbeeld: op stelling, op de grond, hangend in bakken, hangend in zakjes en in emmers boven de grond.
 In de zakjes zit al potgrond.
Maar in de bakken doet het personeel potgrond erin.
De plantjes worden groter en groter.
Dan komen er bloemetjes aan. Elk bloemetje word een aardbei.
De aardbei is eerst groen. Door het licht en de zon word de aardbei rood.
Eind mei verkopen wij de aardbeien in ons winkeltje en de rest gaat naar de veiling.
die voor ons de aardbeien aan andere winkels verkopen.

Aardbeien plukken

Als we plukken sorteren we de aardbei meteen.
je hebt 2 klasse.
klasse 1 is het mooist en het grootst.
klasse 2 is misvormt en klein maar is evenlekker.
Als buiten de zon schijnt, kan het in de kas wel 25 graden zijn en dan is het buiten ongeveer 14 graden.
Een stelling is: palen in de grond een goot erover heen leggen en dan kunnen er zakken of bakken er worden ingelegt.
Als de aardbei er hangt komen er ook weer ranken aan, die zou je kunnen stekken en dan heb je weer een plantje voor volgend jaar.
Maar als we aan het plukken zijn knippen we de ranken met een soort tangetje eraf. Anders worden de aardbeien niet zo groot.
De eerste kasaardbeien zijn niet altijd zo lekker behalve als er veel zon op schijnt want dan worden aardbeien zoet.(midden in de zomer zijn aardbeien het lekkerst)
De tunnel is : als jullie denken dat je er aan de ene kant in gat en de andere kant eruit.
Nou dan heb je het mis.
Het is een soort kas, maar dan gemaakt van plastic
Er zit een deur in.
En de bovenkant is gegolft.
dit was mijn spreekbeurt.
(toen ik deze spreekbeurt hield had ik voor de hele klas aardbeien meegenomen omdat bij ons thuis telen ze aardbeien)

Privacy en cookies

    • Externe informatieleveranciers, waaronder Google, maken gebruik van cookies om advertenties weer te geven op basis van de eerdere bezoeken van gebruikers aan deze website.
    • Met de DART-cookie kunnen Google en zijn partners advertenties weergeven op basis van bezoek aan deze sites en/of andere sites op internet.
    • Gebruikers kunnen zich afmelden voor het gebruik van de DART-cookie door naar de afmeldingspagina voor advertenties te gaan.

Aardwetenschappen

Aardwetenschappen

Aardwetenschap is een verzamelnaam voor alle wetenschapsgebieden die zich bezighouden met alle dingen die er gebeuren met de aarde. Dit is heel belangrijk voor ons, want als we de aarde goed bestuderen kunnen we veel over onze planeet te weten komen. Als je aardwetenschap gaat studeren, leer je hoe de aarde ‘werkt’. Je leert dingen over de gebergte, gesteente, fossielen, mineralen, ijskappen, oceanen, rivieren, aardbevingen en vulkanen. Aardwetenschappen is een verzamelnaam van; geologie, fysische geografie, geo-milieuwetenschappen en geoarcheologie. Als je besluit om aardwetenschapper te worden kun je in de aardwetenschappen heel veel richtingen kiezen, net wat jou leuk lijkt.[ad#inline blok Google 300×250]

Geoloog

Een geoloog is een wetenschapper die zich dus bezig houdt met de aarde, vandaar dus aardwetenschap.  Diegene onderzoekt alles wat er gebeurt en heeft gebeurt met de aarde.

Opleiding Geoloog

Als je het geweldig lijkt om aardwetenschappen te gaan studeren naar de middelbare school, moet je je vwo diploma hebben gehaald. Je moet in je vakkenpakket ook 5 vakken hebben voor de verschillende richtingen. Dat zijn de vakken; Aardrijkskunde, Biologie, Natuurkunde, Scheikunde en Wiskunde. Je kan aan verschillende universiteiten deze opleiding volgen, maar het gaat om welke school je het meest aanspreekt met z’n opleiding. De scholen zijn; Universiteit Utrecht, Universiteit van Amsterdam, Vrije Universiteit Amsterdam, Wageningen Universiteit en Technische Universiteit Delft.

Als je een opleiding aardwetenschappen gaat volgen begin je met een bachelor opleiding, je gaat dingen verkennen met de computer. Gaat in de grond onderzoeken en bekijkt sattelietbeelden. Tijdens je opleiding aardwetenschappen ga je bij heel veel bedrijven kijken en ga je nadenken over je toekomst. Wat wil je nou gaan doen in het tweede jaar? Ga je naar een bedrijf, of wil je juist de zee verkennen. Of lijkt je de atmosfeer leuk? Of wil je juist diep de grond in?

Als je dan aan je Master opleiding begint, ga je echt werken met waar jij je in het gespecialiseerd hebt. Bijvoorbeeld een geoloog bij olie- en gaswinningsbedrijven.

Spreekbeurt over Martin Luther King

Martin Luther King

Martin Luther King

De jeugd van Martin Luther King

Martin Luther King werd op 15 januari 1929 geboren in Atlanta, Georgia in de Verenigde Staten. Eigenlijk heette hij eerst Michael King. Dit werd later veranderd in Martin Luther King jr. Hij groeide op in een gelovig gezin, zijn vader was dominee en zijn moeder lerares. Hij had een oudere zus en een jongere broer. Ze hadden het niet slecht thuis. De kinderen konden naar school en hoefden niet te werken.

Martin Luther besefte al vroeg dat hij anders werd behandeld omdat hij een zwarte huidskleur had. Dat kwam omdat er in die tijd een rassenscheiding was in Amerika. Dat was dat als je zwart was andere regels had dan dat je wit was. In de bus had je bijvoorbeeld zitplaatsen voor blanke en voor zwarte mensen. Toen Martin 6 jaar was wilde hij met 2 jongetjes spelen die hij aardig vond. Maar helaas mocht dat niet van hun ouders omdat de jongentjes wit waren. De vader van Martin Luther vond dit vreselijk en kon er niet tegen. Hij vond dat je zwarte mensen niet als slaaf of als een ander persoon mocht behandelen. Zo werd Martin Luther thuis ook opgevoed.

Toen Martin Luther samen met zijn vader schoenen wilde gaan kopen moesten ze in een aparte ruimte voor zwarten gaan zitten. Zijn vader wou dat niet. Hij pakte Martin bij de hand en ging weg zonder schoenen te kopen. Dat is Martin nooit vergeten.

Een andere gebeurtenis die veel indruk op Martin Luther heeft gemaakt, was toen hij samen met zijn lerares met de bus ging. Toen stapten er witte passagiers in. Martin en zijn lerares moesten van de buschauffeur hun plaats aan de mensen geven. Martin Luther wilde eigenlijk niet opstaan, maar zijn lerares zei dat de wet dit voorschreef. Ze stonden op en moesten de hele weg naar huis, ongeveer 200 km, staan. Martin Luther was zo kwaad dat hij die dag nooit zou vergeten.

Voordat Martin naar het college ging, verdiende hij geld in het Connecticut op een tabaksplantage. Hij was verbaasd dat je in het Connecticut overal kon gaan en staan, zelfs als zwarte. Toen hij 15 jaar was ging hij sociologie studeren in het Morehouse College. Dat was een goeie school voor hem. De leerlingen moesten gaan denken om een oplossing te zoeken voor het rassenprobleem. Toen hij op het Morehouse zat kwam hij erachter dat hij dominee wou worden. Hij wilde de mensen laten zien hoe oneerlijk racisme en discriminatie is.

In 1948 ging hij theologie studeren aan het instituut Crozer. Hier hoorde hij over het geweldloosheididee van Ghandi. Dat maakte een grote indruk op hem. Dat idee heeft hij zelf ook gebruikt. Je gaat niet vechten om je zin te krijgen, maar je doet aan acties zonder geweld. Na het Crozer Instituut ging hij in 1951 nog verder studeren in Boston om dan dominee te kunnen worden. Als dominee wilde hij de mensen net als Ghandi tot geweldloos verzet laten komen.

[ad#inline blok Google 300×250]In 1953 trouwde Martin Luther King met Coretta Scott. Ze kregen 4 kinderen. In 1954 werd Martin Luther King dominee bij de kerk van de Baptisten in Montgomery. Er was daar veel rassenhaat en Martin Luther vond dat hij juist daar voor de zwarte bevolking op moest komen.

De strijd tegen racisme en discriminatie

Als dominee probeerde Martin de zwarten samen te voegen. Hij had geen hekel aan blanke mensen, volgens hem waren er genoeg blanken die net zoals hem gelijkheid wilden.

Op 1 december 1955 gebeurde er in Montegomery iets wat voor grote verandering zou zorgen. De zwarte vrouw Rosa Parks, wou niet haar plaats aan een blanke te geven, want ze was moe. Toen werd de politie erbij gehaald en mevrouw Parks werd gearresteerd en in de gevangenis gegooid. Ze kreeg een boete van 100 dollar. De zwarte bevolking van Montegomery was nu echt boos. Ze wilden een actie organiseren. Maar wisten niet precies hoe. Onder leiding van Martin besloten ze om niet meer met de bus te rijden. Op 5 december 1955 werd Martin Luther King verkozen tot hoofd van de nieuwe protestgroep “MIA” (Montegomery Improvement Association ~ een vereniging om de stad Montengomery te verbeteren).

Op maandag 5 december reden er bijna geen zwarten meer mee in de bus. Ze gingen lopen, met de taxi, of reden met elkaar mee. De actie was een succes. De busmaatschappijen waren boos, ze kregen niet genoeg geld meer. Boze blanken gingen naar de zwarte woonwijken en maakten daar ruzie. De politie deed niks. Martin Luther King klaagde hierover. Hij werd verschillende keren opgesloten en bedreigd. De actie werd volgehouden en met succes. In 1956 werd de wet veranderd en rassenscheiding in de bussen werd verboden!

In 1959 ging de familie King voor een maand naar India. Martin Luther wilde zelf zien wat voor resultaat de acties van Ghandi hadden gehad en hoe hij die kon gebruiken in Amerika.

De acties die hij organiseerde haalden meestal de krantenkoppen. Mensen gingen beseffen wat rassenscheiding eigenlijk was. Hij en andere actievoerders kwamen vaak in problemen met de politie. Ze werden gearresteerd, geslagen en gevangen genomen. Het geweld van de politie en de aandacht van de journalisten zorgden ervoor dat steeds meer mensen zagen wat er aan de hand was. Zo zag de president van Amerika, Kennedy, een foto van een oude zwarte vrouw die werd aangevallen door een enorme politiehond. Hij vond dat vreselijk. Door al deze schokkende beelden werden de bestuurders in het land gedwongen de wetten te veranderen. De rassenscheiding minder te maken en bibliotheken en andere openbare gebouwen werden aangeschaft.

Maar het was nog niet genoeg. Mensen wilden gelijkheid in burgerrechten. In de zomer van 1963 kwam een van de zwarte leiders, A.Philip Randolph met een fantastisch plan, een optocht bij Washington. Martin Luther vond het een prachtig idee. Op 28 augustus 1963 kwamen er 250.000 mensen van alle kanten Washington binnen: mannen, vrouwen, zwarten en zelfs meer dan 60.000 blanken. Ze kwamen bij elkaar bij het monument van president Lincoln, de bevrijder van de slaven. De hele wereld zag de grootste bijeenkomst in de geschiedenis in vrede en rust verlopen. Miljoenen mensen konden via de televisie zien wat er gebeurde, en miljoenen hoorden de toespraak die Martin Luther hield. Hij vertelde over een droom die hij had. Een droom over de toekomst , waar alle mensen gelijk aan elkaar zouden zijn.

“… Ik heb een droom dat op een dag op de rode heuvels van Georgia de zonen van voormalige slaven en de zonen van voormalige slavenhouders tezamen zullen aanzitten aan de tafel van broederschap.

Ik heb een droom dat zelfs de staat Mississippi, een staat die wordt verstikt door onrecht en onderdrukking, zal veranderen in een oase van vrijheid en gerechtigheid.

Ik heb een droom dat op een dag mijn vier jonge kinderen zullen leven in een natie waar zij niet worden beoordeeld op de kleur van hun huid, maar naar de inhoud van hun karakter..I have a dream today!!!…

Veel mensen waren diep onder de indruk en begonnen na te denken over gelijkheid.

1963 was ook een jaar met veel geweld. Op 22 november werd John F. Kennedy de president van Amerika vermoord. Hij was één van de mensen die onder de indruk was geraakt van het werk van Martin Luther. Toen Martin Luther hoorde dat Kennedy vermoord was, zei hij tegen zijn vrouw “dit is wat ook met mij zal gebeuren. Het is zo, dit is een ziek land. En ik denk niet dat ik het zal overleven”.

Gelukkig was de opvolger van Kennedy, president Lyndon B. Johnson ook van plan te werken aan wat Martin wilde. Op 2 juli 1964 tekende deze president een wet die er voor moest zorgen dat de rassenscheiding in openbare gelegenheden tegen de wet was.

In 1964 kwam er weer een boek van Martin Luther King uit, “Why We Can’t Wait” (Waarom we niet kunnen wachten). Ook ging hij in dat jaar op bezoek bij Paus Paulus VI en de burgermeester van Berlijn, Willy Brandt. Op 10 december kreeg Martin Luther op 35 jarige leeftijd de Nobelprijs voor de vrede, die alleen aan mensen wordt gegeven die iets heel belangrijks voor de wereldvrede hebben gedaan.

Een andere belangrijke optocht die Martin Luther organiseerde vond plaats van Selma naar Montegomery. Hij wilde nog meer vrijheid en gelijkheid in de wet. Deze mars moest wel drie keer opnieuw beginnen, want elke keer werd de optocht gestopt en werden de actie voerders aangevallen door de politie. Tenslotte lukte het King toch met een optocht in Montegomery te komen. Op 6 augustus 1965 was het gelukt, de president ondertekende een wet die stemrecht voor iedereen gelijk maakte. Het rassenscheiding en discriminatie was verboden.

Ook waren er mensen die sneller resultaat wilden zien en dachten dat dit beter zou gaan met het gebruik van geweld. Maar King bleef doorgaan met geweldloze acties, ook al was de wet nu veranderd er waren nog steeds dingen die niet konden. Zwarten werden vaak bedreigd. Hij zorgde voor optochten tegen ‘de angst’. In 1966 werd hij bij een demonstratie met stenen bekogeld. Hij vond het gevoel van haat en de haat voor gelijkheid vreselijk. In de twee jaren die hierop volgden bleef hij strijden voor gelijkheid en geweldloosheid en tegen de armoede . Ook demonstreerde hij tegen de Vietnam oorlog die Amerika voerde.

Wat wou Martin Luther King bereiken ?

Martin Luther King wou gelijke burgerrechten van de mens. Hij was voor vrijheid en gelijke rechten voor blanken én zwarten. Zijn grote voorbeeld was Mhatma Ghandi uit India die ook tegen geweld was. De Indiërs kwamen onder leiding van Ghandi om zich tegen de Engelsen te verdedigen. Dat kwam omdat India vroeger een Britse Kolonie was. Toen moesten de Indiërs hard werken en de Engelsen maakten gebruik van dat werk. Ook Ghandi was tegen het gebruik van geweld. Martin Luther heeft meegewerkt aan de afschaffing van de apartheid in bussen (de busboycot) en openbare mogelijkheden zoals bioscoop ect. Door Martin Luthers goede toespraken wilden veel mensen actie voeren, zowel zwart als blank. Maar het waren toch voor het meest zwarte mensen die actie wilden voeren. Martin Luther King was dus tegen racistische discriminatie en voor geweldloosheid.

Strijd tot de dood

In de loop der jaren werd het steeds duidelijker dat Martin een probleem was voor de racisten in Amerika. In 1968 ging hij naar Memphis om daar vuilnismannen toe te spreken die aan het demonstreren waren voor betere werkomstandigheden. Hij zou maar een paar dagen blijven. De tweede dag van zijn verblijf 4 april 1968 werd hij op het balkon van zijn hotel neergeschoten door een blanke man, James Earl Ray. Hij stierf een uur na aankomst in het ziekenhuis. In vele steden braken rellen uit, terwijl Martin steeds geweldloosheid had nagestreefd. De moord zorgde ervoor dat hij nooit zou worden vergeten als strijder voor de rechten van de mens. Hij werd op 5 april 1968 begraven. Zijn lichaam werd naar het graf gebracht op een wagen getrokken door twee muilezels, als teken van de armoede waartegen Martin Luther vocht. Meer dan 150.000 mensen, zwart en blank, liepen met de wagen mee. Martin Luther werd maar 39 jaar.

Uit eerbied werd in 1986 door de Amerikaanse regering besloten de derde maandag van januari als nationale feestdag uit te roepen ter ere van Martin Luther King.

Wat voor soort volgelingen had Martin Luther King ?
De volgelingen van Martin Luther King waren (het meest) arme zwarte mensen. Ze zagen Martin Luther als een leider die voor hun rechten opkwam. Door Martin Luther z’n acties konden de mensen laten zien hoeveel woede ze hadden. De volgelingen hadden het ook heel slecht en hadden nauwelijks geld. Vaak was het zo dat vrouwen hun kinderen alleen opvoedden omdat hun man in de Vietnam-oorlog streed. Meestal hadden de vrouwen wel werk maar ze werden er erg slecht voor betaald. Ze waren dan ook vaak in dienst bij de blanken maar omdat zij hun als ‘minder’ zagen werden ze ook minder betaald. De volgelingen van Martin Luther waren dus vooral zwarte mensen die in slechte omstandigheden leefden. Ze woonden meestal ook in aparte wijken dus niet in een wijk waar het gemengd was, dus zwart en wit bij elkaar. Ook blanke mensen waren het eens met wat Martin Luther zei en sloten zich ook bij hem aan. Maar toch waren het voor het meest zwarte mensen als volgelingen van Martin Luther. Omdat zij blij waren dat er eindelijk iemand was die hetzelfde was als hun en hij zorgde voor beter leven voor die mensen. Al die mensen vertouwden echt op Martin Luther, hij was een grote steun voor hen.

Belangrijke data

15 januari 1929; Martin Luther King Jr. wordt geboren in Atlanta. 1948; Hij wordt predikant aan de Ebenezer Baptist Church. Op het Crozer Theological Seminary in Pennsylvania begint hij met het bestuderen van de geschriften van zijn voorbeeld Mahatma Ghandi. 1953; In Marion, Alabama trouwt hij met Coretta Scott. 1954; Martin Luther King wordt predikant in de Dexter Avenue Baptist Church is Montgomery, Alabama.

1955; Martin Luther King krijgt de titel doctor in de filosofie aan de universiteit Boston. 1 december 1955; Mrs. Rosa Park weigert om in de bus op staan voor een blank persoon. Zij wordt aangehouden. Als gevolg hiervan word er een busboycot georganiseerd die een jaar zal duren. 21 februari 1956; Martin Luther King word samen met enkele andere gearresteerd voor de busboycot. 1960; De eerste sit-in wordt in Greensboro, North Carolina door studenten gehouden in een snackbar. Zij protesteren tegen de apartheid. Sit-in is dat je gewoon ging zitten voor bijv. een regeringsgebouw of een plaats waar geen zwarten mochten komen.

28 augustus 1963; In Washington D.C. wordt de eerste grote protestmars gehouden. In de beroemde toespraak verteld Martin Luther King over zijn dromen. 1964; Martin Luther King wint de Nobelprijs voor de vrede. 7 maart 1965; Een groep demonstranten die op weg is naar Montgomery, Alabama word aangevallen door de politie. 1966; Tijdens rellen in Newark, New Jersey komen 23 mensen om het leven en vallen er 725 gewonden. Bij rellen in Detroit worden 43 mensen gedood en vallen er 324 gewonden. 4 april 1968; Een sluipschutter vermoordt Martin Luther King op het balkon van zijn hotelkamer in Memphis, Tennesse. Martin Luther King wordt slechts 39 jaar.

Werkstuk over de Zebra

Werkstuk over Zebra’s

Zebra’s zijn familie van de paarden en ezels.

Deze familie heet eenhoevige want dit is de enige familie op de wereld die één hoef aan de voet heeft.

Van deze familie is de Zebra het enige wilde dier nog.

Vroeger hebben ze wel eens geprobeerd om Zebra’s tam te maken zodat je ze net als een paard kon gebruiken.

Ze zijn erg vriendelijk maar als ze iets moeten, zijn ze erg agressief en eigenwijs.

Ook zijn de zebra’s kleiner en niet sterk genoeg om een kar te trekken of om op te rijden.

Zo komt het dat een Zebra nog steeds een wild dier is.

De zebra leeft in het wild in Afrika.

Het is een planteneter; hij eet vooral oud, hoog gras, maar soms ook blaadjes en struikjes.

Hij eet de hele dag door.

In de regentijd is er genoeg gras, maar als het erg droog is, moeten ze soms grote afstanden lopen om aan eten te komen.

De zebra drinkt 1 of 2 keer per dag, maar kan ook 2 dagen zonder drinken.

Wat vragen de mensen soms af?

Ze vragen heeft de zebra zwart met witte strepen/witte men zwarte strepen?

Ze weten het niet precies de ene zegt zwart met witte vanaf het begin.

En de andere nee wit men zwartte strepen.

Maar waarom zijn zebra’s dan gestreept?

Wetenschappers hebben verschillende gedachten voor dit verschijnsel bedacht.

Soms ontwikkelen dieren zich in een bepaalde leefomgeving en passen ze zich hieraan aan,maar trekken ze later naar een andere leefomgeving.

Meschien is dit met de zebra gebeurd. De vroege voorouders van paarden leefden in bossen en hadden waarschijnlijk strepen ter camouflage. Maar omdat alle drie de zebrasoorten hun strepen hebben gehouden,moeten ze een andere betekenis hebben die nog steeds die belangrijk is voor zebra’s.

De strepen vormen een (zelfde kledingstuk)

Dat zebragemeenschappen bij elkaar houdt.

Van jongs af aan leren zebra’s strepen in verband te brengen met hun vrienden,familie. Dit zorgt voor langdurige banden. Waardoor ze in groepen kunnen leven.

Zebrasoorten

Er zijn eer drie soorten

Bergzebra

Bergzebra’s zijn slanker dan de andere twee zebrasoorten.

Hun hoeven zijn smaller,voor het klimmen in de heuvels. Ze hebben een halkwab,

Een losse huidplooi die aan hun hals hangt. In het midden van hun lichaam zijn de

Witte strepen smal,waardoor de zwarte strepen veel breder lijk. Dit patroon verandert op hun kont, waar de witte strepen net zo breed zijn als de zwarte .

Hun buik is wit,terwijl hun neus donkern is.

Gewone zebra

De gewone zebra of steppenzebra is de soort die het meest in dierentuinen wordt gehouden. Door hun korte poten en ronde buik zien ze er vrij stevig uit. Op hun voorste helft zijn de strepen smal en liggen ze dicht bij elkaar en op hun achterste helft zijn ze breder en liggen ze verder uit elkaar. De strepen lopen over de buik door. De witte strepen hebben vaak een vage bruine streep in het midden,die op een schaduw lijkt.

Grevy-zebra

De grevy-zebra is de grootste van de drie soorten,met een gewicht tot 450 kilogram. Hun strepen zijn smal en liggen dicht bij elkaar. De buik en de basis van de staart zijn volledig wit. Grevy-zebra’s zijn gemakkelijk van andere soorten te onderscheiden omdat ze grote,ronde oren hebben zoals die van een muilezel.

De Quagga

De quagga is een ondersoort van de gewone zebra die aan het eind van de19de eeuw door jagers werd uitgegroeid. hij had minder strepen dan de gewone zebra en zijn strepen waren lichtbruin in plaats van zwart. Zijn staart was wit. De wetenschappers proberen om weer terug te fokken. De leden van de groep zoeken gewone zebra’s die het meest op quagga lijken en fokken dan met ze. De wetenschappers hopen dat de nakomelingen van deze gewone zebra’s in de loop van de tijd steeds meer op de quagga zullen lijken. Uiteindelijk hopen ze dat een veulen geboren zal worden dat precies op deze uitgestorven quagga lijkt.

Geboren

Het is tijd voor de zwangere vrouwtjes om hun jongen er uit laten komen. De merries gaan liggen om te bevallen, terwijl hun hengst in de buurt op de uitkijk staat voor roofdieren. Als het mannestje een vijand ziet,laat hij een luide alarmroep horen. verbazingwekkend genoeg kan een merrie met haar bevalling stopen en een veiliger moment afwachten om haar jong te krijgen. Na de geboorte schermt de moeder haar nieuwe veulen van de andere zebra’s af,zelfs van de oudere broers en zussen van de baby. In de eerste paar dagen van zijn  leven moet een babyzebra het patroon van zijn moeders strepen in zijn geheugen opnemen. Als hij in deze periode een andere zebra ziet,raakt hij meschien in de war en denkt hij dat de andere zebra zijn moeder is. dat zou niet leuk zijn voor het veulen omdat vrouwelijke zebra’s,anders dan vele andere dieren,niet voor de nakomelingen van een andere moeder zullen zorgen. Wanneer de moeder allen is met haar nieuwe veulen begint ze de natte vacht van haar baby te likken. Zijn chocoladebruine en witte vacht is donzig en zacht. De baby probeert op te staan. Maar zijn lange wankele zijn nog niet sterk. In het begin struikelt hij, maar binnen een uur staat hij op zijn vier poten zijn moeders warme melk te drinken. De baby leeft de eerste paar weken allen van melk. Daarna begint hij te grazen. Veulens blijven twee drie jaar lang bij hun moeder. Dan sluiten de jonge mannetjes zich bij een vrijgezellenkudde aan, waar ze blijven tot ze drie tot zes jaar oud zijn en sterk genoeg zijn om hun eigen harem te starten. Hiervoor heeft een hengst een merrie nodig. Om een merrie op te kunnen eisen,zal de hengst tijdens een gevecht moeten bewijzen. Dan zal alles wat hij op het gebied van vechten geoefend heeft van pas te komen. Eerst probeert de jonge hengst een merrie uit een harem te stelen. Maar een van de oudere hengsten van de kudden heeft dit inde gaten en grijpt in om te verkomen dat ze dochter vertrekt. Als de jonge hengst niet wegrent,zullen de twee vechten,trappen,bijten en elkaar achtervolgen soms uren lang. De oudere hengst stelt het jongere mannetje op de proef om te zien of hij sterk en dapper genoeg is om een goede partij voor zijn dochter te zijn. Bijna nooit wind een jong mannetje een van zijn eerste gevechten met een oudere,meer ervarende hengst. Waarneer de jonge hengst zich wel staande houdt laat de vader zijn dochter gaan en wordt een nieuwe zebrafamilie.

Leven in een groep

Wat is de overeenkomst tussen een paard,een ezel en een zebra? Deze drie dieren zijn familie van elkaar. Ze horen allemaal bij de paardenfamilie. Maar er zijn ook verschillen. De zebra is als enige zwart-wit gestreept. Een ander verschil is dat de ezel en het paard tamme dieren zijn. Op een paard of een ezel kun je rijden. Bij de zebra lukt dat niet. Het is een wild dier. Zebra’s leven in grote delen van Afrika. De zebra is een kuddedier. Je zult hem niet vaak allen zien. Op de  Afrikaanse vlaktes zijn kuddes van duizenden zebra’s. maar mestal leven ze in kleine groepen. Net als een paard is een zebra ook een planteneter. De zebra eet vooral gras,maar soms ook bladeren of struikjes. Hij kan hard lopen. Wel zestig kilometer per uur. Dat is harder dan een auto mag rijden is een stad of dorp. Als er een roofdier is rent die keihard weg.

Leven op de savanne

Het einde van het droge seizoen op de Afrikaanse savanne nadert en een kudde van meer dan honderd zebra’s brengt de middag door met grazen, elkaars vacht verzorgen en spelen. Ze zijn gestopt om de laatste plukjes gras die op de vlakte groeien op te eten voordat ze aan hun reis van ruim 480mkilometer naar de serengeti beginnen, waar ze gedurende de regentijd zullen blijven. De kudde bestaat uit verscheidene  families of harems van zebra’s. een harem is een groep van tien tot zestien zebra’s  bestaande uit een volwassen mannetje, of hengst, verscheidene volwassen vrouwtjes,of merie’s en veulens die nog niet genoeg zijn om hun moeder te verlaten en zich bij een andere  harem aan te sluiten.

Voedsel en trek

Lange haren op de lippen en snuit werken als tastorganen,die informatie naar de hersenen sturen over wat de zebra aan het eten is. bewegelijke lippen duwen het voedsel voorbij de tanden,die vastzitten in sterke kaken. De kaken bewegen zijwaarts,net als die van een koe, en  bovendien van achteren naar voren. Scherpe snijtanden snijden de plantenstengels door, en stompere, bredere tanden malen het voedsel fijn.

Wist je dit over Zebra’s?

De Romeinen noemden Grevy’s zebra’s ‘hippotigris’ en trainde deze zebra’s om karren voort te trekken voor tentoonstellingen en circussen.

Op het eerste gezicht lijken zebra’s in kuddes allemaal op elkaar. De streeppatronen zijn echter net zo verschillend als onze vingerafdrukken. Geoefende ogen kunnen individuele op basis van het streeppatroon, kleur en littekens.

Wist je dat een zebra heel hard kan galopperen? Hij kan wel 60 kilometer per uur halen.

Dit werkstuk werd gemaakt door Kelly

Boekbespreking “Hoe overleef ik de brugklas”

Mijn boekverslag gaat over “hoe overleef ik de brugklas”. Ik heb er voor gekozen, omdat dit mijn eerste jaar is in de brugklas en de kaft was leuk en ik had al verschillende boeken gelezen van de hoe overleef ik serie maar deze nog niet.

Hoe overleef ik de brugklas

afbeelding “Hoe overleef ik de brugklas”

 

Pagina 1

Algemene gegevens van het boek

–       Hoe overleef ik de brugklas?

–       Francine Oomen werd in 1060 geboren in Laren. Sinds ze klein was, heeft ze hobby’s en die zijn altijd hetzelfde gebleven: lezen, schrijven en tekenen.

–       Annet Schaap werd geboren op 27 februari 1965 in het dorpje Ochten in de Betuwe. Annet Schaap woont in Utrecht. Tekenen en schrijven vond ze het aller-leukste om te doen.

–       Het boek heeft 5 t/m  141 bladzijdes

Inhoudelijke gegevens van het boek

–       Rosa

-De 1e hoofdpersoon is Rosa. Zij heeft in het begin een beste vriendin die ze kent van de basisschool: Sascha. Rosa is erg afhankelijk van haar vriendin Sascha.

-Zenuwachtig de eerste paar dagen. Spannend, eng, want ze vond het raar hoe Sascha zich gedraagde. Blij, omdat Sascha weer normaal is en Esther niet meer boos is.

– Ja, want nu durft ze weer met Sascha en Esther om te gaan.

–       Sascha

– De 2e hoofdpersoon is Sascha. Zij is zoals ik net al zei vriendin van Rosa. Ze

durft, mag en doet alles en is nergens bang voor.

–       Stoer, want ze verandert heel veel in de loop van het boek zoals piercings enz. Gelukkig, want iedereen wil weer met haar omgaan en haar moeder wordt verzorgd.

–       Ja, want ze was in het begin stoer en aan het einde is ze weer normaal

Bijpersonen:

De 1e bijpersoon is Esther. Zij is heel arm en haar moeder maakt al haar kleren. Haar bijnaam is jampotje.

De 2e bijpersoon is Lidwien. Zij zat op de basisschool in de klas bij Sascha en Rosa. Lidwien is net zo’n soort iemand als Rosa in het begin van het boek.

De 3e bijpersoon is Jonas. Hij is het e-mailvriendje van Rosa. Op het eind van het boek nodigt Rosa Jonas uit, om bij haar te komen en ook mee te gaan naar het klassenfeest.

De 4e bijpersoon is Danny. Hij zit bij Rosa, Sascha, Lidwien en Esther in de klas. Hij heeft meteen in het begin van het boek al verkering met Sascha en is net zo’n pester als haar.

De 5e bijpersoon is moeder. Zij is de moeder van Rosa. Zij komt niet zoveel voor in het boek, maar toch is ze wel belangrijk.

Pagina 2

 

Inhoudelijke gegevens van het boek

Bijpersonen:

De 6e bijpersoon is Alexander. Zoals ik net al zei, de vriend van moeder. Er wordt bijna niks over hem verteld. Hij kwam maar 1 keer echt voor in het boek.

De 7e bijpersoon is vader. Hij is de vader van Rosa en over hem is niet zoveel informatie. De keer dat hij voorkomt wordt er alleen maar over hem gepraat.

De 8e bijpersoon is de moeder van Esther. Zij komt ook bijna niet voor. Als Rosa Esther haar huiswerk gaat brengen, doet de moeder van Esther open en laat haar binnen.

De 9e en 10e bijpersonen zijn Arie Ritsema en de conrector. Zij zijn niet belangrijk en daarom doe ik ze samen. Ze waren alle twee bij de brand. Arie Ritsema is de mentor van de klas van Rosa enz.

Waar gebeurt het allemaal en wanneer?

-Het meeste gebeurt op school, maar ook wel thuis
-Het verhaal speelt zich af in deze tijd. Ook doordat er e-mailtjes en een mobieltje in voorkomen.
Het verhaal begint bij een e-mail die verstuurd is op 1 september 2000, en het verhaal eindigt met een e-mail van 12 november 2000.

Mijn mening

Ik vond sommige stukken wel leuk om te lezen, omdat ik dat wel herkende van hoe de eerste weken van mij waren.
Ik heb ook andere boeken van deze serie gelezen, en ik vond dit toch wel de leukste daarvan.
Ik vind het wel leuk dat het verhaal zo realistisch verteld is.
Er zijn ook veel verschillen tussen de personages. Rijk, arm, aardig, stom, arrogant enz. Eigenlijk lijkt niemand op elkaar. Dat is ook wel weer leuk. Dat iedereen een eigen persoonlijkheid heeft.
Het is ook wel weer origineel en leuk bedacht om e-mailtjes in het verhaal te doen. Dat maakt het toch nog weer wat leuker om te lezen. Dat de mailtjes ook helemaal uitgewerkt zijn in het boek.
Sommige stukjes uit het boek waren ook wel weer grappig. Dat ze zich zo druk kunnen maken om een klein probleem.

Pagina 3

Verwerkingsopdracht

 

De eerste schooldag

Ik weet nog goed hoe die was,
Alleen in de aula met een zware tas,
Alleen op zoek naar een lokaal,
Dat hadden we allemaal.

Een nieuwe vriendin had ik al gauw,
en nu lopen we samen door het gebouw.
Met een zware tas op de rug,
Ben ik een echte brugmug.

Het valt allemaal wel mee,
maar als je niet oplet dan heb je een twee,
Je moet ook niet teveel vergeten,
en al helemaal niet teveel keten.

Ik doe het best wel goed,
Ik weet nu hoe alles moet.
Met een zware tas op de rug,
Ben ik een echte brugmug.

Waarom ik voor deze twee gekozen heb?

Alissa Olsen

http://www.1001gedichten.nl/gedichten/2697/de_eerste_schooldag/

Ik heb voor dit gedicht gekozen, want dit boek gaat ook over de brugklas en Rosa zit er ook in en er veranderd ook alles. Ik heb ook voor dit gedicht gekozen, omdat ik me nog herinneren over hoe mijn eerste schooldag was en als ik dat gedicht leest ben ik er helemaal mee eens. En dit gedicht heb ik ook gekozen, omdat het door een zestien jarige meisje geschreven is en die zit nou al in de examen klas en die heeft het ook meegemaakt.

Hans Peters Jr.

http://www.peuteren.nl/kinderliedjes/liedjes/bijna_brugklas_kinderen.php?paginanaam=bijna_brugklas_kinderen.php

Ik heb voor dit lied gekozen, omdat Rosa het ook heel spannend vond en dat laat ze via een mail weten aan Jonas. Sascha ook uit het verhaal is al helemaal voorbereid en die wil al stoer doen en al. Ook, omdat Jonas nou in groep 8 zit en die weet dan al een beetje hoe het moet en al. Ik was ook erg zenuwachtig voor de brugklas maar nu valt het wel mee hoor.

Pagina 4

Verwerkingsopdracht

Bijna Brugklas

Ik weet: het is fantastisch
Natúúrlijk is het dat
De basisschool die ben je
Na acht jaar ook wel zat
Hoewel, je hebt vriendinnen
En ‘t is er zó vertrouwd
Nog even, en dan ga je
Je móét, je bent te oud

Het is net leren zwemmen
Je neemt je eerste duik
Met bibbers in je benen
En vlinders in je buik
Het is net leren zwemmen
Je neemt je eerste duik
Met bibbers in je benen
En vlinders in je buik

Ik zal nog best vaak denken
Hoe fijn het hier wel was
Nu zit ik in ‘de’ achste
Straks in ‘een’ eerste klas
Er zijn er minstens dertien
Soms ben ik als de dood
Die school is vast het einde
Maar ook ontzettend groot

Het is net leren zwemmen
Je neemt je eerste duik
Met bibbers in je benen
En vlinders in je buik
Het is net leren zwemmen
Je neemt je eerste duik
Met bibbers in je benen
En vlinders in je buik

Dag achtste klas, hoi brugklas
Nu ik er bijna ben
Zit ik alsmaar te denken
Hoeveel ik er daar ken
En hoe ik met ze omga
Je speelt niet met elkaar
Je wandelt en je praat wat
‘t Is allemaal zo raar

Het is net leren zwemmen
Je neemt je eerste duik
Met bibbers in je benen
En vlinders in je buik
Het is net leren zwemmen
Je neemt je eerste duik
Met bibbers in je benen
En vlinders in je buik                                                                                                   Pagina 5

Samenvatting

Rosa gaat naar de middelbare school. Ze is bang dat ze er niet goed uit ziet, te dik, puistjes, babykleren. Ze heeft steeds ruzie met haar moeder en niks wil lukken. Ze heeft een “beste” vriendin Sascha en een vriendin Lidwien. Sascha vindt zich zelf de beste en vindt het geweldig dat ze zo veel aandacht krijgt. School vindt ze overbodig, ze laat even een tongpiercing schieten en verft haar haar van de ene op de andere dag blond. Lidwien is een meelopertje net als Rosa.
Er is een meisje in de klas, Esther, dat er anders uit ziet, hoge cijfers haalt en haar eigen mening heeft. Daarom wordt ze door Sascha, Danny (het nieuwe vriendje van Sascha) en een beetje door Lidwien en Rosa gepest. Rosa vindt Esther eigenlijk best aardig, maar durft dat niet tegen Sascha te vertellen, omdat die de hele klas tegen haar op gaat stoken als blijkt dat ze jampotje (bijnaam Esther) aardig vindt.
Sascha, Danny, Esther en Rosa hebben de zolder van de school gevonden. De eerste dag dat ze hier rondhangen wordt een kast met potjes met sterkwater al om gegooid. Rosa zit hier heel erg over in en bespreekt het met haar e-mailvriendje, Jonas, die in groep 8 zit en aan wie ze brugklassurvivaltips geeft. Als ze een keer met z’n allen op de zolder zitten en Esther in een doodskist willen opsluiten, ontsnapt Esther en valt de peuk van Danny in de houtwol en ontstaat er een brand. Gelukkig is er alleen een klein deel van de zolder afgebrand. Maar Sascha en Danny worden tijdelijk geschorst.
Rosa en Lidwien zijn een beetje de weg kwijt en Esther wil nooit meer met de vier spreken en voelt zich heel alleen. Rosa sluit twee dagen later vriendschap met Esther. Ze vindt de kleren van Esther erg tof! De moeder van Esther maakt ze zelf, de moeder van Rosa is mode journaliste en gaat de moeder van Rosa interviewen. Rosa’s moeder koopt een paar kleren voor Rosa.
Om alle dingen te vergeten wordt er een klassenavond gehouden. Rosa heeft aan haar mentor gevraagd of Jonas ook mag komen, dat mag. Op de klassenavond draagt ieder meisje kleren van de moeder van Esther en als de moeder van Lidwien helpt met breien en naaien krijgt Lidwien de kleren voor een klein prijsje.
Maar op het klassenfeest komt ook Sascha die de boel verpest, omdat ze aan de alcohol gaat als de leraar er even niet is. Het is zelfs zo er dat ze Rosa een bloed neus en een blauw oog slaat. Dan rent ze weg…… Rosa gaat samen met Jonas langs het huis van Sascha om te kijken of ze thuis is gekomen, als het blijkt dat ze er niet is wordt Rosa helemaal gek. Ze zoekt samen met Jonas door het hele centrum, maar Sascha is nergens te vinden. Opeens weet Rosa waar
Sascha is: In hun vroegere hut, bij het speeltuintje. Sascha zit daar inderdaad. Rosa vertelt dat ze van haar eigen moeder heeft gehoord dat haar moeder drinkt. Sascha zegt dat het klopt en vertelt dat ze voor haar moeder moet zorgen. Rosa neemt Sascha mee naar huis en ze blijft voorlopig bij Rosa logeren, de moeder van Sascha moeder zit voorlopig in een opvangcentrum. Sascha heeft haar tongpiercing eruit gehaald en haar haar weer normaal geverfd. Rosa en Sascha zijn toen hele dikke vriendinnen geworden.

D-Day Spreekbeurt

D-Day: Wat ging er aan vooraf

 

Voordat de invasie in Normandië begon, ging hier heel wat aan vooraf. De VS en Groot-Brittannië verschilden nogal van mening hoe ze de Duitsers het beste konden aanpakken. De Britten kozen om te vechten rond de Middellandse Zee en Noord-Afrika, terwijl het Amerikaanse plan was de Russen te helpen door Noord-Frankrijk binnen te vallen en daarna door te stoten naar Duitsland, maar dat vond Groot-Brittannië te gevaarlijk maar om amerika toch nog een beetje zijn zin te geven werd een kleine invasie genaamd operatie jubile  dat werd een grote misstap maar de engelsen leerden er wel van voor bij de slag bij normandië .

Uiteindelijk bereikten de geallieerden generaals in het voorjaar van 1943 een akkoord over de invasie in Noordwest Frankrijk: Operatie Overlord. De dag van de invasie wordt D-Day genoemd

Het plan voor D-Day

Luitenant-generaal morgan werd aangesteld om een invasieplan te bedenken.

Zijn eerste plan was een aanval door 3 divisies, verspreid over een 45km lang front. Luchtlandingstroepen zouden Caen en Cherbourg innemen. De belangrijkste haven in de regio moest binnen 14 dagen worden ingenomen. Deze was heel belangrijk voor bevoorradingen en versterkingen. Montgomery en Eisenhower vonden drie divisies voor een aanval niet genoeg, dus moest het plan veranderd worden.ze wouden allebei dat er 5 divisies kwamen bij de aanval want 3 divisies vonden ze te weinig. Montgomery\’s plan was om één Canadese divisie samen met twee Britse drie stranden ten oosten van Caen aan te vallen, Juno, Gold en Sword. Tegelijkertijd zouden twee Amerikaanse divisies de stranden Utah en Omaha beach ten westen van Caen aanvallen om daarna door te stoten naar Cherbourg en daar deze belangrijke haven in te nemen. De geallieerden wisten dat een haven innemen heel moeilijk was Toch had men een haven nodig voor de aanvoer van voorraden en versterkingen. De oplossing waren kunstmatige havens Hiervan werden er twee aangelegd.vlak bij arronanches.

De voorbereiding van D-Day

 

In Engeland werden er op dat moment veel troepen speciaal getraind voor D-day. Ook werden er door generaal-majoor Sir Percy Hobart speciale voertuigen ontwikkeld, zoals de duplex drive (DD) tank, ook wel genaamd Donald Duck. Deze tank kon zich eerst over het water voortbewegen om daarna aan wal te gaan en over het strand verder te rijden. Maar voor zoon grote aanval heb je natuurlijk ook een goede voorbereiding nodig . dus daarom hadden de engelsen een paaar maanden van tevoren al veel gespioneerd daardoor zijn ze ook erachter gekomen dat de duitsers verwachten dat de invasie zou komen bij het kanaal dat lag namelijk het dichts bij engeland.dat wilden de engelsen ook graag houden. Daarom

bombardeerde de engelse het kanaal net zo erg als bij normandië dat wekte veel twijfel op bij de duitsers.

De invasie zelf

 

 

Het strand

De geallieerden kwamen aan met speciale landingsvoertuigen waarmee ze makkelijk en snel konden uit rennen. De meeste mannen die dan uit zoon landingsvoertuig kwam werd vaak al erg snel beschoten waardoor er maar een klein aantal mensen het strand bereikten . maar de officieren hadden dit ook al wel een beetje verwacht dus hadden ze niet direct alle troepen ingezet. Daardoor konden de engelsen steeds weer een aanval doen. Vanaf grote boten vanuit de zee werden ook mortieren en granaten afgeschoten om de sterke bunkers van de Duitsers te beschieten. ui

 

Parachutisten

 

Maar er kwamen niet alleen soldaten van het strand maar ook uit vliegtuigen parchutisten.

Achter de linies. dus de Duitsers werden van twee kanten beschoten.de engelse luchtmacht heette de RAF Het slechtste weer in de nacht van 5 juni zorgde ervoor dat veel parachutisten uit koers raaktenDe meeste eenheden raakten elkaar kwijt en wisten niet waar ze naar toe moesten gaan.De Amerikaanse manschappen hadden tinnen speelgoed uitgereikt gekregen, zogenaamde ‘crickets’, dat een klikkend geluid maakt .Ze waren bedoeld om elkaar te kunnen herkennen in het donker. De 82ste Divisie van de Airborntroepen landde rond Sainte Meré-Église. Sommigen landden per ongeluk in het stadje zelf en werden neergeschoten door het Duitse groep soldaten. Één van de parachitisten, John Steel, had het ongeluk dat zijn parachute bleef haken aan de kerktoren op het dorpsplein.Hij probeerde los te komen maar werd ontdekt door een soldaat die hem vervolgens probeerde dood te schieten. John werd geraakt in de voet. Hij besloot net te doen alsof hij dood was, waarna hij net zolang aan de toren moest hangen tot de Duitse troepen hem los maakte en hem gevangen namen. Het stadje werd uiteindelijk om ongeveer vijf uur ‘s-ochtends door Amerikaanse paratroepen ingenomen. Bij zonsopgang op D-Day hadden de Amerikaanse Airborntroepen hun belangerijkste doel behaald. De weg naar Cherbourg was voor de Duitsers afgesloten. Na deze overwinning konden ze gaan helpen bij het verdedigen van het bruggenhoofd dat de troepen die landden op het Utah strand hadden gemaakt.

Spreekbeurt over de Sociaal Pedagogische Hulpverlener

Sociaal Pedagogische Hulpverlener: wat is dat?

 

Een SPH’er is iemand die is opgeleid om mensen of kinderen met een stoornis of handicap te kunnen begeleiden en te helpen.

Je geeft de mensen begeleiding, ondersteuning en soms help je ze ook met de verzorging van henzelf of het huis.

De patiënt die je hebt kan in een instelling of thuis wonen.

Als SPH’er houdt je ook een dossier van de patiënt bij met wat je bijvoorbeeld hebt gedaan hoe het is gegaan en andere dingen.

Je bent voor de patiënt;

  • Een regisseur want je regelt een beetje het leven van je patiënt.
  • Het steunpunt voor je patiënt en de familie/vrienden.

Deze beroepen lijken erop:

  • Woonbegeleider;
  • Activiteitenbegeleider;
  • Sociotherapeut;
  • HBO-pedagoog.

Wat kan je worden als SPH’er

Als je de opleiding voor SPH hebt gedaan kan je van alles worden wat met zorg en begeleiding te maken heeft je kunt bijvoorbeeld bij jeugdzorg, thuiszorg, de ouderenzorg, de ambulante zorg, de psychiatrie of een instelling voor verstandelijk gehandicapten gaan werken.

Je kunt bijvoorbeeld een:

  • Groepsleider worden;
  • Jeugdhulpverlener worden;
  • Arbeidstherapeut worden;
  • Hulpverlener in de verslavingszorg worden;
  • Medewerker in de vluchtelingenhulp worden;
  • Pedagogisch hulpverlener worden(voor mensen met een verstandelijke beperking);
  • Of activiteitenbegeleider.

Wat doe je als SPH’er

 

Als SPH’er help je mensen met een handicap of stoornis.

Dat kan bij je patiënt thuis zijn of in een instelling.

Je probeert je patiënt te helpen met de dagelijkse dingen in het leven zoals als ze thuis wonen, stofzuigen, schoonmaken, bedden opmaken, huisdieren verzorgen en boodschappen doen.

En met kinderen kan je bijvoorbeeld spelletjes gaan doen, wandelen, buiten spelen en nog veel meer om het je patiënt naar de zin te maken.

 

 

Als SPH’er kan je ongeveer € 1.850 tot € 2. 940 verdienen maar dat hangt er wel vanaf in welke instelling je werkt.

Je baas is meestal een zorgcoördinator.

 

 

Hoe word je SPH’er

 

Dit zijn wat eigenschappen om een goede SPH’er te worden:

  • Je moet geïnteresseerd zijn in mensen;
  • Je bent nieuwsgierig naar wat mensen zelf kunnen;
  • Je wilt in de hulpverlening  graag voor mensen opkomen en ze helpen;
  • Je wilt mensen een mooi leven geven;
  • Je houdt ervan om met kinderen/jongeren om te gaan;
  • Je staat stevig in je schoenen;
  • Je moet niet bang zijn om je eigen plannen te veranderen;
  • Je wilt en kan goed met anderen samenwerken;
  • Je vindt het leuk om dingen te organiseren.

Als je deze eigenschappen hebt word je vast een goede SPH’er en vind je dit werk vast leuk.

Studie SPH

Als je SPH’er wilt worden moet je een Hbo-opleiding volgen.

Maar voor dat je SPH’er kan worden moet je eerst SPW’er zijn(Sociaal Pedagogisch Werker).

In de opleiding leer je om goed met mensen om te kunnen gaan en te onderzoeken wat voor stoornissen ze hebben.

De studie duurt ongeveer vier jaar, waarvoor je in het derde jaar langdurige stages kan gaan volgen.

Je studeert meestal af door een zelfstandige opdracht die je wordt opgegeven.

Tijdens je studie richt je je meestal op een doelgroep zoals, verslaafden, ouderen, kinderen, pubers of gehandicapten.

Als je bent afgestudeerd krijg je de titel:’Bachelor of Social Work‘.

Zorgboerderij

 

Een zorgboerderij is een logeerhuis waar kinderen/jongeren(en soms ook ouderen) met een stoornis of handicap kunnen overnachten.

Meestal is dat een weekend.

Maar je kan er ook een dagdeel heen.

Dan ga je vaak leuke dingen met andere kinderen doen die er zijn.

Je leert er ook met andere kinderen en je stoornis om te gaan.

 

 

Dit is een schema van het weekend:

 

Vrijdag 23 april

  • 16.00: aankomst kinderen
  • Overdracht ouders
  • Uitleg weekend, afspraken maken en groepsverdeling
  • Bedden uitzoeken
  • 16.30 – 17.00: vrij spel/ even wennen
  • 17.00 eten
  • 18.00 – 21.00: Buiten spel.
  • film.
  • Vanaf 21.00: op bed

Zaterdag 24 april

  • 07.30 – 08.30: opstaan en ontbijten, corvee, dierverzorging
  • 09.00 – 12.00 verhaal/ creatieve activiteit en vrij spelen
  • 12.00 – Naar het zwembad, dus zwemkleding niet vergeten!!!!!
  • ????? -
  • 17.00 –  Eten
  • 19:00 – film kijken
  • 20:30 – Op bed

Zondag 25 april

  • 07.00 – 08.00: opstaan en ontbijten

Samen beddengoed afnemen, afwassen en tassen klaarzetten

  • 08.00 – 09.00: dierverzorging
  • 09.45 – 12.00: kinderkerk
  • 12.00 – 13.00: eten
  • 13.30 – 15:00: weekendevaluatie per kind, vrij spelen
  • 15.00 – 16.00  vanaf 15.00 uur staat de koffie klaar.

Hermanshoeve

De Hermanshoeve is een opvang voor verstandelijk gehandicapten hier in Marum.

Er wonen daar twaalf mensen, en er werken vooral vrijwilligers.

De gehandicapten die daar wonen hebben een eigen appartement met: een zitkamer, een slaapkamer en een badkamer.

Ze hebben ook twee gezamlijke woonkamers.

De gehandicapten die daar wonen gaan in de vrije tijd samen leuke dingen doen.

Soms gaan ze ook op zondag naar de kerk.

Achter de Hermanshoeve zijn ook een paar huisjes waar mensen die woonbegeleiding nodig hebben kunnen wonen.

Creatief Therapeute

Mijn zusje heeft ook een Creatief Therapeute.

Maar die komt bij ons als Ambulante.

Dat is iemand die bijna elke week iets met mijn zusje gaat doen.

Dan gaan ze het erover hebben hoe het is gegaan en  ze gaan bijvoorbeeld afspraken maken hoe je je moet gedragen thuis en op school.

Laatst ben ik een keer mee geweest toen vroeg ze me hoe het ging en hoe ik er mee omging.

Toen heeft ze ook verteld wat ze allemaal deed en wat de afspraken waren zodat ik er ook op kon letten en er rekening mee kon houden.

Ik ben eigenlijk ook wel jaloers omdat mijn zusje dan allemaal leuke dingen gaat doen.

Ook praat ze 1 keer in de 4 weken met mijn ouders over hoe ze om kunnen gaan met ADHD en PDD-NOS.

Interview

Ik heb een interview gehad met iemand van de zorgboederij.

Zit zijn de vragen die ik haar gesteld heb:

 

1. Waarom heeft u voor deze opleiding gekozen?

De doelgroep spreekt mij erg aan en de vakken zoals psychologie vind ik ook erg interessant’.

 

2. Wat vindt u van dit beroep?

‘De doelgroep waarmee ik werk is heel erg leuk’.

 

3. Waarom bent u op de zorgboerderij gaan werken en niet ergens ander?

‘Ik ben hier gekomen door school, het was mijn stage adres. Doordat ik het werk en de kinderen zo leuk vond ben ik gebleven’.

 

4. Wat doet u allemaal op de zorgboerderij?

‘Begeleiden, ondersteunen, rapporteren, observeren, schoonmaken, organiseren, draaiboeken voor de activiteiten & programma’s bijhouden.

 

5. Wat vindt u het leukst aan dit werk?

‘Dat de kinderen iets leren of bereiken op hun eigen kracht, dus ondersteunend werken.

 

6. Wat is het raarste wat u ooit heeft meegemaakt?

‘ 1 van de kinderen had erg last van kramp hierdoor moest er een ambulance komen!’

7. En het leukste?

‘ Iedere dag is weer leuk’.

 

8. Vindt u het soms niet moeilijk om met kinderen te werken die een stoornis of beperking hebben?

‘ Agressie is soms nog wel moeilijk verder verloopt het best gemakkelijk met verschillen tussen de kinderen’.

 

  1. 9. Wat maakt dit werk nou zo bijzonder?

‘ Dat ieder kind weer verschillend is en dat elke dag weer een verassing is hoe iedereen reageert

Dit was mijn spreekbeurt!

 

 

Werkstuk over de Jack Russell

De Geschiedenis van de Jack Russell

De Jack Russell is van oorsprong gefokt om op vossen( ook dassen en konijnen) te jagen. Het hol waar de vos in leeft, heeft een smalle en nauwe ingang, en dit is ook de reden waarom dit hondje zo klein is en de borstomvang van een Jack Russell maar twee handen breed mag zijn. Als ze al een beetje breder waren als dit, konden ze niet door het vossenhol omdat ze dan klem kwamen te zitten. Daarom selecteerden de jagers hun honden niet op hun karakter, maar op hun grootte en omvang. Als het hondje eenmaal in zo’n vossenhol is gekropen duurt het soms een lange tijd eer dat hij weer naar boven komt. Daarom heeft hij een zendertje om, en de jager een ontvanger om nauwkeurig in de gaten te houden of de Jack Russell niet klem komt te zitten. Een andere jager zit vlak bij de ingang van het hol en luistert goed. Als hij geblaf hoort, weet de jager dat hij klaar moet gaan staan, en zodra de vos tevoorschijn komt, schiet de jager. Knap is dit zeker van deze hond, want ze lopen meters onder de grond, kunnen zich niet draaien, zien helemaal niks in het donker en zijn op zoek naar een vijand die bovendien ook nog groter is als zij. En dan bevind de vos zich ook nog op eigen terrein, maar op het moment dat hij de vos heeft gevonden ,blaft de Jack Russell  onbevreesd. Daar heb je heel wat lef voor nodig! Toch lijkt het niet alsof het hondje dit werk vervelend vind. De inspanning die hij heeft gepleegd, valt in ieder geval niet te vergelijken met apporteren of over hindernissen springen! Mensen die een Jack Russell hebben ,weten ook heel goed dat dit hondje bijna niet moe kan worden gemaakt!

Voor dit werk gebruiken ze geen commando’s of iets anders, het zit gewoon in het eigenschap van een Jack Russell.  Het is een echte werkhond, maar anders dan andere honden, zit de eigenschap van het jagen op vossen er nog steeds in.

Bouw/ karakter van de Jack Russell

Ze hebben een gespierde borst, spitse neus en (meestal) hangende oren. Hun vacht kan gladharig, gebroken of ruwharig zijn, en de kleuren van hun vacht kunnen verschillen, je hebt black and tan(zwart en bruin) , tricolor( 3-kleurig) en natuurlijk nog veel meer combinaties.  Het gewicht is rond de 5 kilo(van een volwassen hond) en ze zijn ongeveer 25 tot 30 cm groot. Jack Russell’s zijn over het algemeen stoutmoedig en hebben bijna geen angst,zijn vriendelijk en zelfverzekerd. Speels, sportief en alert zijn ook de karaktertrekjes van deze hond.

Omgang met mensen en dieren

Jack Russell’s zijn intelligente werkhonden en barsten van de energie. Op boerderijen en in paardenstallen maakt een Jack Russell zich nuttig door te jagen op ongedierte. Met zo’n hond als huisdier zul je echt vaak op pad moeten om het hondje uit te laten en hem de beweging te geven die hij nodig heeft. Maar het is wel echt genieten als je met zo’n energiek hondje op pad bent! Andere huisdieren zijn geen probleem behalve als de Jack Russell niet is opgegroeid met andere huisdieren of/en er niet aan gewend is. Jack Russell’s zijn echte mensenvrienden,ook al ze blaffen wel als er visite binnen komt ,maar ze onthalen die dan vrolijk. ‘’Hoe meer zielen hoe meer vreugde’’, schijnen ze dan te denken, zo opgewonden zijn ze dan. Jack Russell’s zijn altijd in voor een spelletje en het kan niet lang genoeg duren! Met andere honden kunnen ze wel goed mee overweg, alleen af en toe kunnen ze soms fel zijn, en bijvoorbeeld hun bal of stok willen bewaken. Uitdagingen gaan zij niet uit de weg, en ze schijnen dan ook helemaal vergeten te zijn dat ze zo klein zijn.

De aanschaf van een Jack Russell

Op het moment dat je een beslissing hebt genomen, en deze goed heeft overwogen, komt het kiezen van de juiste pup aan bod. Het begint met het kiezen of je een reu of een teef wilt. Natuurlijk heb je dat een teef twee maal per jaar gedurende 3 weken loops is. Een reu denkt het hele jaar aan voortplanting, en als er een teef in zijn blikveld zit, moet hij er gelijk op af. Ook karakterverschillen zitten hiertussen. Een reu is over het algemeen wat zelfstandiger en ook wat pittiger van karakter dan een teef. Een reu is vaak ook wat groter en steviger gebouwd. Als er al een reu of teef in huis rond loopt, kies dan voor de teef-teef combinatie of reu-reu. Een teef-reu combinatie gaat niet altijd goed en kunnen dan onderling wat ruzies hebben.

Als dat besluit is genomen, is het nog de vraag waar je de pup vandaan gaat halen. Fokkers kruisen vaak een Jack Russell met een ander soort, maar als pup kan je de ‘’echte’’ Jack niet van de ‘’gekruiste’’ onderscheiden. Daarom is het slim om (als je een ‘’echte’’ Jack Russell wilt) te vragen of ze foto’s hebben van de vader en moeder. Wanneer het geen rasechte pup is, kan het zijn dat hij/zij een erfelijke ziekte  heeft. Let daar dus goed op,en vraag anders ook naar de stamboom. Alleen als je een Jack met een officiële stamboom koopt, weet je zeker dat het een raszuivere Jack Russell is, dus met zijn typische karakter eigenschappen en trekjes. Laat je ook niet ‘’verblinden’’ door het feit dat de fokker zegt dat de pup een kampioenafstamming heeft. Vrijwel alle honden hebben wel een kampioen in de familie zitten, en ondanks dat de vader en moeder tophonden zijn, kunnen ze een ‘’doorsnee’’ hond ter wereld zetten. Andersom kan ook, dus hecht niet te veel waarde aan de ‘’kampioenen in de familie’’. Belangrijk is ook bij het kiezen van de pup, dat de omgeving waar ze geboren worden, goed verzorgd, schoon en ruim. Ook is het handig dat ze al kennis hebben gemaakt met de gewone huiselijke geluiden zoals de stofzuiger,televisie, de deurbel enz. en met het knuffelen en aandacht geven door verschillende en onbekende mensen, of met kinderen. Een pup die weinig of geen van deze indrukken heeft gehad in zijn ‘’beginperiode’’, haalt deze achterstand moeilijk in. Een fokker die bezig is met hoe de pups terecht komen, wil vaak het beste voor zijn honden. Wanneer je het nestje gaat bekijken, let dan ook op hoe de fokker met de moeder en haar pups omgaat. Hier kan je vaak ook heel veel uit op maken. Let ook op hoe de moeder van de kleintjes op jou komst reageert, het is normaal dat ze haar jongen beschermt, maar wanneer ze zenuwachtig wordt, gaat blaffen en druk doet, is dit geen goed teken. Vooral omdat haar puppy’s hun moeder als hun grote voorbeeld nemen.  Wat ook belangrijk is, is natuurlijk het gedrag van de pups zelf! Gezonde pups zijn speels en ondernemend en hebben een open karakter. Wat ook belangrijk is, is het uiterlijk van de puppy’s .  Let ook  op vlooien in hun vacht,  vieze oortjes of een vuile (of onverzorgde) vacht.

Wanneer je een goede fokker hebt gevonden, moet je kiezen welke pup je mee naar huis gaat nemen. Veel mensen zeggen dat je de pup die het eerste op je komt, moet nemen. Hoewel honden ook zo hun voorkeur hebben, lopen meestal alle gezonde en ondernemende pups op je af. De eerste pup die zijn tandjes in jou schoenen of broekspijpen zet, is vaak de brutaalste, en dominantste. Wil je een pittig hondje, dan zal dit de perfecte keus zijn. Een pup die verlegen is, bloeit het beste op in een rustige omgeving, dus geen druk gezin met kinderen. Wanneer je twijfelt, is het slim om te overleggen met de fokker, want die ziet hoe de pups opgroeien en hoe ze zich gedragen.

De eerste dagen

Wanneer het dan eindelijk tijd is om de pup op te halen, krijg je waarschijnlijk wat voer mee dat de pup al gewend is. Dit voorkomt snelle wisselingen van voer, wat kan leiden tot diaree. Ook een lijstje met daarop wat en hoeveel eten de pup nodig heeft. Het is een goed idee om een lapje mee te vragen waar de geur van de moeder en het nest aan zit. Hier hebben ze veel aan op het moment dat ze in hun nieuwe huis komen. Dat lapje ruikt dan vertrouwt en helpt de pup wennen aan de nieuwe omgeving. Wat je altijd hoort mee te krijgen, is het entingsboekje, met daarin wanneer de pup is ingeënt en wanneer dit moet worden herhaalt. Vaak moet je ook nog een koopcontract tekenen waarin de rechten en plichten van de (ver-)koper in staan. Handig is ook om te weten of de pup is gechipt, en of je een stamboom mee krijgt. Deze is vaak nog niet klaar, omdat er nog allerlei informatie  in moet worden gezet.

Eindelijk dan op weg naar huis met jou nieuwe aanwinst in de auto. Hou er rekening mee dat de pup wagenziek kan worden, en als de rit in de auto langer dan een halfuur, moet de puppy halverwege zijn behoefte doen. Eenmaal in huis moet hij/zij zoveel mogelijk met rust worden gelaten zodat de pup rustig aan zijn nieuwe omgeving kan wennen. Wijs hem wel de waterbak en zijn eigen plekje(bijv. kamerkennel, mand of kussen) met het lapje uit het nest. Zodra hij moe wordt, zal hij die bekende geur opzoeken, en zo daar rustig gaan slapen.

De eerste nacht is het lastigste voor jou nieuwe aanwinst, en voor jou. Hij is dan voor het eerst alleen, en gaat contact zoeken met nestgenootjes door te blaffen, piepen en janken. Dit kan heel zielig gevonden worden, maar als je dan naar hem toe gaat, wordt hij beloont. Ook als je boos wordt, heeft hij nog steeds succes, want dan is hij niet meer alleen. Als je dit doet, kan hij er een gewoonte van maken, dat als hij (niet gewenst) alleen is, ook gaat blaffen en piepen. Het helpt vaak om een kruik met de lap uit het nest erom heen in de kamerkennel of mand te leggen. Door de warmte en de vertrouwde geurtjes, valt de pup dan sneller in slaap.

Opvoeding

Een Jack Russell heeft een zeer consequente opvoeding nodig, omdat hij gewend is om zelf de beslissingen te maken. Ze gehoorzamen hun eigenaar niet omdat ze hem graag van dienst willen zijn, maar omdat ze het zelf leuk vinden. Daarom moet de opvoeding ook altijd leuk blijven, en uitdagend. Wanneer een Jack Russell niet gehoorzaamt, zegt dat meer over de eigenaar als over de hond. Vaak denken mensen namelijk;’’Oh, lekker makkelijk,zo’n klein hondje. Die hoeven we ook niet zo goed op te voeden’’ of zo iets. Intelligent zijn ze zeker, en zodra ze merken dat hun eigenaar niet de volle controle of aandacht heeft, maken ze daar gelijk gebruik van. Het gevolg daarvan is dat de hond precies doet waar hij zelf zin in hebt.

Een voordeel van zo’n slim hondje, is dat ze heel snel leren. Dus als je ze goed opvoedt, luisteren ze ook prima naar hun baasje en dan heb je ook veel plezier van.

Socialisatiefase is de belangrijkste fase van het leven van je hond.  In deze fase leert hij alles kennen, en of hij er bang voor moet zijn of niet. Als je hond in deze periode negatieve indrukken op met katten, zal hij daar zijn hele leven last van blijven hebben. Het is dan ook belangrijk dat je pup in deze fase niet alleen verschillende, maar vooral goede ervaringen op doet. Zorg in alle gevallen dat je hond jou blijft zijn als zijn grote voorbeeld, dus gedraag je zoals je wil dat je hond reageert.

Benodigdheden

-een mand of kamerkennel:

Een mand of kamerkennel is het eigen plekje van je hond. Hier slaapt hij, hier ligt vaak zijn kluif of speeltjes, kortom,een belangrijke plek voor je hond. Als je kiest voor een mand, moet dit een harde kunststof mand zijn, want Jack Russell’s vinden het erg leuk om aan alles te knagen.  Kies je voor een kamerkennel of bench, is dit  een slimmere  keus omdat dit lekker veilig is, en niet makkelijk kapot gaat. Wanneer hij in de kamerkennel zit, kan hij ook niks vernielen wanneer hij alleen thuis is, of niet onder toezicht. Dit is ook ideaal tijdens de zindelijkheidstraining en de ‘’sloopperiode’’. Je hond kan namelijk moeilijk iets fout doen in de kamerkennel, omdat hij dicht zit.  Maak in beide gevallen het plekje aantrekkelijk door er een deken, kluif of speeltje erin te leggen.

-halsband en lijn

Een goed passende halsband is erg belangrijk voor je hondje. Vaak willen mensen de halsband op de groei kopen, maar dit is niet echt verstandig, omdat je hond dit gelijk door heeft en z’n kopje uit de halsband wringt.  Je hebt nylon halsbanden, die zijn voor een puppy ideaal, omdat dit materiaal onverwoestbaar is, makkelijk wasbaar, licht en zit lekker. Een geschikte lijn heeft ongeveer een lengte van anderhalve meter, zodat je hond voldoende ruimte heeft om te lopen. Rollijnen zijn ook te koop, maar kijk hiermee uit dat je minder controle over de hond hebt.

-voer en drinkbakken

Voer en drinkbakken zijn er in allerlei soorten en maten, maar het handigste is een ruime bak, zodat de hond minder voer morst. Lichtgewichte bakken zijn wel goedkoop, maar schuiven makkelijk over de vloer en zo kan je hond op het idee komen om de voerbak ergens anders mee naar toe te nemen. Aardewerken bakken kunnen makkelijk kapot vallen maar zijn wel zwaar zodat ze goed blijven staan. Roestvrijstalen bakken zijn licht en onverwoestbaar, maar ook deze schuiven makkelijk over de grond waardoor een houder wel makkelijk kan zijn.

-kauwartikelen

Kauwartikelen worden vaak gezien als een cadeautje, maar feitelijk hoort dit bij de standaard benodigdheden, voor puppy en volwassen hond. Dit zorgt dat ze zich niet snel zullen vervelen, zodat jou Jack Russell niet snel op meubels of andere dingen zal gaan kauwen maar ook zijn ze goed voor het gebit. Met de aankoop van kauwartikelen moet ook worden gelet op de kauwduur. Zo heeft een Jack Russell pensstaafjes binnen een mum van tijd op. Geschikter zijn dan grote en stevige botten, zoals buffelhuidbotten enz. Hoewel dit vreselijk klinkt vindt je hond dit een heerlijk lekkernij.  Hier meer over in het hoofdstuk over voeding

- speelgoed

Er zijn heel veel soorten speelgoed te koop voor honden, zoals piepballen en knuffels. Wanneer je een speeltje aanschaft, wees dan kritisch en bedenk wat je hond leuk zal vinden. Speeltjes die kapot kunnen gaan, geef die dan alleen onder toezicht. Hiermee voorkom je het inslikken van gevaarlijke onderdelen.

-vachtverzorgingsspullen

De vachtverzorging van een Jack Russell is niet heel moeilijk, maar het moet wel af en toe worden gedaan, met een borstel, een kleine slickerborstel met korte pinnen,een masagehandschoen of andere borstels.

-voeding

Het handigst is om kant en klare brokken te geven, maar let wel op de keuze van het merk. Belangrijk is dat het compleet is, en dat alle benodigdheden erin zitten die een hond nodig heeft. Geef nooit te veel voer als dat is aangegeven, en overleg desnoods met een dierenarts of de fokker waar jou pup vandaan komt, of je niet te veel geeft, of omdat je merkt dat je hond te dik wordt. Te dikke honden is alleen maar slecht voor de organen en verkort de levensduur van je hond.

 

Spreekbeurt over Nicolaas van der Perk

inleiding

1 voorwoord

2 Wie is Nicolaas van der Perk

3 Wat heeft hij gedaan

4 De nagedachtenis

5 De toespraak

6 bronvermelding

7 slotwoord

VOORWOORD

Ik heb dit onderwerp gekozen omdat ik dit onderwerp zo interessant vind.

ik hoop dat u er veel van zal leren.

Veel plezier met het lezen.

WIE IS NICOLAAS V/D PERK

Nicolaas v/d perk is een man die In de 2e wereldoorlog leefde

Hij was smid en hij werd ook wel oom smidje genoemd door de mensen hij was een belangrijk persoon

Zou je niet denken maar lees maar verder.

Wat heeft Nicolaas v/d perk gedaan?

Nicolaas is een man die in de 2e wereldoorlog leefde.

In de oorlog liet hij onderduikers schuilen .

Het is niet tegeloven maar hij had er woonden tegelijkertijd Duitsers op zolder

-ingekwartierde soldaten –een notarisgezin uit Tiel.

En na het bombardement drie Engelse jachtvliegers.

En een joods gezin(velleman)

Nicolaas waagde zijn leven voor anderen.

is de plek waar het gebeurde is op een boerderij.

Vele mensen zijn hem dankbaar

DE NAGEDACHTENIS

Eind 2007 kreeg iemand een telefoontje van een man die als kind mocht schuilen op het erf van oom smidje.

Hij en zijn ouders waren joods en mochten schuilen op het erf

En zo hebben ze de oorlog overleefd.

De man wilde graag een beeldje(monumentje) voor Nicolaas willen laten maken

Nicolaas licht begraven op kapel avezaath.

Natuurlijk was er ook een toespraak.

DE TOESPRAAK

Letterlijkke toespraak

Geschreven 4 mei 1984

Ter herinnering aan oom smidje

‘savonds ,pikkedonker buiten en dodelijk stil,

Je mening keer zien kon in de verte, ’n hoog flakkerende gloed

Had je vergeten oom smidje des moffens straffen wil?

Je ramen te bedekken?wel neen…..’t was jouw manier de eenzaam

Vervolgden te geven,

’n hartverwarmende groet.

’s Morgens voor dag en dauw al,hameraambeeld getinkel

Voor de deur,ongeduldig schrappende paardenketting

Gerinkel.

En in de smidse wist ik, die bewogen onversaagde kleine man van

Staal-

Onbreekbaarder dan ’t door hen bewerkte metaal-

Met een rotsvast godsvertrouwen klaarstaand,zonder onderscheid

Voor ons allemaal!

Ons oom smidje ,jij dappere ,kleine grote man

‘k zie je verstolen glimlach je ene goedmoedig ondeugende oog,

Je grauwe,grijze hangsnor,je nauwelijks zichtbare mond

Met altijd voor elkeen ’n opbeurend betoog.

Ons dierbare , kromgewerkte ,trouwe oom smidje-

Jij simpel vond:” je doet wat je kan’’

Oom smidje——–jij was wat je wilde ‘’op en top ‘n man’’

Ons oom smidje,met door zijn werk kromstaande sterke handen.

‘k voel me nog altijd verboden door niet te verbreken banden.

En mijn leven ,mede door jou gegeven

Wil ik niet anders dan met jouw onwankelbare,richtlijnen beleven.

Net als jij tracht ik te handelen uit datzelfde vertrouwen,

Wetend als jij ,oom smidje——-dan bouw je niet op los zand!

Daar alleen kun je op bouwen.

DE BRONVERMELDING

Ik heb de info van:

Internet

Interviews

En een aantal toespraken over Nicolaas v/d perk (oom smidje)

En de boerderij vaar alles zich heeft afgespeeld (daar ben ik

naartoe geweest)

SLOTWOORD

Ik hoop dat u er veel van geleerd heeft en

Veel plezier heeft gehad met lezen

Spreekbeurt over Alexander de Grote

Alexander de Grote

~Wiewas Alexander de Grote ?

Alexander* werd in 356 voor Chr. geboren in het plaatsje Pella. Zijn vader Philipus II was Koning van Macedonië. Zijn moeder (de vrouw van Philipus) heetteOlympias. Als kind was zijn leraar: Leonidas. Op latere leeftijd was Aristoteles zijn leraar. Hij werd door hem opgeleid om koning te worden van het rijk van zijn vader.
Toen hij 16 was mocht hij al een beetje voorproeven: hij mocht even het bestuur van het land op zich nemen toen zijn vader op ‘zakenreis’ was. Op latere leeftijd werd hij koning en veroverde hij grote delenvan Europa en Azië. Op 32 jarige leeftijd (in het jaar 323 voor Chr.) stierf hij aan malaria. Het rijk viel daarna uiteen.

~Koningsschap

Na de dood van Phililippus werdAlexander verkozen tot koning, maar veel Griekse staten wilden Alexander niet als koning. Daarom ging Alexander praten met de Griekse staten en hij overtuigde hun, om het land hetzelfde te regeren als zijn vader. De meeste Griekse staten waren toen   tevreden. Ze kwamen bij elkaar om het Helleens Verbond op te richten. Toen werdAlexander de Grote benoemd tot opperbevelhebber.

~De veroveringen

In 334 v. Chr. staat Alexander klaar  om Perzië binnen te vallen. Dan komt er een grote veldslag tussen het Marcedonische leger en die van de Perzen. Alexander viel direct aan, en won gemakkelijk de eerste veldslag. Alexander trok daarnaa verder naar het zuidwesten. Het was niet moeilijk om daar de steden teveroveren, want voordat Alexander de steden bereikte, hadden ze zich al overgegeven. Toen trok Alexander naar Phoenicië, omdat hij de havens in dat gebied in handen wou krijgen. Dat moest snel, omdat de Perzische vloot de bevooradingslijnen van Alexanders leger bedreigt.

Bij Cilicie, vind de tweede grote veldslag tussen Alexanders leger en de Perzen plaats. Darius had zich met zijn leger opgesteld om Alexander op te wachten. Alexander wachte geen moment en viel aan. Hij wou zelf Darius pakken, maar die sloeg op de vlucht. Veel Perzen vluchten dan ook.

Alexander trekt snel verder naar Egypte, waar hij gastvrij werd ontvangen. Alexander word daar farao, en dan sticht hij de stad Alexandrie bij de Nijldelta.

~De verovering van Perzië

In 331 Voor Chr. is Alexander weer in Phoenicië. Vanaf daar besluit hij Perzië binnen te vallen. In oktober van dit jaar is er de slag bij Gaugamela, en weer wint Alexander.
Hijgaat nu verder naar Babylon. Daar wordt hij met veel gejuich ontvangen.
Nu reist Alexander verder naar het oosten, Darius achterna. Hij vermoordt hem, en beschouwt zich nu als koning van Perzië.

~India

Veel soldaten van Alexander hebben er nu wel genoeg van, en willen terug. Maar Alexander wil meer; hij wil naar het oosten, naar de rand van Azië. Het wordt een zware veldtocht, dwars door de bergen heen. Maar het lijkt dat Alexander gaat winnen. Weer komt hij een niet in te nemen kasteel tegen. Maar op een of andere manier is het Alexander toch gelukt. De dochter van de heerser, Roxane, maakt veel indruk op Alexander, ookal is zij nog maar 13 jaar.

In de zomer van 327 v. Chr. kan hij zich pas klaarmaken voor de tocht naar India. Als hij daar aankomt geeft koning Taxiles zich zonder enig verzet over. Dan wordt hij tot ‘opperkoning’ van Azië gekroont. Heel veel koningen doen hem na. Maar natuurlijk vind Alexander dit niet genoeg. Hij heeft gehoord dat er in het oosten nog meer grote rijken liggen. Deze wil hij natuurlijk ook veroveren. Maar deze keer weigert iedereen uit zijnleger. Alexander moet nu wel stoppen. En ze gaan terug.

~Het einde

Alexander gaat in het najaar van 326 v. Chr. terug. Hij had gehoord dat het bestuur in zijn land een enorme rotzooi is. Hij neemt strenge maatregelen. En gaat terug naar Susa, waar hij een lange rustperiode neemt. Na die rustperiode wil hij de kusten van Arabië gaan onderzoeken. Maar vlak voordat hij weggaat wordt hij ziet, en krijgt hele erge koorts. Na een paar dagen rust sterft Alexander de grote. Zijn hele rijk stort inelkaar.

Dit was mijn spreekbeurt over Alexander de Grote , zijn er nog vragen ?

Spreekbeurt over Michael Jackson

De biografie van Michael Jackson

Michael Jackson begon z’n carrière als tiener bij de groep The Jackson 5 waar hij samen met z’n broers zong. Hij was de beste van de groep en ging daarom (al heel jong) alleen zingen.  Hij werd bekender en na z’n rol van vogelverschrikker in The Wiz kwam z’n eerste solo album uit: Off the wall. Het liedje Thriller maakte hem een echte King of Pop. Met verschillende nummer 1-hits (Thriller, Billie Jean, Beat it) en een prachtige videoclip voor Thriller, werd dit het bestverkochte album aller tijden. Die tijd begon hij ook met de Moonwalk. Z’n bekendheid werd echt groot, in 1987 had hij een heel muzikaal jaar. Met 5 nummer 1 hits zorgde dat Michael een groot succes werd.

Michael Jackson was een man die alles heel perfect wou hebben. Hij zong zijn nummers, speelde, schreef en maakte de bijbehorende choreografieën  helemaal zelf. Michael kreeg ook zijn eigen pretpark die de naam Wacko Jacko kreeg. Toch bleef hij muziek maken en in 1991 bracht hij Dangerous uit. Dat was een enorm succes. Dit werd het snelst verkochte album. Het duurde tot 1995 voor hij met History een nieuw album uitbracht, een dubbelalbum met nieuwe nummers en van oude hits.

Michael Jackson kreeg rechtzaken rond kindermisbruik, en met nieuwe albums leek het ook minder te gaan. Blood on the dancefloor werd het bests verkochte remix-album en ook Invincible kwam binnen op nummer 1 en haalde een platina. Z’n populariteitwerd in elk geval niet minder. Voor de 25e verjaardag van Thriller werd in 2008 het album opnieuw uitgebracht,  met 6 nieuwe uitvoeringen door oa Will.i.am en Kanye West. Hij werkte aan een nieuw album en hij kondigde een aantal comeback optredens. Helaas stierf hij nog voor deze shows. Op 25 juni 2009 overleed de King of Pop aan een hartaanval.

Door veel fans en collega artiesten wordt hij beschouwd als de grootste entertainer die de muziekgeschiedenis gekend heeft. Met tal van records en belangrijke invloeden zoals de videoclip van Thriller is hij niet weg te denken uit de muziekgeschiedenis.

Welke nummers had Michael Jackson allemaal ?

Michael had veel nummers, waarvan veel nummer 1-hits. Hier zijn een paar nummers van hem:

  • Another Part of Me
  • Bad
  • Beat it
  • Ben
  • Billie Jean
  • Black or White
  • Blood on the Dancefloor
  • Cry
  • Dirty Diana
  • Don’t Stop Till You Get Enough
  • Earth Song
  • The Girl is Mine
  • Give in to Me
  • Gone Too Soon
  • HIStory
  • Heal the World
  • Human Nature
  • Man in the Mirror
  • This is It
  • Thriller
  • You are not Allone

Wist je dat Michael Jackson … ?

  1. Wist je dat Michael’s volledige naam Michael Joseph Jackson is ?
  2. Wist je dat hij op 29 augustus 1958 geboren is ?
  3. Wist je dat de clip scream, die hij zong met zijn zus, vijf miljoen dollar kostte ?
  4. Wist je dat Thriller het best verkochte album was ? Er zijn ruim 110 miljoen exemplaren verkocht.
  5. Wist je dat het liedje Thriller 14 minuten duurt ?
  6. Wist je dat Michael wereldwijd ruim 750 miljoen albums heeft verkocht ?
  7. Wist je dat Michael gelt als een van de succesvolste artiesten uit de 20ste eeuw ?
  8. Wist je dat het nummer Don’t Stop Till You Get Enough het bekendste nummer was in nederland ?

Wat is de moonwalk ?

De Moonwalkis een danstechniek waarbij een danser vooruit lijkt te lopen terwijl hij in werkelijkheid naar achteren loopt. Dit loopje werd wereldberoemd door Michael Jackson. Hij liet het zien tijdens een programma op televiesie, ter gelegenheid van het vijfentwintigjarig jubileum van het Motown-platenlabel.

Het loopje gaat achteruit waarbij de voeten op- en neergaan, dat veroorzaakt een bepaald effect dat lijkt op lopen in de ruimte, zonder zwaartekracht dus.Je kan de moonwalkook nog opzij en vooruit doen, maar dit is wel heel erg moeilijk.

Zo gaat de moonwalk:

  • Doe de rechter hiel omhoog
  • Sleep de linker voet naar achteren
  • Doe de rechter hiel omlaag, en je linker hiel omhoog
  • Sleep de rechtervoet naar achteren
  • Doe de linker hiel omlaag
  • Herhaal dat steeds en je krijgt de moonwalk !!!

‘Beat it’ de videoclip

De videoclip Beat it, werd geregisseerd door Bob Giraldi, de choreografie werd gedaan door Michael Peters die later ook meewerkte aan de clip voor het nummer Thriller. Veel van de dansers, die te zien zijn in de clip, waren leden van echte straatbendes, zodat het heel erg echt zou lijken.

De clip van Beat It volgt een simpel verhaal: het begint in een restaurant waar twee mannen naar buiten lopen (de muziek begint als de deur achter ze dicht slaat) en de leden van twee bendes zich verzamelen en lopen naar een pakhuis. Tussendoor loopt Michael Jackson als een eenzaam figuur, die ook aankomt in het pakhuis, net als de leiders van de twee bendes net midden in een messengevecht zitten. De omstanders voeren een ander soort dans uit die bekend werd in de jaren ’80: breakdance. Uiteindelijk komt Michael Jackson tussenbeide en dansen de twee bendes samen met Jackson tot het einde van het nummer.

Michael Jackson overleed op donderdag 25 juni 2009, nadat hij rond het middaguur in zijn woning in Los Angeles door een hartstilstand werd getroffen. Hij werd naar het UCLA Medical Center gebracht, waar hij om 14:26 uur dood werd verklaard. De herdenkingsceremonie was op 7 juli 2009 in Los Angeles.

Op donderdag 3 september 2009 is Michael Jackson, 70 dagen na zijn dood, begraven (bijgezet in een mausoleum) op Forest Lawn Memorial Park in Glendale.

Dit was mijn spreekbeurt over Michael Jackson, zijn er nog vragen ?

Spreekbeurt over webwinkels

Ik houd mijn spreekbeurt over webwinkels.

Vroeger, nog voor wij naar school gingen, was er nog geen internet. Dat kunnen wij ons nu helemaal niet voorstellen. Wat zouden we zonder internet moeten. We gebruiken het voor ons huiswerk maar ook om spelletjes te spelen. Onze eigen homepage te maken of onze Hyves bij te houden en te chatten. Iets anders dat heel erg in opkomst is op het internet zijn webwinkels. Vroeger moest je voor alles dat je wilde kopen naar een winkel. In kleine dorpjes had je kleine winkels en in de grote steden hele grote winkelcentra. Ook was er in sommige plaatsen een winkels zoals de Hema of de Bijenkorf waar je in 1 winkel heel veel verschillende dingen kon kopen. Met de komst van het internet is dat allemaal aan het veranderen. Bijna iedere winkel heeft tegenwoordig een website waar je kunt zien wat ze verkopen. Ook beginnen steeds meer winkels met een online winkel. Zo’n winkel op het internet noemen we ook wel een “webshop” of “webwinkel”. Web is afkomstig van World Wide Web wat we dan afkorten naar “web” om aan te geven dat het internet is. Vaak zijn webwinkels speciaal voor een bepaalde doelgroep gemaakt zoals bijvoorbeeld aanstaande moeders  een winkel met positiekleding en babykleding.

Uitzoeken op internet.

In de verschillende webwinkels kun je heel gemakkelijk prijzen vergelijken voordat je de spullen koopt. Omdat je op internet koopt heb je altijd een retour garantie waarbij je de spullen binnen een bepaald aantal dagen terug mag sturen. soms kan dat zelfs helemaal gratis. Winkelen vanuit je luie stoel dus! Vroeger had Wehkamp bijvoorbeeld nog een hele dikke catalogus waarin je de spullen moest opzoeken, tegenwoordig gaat dit ook bijna allemaal via de webshop van Wehkamp.

De opkomst van de webwinkels is enorm, er zijn er inmiddels duizenden en  soms zie je door de bomen het bos niet meer. Daarvoor is het handig om dan op een verzamelsite te kijken die de leukste shops alweer bij elkaar heeft gezocht of waar je de prijzen kunt vergelijken. Voorbeelden daarvan zijn kieskeurig.nl waar je prijzen kunt vergelijken.

Betalen op internet.

Op internet kun je natuurlijk niet betalen zoals je dat in een winkel doet. Vaak kun je met een creditcard betalen of via een eenmalige machtiging waarbij ze het geld automatisch van je rekening afschrijven. Vooruit betalen kan ook of met Ideal waarbij je het geld via internetbankieren direct betaald. Ook betaling bij aflevering aan de postbode via rembours is vaak wel mogelijk. Doordat er heel veel mogelijkheden zijn om te betalen wordt internet winkelen steeds populairder.

Dit was mijn spreekbeurt, zijn er nog vragen?

Spreekbeurt over de Okapi

De Okapi

Hey iedereen,

Ik weet niet hoe het komt dat ik nog nooit iemand een spreekbeurt heb horen doen over de okapi!

Kennen jullie een okapi?

1) Wat is eigenlijk een okapi?

Een okapi is eigenlijk een bosgiraf.

Het is een beetje een kruising tussen een giraf en een zebra.

De okapi is dus wel familie van de giraf maar ze zijn kleiner en hebben niet zo’n lange nek!

Het meest opvallende aan de okapi zijn uiterlijk zijn de wit met zwart gestreepte poten.

Ze hebben grote oren en enkel de mannetjes hebben 2 stompe horentjes.

De okapi heeft een blauwe tong van ongeveer 30 cm.

Ze wegen 250 kilo en naar schatting zouden er zo!n 10 tot 25000 okapi’s over heel de wereld moeten zijn.

Er zijn zo ongeveer 80 okapi’s in de dierentuinen.

In Amerika zijn er 41 dierentuinen waar je okapi’s kunt gaan bekijken.

In belgië zijn dat er slechts 4.

2)De netgiraf.

De netgiraf is te herkennen aan de grote hoekige vlekken die wordt gescheiden door witte lijnen.

Hij komt voor in het noordoosten van Afrika.

3)Wat eten ze?

De okapi leeft vooral van bladeren, twijgen en knoppen.

Maar ook varens vruchten en paddenstoelen.

4)Gedrag!

Okapi’s leven solidair.

De mannetjes zijn territoriaal tegenover de andere mannetjes.

Ze vechten door met hun nekken tegen elkaar te slaan.

De vrouwtjes  zijn meestal een maand in oestrust .

Ze worden dan vergezeld door een ander mannetje!

5) De voortplanting.

Okapi’s planten hun hetzelfde voort als honden,katten of andere zoogdieren

De draagtijd van een kleine okapi bedraagt: 425 tot 491 dagen!!!

Dat is dus meer dan één jaar!!! Dat is dus een stuk langer dan bij mensen, daar duurt een zwangerschap zoals jullie zullen weten 9 maanden.

Dit was het einde.

Zo dit was mijn spreekbeurt over de okapi en ik hoop dat jullie er veel van hebben opgestoken! Ik vond het een heel leuk onderwerp om te doen. Ik kende dit dier eigenlijk nog helemaal niet zo goed en heb zelf veel geleerd over de Okapi.

 

Spreekbeurt over “Het Oude Rome”

Spreekbeurt van Lisanne (11 jaar) over ‘Het oude Rome’

ik houd mijn spreekbeurt over ‘Het oude Rome’, omdat ik het een interessant onderwerp vind.

Ik ga vertellen over:
·   Hoe Rome is ontstaan
·   het Colosseum
·   Kinderen
·   Wat Romeinen droegen
·   Romeinse goden

Hoe is Rome ontstaan
Rome werd 753 jaar voor Chr. gebouwd, op 7 heuvels bij de rivier Tiber. Daarom was Rome een goede plek voor de handel; Rome was goed bereikbaar over water. Rond jaar voor Chr. werden de mensen ontevreden over het koningschap. Ze wilden zelf hun leider kiezen en Rome werd een republiek. De regering van toen (de Senaat) kreeg het voor het zeggen. Elk jaar werden er door de burgers 2 mannen tot senator gekozen. Zij leidden de Senaat. Maar de Senaat werd steeds zwakker. Julius Caesar was een van de laatste senatoren. Hij werd 44 jaar voor Chr. vermoord. Zijn dood zorgde voor veel chaos. 27 jaar voor Chr. werd Octavianus Caesar keizer en kreeg de naam Augustus. Hij bracht de chaos weer in orde. Vanaf dat moment waren keizers de baas over het hele Romeinse rijk. Het Romeinse leger was goed georganiseerd en had veel succes. Door veel overwinningen werd het rijk steeds groter. Elk overwonnen gebied werd een Romeinse provincie. De provincies werden met muren en forten beschermd tegen vijanden. Het Romeinse rijk is ong. 500 jaar gebleven. Na Augustus zijn er nog meer dan 60 keizers aan de macht geweest. In het jaar 306 werd Constantinus keizer. Hij was de laatste sterke keizer. Na dat hij dood was gegaan, vochten zijn zonen om de macht. Het Romeinse rijk werd zwakker en werd weer verdeeld. De Romeinen verloren de macht over Engeland, Frankrijk (toen nog Gallië), Noord-Afrika en Spanje. De Germaanse keizer Odoaker zette in het jaar 476 de laatste Romeinse keizer af en benoemde zichzelf tot koning van Italië. (nu laat ik jullie een filmpje zien over hoe Rome er ong. uit zou hebben gezien)

Het Colosseum
Het Colosseum, ook wel Amphitheatrum Flavium genoemd, had 80 genummerde ingangen en trappen die naar verschillende verdiepingen gingen. Hierdoor kon iedereen in 10 minuten op zijn plaats zitten. De 1e verdieping was voor 14 Romeinse groepen ridders. De 2e verdieping was voor de vrije burgers, kooplieden en handelaren. De 3e verdieping was voor gewone burgers. En de 4e verdieping was voor de vrouwen, zodat zij niet zoveel bloed zouden zien. Volgens de Romeinse mannen was dit niet goed voor hen.
In Rome waren er wel meer dan 100 feestdagen ter ere van de Romeinse goden en godinnen. De keizer trakteerde het volk dan op wagenrennen. Die werden meestal in circus Maximus gehouden. De mensen waren dol op dit soort races. Net als op gladiatorengevechten. Die werden in het Colosseum gehouden. Goed getrainde gladiatoren gingen tegen elkaar vechten en mensen lieten gladiatoren ook tegen wilde dieren vechten. Er waren veel verschillende soorten gladiatoren, ik noem er 3 van:
– De Samnieten. Die vochten met een lang, rechthoekig schild en      een zwaard of een lans. Als bescherming droegen ze een plaat op hun armen, een helm met vizier en een soort rokje.
– De Thraciërs. Die vochten met een klein rond schild en een dolk. Als bescherming droegen zij een plaatje onder de schouders, een soort rokje en scheenbeschermers.
– en De retiarii vochten met een net en een drietand. Als bescherming droegen zij een plaat op hun armen en een rokje. Meestal waren gladiatoren slaven, criminelen, iemand die veroordeeld was of een ’failliete Romein’. Zij werden gedwongen om te vechten. Soms deden gewone burgers mee, om een mooie prijs te winnen. Er waren zelfs vrouwen gladiatoren.
De gladiatorengevechten begonnen met een grote optocht van de deelnemers. Voor het podium van de keizer stopten ze dan en riepen ze: ‘Ave, Caesar, morituri te salutamus’  dat betekend: ‘Gegroet, keizer, zij die gaan sterven groeten u’.

Als een gladiator zich overgaf dan mocht het publiek zeggen of die gladiator dood moest. Als ze hun duim omhoog staken vonden ze dat hij dapper had gevochten en dat hij dus mocht blijven leven. Staken zij hun duim omlaag, dan moest hij dood.

Ook werden er zeeslagen gehouden in het Colosseum. Het water werd door grote pijpen naar binnen gepompt. Oorlogsschepen, triremen genaamd, dreven sierlijk in het rond. En dan kon het gevecht beginnen. Meestal was zo’n zeeslag tussen de Romeinen en de Grieken of de Romeinen en de perzen.
kinderen
8 dagen na de geboorte kreeg een meisje haar naam. Een jongen pas na 9 dagen. Een meisje werd meestal naar haar vader vernoemd. Dan veranderde de laatste letters vaak in een “a”. Bijvoorbeeld : De dochter van Julius heette dus Julia, de dochter van Claudius dus Claudia. De meeste kinderen gingen naar school als ze 7 werden. Als ze 12 jaar waren, mochten alleen de jongens nog verder leren. Meisjes trouwden dan meestal. Ze mochten niet zelf kiezen met wie ze gingen trouwen. Hun vader koos een geschikte man voor hen uit. De vader was trouwens in veel zaken de baas. Hij werd de Pater Familias genoemd (dat betekend: Vader van de familie) Je moest altijd naar hem luisteren. Ook zijn vrouw had weinig te zeggen. De vader had zelfs het recht om zijn eigen kind te verkopen als slaaf als hij dat nodig vond en in sommige gevallen had hij het recht om zijn kind te doden…

Veel kinderen werden als slaaf geboren. Als ze 6 of 7 jaar waren moesten ze al werken. Bijna niemand ging naar school. Ook de kinderen waarvan de ouders niet al te arm waren, moesten hun ouders helpen bij hun werk. Toch kregen een paar (rijke) kinderen les. Ze kregen les van hun vader, of van een huisleraar. Meestal was die leraar dan een Griekse slaaf. Ze kregen dan les in rekenen, lezen en schrijven in het Latijn en het Grieks. Als dat lukte, moesten de kinderen stukken uit boeken uit hun hoofd leren, zoals van de Griekse dichter Homerus. Als ze fouten maakten of niet opletten kregen ze een flinke straf.

Kleding
De meeste mannen droegen een tunica. Bij belangrijke gelegenheden droegen ze een toga. Vrouwen droegen een eenvoudige witte tunica tot op hun enkels, met over die tunica een keurige sjaal. Mannen en vrouwen droegen allebei gewoon sandalen.

Romeinse goden
De Romeinen hadden veel Goden. Net zoals de Grieken die hadden. Eigenlijk leken de Griekse en de Romeinse goden op elkaar. De goden hadden allemaal hun eigen taak. Er was een god van de oorlog, een god van de landbouw enz. Tijdens de keizertijd werden keizers soms tijdens hun leven ook vereerd als god. Als ze dood gingen, werden ze ook als een god beschouwd.

De belangrijkste Romeinse god was Jupiter. Hij was de oppergod en de god van de hemel. Jupiter leek heel veel op de Griekse god Zeus. Volgens de Romeinen woonde Jupiter in de grote tempel op het Capitoleum in Rome. De Romeinen bouwden tempels voor alle goden en geloofden dat de goden daar echt in leefden. Ze mochten vaak zelf niet in de tempel. Bij belangrijke (politieke) beslissingen gingen de Romeinen eerst naar de tempel van Jupiter om raad te vragen.

Verder waren er natuurlijk nog veel meer goden! Ik noem nu de tien belangrijkste goden;
·  Juno, oppergodin en godin van vrouw vruchtbaarheid
·  Minerva, godin van de arbeid en wijsheid
·  Mars, god van de oorlog
·  Neptunus, god van de zee en het water
·  Apollo, god van het licht en de genezing
·  Diana, godin van de maan en jacht
·  Venus, godin van de liefde en schoonheid
·  Saturnus, god van de groei en de oogst
·  Pluto, god van de doden
·  En Mercurius, de boodschapper en de god van de handel

QUIZ
1.   waar werden wagenrennen meestal gehouden? (in Circus Maximus)
2.   wie zaten op de 4e verdieping van het Colosseum? (de vrouwen)
3.   hoe oud waren meisjes meestal als ze gingen trouwen? (12 jaar)
4.   wie was de belangrijkste Romeinse god? (Jupiter)

Einde
Dit was mijn spreekbeurt! Zijn er nog vragen?

Spreekbeurt over De Nazi’s

Duitse inval.

10 mei 1940.Op 10 mei 1940 kwam er onder bevel van Adolf Hitler
onverwachts
Duitse soldaten ons land binnen.Ons leger en onze luchtmacht vochten zo
goed
mogelijk terug.
Maar de strijd was oneerlijk,na 4 dagen vechten moest ons land zich
overgeven.
Van toen af waren de Duitsers de baas in ons land.Dat was op 14 mei 1940.
In het begin beloofden de verzetstrijders dat er niets zou gebeuren.Dat
het
gewoon zo bleef doorgaan.Maar de meeste mensen geloofden dat niet en dat
bleek waar te zijn.

2.Censuur.

In ons land kwamen steeds meer maatregelen.Kranten en tijdschriften werden
verboden.Boeken werden alleen maar goedgekeurd als het van de Duitsers
mocht.
Dat noemen we censuur.Verenigingen en bonden moesten ophouden en het geld
werd in beslag genomen.Ookde radio moest in beslag worden genomen.Ook alle
namen die iets met het koninklijke huis herinnerde werd verboden.En moest
veranderd worden.En de Nederlandse vlag mocht niet meer worden
uitgestoken.

3.Onderduikers.

De Nederlandse soldaten die vrij werden gelaten werden weer gevangen
genomen.Voedsel voorraden in ons land werd in beslag genomen.Al gauw was
er
geen eten meer.Een groot aantal mensen tussen de 18 en 35 jaar werden
opgeroepen om voor de duitsers te werken.

Veel mensen weigerden en verstopte zich.Dat heet onderduiken.Een dorp of
stadsdeel werd omsingeld.Als er iemand ‘s nachts werd gevonden werden ze
naar duitsland afgevoerd.

4.Illegale pers.

In mei 1940 begon Pieter ‘t Hoon (dat was zijn schuilnaam)met zijn
nieuwsbrief.Later kreeg het de naam : Het Parool.Al gauw kwamen er meer
geheime kranten.Heel veel kranten waren klein.Ze werden dan naar heel
weinig
mensen gestuurd.Er waren ook grote bladen.Daar werden er zo honderdduizend
van verstuurt.Een paar van die bladen zijn na de oorlog voortbestaan.In de
strijd tegen de Duitsers was de pers hard nodig.Het verspreiden van
krantjes
ging erg moeilijk.Ze moesten stiekem in de nacht in de brievenbus worden
gestopt.

Onder boodschappen en groenten vervoerden vrouwen de kranten.Hannie Schaft
werd bekend als een jonge vrouw in het verzet.Ze deed heel gevaarlijk
werk.Over haar is na de oorlog een film gemaakt.Onder de titel:Het meisje
met het rode haar.

5.Overval op de gevangenis van Leeuwarden.

 

Op 8 december 1944 op de gevangenis van Leeuwarden gingen verzetstrijders
mensen redden uit de gevangenis.Dat was extra moeilijk omdat er overal
Duitse politie stond.Er mocht geen schot worden gelost.Met behulp van
bewakers die het verzet steunden,werden er valse sleutels gemaakt van alle
deuren.Twee als verkleed in Duitse politie pakken deden alsof ze drie
arrestanten kwamen afleveren.Dat waren ook verzetstrijders.Dankzij valse
telefoontjes en valse papieren werd voor hun de deur geopend.De vijf
overmeesterden de wacht en lieten nog 12 andere verzetstrijders
binnen.Twee
Duitsers die met echte gevangenen binnen kwamen konden worden
uitgeschakeld.In een paar minuten werden vijftig man bevrijd.Ze brachten
ze
naar een onderduikadressen die ze van tevoren hadden geregeld.Dank zij het
schitterende plan werd bij deze actie niemand gewond geraakt of gedood.

6.Adolf Hitler.

 

Adolf Hitler was de leider van de duitsers.Het is een gruwelijke naam hij
is
nog steeds bekend.Hij werd geboren in Oostenrijk.In 1913 vertrok Hitler
naar
Munchen in Duitsland.Voor het Oostenrijkse leger was hij afgekeurd,maar
voor
het duitse werd hij goedgekeurd.In 1913 brak de eerste wereldoorlog uit en
in 1940 de tweede.Op het eind van de Tweede wereldoorlog toen de duitsers
hadden verloren,had Hitler zichzelf opgehangen.Een paar dagen na Hitler’s
dood gaf zijn opvolger admiraal Donitz zich over aan de geallieerden.De
geallieerden zijn franse,engelse en amerikaanse soldaten.
6.Bevrijdingsdag.

Op 5 mei 1945 was bevrijdingsdag.Een paar dagen na bevrijdingsdag op 8 mei
kwamen de Canadezen de provincie Utrecht binnen.Zij hadden vijf jaar lang
tegen de duitsers moeten vechten.Nu herdenken wij elkjaar 5 mei 1945.Dat
ons
land vrijheid heeft gekregen.

Nog alles in het kort.
10 Mei 1940 kwamen duitse troepen ons land binnen.
14 Mei 1940 moest ons land zich overgeven.
Op 8 December 1944 werden verzetstrijders gered op de gevangenis van
Leeuwarden.
5 Mei 1945 is bevrijdingsdag.

 

 

Hitler aan de macht

 

Iedereen heeft wel eens van Adolf Hitler gehoord. Bij zijn naam denk je meteen aan de Tweede Wereldoorlog. Een verschrikkelijke oorlog waarin veel mensen werden gedood. Op 4 mei herdenken wij al deze mensen, op Nationale Dodenherdenking.

Hitler is al lang dood, maar als zijn naam valt, krijgen veel mensen koude rillingen. Wie was Hitler eigenlijk? En hoe kwam hij aan de macht?

Kunstenaar

 

Adolf Hitler is op 20 april 1889 geboren in Oostenrijk. Zijn vader werkte bij de douane en zijn moeder was huisvrouw. Hij had een normale jeugd. Hitler was 16 jaar toen zijn vader overleed. Op de middelbare school had hij weinig vrienden want hij voelde zich beter dan anderen. En hij deed niet erg zijn best want hij was een beetje lui en hij vond zijn leraren dom. Hij vond zichzelf geweldig en fantaseerde veel daarover.

Hij had grootse plannen: hij wilde kunstenaar worden. Op 18-jarige leeftijd ging hij naar Wenen met een map tekeningen onder zijn arm. Maar op de kunstacademie vonden ze zijn werk niet goed genoeg. Hij werd twee keer afgewezen. Dat maakte hem boos en ongelukkig. In Wenen was hij arm en vond moeilijk werk. Maar dat lag misschien ook wel aan hemzelf, want hij hield niet zo van hard werken. Maar hij vond dat hij beter verdiende, en was boos op alles en iedereen. Zo had hij ook een enorme hekel aan joodse mensen. Vooral als ze het beter hadden dan hij.

Duitsers verslagen

 

In 1914 brak de eerste Wereldoorlog uit. Hitler meldde zich vrijwillig bij het Duitse leger. Na vier jaar vechten kon Duitsland toch niet winnen. Het moest zich overgeven aan Engeland, Frankrijk en Amerika. Dat was in 1918. Het einde van de oorlog maakte hij mee toen hij in het soldatenziekenhuis lag. Hij was half blind door een Engelse gasaanval.

Hitler was woedend dat Duitsland zich had moeten overgeven. En hij vond dat Duitsland erg oneerlijk werd behandeld door de overwinnaars Frankrijk en Engeland. Veel Duitsers vonden dat ook. Want Duitsland moest veel stukken land afstaan en heel veel geld betalen aan Frankrijk en Engeland. Hitler vond dat het allemaal de schuld van de regering in Berlijn was omdat die Duitsland verraden hadden.

De nationaal-socialisten

 

Na de oorlog had Hitler weer geen werk. Hij besloot in de politiek te gaan. Hij werd lid van een een kleine politieke partij: de NSDAP, de Nationaal Socialistische Duitse Arbeiders Partij. Hij hield toespraken. De mensen luisterden graag naar hem. Want die mensen waren allemaal erg ontevreden en Hitler zei dat het allemaal anders moest. Dat wilden die mensen natuurlijk graag horen! En die werden ook lid van de NSDAP.

Daar waren ook soldaten bij die net als Hitler hadden gevochten in de verloren oorlog. Ze noemden zich kortweg nationaal-socialisten, nazi’s. En Hitler werd hun leider, in het Duits heet dat Führer. In het begin telden de nazi’s helemaal niet mee. Het was maar een klein partijtje! De grote partijen regeerden het land. Zij hadden het voor het zeggen.

Maar dat veranderde.. Na 1930 ging het in Duitsland en in veel andere landen heel slecht met de economie. Bedrijven en fabrieken moesten sluiten, er was te weinig werk en ze verdienden dus niets meer. Veel mensen werden ontslagen. Het was crisistijd. In 1932 waren er meer dan vijf miljoen werklozen, en dat is heel erg veel! Die moesten nu bedelen op straat om geld. De regering in Berlijn wist niet goed wat ze tegen de werkloosheid moest doen. De grote politieke partijen ook niet. Ze gaven elkaar de schuld van de crisis. Daarom hadden steeds minder Duitsers vertrouwen in de politici in Berlijn.

 

Op weg naar de macht

 

Nu greep Hitler met zijn NSDAP zijn kans. Ze gingen de straat op met hakenkruisvlaggen. Ze roepen: ‘Als we sterk zijn in wat we willen, kunnen we alles. De Duitsers zijn het grootste en beste volk op de wereld’.

En ze wisten goed wat ze wilden:
– Weg met de regering in Berlijn;
– Duitsland moet een sterk land worden;
– Alle Duitsers moeten in één Groot Duits rijk wonen;
– De Duitsers die joods zijn horen daar niet bij.

Duitsers die het hier niet mee eens waren, werden in elkaar geslagen door nazi’s in bruine uniformen, de SA. Steeds meer Duitsers hoopten dat Hitler de sterke man was die Duitsland zou redden van de ondergang. En ze waren onder de indruk van al die wapperende vlaggen, het marcheren van de naz’s, de indrukwekkende bijeenkomsten met spreekkoren, marsmuziek, marcheren, de uniformen. In 1930

 

Dictatuur

 

De andere politieke partijen moesten nu wel rekening met hem houden. Ze konden niet zonder de nazi’s regeren. Twee jaar later, in 1932 waren er weer verkiezingen. Hitlers partij werd nu de grootste partij van Duitsland. En een paar maanden later, in januari 1933, werd Hitler de leider van de Duitse regering, de kanselier. Dat is de belangrijkste man van het land. En dat zouden de Duitsers weten…

Joden vervolgt

Iedereen die tegen Hitler was, werd gearresteerd en gevangen gezet in kampen. De andere politieke partijen werden verboden. Er mocht nog maar één partij bestaan, die van Hitler, de nazi-partij. Toen was er geen democratie meer in Duitsland, Duitsland was een dictatuur geworden.

Hitler gebruikte de macht die hij nu had ook tegen de Duitse joden. Joodse dokters mochten niet meer werken. Duitsers mochten ook niet meer kopen in winkels van joden. Joden mochten niet meer trouwen met Duitsers. Want volgens de nazi’s waren de Duitsers een supervolk. En joden hoorden daar niet bij. Op een dag kwamen de bruinhemden in actie: ze sloegen de joodse winkels kort en klein en mishandelden de winkeliers. Maar niemand durfde ze te helpen

Oorlog

 

 

En het leek erop dat door Hitler Duitsland er weer bovenop kwam. Er kwamen steeds minder werklozen. Hitler liet bijvoorbeeld autowegen aanleggen, dat betekende voor veel mensen werk. Hitler bood de mannen werk aan als soldaat in het leger. Het leger werd steeds groter. Er kwamen nieuwe fabrieken. Ook die leverden banen op… en wapens. Hitler werd enorm populair. Hij werd in heel Duitsland toegejuicht. Niet alleen door nationaal-socialisten.

In 1936 pakte Hitler een stuk van Duitsland weer terug dat in 1918 was afgestaan aan Frankrijk. Frankrijk en Engeland waren het daar niet mee eens maar deden niets. Ze durfden het niet aan om weer een oorlog te beginnen tegen Duitsland. Maar Hitler had wel zin in oorlog! Daarvoor had hij het Duitse leger zo groot en sterk gemaakt. En daarom had hij wapens en bommenwerpers, vliegtuigen, tanks, duikboten en oorlogsschepen laten maken. In 1939 viel Hitler met zijn leger buurland Polen aan. En toen grepen Frankrijk en Engeland wel in. Nu moesten ze wel. De Tweede Wereldoorlog was begonnen.

Spreekbeurt over de Mexicaanse griep

mgvaccinSinds maart 2009 hoor je er van alles over in het nieuws: de Mexicaanse griep. Dat is een nieuw soort griepvirus dat nu heerst. Het is ontstaan in Mexico en verspreidt zich van mens op mens. Hoeveel mensen er wereldwijd precies met de griep besmet zijn is niet bekend. Er zijn medicijnen tegen de griep en je kan er van genezen. Ook kun je er tegen ingeënt worden.

In Nederland zijn genoeg medicijnen tegen de Mexicaanse griep. Mensen die met de griep besmet zijn kunnen dus meteen behandeld worden. Ook kun je ingeënt worden met een vaccin, waardoor je niet meer besmet kan raken met de Mexicaanse griep. Daarvan heeft Nederland er al 34 miljoen besteld. Met het inenten zijn ze inmiddels begonnen. Mensen die veel risico lopen kunnen nu al een prik krijgen, zoals baby’s en zwangere vrouwen.Over de hele wereld houden deskundigen de griep goed in de gaten, omdat ze niet willen dat het virus zich verder verspreidt. Maar wat is die griep nu eigenlijk en hoe gevaarlijk is het? De griep lijkt heel veel op een gewone griep. Je moet hoesten, hebt koorts en je hele lichaam doet zeer. Het is het beste gewoon in bed uit te zieken tot dat je weer helemaal beter bent. Zo heb je ook de minste kans om iemand anders te besmetten. Meestal is het niet nodig om medicijnen te krijgen omdat de Mexicaanse griep voor gezonde mensen meestal niet erger is dan een gewone griep.  Als je toch heel erg ziek wordt dan moet je natuurlijk altijd contact opnemen met je huisarts. Ze hebben het liefste dat de Mexicaanse griep patiënten niet naar de dokterspraktijk toekomen want dan kunnen ze daar weer andere mensen besmetten. Voor mensen die verzwakt zijn door een andere ziekte, baby’s en ouderen kan de Mexicaanse griep wel gevaarlijk zijn.

Net als bij de gewone griep, krijgen heel veel mensen deze griep in het najaar. Het zijn vooral volwassenen, maar ook kinderen hebben de griep. De meesten zijn inmiddels alweer beter. In Nederland zijn meer dan tien mensen aan de Mexicaanse griep overleden. Maar volgens deskundigen hoef je je geen grote zorgen te maken omdat de kans dat je aan de griep overlijdt heel klein is.

In Nederland wordt inmiddels veel gedaan om snelle verspreiding van het virus te voorkomen. Op verschillende scholen in Nederland worden maatregelen genomen tegen de griep en is er les over geweest.

Niet iedereen is voor het inenten tegen de Mexicaanse griep. Er zijn veel mensen die vinden dat de risico’s van de inenting niet goed onderzocht zijn omdat er nog zo weinig over bekend is. Volgens de deskundigen zijn er weinig risico’s en kun je beter de risico’s van de inenting hebben dan de Mexicaanse griep zelf.

ik hoop dat jullie nu meer weten over de Mexicaanse griep en dat we het hier op school niet krijgen.

Zijn er nog vragen?

Spreekbeurt over de Pubertijd

Alles veranderd heel snel.

Je hebt steeds vaker ruzie met je ouders.
Je bent vaak chagrijnig maar op het andere moment heelmaal niet.
Je krijgt overal de schuld van.
Je bemoeit je er overal mee.
Dan ben je in de Puberteit gekomen.
Het de moeilijkste tijd van groeien.
In die tijd verander alles heel snel.
Zoals bij meisjes krijg je borsten, schaamhaar en okselhaar.
Soms gaan meisjes zich er heel er voor schamen.
De jongens krijgen een baard in de keel.
Verder krijgen ze borsthaar en een baard/snor.
De een ene dag wil je kinderachtige dingen doen de andere dag volwassen.
De Puberteit is een lastige tijd.
Soms kunnen je vader en moeder je helemaal niet herkennen.
Meestal als je in die tijd zit ga je stoer doen.
En je vast voorbereiden op de hogere school.
Want daar doen ze allemaal zo.

Bij nadenken.

Je zou eigenlijk kunnen zeggen dat je in de Puberteit een hele andere jij bent .
Je zou denken hoe kan er precies tussen die leeftijd en die dit gaat gebeuren.
Daar kom je waarschijnlijk nooit achter.
Er is wel genoeg tijd voor te ontwikkelen.
Die tijd begint ongeveer van af je tiende tot je zestiende.
Je hebt dus zes jaar .
Bij sommige kinderen begint het al eerder of zelfs later.
Eigenlijk zou je denken waarom kan dit niet in een jaar .
In de Pubertijd maakt een jongen zich klaar om een meisje zwager te maken en een meisje om zwager te worden.
In Nederland werd ongeveer honderd jaar geleden voor het eerst iets over de Puberteit geschreven.
Voor die tijd behandelden mensen kinderen eigenlijk zoals kleine volwassen.
In  de Puberteit ben je te oud voor kinderdingen maar te jong om als een volwassen te leven.
Tegenwoordig duurt de tijd steeds langer.
De kinderen gaan langer naar school, volwassen beginnen steeds later te werken en kinderen te krijgen.

Help , wat gebeurd er nu!!!

In de Puberteit gaat alles een beetje op hol., er verandert van alles aan de binnen en buitenkant.
Van buiten groei ineens veel harder.
Eerst groeien je handen en voeten daarna je hoofd en dan je armen en dan je benen en dan je romp.
Je lijf krijgt ineens een andere vorm.
Grote mensen zeggen dat je slungelig wordt.
Omdat je  in eens zo lang bent geworden.
Soms weet je niet eens waar je armen en benen moet laten.
Je hoofd verandert van een kindergezicht naar een volwassen
gezicht.
Dat snelle groeien begint bij jongens vanaf 12 tot 16 jaar.
Naar een jaar kan je maar zo 10 centimeter gegroeid zijn.
Meisjes beginnen vaak eerder met groeien.
Zij beginnen met groeien als ze tussen de  9,5 en 14.5 jaar zijn.
Ze worden vaak in korte tijd  6 tot 11 centimeter langer.

Vast bezig zijn met de toekomst.

De  meeste veranderingen gebeuren in de Puberteit.
Als je die tijd niet hebt gehad kan je ook geen kinderen krijgen later.
Jongens kunnen na de Puberteit meisjes zwanger maken, en meisjes kunnen dan zwanger worden.
Gelukkig zijn er in Nederland niet zoveel meisjes die vroeg zwanger worden.
Dat komt door de goede voorlichting over voorbehoedsmiddelen.
Maar ook als er geen kinderen komen , is je lichaam er al wel klaar voor.
Dit gebeurt er bij jongens.
Als je een jongen bent groeien eerst je ballen of teeballen.
Ze gaan een beetje hangen.
Verder krijg je schaamhaar, okselhaar en snor/baard  haar.
Je krijgt ook een braad in de keel.
Je stem moet leren om zwaarder te klinken .
af en toe gaat je stem ook wel hoger klinken.
Niks om je voor te schamen, want dat gebeurd bijna bij alle jongens.
Soms duurt het gewoon maar een paar maanden, maar soms ook een paar jaar.
Als je een jongen bent en je denkt krijg ik ineens borsten??
Nee, het is maar een extra laagje vet.
Maar het gaat ook van zelf weer weg.
Dit gebeurt er bij meisjes.
Als je een meisje bent dan gaan je borsten groeien. Daarna krijg je schaamhaar en okselhaar.
Daarna word je ongesteld.
Het kan al op je 9e gebeuren maar ook pas op je 13e.
Het gemiddelde dat je voor het eerst ongesteld bent is 11.
Als het lang duurt is het helemaal erg elk lichaam is anders.
Ongesteldheid ,is een teken dat de baarmoeder zich elke maand klaar maakt om een kindje te maken.
Ongesteld zijn duurt elke maand een paar dagen.
In die dagen verlies je bloed uit je vagina.
Je gebruikt maandverband of een tampon.
Een maandverbandje doe je in je onderbroek .
Een tampon in je vagina.
Je gebruikt dit om er voor te zorgen dat je geen bloed in rok of broek krijgt.
Als je ontgesteld bent ben je anders dan normaal . je bent dan bijvoorbeeld moe , buikpijn, hoofdpijn of heel chagrijnig.
Maar het kan ook dat je er eigenlijk helemaal niet druk om maakt.
Of je hebt veel energie.
In het begin ben je niet echt ontgesteld.
Je lichaam moet er aan wennen .
Maar na een paar keer is je lichaam en aan gewend.
Een keer in de vier weken ben je het.
Verder gaan je schaamlippen.
Toen je een baby’tje was.
Was die kleiner.
Je hebt buitenste en binnenste schaamlippen.

Je kan soms wel uren dromen.
In de Puberteit zit je jezelf gewoon in de weg.
In plaats van afspraakjes te maken .
zit je na te denken over later.
De manier waar op je verandert is eigenlijk best ingewikkeld.
Soms ga je een beetje te ver na denken .
misschien als ik uit huis ben.
ben ik zo arm dat ik niks meer kan kopen.
Of krijg ik grote problemen.
Soms denk je te veel na er over.
Soms over je uiterlijk .
Over puisten die je weg wilt.
Vroeger zat je liever naast een meisje in de klas nu naast een jongen.
Misschien wordt je als meisje in een keer op een andere jongen verliefd.
Te wel die jongen zo veel van je hield maar jij niet van hem.
Steeds zijn het andere dingen waar jij over na gaat denken.
Dus door de Puberteit ga je veel denken over heel veel dingen.

Meningen???

In de Puberteit werkt je hoofd anders.
Je vind dingen ineens interessant
Terwijl je er een paar jaar geleden niks aan vond .
Je kunt bijvoorbeeld heel verdrietig worden van nare dingen die in de wereld gebeuren.
Van roken ga je dood, dus niet slim als je rookt.
Je vader is bij je moeder weggegaan, dus hij is een rotzak .je hebt vaak eigen meningen.
Wil ik zoenen ??of nog niet??
Als je moeder je naar school brengt schaam je rot.
Als je vader vertelt aan iemand dat je slordig bent.
Ren je boos weg of blijf je staan???
Als je thuis hebt gedocht , ga je jezelf ineens verstoppen in een grote handdoek . omdat je niet wilt dat je ouders , broertjes of zusjes je zien in je blootje.
Je gaat je schamen.
Je wilt niet luisteren naar een ander.
Waarom mag ik niet zelf weten waarneer ik na bed ga??
Hoezo moet ik helpen met de afwas??
Waarom moet ik helpen met de tuin?
Omdat het jullie tuin is!!!
Dan ben je erg brutaal.
In de Puberteit ga je vaak stoer doen.
Stiekem roken bijvoorbeeld,of iets pikken in de winkel.
Door af en toe te ver te gaan leer je hoe het wel moet.

Kiezen heeft het meest recht.

In de Puberteit is kiezen heel belangrijk.
Alles klein kind maakte je natuurlijk ook al veel keuzes,maar nu denk je er meer over na.
Leer je huiswerk niet loop je de kans dat je een laag cijfer hebt.
Door een keuze ga je een bepaalde kant uit.
Dat is leuk en lastig tegelijk,want wat als je de ‘verkeerde’ kiest?
Als je de ene kant kiest en het is fout wil je meestal het andere dan gaan doen maar dat kan niet meer.
Soms durf je helemaal niks meer omdat je bang bent dat je het verkeerde doet.
Je wilt vaak ‘afkijken’.
Maar daar zit ook een groot nadeel bij.
Straks ziet de juf of meester het .
Heb je een nog groter probleem
In de Puberteit zijn je klasgenoten erg belangrijk.
Soms wil je mee gaan doen omdat je anders denkt dat je gepest word.

Spreekbeurt over Nederland

Nederland

Nederland:

Nederland ligt in het westen van Europa. De buurlanden van Nederland zijn: Duitsland en België. Aan de west kant van Nederland ligt de Noordzee. De oppervlakte van Nederland is: 41.528 vierkante kilometer, waarvan ongeveer 18% uit water bestaat. De hoofdstad van Nederland is Amsterdam en de hoofdtaal is Nederlands. Er wonen ongeveer 16 miljoen mensen in Nederland. Nederland is opgedeeld in 12 provincies, de provincies en hun hoofdsteden zijn:

Friesland –  Leeuwarden, Groningen – Groningen, Drenthe –  Assen, Noord Holland – Haarlem, Gelderland – Arhnem, Overijssel – Zwolle, Utrecht – Utrecht, Zuid Holland – Den Haag, Noord Brabant – Den Bosch ( ‘s Hertogenbosch), Limburg – Maastricht, Zeeland – Middelburg, Flevoland – Lelystad.

De vlag van Nederland:

Vroeger was de vlag van Nederland niet: Rood Wit Blauw, maar: Oranje wit Blauw. Pas in 1937 werdt de vlag Rood Wit Blauw pas officieel de vlag van Nederland. Dat de vlag drie kleuren heeft is al langer zo. De vlag wordt op verschillende speciale momenten uitgehangen door speciale gebouwen, heel veel Nederlanders doen dit ook. Deze momenten zijn:

* De verjaardag van de Koningin, * De verjaardag van Prins Willem-Alexander, * De verjaardag van Maxima, * De verjaardagen van Amalia, Alexia en Ariane, * Koninginnedag, * Bevrijdingsdag,* Einde van de tweede wereldoorlog, * Opening van de Staten-Generaal, * Koningkrijksdag.

Bij al deze dingen wordt de vlag opgehangen met de oranje wimpel erbij. De vlag wordt ook eventjes opgehangen met dodenherdenking, de vlag gaat dan halfstok en wordt weggehaald als de zon onder gaat.

Het klimaat van Nederland:

Nederland heeft een gematigt zeeklimaat. Dat komt omdat Nederland aan de Noordzee ligt. Het waaid ook heel hard in Nederland, vooral in de kustgebieden. In de zomermaanden is de temperatuur van Nederland ongeveer gemiddeld 28 graden. In de wintermaanden is het ongeveer gemiddeld rond het vriespunt. De neerslag valt in Nederland in alle seizoenen. In het binnenland regent het het meest in de zomer en in de kust gebieden regent het meest in het najaar. De sneeuw valt in Nederland in het najaar. En hagelbuien kunnen zomaar in de zomer voorkomen. Ook komen in Nederland onweersbuien tegen. Die zijn het meest in het najaar.

De cultuur en gewoonten van Nederland:


Beschuit met muisjes
Een typisch Nederlandse gewoonte met een geboorte is het eten van beschuit met muisjes (harde kleine snoepjes met anijsvulling): als er een meisje geboren wordt gebruik je de kleur roze bij de jongens de kleur blauw. Ook is het de laatste jaren een trend geworden een houten ooievaar in de tuin te zetten met de naam van het kind erop. En natuurlijk worden nog altijd geboortekaartjes naar familieleden en vrienden verstuurd.

Geslaagd voor een examen
In Nederland is het de gewoonte de eindexamenkandidaten op een bepaald tijdstip thuis te bellen als ze gezakt zijn voor hun eindexamens of een herexamen moeten doen. Dit is voor vele scholieren en ouders een spannend moment! Als je echt geslaagd bent, is het in Nederland een goede gewoonte meteen een vlag met daaraan de boekentas en oude schriften of schoolboeken te hangen.

Carnaval
Carnaval wordt in Nederland in de katholieke provincies beneden de grote rivieren gevierd (Noord-Brabant en Limburg). Het feest begint in het weekend voor Aswoensdag en duurt vijf dagen. Elke gemeente in het zuiden van Nederland verandert de naam van de stad, en de carnavalsprins, die ieder jaar door de inwoners wordt gekozen, krijgt de sleutels van de stad of het dorp. Iedere gemeente heeft een eigen carnavalsoptocht, dat bestaat uit praalwagens en verklede mensen. De bekendste en mooiste optocht is die van Maastricht. Dinsdag om middernacht wordt het feest afgesloten met het traditionele ‘haringhappen’.

1 april
Op 1 april is het in Nederland een gebruik om andere mensen voor de gek te houden. Vaak worden lang van tevoren goeie grappen bedacht, om er maar zoveel mogelijk mensen in te laten trappen. Vaak worden deze situaties heel erg  serieus genomen via radio en televisie. Zo werd in Tilburg eens via de radio verspreid dat er champagne zou stromen in de fontein voor het stadhuis in plaats van water. Achteraf bleek dit natuurlijk een 1 aprilgrap te zijn.

Pasen
Pasen wordt in Nederland gedurende twee dagen gevierd. De laatste jaren is het steeds meer gebruikelijk om het huis te versieren met paastakken. Er wordt volop chocolade gegeten in de vorm van eieren en haasjes, uitgebreid gebruncht met paasstol (een ovaal brood gevuld met spijs, krenten en rozijnen) en gekleurde eieren, en iedereen gaat naar z’n familie toe. Voor de kinderen worden in de tuin door de “paashaas” geverfde eieren verstopt. Tweede Paasdag is vooral een dag, dat iedereen een bezoek brengt aan dierenparken, meubelboulevards enz..

30 april, koninginnedag
Op 30 april wordt de verjaardag van de Koningin der Nederlanden gevierd. Eigenlijk is het niet de echte verjaardag van de koningin, Koningin Beatrix, maar die van haar moeder, Prinses Juliana. Koningin Beatrix heeft bij haar aantreden als koningin besloten deze dag in ere te houden als nationale feestdag. In het hele land wordt Koninginnedag gevierd met speciale activiteiten die door het plaatselijke Oranjecomité georganiseerd worden. In de grote steden in de Randstad worden zeer druk bezochte vrijmarkten gehouden, die op 29 april vanaf 18:00 open gaan. Mensen mogen dan 24 uur lang alles op straat verkopen zonder daarvoor belasting te hoeven betalen. Dagen tevoren houden zij met tuinstoelen en slaapzakken de beste plaatsen bezet, om hun oude of nieuwe spullen aan een nieuwe eigenaar te helpen, of om mensen wat geld te laten betalen voor spelletjes en toneelstukjes. De mensen en de straten zijn gekleed in oranje en de vlaggen zijn van zolder gehaald. Zelfs in de supermarkten zijn oranje producten verkrijgbaar, van tompoezen tot vla en andere lekkere dingen. De Koningin en haar familie brengen op deze dag een bezoek aan twee verschillende steden in het land.

4 en 5 mei
Elk jaar wordt in Nederland op 4 en 5 mei de Tweede Wereldoorlog herdacht. Op 4 mei ‘s avonds herdenkt men de Nederlanders die tijdens die oorlog omgekomen zijn. Tijdens een plechtige gebeurtenis worden bij de meeste oorlogsmonumenten in Nederland kransen gelegd en toespraken gehouden. Vaak komen oud-strijders en nabestaanden ook kijken naar deze gebeurtenis. De vlaggen hangen de hele dag half stok. De nationale Dodenherdenking vindt plaats op het monument op de Dam in Amsterdam, en daarbij zijn de koninklijke familie en regeringsvertegenwoordigers. Allereerst wordt om 20:00 twee minuten stilte genomen. Deze herdenking wordt op alle televisiezenders uitgezonden.

De dag erna, op 5 mei, herdenkt Nederland het einde van de Tweede Wereldoorlog. Eens in de vijf jaar is het een officiële feestdag en sluiten ook de meeste bedrijven hun deuren. Tegenwoordig gaan er overigens steeds meer stemmen op om van bevrijdingsdag een jaarlijkse officiële feestdag te maken. Deze dag is in de loop van de jaren veranderd.In de grote steden worden vaak braderieën georganiseerd.

Derde dinsdag van september
De derde dinsdag van september is een serieuze dag voor de Nederlanders. De Koningin verplaatst zich in de traditionele Gouden Koets vanaf Paleis Noordeinde naar het Binnenhof in Den Haag, waar alle regeringsgebouwen staan. In de Ridderzaal leest ze aan alle parlementsleden en ministers de jaarlijkse Troonrede voor, een toespraak waarin alle voornemens en het beleid van de Nederlandse regering geschetst worden voor het komende jaar. De Troonrede wordt live via radio en televisie uitgezonden.

Sintmaarten
Het Sint-Maartensfeest, het eerste feest in het kerkelijk jaar, is in Nederland altijd nog het belangrijkste kinderfeest na het Sinterklaasfeest. Vooral in Groningen, Drenthe, West-Friesland, Noord-Brabant, Limburg en in de stad Utrecht trekken op 11 november veel kinderen rond met lampions, onder het zingen van liedjes. Zij bellen huis aan huis aan en krijgen wat snoep als dank. In de stad Utrecht, wordt het Sint-Maartensfeest de laatste jaren weer steeds populairder. In Venlo rijdt een als de heilige verkleed persoon in de stoet mee.

Sinterklaas
Een paar weken voor de verjaardag van de Sinterklaas, komt hij met zijn stoomboot vanuit Spanje gevaren, samen met zijn assistenten, de vrolijke Zwarte Pieten, en zijn trouwe paard. Deze intocht van Sinterklaas is live op de televisie te volgen. Vanaf deze dag tot aan Sinterklaasavond kunnen alle kinderen hun schoen zetten. Vaak doen ze er een verlanglijstje met cadeautjes in en iets lekkers voor het paard. ‘s Nachts trekt Sinterklaas dan op zijn schimmel over de daken, samen met zijn Zwarte Pieten, die ervoor zorgen dat kinderen via de schoorsteen een kleinigheidje of wat lekkers in hun schoen krijgen. Op Sinterklaasavond bezoekt Sinterklaas alle kinderen. De kinderen zingen uit volle borst Sinterklaasliedjes totdat er op de deur geklopt wordt. Er worden pepernoten gestrooid door de Zwarte Pieten en kijk, daar staat dan ineens een zak vol met pakjes. De volgende dag vertrekt Sinterklaas weer stilletjes terug naar Spanje.

Typische lekkernijen tijdens de Sinterklaasperiode zijn speculaas, pepernoten, taaitaaipoppetjes, marsepein en chocoladeletters. In de winkels klinken Sinterklaasliedjes en de etalages zijn mooi versierd. ‘Hulpsinterklazen’ bezoeken scholen, bejaardencentra en winkelcentra. Rond hun achtste jaar krijgen kinderen te horen dat Sinterklaas niet echt bestaat. Vanaf dan wordt het op de volwassen manier gevierd: met surprises, gedichten en bisschopswijn. In familiekring en op scholen worden lootjes getrokken. Iedere deelnemer maakt voor de persoon van wie hij of zij het lootje heeft getrokken een leuke surprise  en een koopt een klein cadeautje.

Kerst
Kerstmis is een belangrijk familiefeest in Nederland. Als Sinterklaas weg is, worden de huiskamers en winkeletalages omgetoverd in feestelijke ruimtes met kerstbomen, kerstlichtjes, kerstmannen en kerststallen. De straten worden verlicht en overal is kerstmuziek te horen. Op Kerstavond gaan veel mensen naar de kerk, hoewel deze traditie de laatste jaren afneemt. Kinderen doen op school mee aan kerstspelen of kerstvieringen. Op Eerste Kerstdag wordt uitgebreid gegeten. Typisch Nederlands in deze kersttijd zijn kerstkransjes van koek of chocolade, die vaak in de kerstboom gehangen worden, en kerststol, een ovaal brood gevuld met spijs, krenten en rozijnen. Tweede Kerstdag is, net als Tweede Paasdag,het wordt wat minder gevierd, maar iedereen gaat die dag naar zijn familie toe. ‘s Avonds wordt er vaak gegourmet of gefondued bij de familie’s.

Oud en nieuw

Oudejaarsavond wordt gevierd met vrienden en familie. Er worden spelletjes gedaan, of ze kijken televisie waar uitgebreid wordt teruggekeken op belangrijke gebeurtenissen in het afgelopen jaar. Een typische Nederlandse traditie is de conferencier die het laatste anderhalve uur van de avond via de televisie het oudejaar uitgeleide doet. De oliebollen blijven bij de Nederlanders favoriet bij oud en nieuw. Tijdens de jaarwisseling zelf beginnen de kerkklokken te luiden, wordt er met champagne getoast op het nieuwe jaar en gaat de Nederlander de straat op om wat vuurwerk af te steken en de beste wensen uit te wisselen met de buren. Nieuwjaarsdag verloopt wat rustiger. Vaak worden ouders bezocht om gelukwensen uit te wisselen. Voor de kust van Scheveningen verzamelen zich ieder jaar om 12.00 uur een paar duizend dappere mensen om de traditionele nieuwjaarsduik in de ijskoude Noordzee te nemen.

Dit was mijn spreekbeurt over Nederland, zijn er nog vragen???

Spreekbeurt over de manege

De Manege

Vandaag ga ik jullie iets vertellen over de manege. De manege bij ons in het dorp is een hele leuke, je kunt er lekker paardrijden op je eigen paard maar ook les krijgen of op een huur paard of pony rijden.

Eigen paard

Als je een eigen paard hebt maar geen land om dat paard op te zetten dan kun je je paard stallen in de manege. Dit betekend dat je een paardenbox huurt waar je paard in mag staan. Je kunt dan meestal gewoon wanneer jij dat wilt gebruik maken van je paard. Voor het gebruik van je paard hoef je dan natuurlijk niet te betalen maar wel voor de lessen die je volgt. Meestal moet je zelf voor het voer zorgen en de box uitmesten. Als je er voor wilt betalen dan kunnen ze dit ook wel voor je regelen.

Huur paard

Als je zelf geen paard hebt dan kun je in de manege een paard huren. Ze weten bij de manege precies welk paard bij je past. Met je huur paard of pony kun je ook paardrijlessen volgen. Tijdens de lessen leer je hoe je moet rijden en de verschillende gangen van het paard. Ook leer je tijdens de lessen hoe je het paard moet verzorgen. Voor de les moet je zelf je paard opzadelen. Na de les moet je met je paard uitstappen en afzadelen. Daarna lekker borstelen.

Paardrijles

Een paardrijles in de manege duurt meestal 1 uur. Je leert in de les om goed op het paard te zitten en op de goeie manier de teugels vast houden. Er wordt je geleerd hoe je er voor kunt zorgen dat het paard naar je gaat luisteren. Je leert las je een tijdje les hebt ook dressuur rijden en over kleine hindernissen heen te springen. Meestal kun je ook wel aan wedstrijden mee gaan doen.  Het leukste vind ik zelf met de hele groep een buitenrit gaan maken. Je gaat dan tijdens de les onder begeleiding met alle pony’s naar het bos om lekker in de natuur te rijden.

Ponykamp

In de zomervakantie kun je op ponykamp gaan in de manege, al kan dat niet bij iedere manege. Je slaapt dan in een tentje achter de manege in het weiland en overdag ben je de hele dag bezig met de verzorging van de pony’s en paarden. Ook krijg je heel veel les en begeleiding om beter te leren paardrijden.

Kantine

Na de les ga ik altijd nog even in de kantine een glaasje drinken kopen, of in de zomer een lekker ijsje. Paardrijden is best heel zwaar werk al lijt dat helemaal niet zo. In het begin kun je heel veel spierpijn krijgen omdat je beenspieren zwaar belast worden.

Dit was mijn spreekbeurt over de manege, zijn er nog vragen?

Werkstuk over IJshockey

hoofdstuk:1 wat is ijshockey?

HET SPEELVELD

Het speelveld van ijshockey is ongeveer 60 bij 30 meter groot

en de bording 1.22 meter hoogte.

Naast het veld bevinden zich 2 spelers banken voor elk team eentje

en aan de zijde daar tegenover 2 strafbanken gescheiden ook weer voor bijde teams

in het midden daar van de goal en het ijsopervlakte in het midden de middelijn en recht tegen over bevinden de doelijnenen met drie gelijken stukken

het vak gevormd door een korte zijde van de boarding en een blauwe lijn heet het verdedingsvlak van het team dat het in dat vak bevindende de  doel verdedigd. voor de tegenstanders is dit het aanvalsvak het gebied tussen twee blauwe lijnen wordt als het neutralen vak bestempeld.

spelregels

IJshockey wordt gespeeld op een ijsoppervlak van ongeveer 60 bij 30 meter. Het speelveld, dat afgeronde hoeken kent, wordt omgeven door een ‘boarding’ van 1.22 meter hoogte.
Naast het speelveld bevinden zich aan één lange zijde 2 spelersbanken en aan de zijde daar tegenover 2 strafbanken, die gescheiden worden door een ruimte voor wedstrijdofficials. Alle 4 de banken zijn voorzien van deurtjes, die van het ijs afdraaien.
Op 4 meter afstand van de korte zijden bevinden zich de doellijnen, met in het middendaarvan de goal. Het ijsoppervlak tussen de doellijnen wordt in drie gelijke stukken verdeeld door 2 dertig cm brede blauwe lijnen. Vervolgens wordt het speelveld ook nog door een dertig cm brede rode lijn in 2 helften verdeeld.
Het vak gevormd door een korte zijde van de boarding en een blauwe lijn heet het verdediginsvak van het team, dat het in dat vak bevindende doel verdedigd. Voor de tegenstander is dit het aanvalsvak. Het gebied tussen de wee blauwe lijnen wordt als het neutrale vak bestempeld.

spel regels en soorten straffen

Minor penalty

een twee minuten tijdstraf. de overtreder moet voor 2 minuten op de straf bank plaatsnemen.zijn team mag geen vervangende speler op het ijs zetten(zie voor uitzonderingen coinciden penalties) deze straf staat op de wat lichtere overtredingen zoals tripping, clipping (Iemand met de stick slaan, net onder de knie), hooking (met de stick iemand onderuithalen), holding (vasthouden), slashing (Wanneer een speler met zijn stick tegen een andere speler slaat),enz

indien een doelverdediger deze straf krijgt opgelegd, dan wordt de straf uitgezeten door een teamgenoot, die ten tijde van de overtreding op het ijs stond.

Bench minor penalty

eveneens een twee minuten straf deze straf wordt bijv. opgelegd voor een overtreding door een coach ( delaying the game)of als de ovetreder  niet kan worden aan gewezen (too many men on the ice:””te veel man op het ijs” )

Major penalty
Een vijf minuten tijdstraf. De overtreder moet voor 5 minuten op de strafbank plaats nemen. Zijn team mag geen vervangende speler op het ijs brengen.
Vaak gaat een major penalty echter gepaard met een automatische game misconduct penalty. Dat betekent dat de overtreder naar de kleedkamer gestuurd wordt en dat een teamgenoot de vijf minuten straf moet gaan uitzitten.

Een tweede major penalty aan dezelfde speler levert een automatische game misconduct penalty op.

De major penalty wordt opgelegd voor de wat zwaardere overtredingen zoals bijv. die waar een verwonding uit ontstaat of kan ontstaan. Spearing en butt-ending bijv. leveren een major en een automatische game misconduct penalty op; charging, boarding, tripping, hooking bijv. worden naar inzicht van de scheidsrechter met een minor of major penalty bestraft.

Misconduct penalty
Een 10 minuten tijdstraf. De overtreder moet voor 10 minuten naar de kant, maar mag op het ijs door een teamgenoot vervangen worden. We spreken hier van een persoonlijke straf.
Deze straf wordt opgelegd als gevolg van bijv. wangedrag. Echter ook op andere overtredingen kan een misconduct penalty staan: een poging tot spearing bijv. zal worden bestraft met een dubbele minor én een misconduct penalty.

Game misconduct penalty*
Een kleedkamer verwijzing. De bestrafte speler mag op het ijs onmiddellijk door een teamgenoot vervangen worden.
Deze straf wordt bijv. opgelegd als een speler volhardt in wangedrag of in die gevallen waar volgens de regels een major penalty een automatische game misconduct penalty tot gevolg heeft.

Match penalty*
Eveneens een kleedkamer verwijzing, echter ernstiger van aard. Bovendien:het team van de overtreder moet voor 5 minuten een vervangende speler op de strafbank laten plaatsnemen en er mag gedurende die straftijd geen vervanger op het ijs.
Deze straf wordt opgelegd aan een speler die een tegenstander opzettelijk verwondt of probeert te verwonden. Ook op het beginnen van een vechtpartij staat als straf de match penalty.

Penalty shot
Geen tijdstraf maar meer te vergelijken met een strafschop in het voetbal. De speler die het penalty shot neemt, krijgt de gelegenheid om vanaf de middenstip vrij op de doelman van de tegenpartij af te schaatsen. Een penalty shot wordt toegekend aan de tegenpartij in bijv. de volgende gevallen: een tegenstander bij een break away (geen tegenstander meer te passeren dan alleen de doelman van de tegenpartij) van achteren onrechtmatig aanvallen, opzettelijk het eigen doel verplaatsen in de laatste 2 minuten van de wedsrijd of gedurende de volledig, eventuele overtime of bij het gooien van de stick in de richting van de puck in het eigen verdedigingsvak.

Coïncideert penalty’s
Als op hetzelfde moment aan beide teams straffen worden opgelegd, dan mogen straffen van gelijke duur zgn. tegen elkaar worden weggestreept. Dat houdt in dat de overtreders op de strafbank moeten plaatsnemen, maar dat ze op het ijs onmiddellijk door een teamgenoot mogen worden vervangen.
Deze regel is niet van toepassing als beide teams voltallig op het ijs staan en aan beide teams slechts één minor penalty wordt opgelegd.

*
Deze straffen moet door de scheidsrechter gerapporteerd worden aan de Nederlandse IJshockey Bond. In principe vallen zij onder “Standaard afdoening tuchtreglement”, tenzij het bondsbestuur na lezen van het scheidsrechtersrapport van mening is dat de kwestie moet worden voorgelegd aan de tuchtcommissie.
“Standaard afdoening tuchtreglement” betekent dat een match penalty standaard een schorsing oplevert van twee wedstrijden, en dat elke derde game misconduct één wedstrijd schorsing oplevert.

welke soorten spelers zijn er allemaal?

dan staat in het doel de

goaly

dan de

verdediging

en dan de

dan de forwards

en dan

inactive


hoofdstuk:2 De uitrusting

De uitrusting.

Helemaal ongevaarlijk is geen enkele sport. Bij het grote publiek komt ijshockey gevaarlijker over dan andere sporten, maar dat is het zeker niet. Ondanks de snelheid en energie die ijshockey met zich mee brengt is het een relatief veilige sport, dat komt omdat de spelers door hun uitrusting heel goed beschermd zijn. Blessures en ongelukken doen zich slechts zelden voor en dat is naast de uitstekende trainingen zeker te danken aan de beschermende uitrusting die men draagt.

Tijdens elke training en elke wedstrijd is iedere speler verplicht om een complete uitrusting te dragen.

ijshockey speler

ijshockey speler

Behalve de schaatsen en een stick heb je de volgende uitrusting nodig.

Te weten:

wat hebben ze aan

  • IJshockyehelm met gezichtsmasker
  • Gecombineerd borst- schouderpantser (body-protector)
  • Keelband
  • Elleboogbeschermers (elbows)
  • Handschoenen
  • Tok
  • IJshockeybroek
  • Beenbeschermers (legguards).

hoofdstuk:3 de Romijnders DAR Devils

De naam van het ijshockey team komt eigenlijk door de sponsers. Ze hebben de namen van de hoofdsponsors gebruikt.

ROMIJNDERS en DAR .

Sponsors die sponsoren de ijshockey club door geld te geven. Daarvoor in de plaats staan de namen van de sponsoren op de kleding en op de ijshockeybaan.

Als er geen sponsors zijn dan gaat een club failliet. Ze moeten ook spullen kunnen kopen.

hoe goed zijn ze , waar doen ze aan mee?

Ze zijn niet echt de beste van de wereld of van de eredevisie

maar ze zijn wel goed ze staan op dit moment 4e plaats

ze hebben al eerder prijzen gewonnen zoals de schaal net zoals de jhoan cruif schaal en ze hebben ook finale’ gewonnen en daar ook mee prijzen gewonnen

hoe heten de spelers

#82 Boris Ackers 189cm 93kg 28-10-’82
#31 William den Ridder 177cm 70kg 02-05-’91
#41 Corey Wogtech

#5 Jesse Baraniuk 178cm 86kg 23-08-’81
#15 Adam Gebara 183cm 78kg 31-07-’82
#4 Stephan Kreuzmann 183cm 84kg 24-05-’84
#21 Lorenz Schneider 182cm 91kg 10-04-’90
#14 Jacky Schoonderwoerd 177cm 75kg 03-05-’90
#12 Jeff Smith 195cm 101kg 02-01-’81
#74 Dave Stappershoef 174cm 75kg 30-05-’85
#27 Rick Wijnen 173cm 76kg 08-06-’88
#16 Matt Armstrong 183cm 81kg 09-08-’82
#24 Phil Aucoin 178cm 82kg 12-11-’81
#7 Jason Baclig 177cm 74kg 30-03-’83
#20 Timothy Gerritsen 188cm 80kg 21-08-’88
#91 Levi Houkes 186cm 82kg 02-10-’91
#23 Michael McCarthy 172cm 79kg 28-06-’84
#19 Marco Postma 195cm 95kg 26-08-’83
#10 Akim Ramoul 181cm 85kg 25-01-’86
#6 TJ Sakaluk 186cm 98kg 27-04-’83
#22 Jurryt Smid cm kg 17-01-’91
#18 Brad Smulders 187cm 83kg 08-12-’83
#3 Remo Speijers 190cm 97kg 11-05-’86
# Mike Barrett 194cm 97kg 02-03-’82
#9 Greg McCarthy 185cm 85kg 16-01-’86
#17 Matthew McCarthy 182cm 99kg 12-09-’82
# Michael Tuomi 180cm 88kg 26-01-’85

Spreekbeurt over Biljart

Biljart

De geschiedenis van Biljarten

Over de geschiedenis van Biljart zijn er nogal veel meningen, er gaan zelfs verhalen in het rond dat Cleopatra het spel al beoefende in haar tijd.
Wat wel een feit is dat meerdere landen belangrijk zijn geweest in het bedenken van het spel, zoals Frankrijk, Engeland, Italië en Egypte.
Hoogstwaarschijnlijk is het spel in de 15de eeuw ontstaan in Frankrijk en was het eerst een buitensport.
En om de eenvoudige reden dat het buiten wel eens te koud was om te golven, verhuisde het spel naar binnen op een houten tafel die bekleed werd met een groen laken, waarschijnlijk om de kleur van het gras na te maken. De tafel werd omringd met latten en in plaats van te stoten werden de ballen verschoven met een houten stok.

Het woord biljart is waarschijnlijk afkomstig uit Frankrijk, samengesteld uit de woorden “bille”, wat bal betekent en “art” wat kunst betekent. Over het algemeen wordt wel gedacht dat de Fransen de ontdekkers zijn van het caramboleren (=twee ballen raken). Het schijnt zelfs zo geweest te zijn dat om te spelen het dikke einde van de stok werd gebruikt als schuifvlak. Later werd er met het dikke stokeinde tegen de bal geslagen en weer later werd er gespeeld met het dunne uiteinde van de stok. De laatste ontwikkeling was eigenlijk uit nood gemaakt, want wanneer de bal te dicht bij de rand lag kon je er niet meer bij met de voorkant en moest je de keu omdraaien om de dunne kant te kunnen gebruiken. Lange tijd was het alleen voor mannelijke spelers bedoeld omdat ze bang was dat de dames een scheur in het laken zouden maken!

Carambole biljarten

De biljarttafel bestaat uit een rechthoekig meubel met een groen of blauw laken. Hierop worden drie ballen geplaatst; een rode, een witte en een gele (of een witte met een merkteken). De wedstrijden worden gespeeld tussen twee spelers; één speler speelt met de gele bal en de andere met de witte. Elke speler houdt dezelfde bal tijdens de partij. De bal wordt gestoten met een biljartstok, ook keu genoemd.

De bedoeling is, om de beurt, zoveel mogelijk punten of caramboles te maken. De speler krijgt een punt wanneer hij met zijn speelbal beide andere ballen geraakt heeft. De speler die aan de beurt is mag verder spelen zolang hij zonder onderbreking caramboles maakt. Mist hij, dan is de tegenspeler aan de beurt.

Er bestaan verschillende spelsoorten: vrijspel, bandspel, kader, drieband en artistiek biljart. Alle hebben met elkaar gemeen dat met drie ballen gespeeld wordt, en dat om te scoren de speelbal de te andere ballen moet raken.

Materiaal van biljarten

De ballen

De kwaliteit van de ballen is zeer belangrijk in de sport. Oude ballen willen vaak niet meer “lopen”, er zit geen effect meer in.
Vroeger waren de ballen het meeste gemaakt van ivoor. Omdat ivoor heel duur werd gingen ze werken met een kunststofmateriaal. De prijs voor het bewerken van de bal op een nauwkeurige diameter is heel hoog. Als je plotselinge temperatuursveranderingen krijgt komen er gauw barstjes en scheuren in het ivoor.

De diameter van de bal moet zijn tussen 61 en 62 mm terwijl het gewicht mag schommelen tussen 205 en 240 gr. Het gewichtsverschil tussen ballen uit hetzelfde stel moet kleiner zijn dan 1 gr.
Tegenwoordig gebruikt men ballen uit Super Aramith, een materiaal dat het ivoor vervangt in gewicht, klank, kleur en elasticiteit. Ondanks dat is er nog steeds een verschil tussen het spelen met ivoorballen en kunstballen.

Het laken

Het laken heeft meestal de kleur groen of blauw, ook de kleur rood kom je wel tegen.
Een goed laken heeft een minimale remmende werking op de speelballen.
Ook interessant hiervan is de ontwikkeling van het snookerbiljart waar de ontwikkeling van het laken heel anders is als met het gewone biljart, het laken van een snookertafel is een beetje een soort badstof. Het is een pluizig laken. Het schijnt zelfs zo te zijn dat de haartjes op het laken in één richting staan zodat er rekening moet worden gehouden met het spelen van snelheid en effect in welke richting je van de tafel stoot. De laatste ontwikkeling hierin is dat de haartjes zo kort mogelijk zijn gemaakt .


De Keu

Keu’s worden gemaakt in veel variaties en uitvoeringen. Het gewicht varieert tussen de 400 en 650 gram. Voor het spel libre wordt meestal de wat lichtere keu gebruikt, voor het driebandenspel de wat zwaardere keu.

Het topeind

Bij een keu hoort natuurlijk een goed topeind. Deze zijn in allerlei soorten en maten verkrijgbaar. Hoewel in de snookersport (=biljartsport) de verbinding met een metalen schroef het meest gebruikt wordt, is bij het carambolebiljart de houten schroef steeds populairder geworden, omdat deze namelijk zorgt voor een betere verbinding met het achtereind.

De pomerans

De pomerans, het (blauwe) leertje aan het einde van de keu is een zeer belangrijk onderdeel van de keu. Een goedkope keu met een goede pomerans kan betere resultaten geven dan een dure keu met een slechte pomerans.
Ze zijn in verschillende maten verkrijgbaar in breedte’s tussen de 8 en 15 mm, waarbij de hardheid van het gebruikte materiaal ook nog wel eens wil verschillen.

Dit was mijn spreekbeurt over Biljart, zijn er nog vragen????

Spreekbeurt over het boek:”Over van alles maar vooral over de liefde”

Over van alles maar vooral over de liefde

Inleiding:

Deze spreekbeurt gaat over het boek: Over van alles maar vooral over de liefde. Het boek is geschreven door Tiny Fisscher. Ik heb het boek gekozen omdat ik het een heel leuk boek vindt, het is heel spannend. En als je begint met lezen kun je niet stoppen, zo leuk is het!!!

Over Tiny Fisscher:

Tiny haar volledige naam is: Catharina Geertruida Maria Fisscher. Ze is geboren op 11 juni 1958 in Castricum. Ze heeft blond haar, blauw groen grijze ogen en is 1 meter 63. Ze woont in Amsterdam. Ze heeft een man (Alex), een dochter en een hond. Ze houdt van schrijven, film’s kijken, lezen, wandelen en dagdromen. Tiny is niet alleen kinderboekenschrijfster, ze geeft ook bewegings lessen en ze schrijft boeken over fitness en gezondheid. Vroeger heeft ze nog meer beroepen gehad, zoals juf en schoonheidsspecialiste. De boeken die Tiny allemaal heeft geschreven zijn: Over van alles maar vooral over de liefde, Ontdekt, Beroemd, Show Time, Star beach, Kristal kinderen, Een droompaard voor Lika, City Girls, Loek de blindegeleidehond, Floep!, En dan was ik de prinses, En dan was ik de ridder, Ruby en de leeuw, Ruby en de verdwenen tovertak, Ik ben Liv, Liv vindt een schat, Minou tovert kikkers en Minou eet sommen.

Samenvatting:

Als de opa van Brid overlijdt, komt ze in een draaikolk van gebeurtenissen en gevoelens terecht. En dan blijkt ook nog iedereen geheimen te hebben: haar opa, haar vader, haar nicht, haar wiskundeleraar. En die geheimen hebben allemaal met de liefde te maken. Haar eigen geheimen probeert Brid verborgen te houden. Totdat opa haar nog na zijn dood op andere gedachten weet te brengen.

Wanneer de opa van Brid (14) overlijdt, gebeuren er veel dingen met haar. Ze rouwt om haar opa, ontdekt allerlei geheimen die binnen haar familie spelen, ze is verliefd op Menno en haar nichtje Mia duikt weer op. Brid heeft de gave dat ze aura’s kan zien, waardoor ze kan praten met haar overleden opa. Niemand weet dat. Haar nichtje Mia is de eerste aan wie ze dit durft te vertellen. Om haar gedachten en gevoelens te kunnen begrijpen, begint ze in een schrift te schrijven. Op dat schrift zet ze de titel: over van alles, en op het eind van het boek zet ze er nog wat bij…

Over het boek:

Het boek heeft 238 bladzijden, en 41 hoofdstukken. De hoofdpersonen in het boek zijn: Brid: een meisje die haar hoofd rustig krijgt door te gaan hardlopen, ze ziet lichtflitsen en hoort haar overleden opa. Emma: is de vriendin van Brid, houdt van breien want daar wordt zij juist heel rustig van. Opa de Lange: opa van Brid, is net overleden aan een hartaanval. Zijn vrouw was al overleden, en hij was weer getrouwd voor de kerk met oma Mies. Opa de Lange is gelovig. Menno: De jongen waar Brid verliefd op is, maar ze weet niet zeker of hij ook op haar is. Mia: de nicht van Brid. Zij ziet precies hetzelfde als Brid. Vroeger praatte zij met haar overleden oma (Oma de Lange). Brid en Mia kunnen goed met elkaar praten. Mia draag zwarte kleding (een soort gotic) en ze woont in Londen.

De uitgever van het boek is Moon. Het thema van dit boek draait alleen maar om Liefde. Het boek is vanaf ongeveer 14 jaar.

Slot

Ik hoop dat het een intresant boekverslag is geworden, en dat jullie het nu zo leuk vonden dat jullie het boek ook zelf gaan lezen. Het is echt een aanrader.

Gemaakt door: Kim

Spreekbeurt over Borstvoeding en valse reclame voor babyvoeding

Mijn moeder werkt in de kraamzorg en daarom wordt er bij ons thuis veel gepraat over baby’s en borstvoeding. Borstvoeding is het beste dat een moeder aan haar kindje kan geven. Het is gezond voor je baby en het is handig want je hebt het altijd op de juiste temperatuur bij je.

De wereldgezonheids organisatie heeft een wet ingesteld dat er geen reclame gemaakt mag worden voor kunstvoeding. De reden hiervoor is dat de beste voeding voor een babytje borstvoeding is. Als er steeds maar reclame gemaakt zou worden voor kunstvoeding dan gaan veel moeders kunstvoeding geven omdat dat soms wel makkelijker is. Vooral in landen waar niet veel informatie gegeven wordt over de voordelen van borstvoeding voor moeder en kind is dat slecht. De kunstvoeding is namelijk duur en lang niet overal goed te verkrijgen. Voor het maken van een fles heb je schoon water nodig en dat is vaak niet aanwezig. De handleiding op de verpakking kan vaak niet gelezen worden omdat veel moeders niet kunnen lezen en schrijven. Vaak wordt de kunstvoeding te veel verdund omdat er te weinig geld is om voldoende voeding te kopen. Daarnaast is borstvoeding beter omdat er stoffen in zitten die de baby tegen allerlei ziektes beschermen.

Waarom maken ze dan toch reclame?

flesjesLaat je niets wijsmaken, de reden  is heel simpel. Er wordt gedaan alsof ze de moeder willen helpen met informatie over borstvoeding maar dat is natuurlijk helemaal niet waar. Waar het om gaat is dat ze ondertussen mooi hun producten aan kunnen prijzen en dat ze hopen zo meer van hun kunstmelk aan moeders te kunnen verkopen. Er verschijnen steeds meer websites waar bijvoorbeeld hulp wordt gegeven om een kindje ‘s nachts door te laten slapen. Iedere moeder wil na de bevalling natuurlijk graag doorslapen ‘s nachts maar dat kan natuurlijk de eerste tijd niet omdat de baby  ook ‘s nachts gevoed moet worden. De websites over de hulp bij doorslapen of “gezonde nachtrust” geven adviezen om voor het slapen gaan een flesje te geven met een paar schepjes van dit of dat product…. kassa! Als je even doorzoekt op een dergelijke website kom je er al snel achter dat er een grote fabriek van kunstvoeding als eigenaar of sponsor van de website staat. De jonge moeder wordt dus voor de gek gehouden, de website is er niet om haar te helpen maar om hun eigen portemonnee te vullen!

Ik vind dat er in Nederland een verbod op dit soort reclame moet komen en dat de regering meer geld moet uitgeven om jonge moeders te laten zien dat borstvoeding ook in Nederland het beste is voor hun kindje.

Dit was mijn spreekbeurt.

Zijn er nog vragen?

Spreekbeurt over kamperen

Mijn spreekbeurt gaat over kamperen.

Wij gaan elk jaar in de zomervakantie kamperen.

Hoe kun je kamperen?

Kamperen kun je op verschillende manieren doen.

  • wild kamperen
  • op een camping

Wild kamperen.

Wild kamperen doe je door zo maar ergens je tentje op te zetten, dus niet op een camping. Het voordeel is dat je zelf je plekje uit kunt zoeken in het bos of ergens op ene stuk land. Het nadeel is natuurlijk dat je helemaal geen wc of douche bij de hand hebt. Als je bijvoorbeeld een kanotocht van meerdere dagen maakt dan is het leuk om ergens midden in de wildernes je tentje op te zetten en dan ‘s morgens weer verder te varen.

Kamperen op de camping.

Er zijn verschillende soorten campings. Van heel eenvoudig tot super de luxe pretparken met 5 sterren. Op simpele campaings og boeren campings zijn meestal geen grote zwembaden met waterglijbanen of zo. Op de kleine campings kun je vaak gewoon lekker sporten met elkaar of lekker buiten spelen. Op hele grote campings wordt je vaak de hele dag beziggehouden met animatie programma’s. ‘s Avonds is er vaak disco, playback show of een voorstelling met zang en dans. Als je bijvoorbeeld in zuid Frankrijk op een camping staat dan wordt er ook vaak vanaf de camping van alles in de omgeving georganiseerd. Zo kun je vaak met de kano op pad of mountainbiken, absiles, raften… te veel om op te noemen.

Voorzieningen op de camping

Toiletgebouw

Hier vind je de toiletten en douches. Ook kun je hier meestal de afwas doen.

Receptie

Bij de receptie moet je je aanmelden als je komt en daar moet je ook betalen. Post wordt hier bezorgd en als je zelf een kaartje wilt versturen datn staat bij de recptie meestal de brievenbus.

Kampwinkel

Voor je dagelijkse boodschappen kun je in de kampwinkel terecht

Bar

Lekker een koel drankje op het terras of een heerlijk ijsje eten. De bar heeft het allemaal.

Sportveld

De meeste campaings hebben wel een simpel trapveldje maar op sommige grotere campings vind je ook tennisbanen, midgetgolf, basketball veld en soms zelfs een fietscross baan.

 

Zwembad.

Zwembaden zijn er in heel veel maten en soorten. Van heel kleine vierkante pierebadjes voor de kleintjes tot super grote subtropische zwembaden compleet met wildwaterbaan en glijbanen.

Tafeltennistafel

Op de meeste campings is altijd wel een tafeltennistafel waar je met alle kinderen op de camping veel plezier kunt hebben. Je zelfs wel met 15 kinderen tegelijk plezier hebben van 1 tafeltennistafel. Je moet dan een rondje om de tafel spelen waarbij je in een kring om de tafel loopt en steeds de volgende de bal moet slaan. Wie mist die valt af en uiteindelijk blijf je dan met z’n tweetjes over om de winnaar te bepalen.

Kamperen kun je op verschillende manieren doen.

  • huurtent
  • caravan
  • camper
  • chalet

Huurtent.

Je hoeft dan niet zelf een tent te hebben maar op de camping staat een tent voor je klaar. Bedden, koelkast, kooktoestel.. alles staat er al in en dat hoef je dus niet allemaal mee te slepen.

Caravan

De caravan moet je zelf naar de camping toe trekken met de  auto, tenzij je natuurlijk een huur caravan hebt die al op de camping klaar staat. In de caravan kun je slapen, wonen en eten. Ook is er vaak een klein toilet of douche maar dat hangt heel erg af van de grootte van de caravan.

Camper

Een camper is een soort caravan die vast zit op een auto. Je kunt er mee rijden vancamping naar camping en je hebt altijd je huisje bij je. Nadeel is dat je altijd al je campingspullen mee moet slepen ook als je een keer een dagje ergens naar toe wilt gaan vanaf de camping.

Chalet

Eigenlijk heeft dit weer minder met kamperen te maken omdat het eigelijk een ingericht huisje is op de camping. Maar omdat de huurchalets vaak wel op een camping staan heb je toch de gezelligheid van het kamperen.

Hoera: wij gaan binnenkort weer op vakantie naar de camping, ik vind het er altijd super gaaf!

Wij gaan zelf altijd met onze eigen tent. We hebben zo’n grote bungalow tent. Mijn vader en moeder zijn een paar uur bezig om hem op te zetten maar dan zijn ze ook helemaal klaar. Ondertussen gaan mijn zusje en ik altijd al lekker naar het zwembad op de camping.

Zijn er nog vragen?

Spreekbeurt over Sporten op het strand

beachvolleybalAls je in de zomer lekker naar het strand gaat dan hoef je heus niet de hele dag alleen maar in de zon te liggen. Veel mensen doen dat wel maar ik vind daar niet zo veel aan. Het strand is eigenlijk ook 1 groot sportpark. Er zijn altijd wel mensen op het strand die met je willen sporten. Je kunt een aantal sporten in het water doen maar ook een aantal sporten op het strand zelf.

Op of in het water sporten

Balletje gooien.

Het is heel leuk met iemand anders met een tennisbal over te gooien terwijl je in het water staat. De bal zuigt het water op en wordt lekker nat waardoor het extra leuk wordt! Als je dat gespetter niet leuk vind kun je ook een gladde rubberen bal nemen natuurlijk, als je maar lekker door de golven naar de bal kunt duiken.

smurfsnorkelSnorkelen.

Met een snorkel kun je heerlijk dobberen op het wateroppervlak en ondertussen onder water kijken wat er allemaal te zien is. Je zie de visjes zwemmen en alle steentjes op de bodem, als het helder water is natuurlijk. Je moet bij het snorkelen wel altijd goed oppassen of er geen stroming is en dat je niet afdrijft. Vraag daarom je vader of moeder om je in de gaten te houden want je vergeet de tijd al snel.

Zwemmen.

Sport nummer 1 op het strand is natuurlijk zwammen, lekker met je broertje, zusje, vader of moeder in de golven van de branding plonzen of net iets verder in zee achter de branding gewoon zwemmen. Pas op voor de stroming want het kan soms moeilijk zijn weer terug aan de kust te komen.  Als er een sterke branding is met hoge golven dan kun je het beste op een bewaakt stuk strand zwemmen zodat de strandwacht je kan vertellen of het veilig is om te zwemmen.

Beachbal

Met twee ronde plankjes en een klein balletje kun je eindeloos met z’n tweetjes dit leuke spel doen terwijl je in het water staat. Het geeft je verkoeling van het water als het heet is en tegelijkertijd ben je toch lekker aktief bezig. Een echte starnd topsport dus en een setje beachbal kost heel weinig.

bodyboard

Bodyboard surfen

Als je op een strand bent met een flinke branding dan is het cool om met een bodyboard (een soort klein surfplankje) door de golven te surfen. Je zwemt eerst met je boord door de golven een stukje naar de zee en gaat daar plat op je board liggen. De golven voeren je daarna terug naar het strand. Het kan bij hoge golven heel erg hard gaan en geloof me …dan doe je de hele dag niets anders zo gaaf is dat! De zuidwest kust van Frankrijk aan de golf van Biscaje is voor dit bodysurfen zeer geschikt omdat je daar hele hoge golven hebt.

Op het strand sporten.

Voetballen

Altijd leuk met wat andere kinderen, even een lekker balletje trappen, er moet wel voldoende ruimte zijn natuurlijk want op een vol strand maak je niet echt vrienden als je gaat voetballen.

beachbalBeachbal

Bij de sporten in het water heb ik het al verteld maar ook op het strand is het leuk om beachbal te spelen.

Badminton

Neem vooral je badminton racket mee naar he tstrand, er is altijd wel een plekte te vinden om je pluimpje over te slaan. Je hebt wel en redelijk windstille dag nodig want met wind is het weer een stuk minder leuk.

Wandelen.

Ja ook wandelen is sport hoor, kijk maar naar de Nijmeegse vierdaagse. Als je geen zin hebt in andere sporten is wandelen langs de waterlijn een leuke bezigheid om toch een beetje beweging te krijgen. Je kunt kijken naar wie er op het strand liggen of wat de mensen allemaal doen. Ook is het leuk om de vloedlijn af te speuren naar schelpen of iets dergelijks. Soms zijn er dingen aangespoeld die van een schip op zee overboord zijn gevallen… spannend… misschien vind je wel flessepost.

Beachvolleybal

Op veel bewaakte stranden is ook een beachvolley veld gemaakt. Er zijn altijd wel andere mensen te vinden om een partijtje te spelen. Het leuke aan beachvolley is dat je lekker in het zand kunt duiken naar de bal en andere mensen vinden het ook vaak leuk om naar te kijken dus toeschouwers heb je ook zo.

Zonnebrand

Voor ik het vergeet: smeer je goed in met zonnebrandcreme op het strand want vooral als je lekker bezig bent dan heb je helemaal niet door dat je verbrandt… dan is het de volgende dag helemaal niet meer zo leuk opeens als je rood als een kreeft bent en je hele lijf zeer doet. En het is ook nog eens heel ongezond om te vebranden omdat je er huidkanker van kunt krijgen.

Dit was mijn spreekbeurt, zijn er nog vragen?

Spreekbeurt over Pindakaas

Pindakaas

pindakaas_boterhamHoe is pindakaas ontstaan?

In de vorige eeuw waren bepaalde velden waarop ze katoen verbouwden. Hierdoor werd de grond helemaal uitgedroogd. Mensen kwamen erachter dat het verbouwen van pinda’s de bodem weer op kracht brengt. Biologen snappen dit nu omdat de pindaplant tot de familie van de vlinderbloemigen behoord. Vlinderbloemige planten hebben wortelknolletjes waarin stikstofbindende bacteriën zitten en die stikstof is een belangrijke meststof.
Maar toen iedereen die pinda’s ging verbouwen was er een probleem: een overschot van pinda’s. Wat moest je er mee doen?
In 1890 ging George Washington Carverk een dokter in St. Louis (USA), op zoek naar een gemakkelijk te maken broodbeleg. Hij ontdekte dat als hij pinda’s maalde, en er pinda olie bijvoegde dat het een heel smeuïg geheel vormde. In 1896 werd de eerste pindakaasmachine gemaakt door 3 mannen. Dat waren: Joseph T. Lambert, zijn baas Dr. John Harvey Kellog, en W.K. Kellog, de eerste fabrikanten van de beroemde cornflakes.
Er werden ook nog op een paar andere manieren gebruik gemaakt van de pinda’s: soep, lippenstift, lijm, shampoo, inkt, zalf en ijs.

Hoe wordt pindakaas gemaakt?

Pindakaas wordt gemaakt van speciale pinda’s, die allemaal ongeveer even groot zijn. Zo kunnen ze namelijk egaler gebrand worden. Ze komen gepeld en al aan in de pindakaasfabriek. Voor een pot pindakaas van 500 gram heb je ongeveer 1100 pinda’s nodig. Eerst worden de pinda’s gebrand, in een heteluchtbrander van 204 graden Celsius. Ze worden door elkaar geschud zodat ze mooi rondom gebrand worden. Er gaat ruim 3600 kilo pinda’s per uur door deze brander heen. Als de pinda’s eruit komen zijn ze lichtbruin geworden. In een andere machine worden ze gekoeld tot kamertemperatuur, met speciale, snelle ventilatoren. Het is heel belangrijk om de pinda’s snel te koelen, want anders worden ze te gaar en verliezen ze teveel olie. Daarna gaan de pinda’s door een machine die de vliesjes eraf haalt. De twee helften worden gesplitst, en de bittere kern van de pinda wordt eruit gehaald. De afvalproducten worden opnieuw gebruikt. Van de vliesjes wordt varkensvoer gemaakt en van de kernen vogelvoer. De pinda’s komen terecht in een enorme roestvrijstalen trechter. Daarna vallen ze in de machine waar ze tot een pasta worden vermalen. Dan gaan ook de andere ingrediënten erbij: zout en suiker of een andere zoetstof. En een klein beetje plantaardige olie. Die zorgt ervoor dat de pindaolie niet gaat schiften en bovenop de pindakaas komt te drijven. In pindakaas zitten geen kunstmatige kleur- of smaakstoffen. Ook geen conserveringsmiddelen, om het goed te houden. En tóch hoeft het niet gekoeld bewaard te worden. Nu is de pindakaas klaar. Door al het vermengen is het tot wel 60 graden verhit. In een speciaal koelsysteem wordt het weer afgekoeld tot 38 graden. Nu kan de pindakaas in potten. Een ongeopende pot pindakaas blijft wel een jaar lang vers.

Zelf pindakaas maken:

Hier komt het recept!!!!

Ingrediëntenlijst voor ongeveer 300 gram pindakaas:

  • 250 gram gedopte en geroosterde pinda’s (zonder vlies)
  • 1/2 tot 1 eetlepel arachide-olie (dat is pinda-olie)
  • 1 theelepel zout
  • En als je dat wil: ½ tot 1 eetlepel suiker

Bereiding


Voorbereiding:
Als je helemáál bij het begin wilt beginnen, dop je de pinda’s en rooster je ze zelf. Dit kan op gematigd vuur in een koekepan, voeg geen vet toe! Je moet dit constant roeren. Let op dat de pinda’s niet verbranden. Het is beter om de pinda’s in een oven op 115 graden Celsius te roosteren op een bakplaat tot ze lichtbruin zijn en een knapperig korstje hebben. Beweeg de pinda’s af en toe, zodat ze rondom egaal roosteren. Dit duurt wel een tijdje. Je bent er ruim anderhalf uur mee bezig. Je kunt pindakaas ook wel van rauwe pinda’s maken, maar die is minder lang houdbaar. Het simpelste is natuurlijk (ongezouten) pinda’s van de notenboer te gebruiken. Die zijn meestal in olie gebakken, niet geroosterd.

Bereiding:
Doe pinda’s en zout in de blender. Doe er om te beginnen een halve eetlepel olie bij. Sommige pinda’s zijn rijker aan olie dan andere, dus de hoeveelheid olie die je erbij moet doen is niet altijd hetzelfde. Het resultaat moet in elk geval smeuïg zijn. Draai een pasta van de pinda’s, helemaal glad. Als je grove pindakaas wilt kun je gewoon eerder ophouden met malen, maar je kunt ook gladde pindakaas maken en daar grof gehakte pinda’s bijdoen. Als je blender niet glad genoeg maalt maar je wilt wel gladde pindakaas, dan kun je de pindakaas door een zeef wrijven.
Doe de pindakaas in een schone pot, en bewaar in de koelkast, roer voor ieder gebruik even om. Zelfgemaakte pindakaas blijft zeker twee weken goed.

Dit was mijn spreekbeurt over pindakaas, zijn er nog vragen???

pindakaaspot

Spreekbeurt over Roofvogels

buizerdRoofvogels

Ik ga mijn spreekbeurt houden over ROOFVOGELS. Dit onderwerp heb ik gekozen omdat ik roofvogels mooie dieren vind.

Jagers

Roofvogels jagen op levende prooien zoals: muizen, ratten, konijnen, hazen of eekhoorns. Soms worden ook zieke vogels of zwakke hagedissen gevangen. Sommige roofvogels jagen ‘s nachts, bijvoorbeeld uilen. Uilen hebben tamelijk brede, afgeronde vleugels en een brede kop. Uilen die in een open landschap jagen, zijn lang. Ook kunnen uilen hun kop driekwart naar één kant draaien. Zo kunnen ze hun prooi bekijken zonder hun lichaam te bewegen. Nu vallen ze ook niet op wanneer ze naar hun prooi zoeken. Deze prooi weet nu niet dat de uil hem als avondeten in gedachte heeft. Roofvogels hebben een kromme snavel en krachtige tenen met scherpe gekromde nagels. Er zijn 290 soorten roofvogels op de wereld. Daarvan zijn er 38, dat is ongeveer 13 procent, in Europa voor.

Vleugels.

Roofvogels kunnen uitstekend vliegen. De Havik en de Sperwer hebben korte afgeronde vleugels. Ze jagen in bosachtige gebieden, op kleine vogels die ze meestal te pakken krijgen door een korte flitsende aanval. Valken hebben juist smalle puntige vleugels, zodat ze nog sneller kunnen vliegen. Ze jagen in open gebieden. Ze gebruiken geen verrassingsaanval, maar hun snelheid. De visarend is door de stekelige schubben aan de onderkant van zijn tenen en de sterk gekromde spitse nagels een professional om de glibberige vissen te vangen.

De Snavel

Roofvogels hebben een kromme bovensnavel. De snavel is niet geschikt om te doden, maar wel om de prooi in stukken te scheuren, en het daarna op te eten. Die snavel is voor de roofvogel een belangrijk deel van hun lichaam. Op de snavel zit een stuk kale, niet door veren bedekte huid, waarin de neusgaten liggen. Valken hebben aan beide zijkanten van hun bovensnavel een tand. Hierdoor zijn Valken in staat heel stevig te bijten en de prooi met de snavel te doden.

Het broedseizoen

Het broedseizoen begint met het zoeken van een partner en een territorium vaststellen. Bij de standvogels in het West en Midden Europa bijvoorbeeld: Buizerds, Havikken en Bosuilen staan de paartijden en territoria al vast. Als het mannetje een vrouwtje gevonden heeft kunnen ze beginnen met de nestbouw. Uilen en Valken bouwen zelf geen nest. Veel Uilen broeden gewoon in een holte van een boom. De Ransuil gebruikt nesten van andere vogels, bijvoorbeeld: Kraaien. Bij de roofvogels bouwen het mannetje en het vrouwtje samen hun nest. Maar het vrouwtje doet het meeste werk. Het bouwen van een nest duurt ongeveer van een week tot een paar maanden.

Broeden

Grote Gieren leggen maar 1 ei. Kiekendieven leggen er 4 tot 6 maar ook wel 10. Hoe groter de vogel is, hoe minder eieren ze leggen. Eieren van Roofvogels verschillen in kleur en vlekken patroon. Uileneieren zijn helemaal wit. Dit is zo omdat de eieren dan ‘s nachts meer opvallen zodat de ouders de eieren beter kunnen zien. Het duurt ongeveer 4 tot 5 weken voordat de eieren uitkomen. Een vrouwtje legt niet elke keer op het zelfde moment de eieren. Als het vrouwtje begonnen is met broeden komt ze haast niet meer van het nest af. Alleen even om te eten. Het mannetje brengt haar prooien, die ze een klein eindje verder gaat opeten. Intussen houd het mannetje de eieren warm. Soms valt hij gewoon in slaap op de eieren. Zo moe is hij van het jagen.

Jongen.

De kleine donsjongen worden warm gehouden door hun moeder. Ze kunnen de eerste paar maanden nog niet voor zichzelf zorgen. Dan zijn het pas ECHTE uilskuikens. Bij de dwerguil duurt het 3 tot 4 weken voor de jongen uitvliegen. Bij andere Roofvogels duurt het 4 tot 6 weken voordat de jongen uitvliegen. Als ze geleerd hebben om te vliegen, leren ze van hun ouders jagen. Uiteindelijk komt er een dag dat de jongen hun ouders niet meer nodig hebben en wegvliegen om hun eigen weg te kiezen.

torenvalkVogeltrek

Als het broedseizoen is afgelopen en de jonge vogels weg zijn gevlogen, volgt er een rustige tijd in het leven van de Roofvogels. Het leven is in de winter toch niet eenvoudig voor Roofvogels. Dan gaat het alleen maar om overleven. Jonge roofvogels trekken meestal verder dan de volwassen roofvogels. Soms blijven alleen de volwassen roofvogels in het broedgebied en trekken de jonge roofvogels weg.

Roofvogels en de mens

Roofvogels hebben maar weinig natuurlijke vijanden. Er is maar 1 ding waar ze echt bang voor zijn: de mens. Omdat de mens al heel lang achter de Roofvogels aanzit zijn sommige soorten verdwenen, uitgestorven of zeldzaam geworden. Tegenwoordig worden de Roofvogels beschermt, dat vind ik heel goed, maar toch zijn er nog mensen die illegaal achter roofvogels aanzitten, dat is dat ze terwijl het niet mag toch op de roofvogels jagen, die jagers schieten op de roofvogels, vergiftigen de roofvogels of ze zetten de roofvogels in kooien. Soms hakt de mens een compleete nestboom van roofvogels omver, dan noem ik ze eerder pechvogels dan roofvogels. Trouwens daarvan hebben uilen minder last gehad, omdat de meeste uilen niet in de bomen wonen. Gelukkig wordt de Roofvogel nu extra goed beschermd. Dit was mijn spreekbeurt, zijn er nog vragen?

Koolmees Spreekbeurt

De Koolmees

koolmees met pinda zakje

Koolmees aan pindazakje

Een van de meest voorkomende vogeltjes in onze tuin is de Koolmees. Dit grappige drukke vogeltje komt graag in de winter op de voedertafel kijken en buitelt vrolijk aan een pindanetje. In deze spreekbeurt wil ik jullie wat meer vertellen over de Koolmees.

Hoe ziet de Koolmees er uit:

De Koolmees is ongeveer 14 centimeter lang en heeft een zwarte kop met witte wangen. Hij heeft een gele buik waarop hij een zwarte stropdas heeft. Bij het mannetje is de stropdas breder dan bij het vrouwtje.

Geluid van de Koolmees:

Het meest gehoorde lied van de Koolmees bestaat uit twee tonen: “tuut-tuut”. De Koolmees kan dit heel erg vaak achter elkaar laten horen. Vaak is de ene toon wat hoger dan de andere. Zodat het klinkt als een politieauto: “péh-puuh”. Anderen zien er het gepiep van een fietspomp in.

Waar vind je de Koolmees:

Overal waar bomen en struiken zijn, het maakt niet uit of dat het bos is of in de stad.

Voedsel:

De Koolmees eet heel graag rupsen en andere insecten. Maar op de voedertafel in de winter zijn ze ook gek op pinda’s en op vetbollen.

koolmees_nest

Jonge koolmeesjes in het nest

Nestelen:

Koolmeesjes lijken prima ouders. In de broedtijd vliegen ze steeds af en aan om hun jongen te kunnen voeden. In de broedtijd eten koolmezen voornamelijk insecten en insectenlarven. Zij nestelen zich in boomholten en ook vaak in nestkastjes. Ze hebben het liefst een vlieggat dat een paar millimeter groter in doorsnede is dan dat van de pimpelmees. Het gat moet het liefst 32 mm zijn. Meestal hebben ze wel de eis voor een nesthok dat het moet voldoen aan een minimale binnenmaat van 12x12x25 centimeter.

Aan het eind van het voorjaar en in het begin van de zomer wordt de koolmees seksueel actiever, maar vanaf het moment dat de dagen langer worden (21 december) begint het mannetje al veel te zingen.

Wanneer een koppeltje koolmezen elkaar heeft gevonden blijven zij gedurende 1 tot 2 nestjes bij elkaar en nemen ze beide de verantwoordelijkheid voor het voeren van de jongen. Het is echter niet vreemd als het koppeltje hetzelfde nest jaren achter elkaar samen gebruikt. Een gemiddeld nest bevat daarbij 7 tot zelfs 15 eieren waarvan er meestal 6 tot 8 uit het nest komen. Ongeveer 60% hiervan zal volwassen worden, wat iets hoger ligt dan bij de pimpelmees. Koolmezen zijn iets beter bestand tegen strengere winters dan de pimpelmees.

Wanneer een stel koolmezen geselecteerd heeft waar zij kunnen broeden markeren zij dit met verse snavelmarkeringen rondom de opening. Het koppel zal hierna beginnen met de bouw van het nest. Dit nest bevat meestal de spullen die in de buurt te vinden zijn. Deze kunnen bestaan uit mos, haren, veren, bladeren, takjes en ander zacht materiaal. Wanneer het nest klaar is zal het vrouwtje beginnen met het leggen van één ei per dag. Tot een hoeveelheid van ongeveer 8 tot 10 eitjes zal het vrouwtje nog niet beginnen met broeden. Tijdens het broeden zal het mannetje de taak op zich nemen zijn vrouwtje te voeren. Na twee weken komen de eitjes uit waarna beide ouders de jongen zullen voeren.

Om ervoor te zorgen dat geen roofdieren door hebben waar zich een nest bevind zullen de ouders zowel de ontlasting van de jongen, die in een speciaal zakje zit, als de ei schalen ver van het nest brengen. Het nest dient niet alleen om zich tegen vijanden te beschermen, maar ook tegen wind en kou.

Na de periode van 16 tot 23 dagen in het nest kunnen de jonge vogels het nest verlaten. De jongen kunnen net als de ouders goed aanvoelen wanneer het een geschikt moment is. Hierna wordt het voor de ouders een drukke periode om de jongen te leren voedsel te vinden, ze worden bij elkaar gehouden door een druk geroep. Deze eerste periode is moeilijk voor zowel ouders als jongen. Op deze manier vormen zij namelijk ook een makkelijk te traceren doel voor roofdieren. Per jong gaat het aanleren van het zoeken naar voedsel verschillend, maar het gaat over het algemeen wel snel. Jongen leren goed de omgeving kennen waarin ze geboren zijn en zullen daarom ook ieder jaar in de lente terug kunnen keren naar de plaats waar ze geboren zijn. Hierbij kunnen ze kiezen om het ouderlijke nest over te nemen als het niet bezet is.

koolmees_eieren

koolmees eitjes

Meer informatie over vogels kun je vinden via de Vogelaar Startpagina

Spreekbeurt over het Roodborstje

roodborstjeHet roodborstje

Het roodborstje is een in Nederland algemeen voorkomend zangvogeltje. De Roodborst is duidelijk herkenbaar aan een rode borst, een rood voorhoofd en een effen olijfbruine bovenkant. Het mannetje en vrouwtje zien er het zelfde uit.

Roodborstjes zijn insecten eters en daarom hebben ze een lange dunne snavel die uitstekend geschikt is om insecten mee te vangen. Zaadjes kunnen ze er niet mee openbreken.

Het zingt bij voorkeur in de ochtend. Die zang begint met een aantal hoge tonen en eindigt met een parelend getsjilp. De alarmroep van de Roodbosrt is een hard getik.

roodborstje-nestNest:

Het roodborstje is een zogenaamde holenbroeder en nestelt bij voorkeur in holle bomen, houtmijten, nissen, dichte heggen .

Omdat de nesten zo dicht bij de grond liggen, worden ze vaak leeggehaald door katten en rovernde andere vogels zoals vlaamse gaaien. Het roodborstje legt 5-7 eitjes.

Voor de meeste Roodborsten begint het broedseizoen in maart-april. Ze brengen gewoonlijk twee, soms drie, broedsels per jaar groot. Tot eind juni kun je nog volledige legsels vinden. De nesten worden uitsluitend door de vrouwtjes gebouwd en bebroed. Een voltallig legsel bestaat in Nederland meestal uit zes eieren. Pas na het laatste ei begint het vrouwtje met het eigenlijke broeden, daartoe heeft ze een kale broedvlek op haar buik. Eenmaal broedend brengt het vrouwtje 67% van haar tijd door op het nest. In deze periode en in de periode vlak voor het broeden wordt het wijfje gevoerd door het mannetje. Het mannetje voert het vrouwtje zelden op het nest, maar meestal op enige afstand. Dit heeft vermoedelijk te maken met het agressieve gedrag van het vrouwtje op het nest en het feit dat kans op ontdekking van het nest door rovers daarmee afneemt. Na 13-14 dagen komen de blinde jongen uit het ei. De jongen worden door beide ouders gevoerd en beide ouders verwijderen de uitwerpselen uit het nest. Na ongeveer 14 dagen verlaten de jongen het nest. Omdat ze op dat moment nog niet kunnen vliegen, houden ze zich vooral op in het dichte struikgewas rondom het nest. Vanaf het verlaten van het nest duurt het 17 tot 23 dagen tot ze geheel onafhankelijk van hun ouders zijn. Jonge vogels zijn goed te onderscheiden van de oudervogels, omdat ze de warme oranjerode borst en voorhoofd missen. Ze zijn sterk getekend met donkerbruine en izabelkleurige vlekjes op o.a. de borst.

Van de uitgevlogen jongen zal uiteindelijk slechts 25% het volgende voorjaar halen. In het begin worden er veel jonge roodborstje opgegeten door katten en andere grondrovers, later ook door de Sperwer. In de winter zal een groot aantal sterven door honger en/of kou. Van de volwassen vogels haalt ook maar 35% het volgend voorjaar.

Meestal broed er maar 1 paar Roodborstjes tegelijk in je tuin omdat ze hun territorium fel verdedigen.

Spreekbeurt over de Cavia

caviaHoi, ik houd mijn spreekbeurt over de cavia. Ik heb voor de cavia gekozen omdat ik er zelf ook eentje heb. Kijk , hier is hij, zijn naam is Snuitje. Cavia’s zijn hele leuke huisdieren en ik vind het heel leuk om iets over ze te vertellen.  Ik ga jullie vertellen waar cavia’s vandaan komen, over hun geboorte, hoe ze eruit zien, over de verzorging, hun eten en hun hok.

Waar komen cavia’s vandaan?
Cavia’s komen uit Zuid-Amerika, waar ze al heel lang geleden voorkwamen. De mensen hielden de cavia’s als huisdier maar sommige mensen gebruikten ze ook als voedsel door ze op te eten. Ongeveer 300 jaar geleden kwamen er al cavia’s naar Nederland. Nederlandse zeemannen namen ze voor hun kinderen mee. Cavia’s zijn knaagdieren. Dat zie je aan hun tandjes. Die zijn lang en scherp, het lijken wel beiteltjes. Veel mensen noemen een cavia een marmot, maar dat is niet goed. Marmotten zijn hele andere knaagdieren.

Lijkt hij op een big?

Een andere naam voor cavia’s is “Guinees biggetje”. Rare naam, hoor. Cavia’s lijken helemaal niet op varkens. Ja, ze knorren soms wel een beetje en ze kunnen ook piepen. Ze piepen als ze schrikken, maar ook als je met een zak voer ritselt. Dan piepen ze van blijdschap.

Groepsdieren

Cavia’s zijn echte groepsdieren. In het wild leven ze met een hele familie bij elkaar. In huis horen ze daarom ook niet alleen in een hok. In hun eentje gaan ze zich heel snel vervelen en worden ze erg ongelukkig. Vrouwtjes gaan meestal het beste samen, mannetjes willen nog wel eens met elkaar gaan vechten. En als je een mannetje en een vrouwtje bij elkaar zet, zal het hok snel vol zijn met jonge cavia’s.

cavia_jongenDe geboorte van de cavia’s

Een moedercavia is ongeveer 10 weken in verwachting. Er worden tussen de 2 en 4 jonge caviaatjes geboren. Ze hebben bij de geboorte al een vacht. Hun oogjes zijn vanaf de geboorte open en ze hebben al tandjes. Ook kunnen ze meteen al rondlopen, dat duurt bij mensenbaby’s wel een jaar! De eerste dagen drinken ze melk bij hun moeder, daarna proberen ze al uit het bakje mee te eten. In het begin zijn ze een beetje schuw, ze moeten eerst aan je wennen. Maar al gauw willen zij best op je arm blijven zitten en zij laten zich dan graag lekker knuffelen.

Hoe zien cavia’s eruit?

Een cavia heeft een kort en breed lijf en heeft geen staart. Ze hebben aan hun achterpoten drie nagels en aan hun voorpoten vier. Een volwassen cavia is tussen de 22 en 35 centimeter en weegt tussen 500 en 1000 gram. Er zijn heel veel verschillende rassen. Bij al die rassen is vooral de vacht verschillend. We hebben hier drie foto’s van.

De verzorging van de cavia’s

Binnen in zijn hokje kan een cavia niet zoveel graven, daarom moeten zijn nageltjes af en toe geknipt worden. Daarvoor hebben we een speciaal schaartje. Cavia’s vinden het lekker om zacht geborsteld te worden. Soms doen we ze in bad in een badje met warm water. Dat vinden ze erg lekker.

Wat eten cavia’s

’s Ochtends krijgen ze een bakje gemengd voer. Daar doe ik ook vitamine-druppels bij. Ook krijgen ze iedere dag een flinke pluk hooi. ’s Avonds krijgen ze groenvoer. Dit kan bijvoorbeeld andijvie zijn of sla of peentjes. Je moet de groente en het fruit goed afspoelen. Vaak krijgen ze tussendoor nog een stukje vers fruit of een knabbelbrokje voor hun tanden. Een cavia moet namelijk veel knagen. Anders groeien zijn tanden steeds maar door en kan hij op het laatst niet meer eten en zou hij dood gaan.

Waarin wonen cavia’s?

Cavia’s wonen in een hok. Het hok mag niet te klein zijn. In het hok zit een ruif voor hooi en voor de groente. Hierdoor blijft het eten schoon. Aan het hok hangt een fles met water. Op de bodem van het hok heb ik een dikke laag zaagsel gelegd. Twee keer per week maak ik het hok helemaal goed schoon, zo gaat het niet stinken.  Snuitje woont binnen op mijn slaapkamer maar in de zomer gaat hij af en toe naar buiten in een ren op het gras.

Dit is het einde van mijn spreekbeurt over de cavia. Ik hoop dat jullie het een leuke spreekbeurt vonden en er iets van geleerd hebben.

Spreekbeurt over de Beatles

deze spreekbeurt werd gemaakt door Madelaine

beatles-sgt-pepper

Inleiding

Antwoorden quizzzz

Hoofdstuk 1: De bandleden

Hoofdstuk 2: De muziek

Hoofdstuk 3: Flower Power

Hoofdstuk 4: Bekende Platen en films.

Hoofdstuk 5: Het ontstaan van de band

Hoofdstuk 6: Concurrenten

Hoofdstuk 7: Hun uiterlijk

Hoofdstuk 8: Het einde

Hoofdstuk 9: Quizzzzzzzzzz

Inleiding

Ik houd mijn spreekbeurt over the Beatles omdat ik van de muziek houd die ze maken. Ik kwam erop doordat meneer Maarten bij muziek wat rock and roll liet horen. Ik vertelde dat aan mijn vader en die vroeg waarom ik het niet over The beatles wou doen.  The Beatles maakten niet veel Rock And Roll muziek, maar ja. Zo ben ik erop gekomen.

Antwoorden quizzzzzzzzzzzz

1. 8-12-1940

2. Richard Starkey

3. A hard days night of Yellow Submarine of Let It Be

4. Bagism

5. John Lennon, Paul McCartney, George Harrisson en Richard Starkey of Ringo Starr

6. Quarrymen

Hoofdstuk 1: De bandleden. Er waren 4 bandleden: John Lennon (plaatje 6) geboren op 9 oktober 1940 in Liverpool. John Lennon is overleden in New York op 8 december 1980. Een of andere gek heeft een kogel door het hoofd van John Lennon geschoten. en is daardoor overleden. Hij zong en speelde gitaar.

Paul McCartney (plaatje 8)  geboren op 18 juni 1942 ook in Liverpool. Paul leeft nu nog steeds. Hij zong ook en speelde basgitaar.

George Harrisson (plaatje 9) geboren op 25 februari 1943 in Liverpool. Zong en speelde gitaar. Hij heeft Stu Sutcliffe vervangen.

En Richard Starkey geboren op 7 juli 1940. En ook hij zong en speelde drums. Richard noemde zich zelf Ringo Starr.(plaatje 7) Ringo Starr was de vervanger van Pete Best.

John en Paul schreven de liedjes. John was veel ruiger en serieuzer. Paul was rustig.

Ze hebben ook liedjes apart geschreven. John meer van We gonna Rock and Roll all the time!

En Paul meer I Love you so.

Hoofdstuk 2: De muziek.

the Beatles maakten het meest rock and roll muziek. De rock and roll is ontdekt op Jamaica. Rock and Roll gaat zo: ( liedje 1)  Maar ook close harmony en blues muziek. the Beatles was na de 2e W.O. Het land moest weer helemaal opgebouwd worden. Er kwam een groot verschil tussen de oude en jonge generatie. Want die oude generatie wilde alleen maar het land opbouwen en geld verdienen. De oude generatie vond doen zoals het hoort het beste. Maar de jonge generatie wilde helemaal niet alleen maar geld verdienen. Ze wilde lol en dingen beleven! Ze wilde allemaal lief zijn voor elkaar. Ze wilde geen gebouwen maar mooie dingen. Dat idee noemde ze in die tijd Flower Power. De muziek van de Beatles viel ook onder Flower Power. the Beatles maakten een andere soort muziek dan de oude generatie. De jonge mensen gebruikten die muziek omdat ze het niet eens waren met de oude generatie.

the Beatles is opgericht in Liverpool. the Beatles hebben  in totaal 14 jaar aan de top gestaan. the Beatles zijn kwamen als eerst aan in Hamburg, dat ligt in Duitsland. In het jaar 1965. Ze zijn toen ook in Nederland doorgebroken. En later pas in Amerika.

Hoofdstuk 3:flower power

FLOWER POWER is dat ze heel erg voor de vrede en de liefde gingen. Luister maar naar dit liedje. Je hoort love, love, love, love. All you need is Love. All you need is Love. Alle you need is Love love. Love is all you need Dat is Flower Power. Vrede en Liefde. Iedereen moest lief tegen elkaar doen. Ongeveer hetzelfde wat wij nu hebben van Blacked Eye Peace Where is The Love.

John Lennon heeft samen met zijn vrouw Yoko Ono een vredesopstand gehouden.  Het was rond Kerstmis. Een echte opstand was het niet, maar wel voor de vrede. Ze lagen samen in een Bagism, midden op straat. Een Bagism is een zak waar twee mensen in kunnen. Ze hadden allemaal teksten om hun heen. Met zulke teksten: THE WAR IS OVER!

If you want it. ( de oorlog is voorbij! Als je het wilt)

En: Hair Peace His Peace.( Haar vrede en zijn Vrede)

Terwijl John allemaal liedjes op zijn gitaar speelde deelde zijn vrouw aan iedereen die langs kwam een bloem uit.

Hoofdstuk 4: bekende Platen en films

Er zijn veel Lps Dit zijn er een paar van

The Beatles for Sale, Revolver, Let it Be.

The Beatles for Sale is erg leuk. Een paar van die liedjes zijn:

Rock And Roll Music

Baby’s in Black

I’ll following the Sun

Een paar liedjes van Revolver zijn:

Taxman

And Your Bird Can’t Sing

Yellow Submarine (liedje 2)

Een paar liedjes van Let it Be zijn

Two of Us

For You Blue

Dig It

Ook zijn er paar films:

A Hard Day’s Night (plaatje 3) werd gemaakt in 1964

Yellow Submarine film werd gemaakt in 1966

Magical Mysterie tour werd gemaakt in 1967

Hoe is de band ontstaan?

John Lennon had al een popgroep. Die popgroep heette Quarrymen (plaatje 2). Na een tijdje kwam ook Paul McCartney bij die groep. George Harrison was een schoolvriend van Paul. Ongeveer een jaar later kwam George Harrison bij de band. Hij was toen nog maar 13 jaar. John, Paul en George vormden een nieuwe groep die ze de Beatles noemden. Ze begonnen met hun eerste optredens in Hamburg. Na dat optreden zochten ze een nieuwe drummer. Ze vonden Richard Starkey. Die kwam bij de band. En noemde zichzelf Ringo Starr. Hij, Ringo, had Pete Best vervangen.

De groep werd al in 1956 opgericht, maar ze waren pas echt goed bekent in 1962 met de hitsingle Love me do. Na 1962 volgde heel veel hits die alle records verbraken. Zoals: I want to hold you hand en Penny Lane. Dus het duurde zes jaar voordat ze echt beroemd waren. De eerste muziek van the Beatles was vooral rock and roll en blues. Het bijzondere aan hun muziek was akkoorden die ze gebruikten. En de verschillende tonen van de stemmen.In 1966 gaven ze in San Francisco een concert. Dat was voor een hele tijd hun laatste live optreden. Daarna gingen ze in een opnamestudio nieuw soort muziek maken.

Het was een hele andere muziek want, ze gebruikten drugs.

Ze gebruikten drugs waarvan je gaat hallucineren. Dat is fantaseren. Daardoor kwam er hele vrolijke muziek, toen the Beatles die drugs gebruikten. Het ging soms over drugs soms over de problemen in de wereld, de muziek veranderde dus heel erg. Ze waren met die muziek wat van de hitlijsten af.

Hoofdstuk 6: Concurrenten

De fans van The Beatles konden de fans van  the Rollings Stones niet zien of luchten. Tussen de oudere mensen heb je nog verschillen. De een houd van The Beatles en de andere van the Rolling Stones.

Vroeger was je óf voor de Beatles óf voor de Rolling Stones. Niet voor allebei. Het een of het ander. Mijn moeder is voor the Rolling Stones en mijn vader voor The Beatles. Mijn ouders hebben altijd ruzie over wie er beter was.

Dat is wel gek want, the Rolling Stones en de Beatles zelf vonden elkaar juist aardig. Ze kregen ook tips van elkaar van wat voor muziek de mensen leuk vonden.

Hoofdstuk 7: Hun uiterlijk

The Beatles hadden in het begin allemaal een net pak aan als ze gingen optreden.

Met echt alles er op en er aan: Een stropdas, manchetknopen en glimmende zwarte schoenen. Kortom ze waren erg netjes.  Ook hadden ze allemaal een vreemd en grappig kapsel. Een bloempotkapsel.  Niet allemaal precies hetzelfde kapsel maar wel ongeveer. Na 8 liedjes hadden ze al een ander kapsel. Niet meer zo netjes. John Lennon had zulk haar(plaatje 1).

Paul McCartney had iets langer haar dan hij als eerst had. En Ringo had een soort laagjes. Dat had George Harrison ook. Op het einde had iedereen heel ruig haar; Het begin van de Hippies. De bealtes zongen ook wel in die tijd maar toen was het nog niet de echte Hippie tijd. Laten we zeggen dat De Beatles voor de Hippies waren. Er onstond ook een Beatles Kapsel. Dat noemen wat wij nu een bloempotkapsel. Ze kregen ook een eigen kledinglijn. Kleren met bloemen en felle kleuren. (plaatje 5)

Hoofdstuk 8: Het einde

Het einde van de Beatles was toen John Lennon werd doodgeschoten. In New  York. Op 8 December 1980. Ze gingen nog wel even door maar ze maakten geen grote hits meer. Toen ook George Harrisson dood ging aan te veel aan drugs, kapten Paul en Ringo er ook maar mee. Een paar jaar later ging Paul zijn vrouw ook dood. Nu heeft Paul weer een nieuwe vrouw. Ringo leeft ook nog steeds.

Een paar weken geleden is George’s zijn gitaar verkocht voor zo’n 399.000 dollar.

En hij had hem gekocht voor ongeveer 5 Euro. Zo’n 398.995 euro verschil Een behoorlijk groot verschil.

En George is ook nog in een ere-gallerij gekomen voor de beste blues gitaarist.   Daar heeft George niet veel meer aan maar ja, het is toch wel leuk.

Hoofdstuk 9: Quizzzzzzzz

Vraag 1: Wanneer en waar is John Lennon doodgeschoten. Alleen het jaartal en de plaats?

Vraag 2: Wat is de echte naam van Ringo Starr

Vraag 3: Noem 1 film van The Beatles

Vraag 4: In wat voor zak zaten John Lennon en zijn vrouw?

Vraag 5: Noem de vier Bandleden.

Vraag 6: Hoe heette de groep waar John Lennon als eerst in zat?

Dit was mijn spreekbeurt. Ik hoop dat jullie het leuk vonden.

Spreekbeurt over Badminton

badminton1Deze spreekbeurt werd gemaakt door Marcel van Heerdt.

Ik ga mijn spreekbeurt houden over badminton.

Ik heb het onderwerp gekozen omdat ik het een leuke sport vind waar ik al 4 a 5 jaar op zit.

In mijn spreekbeurt ga ik het houden over :

– De geschiedenis
– Wat heb je voor badminton nodig
– Het speelveld
– De spelregels
– De training
– De wedstrijden
– De Nederlandse Kampioenschappen

De geschiedenis :

Badminton komt uit het land India. Vroeger werd het spel Poona genoemd. Waarschijnlijk was het genoemd naar de stad Poona. In Engeland werd in 1873 het spel ook al gespeeld op het landgoed van de hertog van Beaufort. De naam van het landgoed was badminton. Zo is dus naam badminton ontstaan. Uit oude schilderijen blijkt dat mensen uit andere landen het spel ook al speelde. Ken Davidson een bekende Afrikaanse badmintonner die had zich in geschiedenis van badminton verdiept. Hij kwam erachter dat het spel al veel eerder in Engeland werd gespeeld. Maar in Frankrijk kenden de mensen het spel ook al eerder. In frankrijk noemden zij het spel ‘Jeu de Longue plume’.
(HET PLAATJE AAN DE KLAS LATEN ZIEN!!!!!!!!!!)
Wat heb je voor badminton nodig :

Om te kunnen badmintonnen heb je nodig :

– Een racket
– Een shuttle
– Kleding en
– Goede sportschoenen

Het racket :

Natuurlijk heb je voor badminton een racket nodig om mee te slaan. De meeste rackets worden gamaakt in fabrieken in China, Taiwan en in Sri Lanka. Alleen Yonex heeft nog fabrieken in Japan waar zij hun rackets maken. Zo ziet een racket eruit :
( AAN DE KLAS LATEN ZIEN !!!!!!!!!! )

Het blad is bespannen met snaren van Nylon dat is een soort kunststof. Het racket moet aan allerlei dingen voldoen want het blad mag niet langer dan 28 centimeter zijn en mag niet breder dan 22 centimeter zijn. Je hebt verschillede merken maar de twee bekendste merken zijn Yonex en Carlton. Maar en zijn natuurlijk nog veel meer merken. Vroeger speelde de mensen altijd met houten rackets maar tegenwoordig wordt er alleen nog maar met kunststof rackets gespeeld.

De shuttle :

Ook heb je bij badminton een shuttle nodig. Je hebt twee soorten shuttles namelijk : veren-shuttles en gewone plastic-shuttles. Zo ziet een veren-shuttle eruit.
( AAN DE KLAS LATEN ZIEN!!!!!!!!!!!)

Bij een veren-shuttle worden er zestien eende-of ganzeveren naast elkaar in een rond kurkje gestoken. De veren worden dan met stevig touw goed bij elkaar vast gebonden zodat ze niet los gaan. De plastic shuttles zijn natuurlijk van plastic gemaakt. De plastic-shuttles heb je in twee kleuren namelijk in het geel en in het wit.
( AAN DE KLAS LATEN ZIEN!!!!!!!!!! )

Maar je speelt niet altijd met dezelfde shuttles want bij een andere temperatuur horen ook andere shuttles want als het 19 tot 29 graden is dan word er met langzame shuttles gespeeld en die herken je aan hun groene lintje. Als
Het 22 tot 11 graden is dan word er met iets snellere shuttles gespeeld en die herken je aan hun blauwe lintje. En vanaf 21graden dan word er met hele snelle shuttles gespeeld en die herken je aan hun rode lintje. Maar zelf speel ik meestal met langzame shuttles.

De kleding :

Vroeger moesten de mensen in een wedstrijd altijd witte kleding dragen maar tegenwoordig is dat niet meer. Want kan je gewoon een kort broekje of rokje met een T-shirt dragen. Ook heb je nu een traIningspak die je na de training aan kan doen want dan blijven je spieren goed warm. Onze vereniging die heeft dan geen eigen trainingspak maar wel een apart trui en die ziet er zo uit :
(AAN DE KLAS LATEN ZIEN!!!!!!!!!! )

Ook heeft onze vereniging een apart broekje en T-shirt en die zien er zo uit:
(AAN DE KLAS LATEN ZIEN!!!!!!!!!! )

De schoenen :

Het is erg belangrijk om goede schoenen te hebben. Want het moet de goede maat zijn en je moet er soepel in kunnen bewegen. Onder de schoen moet eigenlijk een speciaal rondje zitten dat noemen we een draaipunt.
(AAN DE KLAS LATEN ZIEN!!!!!!!!!! )

Want als er een draaipunt onder je schoen zit dan kan je makkelijker met je voet draaien. Ook moet je altijd je veters goed strikken want anders kan je voet dubbel gaan.

Het speelveld:

Badminton word in een zaal gespeeld en op een badmintonbaan. Op de helft van de baan hangt een net. Een badmintonbaan is ongeveer twee keer zo lang als breed de baan is namelijk 13,40 meter lang en 6,10 meter breed. Zo ziet ongeveer een badmintonbaan eruit.
(OP HET BORD DE LIJNEN EN ZO UITLEGGEN!!!!!!!!!!)

De spelregels :

Als eerst is de service bij badminton erg belangrijk. Je serveert goed als je de shuttle onderhands en schuin serveert. Bij het enkelspel zijn de belangrijkste spelregels : Elke speler heeft een service. Er wordt alleen van vak gewisseld als er wordt gescoord. Bij het dubbelspel zijn de belangrijkste spelregels : Iedere partij heeft twee service beurten. De service wordt schuin geslagen. En er wordt alleen van vak gewisseld als jij of je partner een punt scoort. Als je allebei je service hebt gehad dan gaat de service over. Je scoort zelf alleen als je tegenstander de shuttle mis slaat of uit slaat. Maar de shuttle is ook uit als je hem tegen de muur of tegen het plafond slaat. En als de shuttle twee keer door je tegenstanders word geraakt dan heb je ook een punt.

De training :

Als je goed wil leren badmintonnen dan moet je veel trainen. Voor je met een training begint moet je eerst een goede warming-up doen. Een warming-up bestaat uit allerlei loop oefeningen. Dat doe je om je spieren goed warm en soepel te maken. Als je klaar bent met de warming-up dan ben je eigenlijk pas met echt badmintonnen bezig. Als eerst moet je dan inslaan dat doe je door je tegenstander een beetje te laten lopen. Je hebt allemaal verschillende oefeningen namelijk : Je moet goed leren plaatsen, onderhands en bovenhands slaan, de backhand onderhands en bovenhands, hardslaan, zachtslaan en het voetenwerk. Voetenwerk is eigenlijk om goed te leren hoe je je op de baan moet bewegen.
(TUSSENDOOR DE OEFENINGENEN LATEN ZIEN AAN DE KLAS!!!!!!!!!! )

Je traint meestal een uur en in dat uur doe je zulk soort oefeningen. Ook doe je vaak een wedstrijd in de training dat doe je om te leren hoe je in een echte wedstrijd moet spelen. Na de training hoort een cooling-down dat doe om je spieren weer af te laten koelen.

De wedstrijden :

Je hebt verschillende soorten wedstrijden je hebt namelijk : dames-enkel dat is een vrouw tegen een vrouw, heren-enkel dat een man tegen een man, dames-dubbel dat is twee vrouwen tegen twee vrouwen, heren-dubbel dat is twee mannen tegen twee mannen en je hebt gemengd-dubbel dat is een man en een vrouw tegen een man en een vrouw. Voor de wedstrijd begint is er een soort loting ook wel de “toss” genoemd dit doe je door de shuttle omhoog te gooien en naar wie het dopje van de shuttle wijst die persoon mag beslissen of die wil beginnen met de service of hij mag kiezen aan welke kant hij wil beginnen. Bij dames-enkel speel je tot de elf punten en bij de andere wedstrijden speel je tot de vijftien punten. Je speelt altijd twee of drie sets. Want als een persoon beide sets wint dan hoef je geen derde set maat win je allebei een set dan moet je wel een derde set. Bij dames-enkel moet je bij 6-6 van speel helft wisselen en bij de andere wedstrijden is dat bij 8-8 dat is omdat het licht aan de ene speelhelft misschien beter is. Als het bij dames-enkel 10-10 staat dan mag er verlengt worden door de persoon die de service niet heeft. En bij de andere wedstrijden mag je verlengen bij 14-14 en bij allebei mag je met drie punten verlengen. Ook is er een competitie dan moet je allemaal wedstrijden met je team spelen tegen teams van andere verenigingen.


De Nederlandse Wedstrijden

De Dutch Open is een Nederlandse Kampioenschap.

Op 20 oktober is Dutch Open weer geweest, maar ik ben er niet geweest.

Spreekbeurt over Adoptie

image001

Ik hou mijn spreekbeurt over  ADOPTIE ik heb het onderwerp gekozen,

omdat ik een adoptie kind ben.

HOOFDSTUK 1

Waarom willen mensen kinderen adopteren?

De meeste mensen die adopteren kunnen zelf geen kinderen krijgen.

Of ze hebben een ziekte die ze niet aan het kind willen door geven.

En sommige mensen vinden dat er al genoeg kinderen op de wereld

zijn.

En die willen liever zorgen voor het kindje dat hij/ zij een vader en moeder

krijgt.

En sommige mensen zo als mijn vader en moeder  willen graag,

meer kinderen en maken dan de keus om naast het krijgen van eigen

kinderen een kindje te adopteren dat anders  kansloos zou zijn.


image002HOOFDSTUK 2

Hoe begin je met adoptie?

je kan een brief schrijven  of bellen naar het ministerie van justitie,

of naar de kinderbescherming.

Dan krijg je een inschrijf formulier en als je die terug stuurt dan,

kom je op de wachtlijst, als je niet ouder bent dan 43 jaar,

in Nederland woont,

en getrouwd bent of wil gaan trouwen,

dan is er een wacht tijd van ongeveer anderhalf  jaar.

In die wacht tijd kun je nadenken over adoptie en  boeken lezen

IK GEEF NU WAT, BOEKJES DOOR VAN WERELD KINDEREN.

Je moet naar avonden waar ze over adoptie praten.

Dan na de wachttijd komt er iemand van de kinderbescherming.

En die willen alles van die ouders weten en maken daar een rapport van.

En vragen bij de politie of ze niks crimineel  hebben gedaan.

Dan geeft de kinderbescherming advies aan de minister,

of die ouders goed zijn of niet.

Dan geeft de minister beginsel toestemming.

Die heeft de rechter nodig om te zien dat je mag adopteren.

Je kunt kiezen of je je adoptie laat doen door een vereniging,

bijvoorbeeld Wereld kinderen die dan alles voor je doet.

Of je doet de hele adoptie zelf, je moet zelf een land uit kiezen.

Mensen die je daar kunnen helpen. Je moet ook zelf je advocaat bij je hebben.

Zelf naar de rechtbank en zelf al je papieren regelen.

Papa en Mama hebben alles zelf gedaan omdat er een wachtlijst van 5 jaar was.

HOOFD STUK 3

Voor de adoptie heb je veel belangrijke papieren nodig.

Papieren die je bijvoorbeeld nodig hebt zijn:

Een brief van hoeveel je verdient.

Kopie van je paspoort en.

Bewijs dat je gezond bent van de huisarts.

Ook het bewijs van goed gedrag van de politie heb je nodig

Alle papieren die je hebt moet je op het stadhuis laten zien en een stempel vragen en natuurlijk,

een handtekening van de burgemeester of iemand die namens de burgemeester dit mag doen.

Dan moet je alle papieren laten vertalen in de taal van het land waar  je gaat adopteren.

Met dit alles moet je naar het Consulaat

En daar doen ze ook weer tekenen en stempelen.

Dit alles moet worden gedaan zodat ze op de rechtbank in het adoptie land weten dat alles eerlijk is gebeurd.

Als je dan in het land bent is er een kindje in een weeshuis of in een ziekenhuis.

De moeder heeft dan afstand gedaan.

Afstand kan worden gedaan als de moeder al voor de geboorte dit heeft verteld aan verschillende mensen.

Na de geboorte kan de moeder het kindje afstaan aan een tehuis.

Als de moeder zich schaamt voor wat ze wil  of ze vindt het zelf heel verdrietig om te doen en wil niet dat andere het weten, laten ze ook wel het kind achter in het ziekenhuis of leggen het te vondeling op straat.

Kinderen worden afgestaan om dat mensen zelf niet voor ze kunnen zorgen.

Of  omdat ze nog heel jong zijn.

In India komt het voor omdat ze van een andere kaste zijn. je hebt rijke kasten en arme kasten  en dat is daar streng gescheiden, als je nu in verwachting raakt van iemand van de andere kaste dan wordt je door je familie buiten gesloten en heb je ook niet meer de mogelijkheid om voor je zelf of voor het kind te zorgen.

Ook worden er kinderen geboren na een verkrachting, de moeder wil dan het kind gewoon niet.

Er komt een bericht op de rechtbank en in de krant over het kindje.

Familie die er niet mee eens is heeft een paar weken de tijd om  te reageren.

Daarna praat de rechter met de adoptie ouders, en met degenen die weten dat de moeder het kind wil afstaan.

Daarna als alles goed is geeft de rechter toestemming

En dan kun je bij de  politie een paspoort halen.

Voor je het land uit gaat moet je van het Nederlandse consulaat toestemming krijgen.

Als je op schiphol aankomt moet je ook weer een stempel krijgen van de douane.

Dan krijg. je van vreemdelingen politie een bewijs.

Als het kindje in Nederland woont en de ouders 5 jaar getrouwd zijn ga je naar een Nederlandse rechter.

Die zijn toestemming geeft en dan is de adoptie klaar.

Het adoptie kind wordt medisch onderzocht en krijgt ook een aantal prikken.

Bijvoorbeeld de pokken prik die Nederlandse kinderen niet meer krijgen.

In Nederland is het ook slim om naar een kinderarts te gaan omdat er in andere landen veel ziektes heersen die in Nederland niet voor komen.

De meeste mensen adopteren kinderen uit India,Taiwan, Brazilië Colombia, Suriname, Sri-Lanka, Filippijnen,Korea,Nepal.

De kinderen hebben een leeftijd van 0 tot en met 5 jaar, alleen als er een jonger kindje wordt geadopteerd mag er een oudere broer of zus, bij komen om de kinderen samen te laten zijn.

Dit was mijn spreekbeurt!

Groetjes van Gerjanne

Werkstuk over Dieren op het strand

strandIk heb de dieren van het strand als onderwerp genomen want ik wilde graag een werkstuk over dieren maken, en er was genoeg informatie over te vinden. Meestal denk je ook niet zo aan de dieren als je op het strand bent dat vind ik ook leuk aan dit onderwerp

Stranden
Rotsstranden
Op het strand leven veel dieren. Je vindt er een heleboel soorten krabben, garnalen, schelpdieren en wormen. En dan heb je de dieren die vastgehecht leven in spleten op rotsen of verborgen onder zeewier zitten nog niet gehad. Onder wieren leven heel wat diertjes. Bij eb zijn de wieren aan de boven kant bijna droog maar aan de onderkant zijn ze erg nat. Door die wieren kunnen vissen die op het droge komen nog enkele uren overleven.

Zandstranden
In vergelijking rotsstranden met lijken zandstranden wel verlaten woestijnen. Toch leven ook hier een heleboel dieren, begraven in modder of zand. Ze lopen, kruipen of graven zich vooruit, en laten overal sporen achter die je kunt zien bij eb.

Schelpdieren

Schelpdieren houden zich vaak vast aan stenen op het strand, daar hebben ze bijna allemaal een andere manier voor. Mossels houden zich vast met sterke draden en schaalhorens (een soort zeeslakken) zuigen zich vast aan de bodem. Deze stranddieren hebben hun schelp nodig omdat ze anders te weinig bescherming hebben tegen harde golven en het is ook erg handig dat andere dieren(vooral vogels) niet gemakkelijk de schelpen kunnen breken om het diertje op te eten.

schelpTweekleppige schelpen
Bij tweekleppige bestaat de hele schelp uit twee kleppen die aan elkaar vast zitten met een soort scharnier en een slotband. De slotband is een elastische band waarmee het schelpdier zijn schelp open en dicht kan doen. Het dichtdoen gaat met de sterke sluitspieren. Het scharnier heeft vaak uitsteeksels of tanden die precies in de andere schelpklep passen, hierdoor wordt de verbinding nog sterker daarom heet dat het slot. Aan het slot kun je meestal goed zien wat voor soort schelp het is. De sluitspieren laten aan de binnenkant van de schelp indrukken achter. Als je goed geleerd hebt hoe je het moet zien kun je ook aan de indrukken zien wat voor soort schelp het is. De schelp wordt gevormd door de mantel bij het diertje. De mantel ligt tegen de binnenkant van de schelp. Op de vergroeiingslijn van mantel en schelp kan je vaak in de schelp de mantellijn zien. Tussen het lichaam en de mantel zitten de kieuwen daarmee wordt zuurstof uit het water gehaald. Het water wordt aan de achterkant van het diertje de mantelholte in gezogen waar zuurstof en voedsel er uit wordt gehaald daarna wordt het door de uitstroomopening weer terug gaat naar buiten.

Zeepieren
Bij laag water in het waddengebied zie je vaak heel veel kleine hoopjes zand, als je van dichtbij kijkt zie je dat naast elk zandhoopje ook een gaatje zit dat is het begin van een gang van een worm (een worm op het strand heet ook wel zeepier). Zeepieren maken een U-vormige gang in het zand. Aan de ene kant zuigen ze zand op en aan de andere kant poepen ze het weer uit, uit het zand filteren ze alle voedseldeeltjes.

Schelpkokerwormen
Schelpkokerwormen bouwen hun eigen huisje van stukjes schelp en kleine steentjes. Zo’n schelpkoker staat rechtop in het zand, meestal in het laagste gedeelte van het wad of strand. Sommige worden de kokers wel 30 centimeter lang. Soms vind je een koker op het strand, meestal zijn de kokers dan kapot want ze gaan heel snel stuk.

Krabben en Kreeften
Zeekreeft
De zeekreeft verdedigd zich met de zijn voorpootscharen, maar hij kan er ook zijn eten mee openmaken. Een Zeekreeft eet meestal kleinere kreeftjes en schelpdieren

Heremietkreeft
De heremietkreeft (heremiet is een ander woord voor kluizenaar) is zonder huis heel kwetsbaar. Het voorste gedeelte van het kreeftje is goed beschermd maar het achterste gedeelte is zacht en onbeschermd. Dat is dus een lekker hapje voor zijn vijanden, daarom kruipt de heremietkreeft met dat zachte gedeelte in een leeg zeeslakkenhuis. Het lijf past zich aan de schelp aan en is daarom meestal scheef. Als de kreeft groter wordt moet hij wel af en toe van huis veranderen.

Zeepokken
Zeepokken lijken op schelpen maar zijn eigenlijk kleine kreeftjes. Ze leven ondersteboven met hun kop op palen, schelpen, rotsen en andere dingen en dieren. Hun lichaam wordt bedekt door kalkplaten die open kunnen. Door die opening steekt de zeepok zijn harige poot naar buiten oom plankton te vangen.

krabNoordzeekrabben
De Noordzeekrab is onze grootste krab bij ons op het strand. Hij kan 25 centimeter breed worden en 4,5 kilo wegen. Deze krab kan je eten. De kleur van zijn schild is oranjebruin en de punten van de scharen zwart. Krabben hebben ogen op steeltjes. Soms vind je op het strand de schaar van een Noordzeekrab.

Strandkrabben
Strandkrabben worden niet groter dan 10 centimeter. Ze zijn oranje bruin of groenig. Ze leven op het strand en tussen de stenen van zeedijken. De rand van hun rugschild heeft een zaagvorm.

Zwemkrabben
Bij de zwemkrab hebben de achterpoten geen nagel, maar een soort peddels waar ze goed mee kunnen zwemmen.

Zeehonden
In Nederland heb je twee soorten zeehonden de Gewone zeehond en de Grijze zeehond allebei de soorten zeehonden hebben een paar dingen waarmee ze op elkaar lijken de: ogen, oren, neus, snorharen en de vinnen.

Ogen
Zeehonden hebben grote ronde ogen. Je zou misschien denken dat ze daarmee goed konden zien maar dat valt tegen. Van dichtbij kunnen zeehonden best goed zien maar ver voor zich uit zien ze alleen maar vage schimmen. Bovendien zien ze alleen zwart wit.

Oren
Allebei de zeehonden hebben geen oorschelpen, ze hebben alleen gaatjes als oren. Er komt geen water in hun oren want ze kunnen die afsluiten.

Neus
Als je goed naar een zeehond kijkt, dan zie je dat hij twee neusgaten voorop zijn kop heeft zitten net als bij een hond. Wat een hond niet kan en een zeehond wel is zijn neusgaten afsluiten. Op deze manier krijgt hij nooit water in zijn neus. De neus van een zeehond gaat vanzelf dicht als hij onder duikt. Net als je zelf je hand weg trekt als je iets heets voelt. Dat heet reflex. Doordat een zeehond zijn neus afsluit kan hij onderwater ook niet ruiken.

Snorharen
Doordat zeehonden niet goed kunnen zien en onder water niet kunnen ruiken zijn hun snorharen erg handig. De snorharen van een zeehond zijn stug maar ook erg gevoelig. Een zeehond kan met zijn snorharen precies voelen waar een vis zwemt. Doordat hij zijn eten bijna alleen met zijn snorharen zoekt kan een zeehond zelfs in heel vies water zijn vissen vinden.

Vinnen
Met zijn achtervinnen maakt een zeehond vaart met zijn voorvinnen kan hij sturen. Als je goed kijkt zie je aan de vinnen nagels zitten, hiermee kan de zeehond zich krabben of zijn vis uit elkaar scheuren.

Verschillen
Allebei de zeehonden zien er anders uit en zijn best gemakkelijk uit elkaar te houden. De Gewone zeehond heeft een ronde kop en grote ogen, een Grijze zeehond heeft een veel spitsere snuit. De snuit is een beetje te vergelijken met de kop van een wolf. Daarnaast is een Grijze zeehond zwaarder en kan hij langer worden.

Het land op
Zeehonden leven een groot deel van hun leven in het water maar zo af en toe komen ze er wel eens uit. Een zeehond die aan land komt is niet erg snel hij hobbelt min of meer over de grond. Hij kan namelijk niet lopen op zijn voor of achtervinnen. Als er gevaar dreigt moeten ze snel het water weer in. Als ze eenmaal in het water zijn kunnen ze snelheden halen tot 30 kilometer per uur.

Jongen
Zeehonden krijgen hun jongen op het land. Dat betekent dat ze niet mogen opvallen als ze net geboren zijn. De jongen van de Gewone zeehond worden meestal in mei of juni geboren en hebben dezelfde kleur als de volwassen dieren. Hierdoor vallen ze niet zo op als ze op een zandbank liggen. De jongen van de Grijze zeehond zijn heel anders van kleur ze zijn namelijk wit de eerste drie weken na hun geboorte. Dat is ook wel nodig want de jongen worden in januari of februari op het ijs geboren. Zouden ze er hetzelfde uitzien als hun ouders dan zouden ze teveel opvallen.

De maat en het gewicht
Gewone zeehond Grijze zeehond
Lengte 150-170 cm 180-200 cm
Gewicht vrouwtje 70-90 kilo 160 kilo
Gewicht mannetje 110-120 kilo 300 kilo

Strandvogels
meeuwMeeuwen
Vogelliefhebbers kom je niet vaak tegen op het strand toch zijn er daar heel wat vogels. Zeker langs de waterkant of in het ondiepe water. Vaak zijn er meeuwen die van alles en nog wat opeten. In zo’n groep zitten ook veel jonge meeuwen, je kan een jonge meeuw herkennen aan de donkerbruine kleur van de veren. Zilvermeeuwen zijn bijvoorbeeld pas volwassen als ze drie zijn en dan zijn alle donkerbruine veren zilvergrijs geworden. In het eerste jaar zijn al hun veren donkerbruin. In het tweede jaar begint de buik al duidelijk lichter te worden. En in het derde jaar zijn alle veren zilvergrijs. Je ziet ook andere soorten meeuwen op het strand zoals de Stormmeeuw, Kokmeeuw, Kleine mantelmeeuw en soms een Grote mantelmeeuw. Ook deze soorten hebben eerst bruine veren en pas later krijgen ze een andere kleur veren. De kleine en de Grote mantelmeeuw lijken heel erg op elkaar, alleen de Grote mantelmeeuw is (natuurlijk!) groter maar dat zie je lang niet altijd. Wel duidelijk is de pootkleur de Grote mantelmeeuw heeft roze poten en de Kleine mantel meeuw gele. Als je alle meeuwen op het strand zou tellen en gemiddeld 200 gram voedsel per vogel per dag rekenen, dan worden er elke dag honderden kilo aangespoeld spul opgegeten wat anders zou gaan rotten en stinken. Meeuwen vervullen dus een belangrijke taak op het strand waar wij als mensen geluk mee hebben.

De Noordse stormvogel
De Noordse Stormvogel lijkt veel op de Zilvermeeuw maar is te herkennen aan zijn wel heel aparte snavel. Stormvogels leven op zee en komen alleen aan land om te broeden. Ook hun voedsel halen Stormvogels uit de zee, hierdoor krijgen ze veel zout in hun bek. De neusgaten zijn verlengd in de vorm van een buis, waardoor ze het zout dat ze teveel hebben weerkwijt kunnen. De punt van de snavel is erg gebogen daardoor lijkt het dat de snavel uit drie delen bestaat. De kromme haak vooraan, de zoutbuis bovenop en de echte snavel. Het is daarom interessant om is naar dode “meeuwen” op het strand eens wat beter te bekijken en er niet meteen voorbij te lopen omdat je denkt dat er een Zilvermeeuw licht. Met wat geluk voor jou en wat ongeluk voor de vogel kan het best een Noordse Stormvogel zijn. Ruik dan ook eens aan de veren van zo’n vogel. Noordse Stormvogels verspreiden namelijk een traanlucht. Zelfs als van die vogels opgezet zijn en al twintig jaar in een museum hangen verspreiden ze nog steeds die lucht.

De Drieteen, Kraaien en Sneeuwgorzen
Het meest opvallende strandlopertje is de drieteen. Drieteentjes lopen altijd op de grens van droog en nat op zoek naar voedsel. Je kan ze gemakkelijk herkennen door hun voorovergebogen houding en donkere vlek op hun schouder. Ook Kraaien zoeken het strand af naar voedsel, vooral vroeg in de ochtend. En in de winter op de hogere gedeeltes ook Bonte kraaien. In de winter komen daar ook groepen Sneeuwgorzen. Vooral als er wat aan struiken en hoog gras is. Er zijn geen vogels die op het strand broeden op een alleen soms een Scholekster.

Kluut
De Kluut is wit met zwart en zijn snavel gaat met een bochtje omhoog. Omdat het puntje van zijn snavel omhoog steekt kan de Kluut alleen bij eten wat boven op het zand licht.

Bergeenden
Bergeenden broeden vaak in gangen van konijnen of onder dichte struiken. Het zijn grote wat gansachtige eenden met een opvallende rode snavel. Verder zijn ze Zwart Lichtbruin groen en wit van kleur.

Scholekster
De Scholekster boort met zijn snavel in het zand om schelpdieren te vinden open te breken en op te eten. Openbreken doet hij heel handig namelijk door de sluitspier te breken.

Nog veel meer
Er zijn nog veel meer strandlopers en andere strand vogels zoals de  Scholekster, kleine Plevier, grote Zee-eend, Bergeend, Brilduiker, Eidereend, Rotgans, Aalscholver, Wulp en nog veel meer. Maar als ik over al die dieren ga vertellen dan wordt mijn werkstuk wel 100 bladzijden.

Eb en vloed
Golven en stromingen zijn niet de enige manier waardoor de zee beweegt. De zee beweegt het meest door de Zon en de Maan. De Maan beweegt om de Aarde als een enorme magneet: ze trekt het water naar de stranden toe of van de stranden weg. Dat zijn getijden. In Europa zijn er twee hoge en twee lage getijden per dag. De hoge getijden zijn allebei maar drie meter hoog. In andere werelddelen heb je soms maar 1 vloed maar die kan dan soms 18 meter hoog worden. Alleen de Middellandse Zee heeft nauwelijks getijden. De aantrekkingskracht van de Maan en de Zon op zee zorgt voor getijden. Als de Zon en de Maan in een rechte hoek op elkaar hun aantrekkingskracht uitoefenen zijn de getijden lager dat heet doodtij. Als Maan en de Zon in dezelfde richting trekken worden de getijden hoger dat heet springtij. Elke maand hebben we twee springgetijden en twee dode getijden. Eb en vloed zijn ook heel belangrijk voor de dieren op het strand sommige leven er zelfs van. De dieren leven natuurlijk niet van de golven maar wel van wat de golven meebrengen aan eten. Sommige dieren zoals mossels die op stenen, palen en andere dingen moeten er ook tegen kunnen twee keer per dag overstroomt te zijn en twee keer per dag droog te liggen. Daarom is eb en vloed ook voor de dieren heel belangrijk.

Spreekbeurt over de stad Trier

trier1

Inleiding:

Trier is een stad met een geschiedenis dat in 3 delen kan worden verdeeld. Namelijk:
Trier voor de Romeinse tijd
Trier tijdens de Romeinse tijd
Trier na de Romeinse tijd

Trier voor de Romeinse tijd:

Voor dat de stad Trier werd gebouwd leefden er al eeuwen mensen op die plaats. Volgens aanwijzingen werden er in het Noorden van de Alpen de eerste menselijke vestingen geplaatst gedateerd uit 3000 vC. Die menselijke vestingen konden voor het eerst een stad genoemd worden.

Rote Haus , een gebouw op de grote markt draagt een inscriptie die luidt: ‘Ante Romam Treveris Stetit Annis Mille Trecentis” dat wil zeggen : Voor Rome bestond Trier al dertienhonderd jaar. Dit is ongetwijfeld een mythe met zijn oorsprong uit de Middeleeuwen.
Van 60 tot 50 voor Christus veroverde Caesar heel Gallië. De Trevieren, de inwoners van Trier, gaven zich vrijwillig over.

Zo werd Trier een Romeinse stad.

Trier tijdens de Romeinse tijd:

De Romeinen beweren dat zij de stad Trier gesticht hebben in circa 16 vC. Trier heette toen : Augusta treverorum: Augusta dat staat voor de keizer die Trier stichtte, Augustus. En treverorum dat staat voor de Trevieren: de bewoners van Trier. Trier werd gekoloniseerd na de stichting. Doordat Trier aan de Moezel lag had ze een gunstige ligging en kon ze snel uitbreiden daardoor werd ze meer aanzien als een Romeinse stad.

Doordat de Gallische cultuur in contact kwam met de Romeinse cultuur vermengden ze zich steeds meer en ontstond er de Gallo-Romeinse cultuur.

Tot de 3de eeuw vC. Werden de gebouwen in Trier met hout gebouwd, daardoor zijn ze allemaal al vergaan. De Romeinen begonnen ook stenen bouwwerken te maken rond 150 nC. zoals de Grote stadsmuur(circa 170 nC.).

Trier kende een grote bloeiperiode ten tijden van de Romeinse bezetting.

trier2Weetjes (bij ‘Trier tijdens de Romeinse tijd’):
Zoals alle andere steden behalve Rome was Trier opgebouwd uit een rechthoekig stratennet.
Trier werd vanaf 268 nC. De hoofdstad van de Romeinse provincie Gallië.
In 268 werd er besloten om een keizer in Trier te laten vestigen.
Trier werd in 275 nC. verwoest door Alamannen maar bouwde zichzelf later weer op.
Constantijn de Grote was de eerste keizer de in Trier woonde. Hij woonde van 306 tot 314 in Trier. Na zijn regeerperiode regeerden er andere keizers tot 383 nC.
Trier creëerde een groot bevolkingsaantal en werd een stad met een grote politieke invloed. Maar toen de keizerlijke resistentie verhuisden veranderde dat.

Trier na de Romeinse tijd:

Toen het West-Romeinse Rijk in 476 viel, slaagden de Franken er in, na hun meerdere malen tot het plunderen van de stad Trier, ze te veroveren. Trier haar hoeveelheid was gehalveerd sinds haar bloeiperiode en dit kwam vooral door de voortdurende conflicten met de Franken.
Van de 6de t.e.m. de 9de eeuw waren de Franken de baas over Trier.

In 870 werd Trier lid bij het Oost-Frankische Rijk, wat het latere Duitsland is. Maar al 12 jaar nadien werd Trier geplunderd door de Vikingen en alle originele Romeinse bouwwerken werden allemaal vernield. Na hun plundering bouwden de Vikingen Trier wel weer op maar dat konden ze nooit weer zo een mooi als de stad in de Romeinse tijd.

De bisschoppen die tot 1800 bestuurden werden in 1400 ook keurvorst(zij mochten kiezer wie de nieuwe keizer werd van het hele rijk).

In de 17e en de 18e eeuw werden de oorlogen van de Duisters tussen de Fransen constant. Er werd een verdrag gesloten tussen de Duisters en de Fransen waarin stond dat de Fransen het hele Duitse rijk mochten besturen. Dus Trier werd  weer een Franse stad. Nadien werd Trier weer een bisdom en begon langzaam weer op te bloeien.

Ongeveer een 10 jaar laten werd Trier heroverd van de Fransen door de Duitse Pruisen. De economie in Trier ging er sterk op achteruit in de overschakeling van het Frans naar het Duist maar dat werd weer beter toen het buurland Luxemburg te hulp schoot door samen te werken. Achteraf waren er nog opstanden van de inwoners voor meer burgerrecht.

Trier is een stad die veel bezocht wordt door toeristen omdat er veel historische, waaronder Romeinse, bouwwerken bewaard gebleven zijn.

Bronnen:

http://www.kunsttrip.nl/steden/trier/geschiedenis_trier.htm

http://images.google.be/imgres?imgurl=http://groetenuitdenbosch.nl/zustersteden/trier/trier%25201806.JPG&imgrefurl=http://groetenuitdenbosch.nl/145.htm&usg=__7ID1jFBqXC8mh1UgWjf8P6RHvrM=&h=281&w=720&sz=182&hl=nl&start=2&um=1&tbnid=TrFSptWgpJxsKM:&tbnh=55&tbnw=140&prev=/images%3Fq%3Dde%2Bgeschiedenis%2Bvan%2BTrier%26hl%3Dnl%26sa%3DN%26um%3D1

http://nl.wikipedia.org/wiki/Trier#Geschiedenis

http://images.google.be/imgres?imgurl=http://upload.wikimedia.org/wikipedia/commons/2/26/Hw-caesar.jpg&imgrefurl=http://pokcvtrier.mysites.nl/&usg=__l6VKlWwKNs6vmCj5HXuurluj43w=&h=600&w=371&sz=36&hl=nl&start=1&tbnid=Bol5i3BabqFg-M:&tbnh=135&tbnw=83&prev=/images%3Fq%3Dgeschiedenis%2Bvan%2Btrier%26gbv%3D2%26hl%3Dnl

http://www.weingut-rummel.de/images/porta.jpg

http://www.mosellandtouristik.de/images/content/wwr/3.jpg

http://images.google.be/imgres?imgurl=http://dzt-top50.dx-work.com/images/itempics/pics/pic_4443_1_m.jpg&imgrefurl=http://duitsverkeersbureau.nl/NLD/vakantieland_duitsland/master_tlstadt-id1228-fstadt_sight.htm&usg=__AESLGlRwb6nlj3e7DR_kTBEBfEs=&h=151&w=190&sz=14&hl=en&start=14&um=1&tbnid=ClhhQX99KrY_0M:&tbnh=82&tbnw=103&prev=/images%3Fq%3Dgeschiedenis%2Btrier%26hl%3Den%26rlz%3D1W1SUNA_en%26sa%3DX%26um%3D1

http://www.mathematik.uni-trier.de/img/trier.gif

http://cache.virtualtourist.com/2674268-Travel_Picture-Trier.jpg

http://images.google.be/imgres?imgurl=http://www.yucolo.com/images/heritage/3_oben_trier_hauptmarkt_a.jpg&imgrefurl=http://www.yucolo.com/world_heritage_sites/germany/trier&usg=__eR3qEkwvMxYTgf0UkwQ6JASkXB0=&h=272&w=340&sz=23&hl=en&start=4&um=1&tbnid=6QFsDjbCrrgcdM:&tbnh=95&tbnw=119&prev=/images%3Fq%3Dtrier%26hl%3Den%26rlz%3D1W1SUNA_en%26sa%3DG%26um%3D1

http://images.google.be/imgres?imgurl=http://galenfrysinger.name/eh61/trier09.jpg&imgrefurl=http://www.galenfrysinger.com/germany_trier.htm&usg=__zjVZ7TJPWrZ6RqBJa92Yo-UqR-M=&h=740&w=720&sz=154&hl=en&start=9&um=1&tbnid=mZExM3BKyCERyM:&tbnh=141&tbnw=137&prev=/images%3Fq%3Dtrier%26hl%3Den%26rlz%3D1W1SUNA_en%26sa%3DG%26um%3D1

trier3

Spreekbeurt over het Opera House in Sydney

Deze spreekbeurt werd gemaakt door Nienke.

4 Jaar geleden ben ik op vakantie naar Australie geweest. Het was echt super leuk.

Hoewel Canberra de hoofdstad is, denken veel mensen dat Sydney de hoofdstad is. Dit komt waarschijnlijk omdat het opera house in sydney staat. Dat is een groot, bekend concertgebouw in de vorm van een soort schelpen. Het bestaat eigenlijk uit 3 gebouwen.

In 1955 schreef de Australische regering een ontwerpwedstrijd uit:
“ontwerp een gebouw voor opera ’s en andere voorstellingen”
Het gebouw zou vlak naast de Harbour Bridge komen te liggen. Harbour Bridge is een bekende brug. En het moet op een soort schiereilandje komen te liggen, waardoor het erg opvalt.

opera-houseJorn Utzon won de wedstrijd met dit ontwerp, men zegt dat hij het ontwerp in 1 keer zonder meetlat of rekenmachine vanuit de hand heeft getekend.
Jorn Utzon hield veel van zeilen. Dit gebouw zou zijn liefde voor de zeilsport symboliseren omdat de daken niet alleen op schelpen lijken, maar ook op de zeilen van een groot zeilschip.

14 jaar nadat ze met de bouw begonnen waren, was het opera house af. In 1973 opende koningin Elizabeth II het.

Jorn Utzon is geboren op 9 april 1918 in Aalburg, dat ligt in Denemarken. Hij studeerde af in1941 aan de Koninklijke academie in Kopenhagen.
Behalve het opera house heeft hij ook nog veel werken in Denenmarken, Zwitserland en Koeweit gemaakt.
In 2003 won Utzon de Pritzker Prize, de nobelprijs voor architectuur. De winnaar van de Pritzker Prize ontvangt 100.000 dollar.

Het dak bestaat uit 1.056.000 kleine tegeltjes in wit en grijs tinten, die speciaal uit Zweden geïmporteerd zijn. Deze tegeltjes zijn in een bepaald patroon neergelegd.
Onder de tegels zitten ribben die aan elkaar zij geregen met kabels met daar tussen een soort betonnen deksels. Bij de openingen van de schelpen zie je de ribben zonder tegels of beton, maar met glas erover heen.

De daken zijn ook meteen de muren staat op een platform. Je kunt het dak dus aanraken als je op dit platform staat. Je ziet dat er een trap is naar het platform en dat je er dan overheen kunt lopen.
Ook kun je beneden langs helemaal om het gebouw lopen.

Bij de ingang zie je de monumentale trap en het voorplein. Hier worden openluchtfilms en gratis optredens gehouden.

Het opera house heeft meer dan 1000 verschillende ruimtes. Dit zijn de belangrijkste zalen;
De Concert Hall heeft 2.679 plaatsen. Hier vinden allemaal culturele activiteiten plaats, zoals bijvoorbeeld uitvoeringen van klassieke muziek, opera, popconcerten en modeshows. In de concert hal staat het grootste orgel van de wereld, The Grand Organ, met meer dan 10.000 pijpen.
Het Opera Theater met 1.547 stoelen. Dit is het basistheater en hier worden vaak grote opera’s en balletvoorstellingen opgevoerd.
Drama Theater met 544 zitplaatsen.
De speelzaal is voor kleine muziek- en theaterstukken en heeft 398 stoelen.
Studio Theater met 364 plaatsen.
Expositieruimte waar je kunt rondlopen, er zijn dus geen vaste zitplaatsen.
De Repetitieruimte waar de spelers met z’ n alle kunnen oefenen, is ook een opnamestudio waar een heel symfonieorkest in past.
In de theater en opera zalen zijn de muren en het plafond zwart, zodat de aandacht op het podium wordt gericht.
Het Opera house heeft ook nog 6 café ’s en 4 restaurants. Het Bennelong restaurant is ook nog eens 1 van de beste restaurants van heel Sydney.

In 2002 werd het opera house gerenoveerd om onder andere de toegankelijkheid voor gehandicapten aan te passen.

Bij oud en nieuw wordt er altijd vuurwerk afgestoken bij het opera house en de Harbour Bridge. Dit vuurwerk is wereldberoemd.

En tot slot heb ik nog een paar leuke Weetjes:
Jorn Utzon is zelf nooit in het opera house geweest omdat hij ruzie kreeg met zijn opdrachtgevers over het interieur, de binnenkant, en zwoer nooit meer terug te komen.
Het hele gebouw kostte bij elkaar ongeveer 102 miljoen Australische doller.
De top van het hoogste dak ligt 67 meter boven zee niveau.
Naast het Empire State Building en de Eiffeltoren, is het opera house het meest gefotografeerde gebouw ter wereld.
De stroomvoorziening is genoeg om een dorp van 25.000 mensen van stroom te voorzien.
Het gewicht van het dak is 26.700 ton, dat is 26 700 000 kilogram. Het kraaiennest van de euromast, dat ding dat omhoog gaat, weegt 240.000 kg.
(sommige zeggen dat het waar is, andere niet) Jorn Utzon is op het idee gekomen van de vorm van het dak, toen hij een sinaasappel aan het schillen was.

Spreekbeurt over Donor worden

Ik ga mijn spreekbeurt houden over Donor worden
Ik ga mijn spreekbeurt houden over donors omdat ik het een belangrijk onderwerp vindt en omdat ik vind dat meer mensen er van af moeten weten
Dit zijn de hoofdstukken
1.wat is donatie?
2.waar dienen je organen voor?
3.wie kan donor worden?
4.wie krijgen je weefsels en organen?
5.wil je donor worden?
6.de eerste geslaagde transplantatie!
7.F.A.Q.
8.soorten donaties
9.afscheid
10.de wet
11.quiz

1. wat is donatie?
Donatie=iets weggeven
Wat is dat nou een donor?
Donor betekent “gever” dus iemand die iets weggeeft.
Het is in dit geval iemand die na zijn dood(en soms ook bij leven) organen en/of weefsels wil geven aan een patiënt die daardoor langer kan leven of beter mee wordt. Orgaan- en weefsel donatie is dus het geven van organen aan iemand die ze nodig heeft.
Je kan je organen en weefsels doneren

2. waar dienen je organen voor?

Organen:  je nieren, lever, hart, longen, alvleesklier en dunne darm
Weefsels:huid, hoornvliezen, hartkleppen, grote bloedvaten en bot en peesweefsel

Organen kun je niet bewaren, ze moeten meten worden getransplanteerd
Transplanteren is over plaatsen
Weefsels kunnen wel worden bewaard, soms wel 5 jaar als ze worden ingevroren

Nieren: je nieren zuiveren je bloed en voeren afvalstoffen af.

Lever: je lever maakt je bloed schoon, en zorgt daarbij voor een goede spijsvertering. De lever maakt ook gal waarmee vetten uit het voedsel worden opgenomen en verteerd.

Hart: je hart zorgt ervoor dat je bloed je lichaam rond word gepompt.

Longen: met je longen haal je adem. Ze zorgen ervoor dat de zuurstof uit de lucht in je bloed komt.

Alvleesklier: je alvleesklier is belangrijk voor de stofwisseling en maakt insuline.

Dunne darm:de dunne darm zorgt ervoor dat voedingstoffen in je lichaam worden opgenomen, en dat afvalstoffen worden uitgescheiden.

Huid:donorhuid groeit nooit als eigen huid aan, maar zorgt ervoor dat mensen met (brand)wonden, en minder littekens krijgen.

Hoornvliezen: het hoornvlies is het enige stukje van je lijf. Het zorgt ervoor dat je alles helder kunt zien.

Hartkleppen: je hartkleppen werken als een soort ventiel. Ze zorgen ervoor dat het bloed dat je hart instroomt, niet weer terugstroomt

Grote bloedvaten: de grote lichaamsslagader die van je longen naar je hart loopt, zorgt ervoor dat zuurstofrijk bloed door het hele lichaam gaat.

Bot- en peesweefsel: donorbot kan een beschadigd bot vervangen

3. wie kan donor worden?

Iedereen!
Iedereen kan donor worden: oude mensen, jonge mensen, gezonde en ook zieke mensen. Maar of je ook echt donor word als je dood bent, dat weet je van tevoren nooit.
Pas als je bent overleden, bepaalt een dokter of je organen en/of weefsels geschikt zijn om te transplanteren. Dat hangt onder andere af van de plaats waar je bent overleden. Ook is het belangrijk waar en hoe je bent overleden. zo kunnen de organen van iemand die is overreden niet meer gebruikt worden ,omdat ze door het ongeluk beschadigd zijn.

Echt iedereen???

Als je een tattoo of piercing laat zetten, dan is er een kleine kans dat je een infectie krijgt. Daarom kun je binnen 6 maanden dat je een tattoo of piercing
geen donor worden. Is het langer geleden dan maakt het niet meer uit.

Als je hiv- besmet bent of aids hebt, dan kun je meestal ook niets meer doneren. Dat is om te voorkomen dat de ontvanger van je orgaan ziek wordt.
Toch komt het wel eens voor dat iemand met hiv een orgaan doneert aan een patent die ook hiv of aids heeft.

4. Wie krijgen je weefsels of organen?

Het blijft onbekend wie je organen of weefsels krijgen. Een speciale organisatie, eurotransplant bepaalt dat. Je kunt niet zomaar een orgaan naar iemand transplanteren. Het orgaan moet wel passen bij de persoon die hem krijgt.
Daarom word iemand vooraf heel goed onderzocht.
Die onderzoekgegevens staan bij de organisatie eurotransplant in de computer.
Ze kijken dan welke patiënt het beste past bij het donororgaan.
Die persoon krijgt dan het orgaan.
Eurotransplant is een internationale organisatie. Die organisatie werkt dus in meerdere landen. Hierdoor kan iemand van het buitenland bijvoorbeeld een Nederlandse nier krijgen. Of iemand in Nederland een Belgische. De landen die meedoen zijn Nederland, België, Luxemburg, Duitsland, Oostenrijk, Kroatië en Slovenië. De organisatie gaat over weefseldonatie en de weefselbank heet bio inplant services

5. Wil je donor worden?

Die keuze moet je zelf maken.
Maar het is wel belangrijk dat je de keuze maakt en dit ook laat vastleggen in het donorregister.
Anders moet later iemand anders voor je kiezen op een moeilijk moment.
Zeker zo belangrijk is dat je erover nadenkt en erover praat met je ouders en vrienden.

Maak je keuze duidelijk

Al vanaf je twaalfde jaar kun je je laten registreren in het donorregister of je donor wil worden of juist niet.
Het donorregister is een lijst van alle mensen die hun keuze hebben laten vastleggen.
Als je achttien bent geworden, krijg je nog een brief waarin je word gevraagd of je donor wil worden.
Je kunt dan nog eens nadenken over wat je wilt en dat laten vastleggen.
Of je kunt je keuze wijzigen.
Dat kan altijd.
Niet registreren betekent dat je nabestaanden (je ouders, je partner of misschien wel je kinderen) een besluit voor je moeten nemen als je dood gaat.

Het formulier
Je kunt uit 4 keuzes kiezen:

Keuze 1:
Wanneer je voor keuze een kiest, dan wil je donor zijn.
Misschien wil je niet alles doneren wat op het formulier staat.
Je kunt op de achterkant een orgaan of weefsel uitsluiten voor donatie.

Keuze 2:

Je geeft aan dat je GEEN donor wilt zijn.

Keuze 3:

Je kiest ervoor dat je het heel belangrijk vind dat je familie kan beslissen op het moment dat je overlijdt.
Zij mogen dan zeggen of je wel of geen donor word.
Je helpt ze wel als je alvast vertelt wat je wilt.
Dfan kunnen ze daar later rekening mee houden.

Keuze 4:

Wanneer je iemand voor je wil laten beslissen die geen familie of partner van je is.
Wanneer je overlijdt nemen de artsen contact met diegene op.
Hij of zij mag dan zeggen of je donor bent of niet.
Ook dan is het belangrijk dat je hem laat weten wat je graag zou willen.

Speciale wensen

Je kunt dus uit 4 verschillende mogelijkheden kiezen.
Wat niet kan is nog iets extras op het formulier schrijven.
Bijvoorbeeld: ik wil graag maar een nier doneren.
Als je zo`n wens hebt, kun je dat het beste aan je familie laten weten.
Zij zijn dan op de hoogt en kunnen er rekening mee houden.
Je kunt ook niet aangeven aan wie je je organen en/of weefsels wilt doneren.
De toewijzing gebeurt anoniem en alleen op basis van medische gegevens en criteria.
Zo word er gekeken naar bloedgroep, wat voor een soort weefsel iemand heeft, lengte gewicht, hoe ziek iemand is, en hoelang iemand al op een orgaan wacht.

6. De eerste geslaagde transplantatie

Pas in 1954 is het voor het eerst echt gelukt.
In Amerika kreeg een man met succes een nier van zijn broer getransplanteerd.

Nog steeds hopen we meer mogelijkheden om organen en weefsels te doneren.
Misschien dat we in de toekomst ook andere organen kunnen transplanteren.
Maar het zou helemaal mooi zijn als er helemaal geen ingewanden meer nodig zijn maar in plaats daarvan kunstorganen worden toegepast
Of als artsen in de toekomst  de organen kunnen “maken” met speciale              cellen.

7. Xenotransplantatie

Het transplanteren van dieren naar mensen noemen we xenotransplantatie. Het zou in de toekomst een oplossing kunnen zijn voor het tekort aan menselijke weefsels en organen.
Dierlijke organen kunnen echter niet zomaar worden gebruikt voor mensen; ze worden meteen afgestoten. Er word wel onderzoek gedaan naar mogelijkheden, maar er is voorlopig nog te weinig bekend over de risico’s xenotransplantatie . daarom is het nog verboden in Nederland.
8. F.A.Q.

Zijn er nog niet genoeg donoren???

In Nederland wachten 1500 mensen op een nieuw orgaan. En bijna 3.000.000 mensen hebben laten vastleggen dat ze donor willen zijn. Je zou toch zeggen dat dat genoeg moest zijn om de wachtlijsten te verwerken.

Hoe kan het dan dat er nog veel mensen dood gaan doordat er geen nieuw orgaan is? De oorzaak daarvan is dat niet iedereen die overlijdt, zijn of haar organen kan doneren. Omdat te kunnen moet je bijna altijd op de intensive care afdeling van het ziekenhuis overlijden en je organen moeten goed werken.
Omdat de de omstandigheden meestal niet voldoen, zijn er per jaar een paar honderd organen te weinig.
Te weinig om iedereen te helpen. Weefseldonoren zijn er gelukkig veel meer.

Wanneer kun je organen doneren?

Bij orgaan donatie gaat het meestal om mensen die overlijden aan bijvoorbeeld een hersenbloeding of verkeersongeval . die mensen zijn hersendood, maar door kunstmatige beademing kunnen de organen nog steeds zuurstofrijk bloed krijgen.
Daarmee blijven de organen geschikt voor transplantatie.
Orgaandonatie kan dus bijna alleen als iemand overlijdt in het ziekenhuis.
Want alleen daar is beademingsapparatuur. Voor orgaandonatie komen nieren, hart, alvleesklier, lever, longen en dunne darm in aanmerking.
Ook iemand die in een ziekenhuis overlijdt aan een hartstilstand kan nog donor zijn van nieren, lever en longen. Dit word non-heartbeating genoemd

Wat is hersendood?

Als je nog leeft, zorgen je longen ervoor dat er zuurstof in je bloed komt. Je hart pompt het bloed rond naar je organen. Als je hart stil staat, krijgen je organen geen zuurstof meer. Daardoor zijn ze niet meer geschikt voor transplantage.
Hersendood is anders dan hartdood. Je hersenen geven dan geen signaal meer aan de longen. je houdt dan op met ademen. Een machine kan het ademhalen voor een tijdje overnemen. Op die manier worden krijgen de organen toch zuurstof en blijven ze geschikt om te worden getransplanteerd.
Je kunt vaak alleen organen doneren als je hersendood bent.
Als je hersendood bent , doen je hersenen het niet meer. Je bent dan echt dood.
Je hersenen gaan het ook nooit meer doen. Dat word heel precies onderzocht door artsen. Je voelt dan niets meer, je denkt niks meer en je hersenen geven ook niet meer door dat je moet ademhalen.

Wanneer kun je weefsels doneren??

Het doneren van weefsels kan vaker dan het doneren van organen. Dat komt doordat je je weefsels ook kan afstaan als je niet i9n het ziekenhuis overlijdt maar ergens anders. Voor weefsel donatie is zuurstof niet zo belangrijk.
Je hoeft voor weefsel donatie niet doof te zijn. Je kunt vaak 12 tot 24 uur nadat je bent overleden nog weefsels doneren. Gedoneerde weefsels krijgen een speciale behandeling. Daardoor kunnen ze langer worden bewaard. Dit gebeurd bij weefselbanken. Bij weefseldonatie gaat het om hoornvliezen, huid, hartkleppen, bloedvaten en bot- en peesweefsel

Kun je ook een orgaan of weefsel doneren als je nog leeft?

Ja, dat kan. Maar meestal niet als je jonger dan 18 bent.
Ook bij volwassenen word heel goed gekeken of het wel kan voor je gezondheid.

Met welke organen kan dat?

De meeste organen heb je zelf nodig. Iemand die leeft kan niet dezelfde organen doneren als dan je dood bent. Zonder hart of longen ga je dood.
Bij leven kan je wel een nier, (een deel van de) lever, (deel van de) longen, beenmerg of bloed doneren.

9.soorten donaties

Jullie kennen orgaan en weefseldonatie al,

Bloeddonatie

De bekendste vorm van donatie bij leven is bloeddonatie.
Hoewel er in ons land zo`n 500.000 bloeddonors zijn, is er toch altijd behoefte aan nieuwe donors.
Elk jaar stopt namelijk 10% van de bloeddonors om diverse redenen.
Wie bloeddonor wil worden moet tussen de 18 en de 65 zijn.
Je kunt bloeddonor blijven tot je 70e jaar.

Beenmerg- of stamceldonatie

Sommige mensen hebben een ziekte aan het beenmerg,
Bijvoorbeeld leukemie.
Dan kunnen de stamcellen van de donor geen nieuwe meer aanmaken.
In zo`n geval kan donatie van levensbelang zijn.
Stamcellen kunnen verzameld worden uit beenmerg,
Maar sinds enkele jaren ook uit bloed.
Als de transplantatie slaagt, dan zullen de stamcellen in het beenmerg van de patiënt opnieuw bloed aanmaken.

10. Afscheid

Wanneer iemand is overleden, is het natuurlijk belangrijk dat je goed afscheid kunt nemen. Voor afscheid nemen heb je de tijd nodig. Gelukkig kan dat ook als iemand organen en weefsels doneert. Familie kan in alle rust afscheid nemen en hoeft zich niet te haasten omdat iemand donor is.

Hoe zie je er daarna uit?

Je familie en vrienden willen je misschien nog zien als je dood bent. De artsen zorgen er daarom voor dat je er niets meer van ziet als je donor bent geweest. Ze operen natuurlijk wel maar niet op plaatsen die zichtbaar worden als iemand opgebaard word. Dus nooit in het gezicht, in de hals of in de handen.  En de plaatsen waar geopereerd is word netjes gehecht en met pleisters bedekt. Als je huid doneert krijg je nog een extra pak aan, zodat je daar ook niets van ziet.

Begrafenis of crematie

Als je donor bent geweest, kun je ook gewoon worden begraven. Dit hoeft niet later te gebeuren

11. De wet

In de wet is bepaalt dat jongeren alleen een orgaan mogen doneren dat weer aangroeit. Hoewel je prima kunt leven met een nier mogen jongeren jonger als 18 geen nier doneren . die groeit namelijk niet meer aan.
Dat geld ook voor de longen. Voor bloeddonatie moet je ook 18 zijn.
Bloed word wel weer bijgemaakt, maar die heb je tot je 18e hard nodig

Spreekbeurt over De V.O.C. – De Verenigde Oostindische Compagnie

de-voc

Deze spreekbeurt werd gemaakt door Kim.

De V.O.C.

Het einde van het Portugese monopolie
Aan het einde van de zestiende eeuw was het niet meer mogelijk om specerijen vanuit Portugal te handelen, omdat dit land ingenomen was door Spanje. De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden was nog steeds in oorlog met Spanje zodat het nodig was om op een andere manier aan specerijen te komen. De vaarroute naar Oost-Indie kenden alleen nog maar de Portugezen. Bovendien was het niet handig om langs Spanje te varen. Daarom werden er nog pogingen gedaan om een route ‘langs de noord’ naar Oost Indie te vinden. Maar toen in 1597 De Houtman en Van Beuningen terugkwamen van een route langs Kaap de Goede Hoop (de zuidroute), was het mis. Er werd een groot aantal tochten georganiseerd om specerijen op te halen uit het verre oosten.

De compagnieën
Voor het uitvoeren van de tochten werden zogenaamde compagnieën opgericht. Een compagnie was een tijdelijke uitvoering waarin directeuren en deelnemers geld bijeenbrachten om een boottocht te ondersteunen. Als de tocht slaagde dan konden de specerijen vaak met grote winst worden verkocht. Na de tocht werd de bemanning ontslagen, de schepen verkocht en de compagnie opgeheven. Bij winst kon het gewonnen geld worden besteed aan een nieuwe compagnie. Al snel werden er zoveel compagnieën opgericht dat het niet meer lonend dreigde te worden. Er ontstond een ware ‘stormloop naar specerijen’ waardoor het aanbod van specerijen toenam en de prijzen dreigden te zakken naar een niveau waarop het niet meer opleverend zou zijn om handel te drijven.

de-voc2De bouw van het schip
Voordat de bouw van een schip kon beginnen moest het hout afkomstig uit Berlijn eerst zes maanden in het zuur gelegd worden om later de schimmel te voor komen. De bouw van een schip duurde drie maanden. Deze tijd had het hout ook nodig om behoorlijk uit te drogen, zodat het later niet zo gaan krimpen of scheuren. In het voorjaar gingen de schepen te water, daarna werd hij tussen de palen in het water bij de werf afgebouwd. In september waren de schepen dan klaar om uit te varen en kwam er weer een schip uit Azië, als die kappot was moesten ze hem weer gaan maken. Tijdens de twee eeuwen dat de VOC heeft bestaan hebben ze ongeveer 1500 schepen gebouwd. Het grootste aantal schepen werden gebouwd in de 17de eeuw ongeveer drie per jaar (bij de Amsterdamse werf).

Het leven aan boord
Het leven aan boord van een schip was erg zwaar. De bemanning had geen privacy en het eten was slecht. Tijdens de reis konden er allerlei rampen gebeuren. Als het al lukte om de reis te af te maken, dan stierf meestal meer dan de helft van de bemanning. Toch moeten we niet vergeten dat het leven aan wal ook erg armoedig was, en dat daar ook vele ziektes waren. Voor velen was werken voor de VOC een bevrijding uit het armoedig bestaan en hoopten zij op een beter leven.
Hieronder zie je het logo van de VOC.
de-vocdoc3

Het eten
Op zee aten ze alles wat lang houdbaar was. Koelkasten waren er nog niet. Veel voedsel werd gedroogd of gezouten meegenomen. Dan bedierf het voedsel niet zo snel. Lang houdbaar voedsel was:
Kaas
Boter
Scheepsbeschuit
Spek
Erwten en bonen
Stokvis
Gedroogd fruit
Soms werden er zelfs levende koeien, kippen of varkens meegenomen. Die konden dan onderweg geslacht worden. Toch werd de bemanning vaak ziek door een gebrek aan vitamines. Een gevreesde ziekte was scheurbuik, de tanden gingen los zitten en je lichaam teerde helemaal weg. Ter bestrijding van deze ziekten werd op Kaap de Goede Hoop een vestiging gesticht om verse groenten te verbouwen. De bemanningsleden konden op deze plek weer vers voedsel en drinkwater inslaan. Daarna ging de reis weer verder

de-vocdoc4
Het zeeroverslied
De machtigste koning van storm en van wind is de arend geweldig en groot.
De vogels, zij sidd’ren en vluchten van angst voor zijn snavel en klauwenden poot.
Als de leeuw verheft zijn gebrul des nachts,dan verschrikt hij de dieren er mee,
ja wij zijn deheersers der aard de koningen van de zee.
refr. tirallala, tirallala, tirallala, tirallala, tirallala, tirallala, tirallala, hoi, hoi.

verschijnt er schip op de oceaan dan juichen wij luiden en wild.
onze trotse schip als een pijl uit de boog schiet terstonds door de wateren zilt.
en de koopman word bang en hij siddert van angst.
de matroosen verwensen die dag daar klimt de vlag langs omhoog.
refr. tirallala, tirallala, tirallala, tirallala, tirallala, tirallala, tirallala, hoi, hoi

Dit was mijn spreekbeurt over de V.O.C, zijn er nog vragen????

Spreekbeurt over Moeders voor Moeders

Spreekbeurt Moeders voor Moeders

Ik doe vandaag mijn spreekbeurt over Moeders voor Moeders, omdat mijn moeder heeft meegedaan met Moeders voor Moeders toen ze zwanger was van mij.

Wat is Moeders voor Moeders?mvmlogo

Moeders voor Moeders zamelt urine in van zwangere vrouwen. Vrouwen kunnen alleen meedoen met Moeders voor Moeders als ze tussen de zes en zestiende week zwanger zijn omdat er dan het meeste hCG hormoon in zit. Moeders voor Moeders bestaat al erg lang, namelijk sinds: 1931. Moeders voor Moeders hoort bij Schering-Plough. Dat is een bedrijf wat medicijnen maakt en onderzoek doet naar nieuwe medicijnen. Moeders voor Moeders zamelt in bijna het hele land urine in.

Wat is het hCG hormoon en waarom alleen in de zesde tot en met de zestiende week?

Wanneer vrouwen een kindje verwachten maakt hun lichaam het hCG hormoon aan. Een hormoon is een soort boodschapper, die via het bloed naar een plaats in het lichaam wordt vervoerd om daar zijn werk te doen. Het lichaam maakt verschillende hormonen aan die allemaal hun werk doen. Het hCG hormoon wordt alleen door het lichaam aangemaakt als iemand zwanger is. Dit hormoon is nodig om er voor te zorgen dat het kindje goed groeit in de buik van de moeder.

Het lichaam maakt heel veel hCG hormoon aan, maar in het begin is het kindje nog zo klein dat er hCG te veel is. En omdat het kindje niet zo veel nodig heeft plast de mama het hCG hormoon uit. Wanneer de moeder vier maanden zwanger is, is het kindje zo groot dat het al het groei hormoon nodig heeft. Dan plast de mama het hormoon niet meer uit, omdat het allemaal naar de baby gaat.

grafiek

Waarom wil Moeders voor Moeders de plas inzamelen?

Moeders voor Moeders wil graag die plas hebben omdat zij daar een medicijn van kunnen maken. Dit medicijn is nodig voor vrouwen die wel graag een kindje willen maar het niet zo goed lukt om zwanger te raken. Daarom wil Moeders voor Moeders graag dat er heel veel vrouwen mee gaan doen met Moeders voor Moeders want dan kan er ook heel veel plas worden ingezameld. Wanneer Moeders voor Moeders de plas heeft ingezameld gaat het naar een fabriek. In de fabriek wordt het hCG hormoon uit de plas gehaald van zwangere vrouwen. Dat is erg moeilijk en duurt ook best wel lang. Wanneer het hormoon uit de plas is gehaald wordt er een medicijn van gemaakt. Dit medicijn heet: Pregnyl. Dit medicijn gaat naar de dokters en apotheken. Wanneer een vrouw , die graag een kindje wil maar niet zwanger kan raken dan kan ze dit medicijn bij de dokter halen. Het is niet zeker dat ze dan wel zwanger wordt maar de kans wordt wel een stuk groter.

Wat gebeurt er als iemand meedoet met Moeders voor Moeders?

Als iemand zwanger is en graag wil meedoen met Moeders voor Moeders is het dus erg belangrijk dat ze nog niet zo lang zwanger is! Dan is het kindje in de buik nog niet zo groot en plast ze erg veel groeihormoon uit! Als ze net een paar weken zwanger is kan ze al meedoen, namelijk vanaf zes weken! Als ze mee wil doen, moet de mama zich eerst aanmelden bij Moeders voor Moeders. Dit kan via de website: www.moedersvoormoeders.nl of ze kan bellen naar een telefoonnummer.

Informatrice Moeders voor Moeders

flessenWanneer ze zich heeft aangemeld bij Moeders voor Moeders komt er een informatrice van Moeders voor Moeders langs. Een informatrice probeert er voor te zorgen dat alle net zwangere vrouwen in haar omgeving mee gaan doen met Moeders voor Moeders. Ook gaat de informatrice langs bij de vrouwen die zich hebben aangemeld om alles uit te leggen. Er zijn ongeveer 130 informatrices in heel Nederland aan het werk voor Moeders voor Moeders. Wanneer de informatrice op bezoek komt, doet ze als eerste een testje om te kijken of de vrouw net zwanger is. Wanneer het testje aan geeft dat de vrouw zwanger is, dan kan ze mee doen! Vervolgens krijgt de vrouw van de informatrice twee kratten met daarin vier flessen. De vrouw heeft dan acht kratten om haar plas in te verzamelen. De verzamelde plas wordt elke week opgehaald door een chauffeur, maar het kan ook zijn dat ze de flessen moet weg brengen naar een plek in de buurt. Omdat ze meedoet, krijgt ze een cadeau van Moeders voor Moeders, ze kan kiezen uit verschillende cadeaus. Bijvoorbeeld een boek met veel informatie over de zwangerschap of een DVD. Wanneer ze erg lang mee doet, maximaal tien weken. Dan ontvangt ze een extra cadeau, een fotolijstje waar ze de echo in kan doen van de baby

Wat is een echo?

Een echo is een foto van de baby wanneer deze nog in de buik zit. Wanneer een vrouw zwanger is krijgt ze verschillende echo’s om te kijken of alles goed gaat met de baby. Van de echo wordt een foto gemaakt en deze kan in het lijstje gedaan worden. De mama kan natuurlijk ook een andere foto in het lijstje stoppen.

lijstje

Spreekbeurt over het Christendom

Het Christendom

Deze spreekbeurt werd gemaakt door Kim

De Ontstaan, geschiedenis

De stichter van het Christendom is Jezus. Jezus is de zoon van God. God heeft de aarde gemaakt en ook de mensen. Hij deed dit met een doel: een prachtige wereld waarin mensen in vrede en geluk zouden leven. Dit is misgegaan. Er zijn veel oorlogen in de wereld. De bijbel zegt dat het niet goed gaat omdat mensen net doen alsof ze God zijn. Om te zorgen dat alles weer goed wordt heeft God zijn zoon (Jezus) gestuurd.
Jezus werd geboren in het jaar 6 v. Chr. in Palestina. Hij groeit op als timmermanszoon in Nazareth in Galilea. Jezus kreeg onderwijs in de Joodse geschriften, de Wet en de Profeten. Toen hij dertig jaar was, ging hij naar Jeruzalem. Hij laat zich dan dopen in de Jordaan door Johannes de Doper. Vanaf dit moment roept hij mensen op om te geloven in God. Hij verzamelt een groep leerlingen om zich heen die discipelen worden genoemd. Met deze mensen trekt hij het land door. Hij geneest zieken en hij leert mensen de Joodse wet. De toespraak van Jezus onder de naam de Bergrede zijn ook erg beroemd. Hij roept hierbij de mensen op om God lief te hebben boven alles. Dit is de eerste regel. Door de tweede regel kwam Jezus in strijd met de Joodse leider en wordt hij gekruisigd, maar na twee dagen staat hij weer op.
De kern van het Christendom is het aanbidden van Jezus Christus de Zoon van God. Jezus heeft hier de taak om de relatie van mensen met God mogelijk te maken en ervoor te zorgen dat met die relatie hen niets meer belemmert. Hij is de Messias. God is voor de Christenen de vader van Jezus. Hij wordt ook wel Abba genoemd dat vader betekent. De Christenen vinden dat God liefde is en dat God gerechtigheid (gerechtigheid betekend dat iedereen hetzelfde in de wereld krijgt en is) zoekt en mensen vrijheid geeft om te kiezen tussen goed en kwaad.

Feesten

Pasen

Met pasen vieren we dat Jezus, de zoon van God, uit de dood is opgestaan. Hij stierf op Goede Vrijdag aan het kruis en in de bijbel staat dat hij drie dagen later uit zijn graf is opgestaan. Pasen valt steeds op een andere datum. Pasen valt altijd op de eerste zondag na de eerste volle maan in de lente. Dat kan de ene keer in maart zijn en de andere keer in april. Voordat het pasen is, is er eerst een ‘goede week’. Hierin wordt het lijden en het sterven van Jezus te overwegen. Overwegen is erover nadenken.
Deze week begint altijd op palmzondag. Dit is de zondag voor pasen. Op deze zondag wordt de intocht van Jezus in Jeruzalem gevierd. Na palmzondag krijgen we witte donderdag. Op deze dag at Jezus voor het laatst met zijn vrienden. Dit wordt ook wel het laatste avondmaal genoemd. Jezus zei, toen Hij het brood in stukken brak en uitdeeldde: ‘Dit is mijn lichaam, en het wordt voor iedereen gegeven’. En bij het ronddelen van de wijn zei Hij: Dit is mijn bloed dat voor iedereen wordt vergoten. De vrienden van Jezus snapten er niet veel van. Pas toen Jezus dood was begrepen ze waarom hij dat zei. De vrijdag voor Pasen heet goede vrijdag. Op deze dag is Jezus doodgegaan. Ze hebben hem toen met spijkers aan het kruis geslagen.
Maar waarom heet deze dag goede vrijdag? Op deze dag heeft Jezus zijn leven aan ons gegeven. Ze zeggen dan ook dat Jezus hierdoor ook onze dingen die we fout doen kan vergeven. De laatste dag voor pasen is zaterdag. Deze dag wordt paaszaterdag genoemd. Op deze zaterdag denken we aan Jezus die nu in het graf ligt, een uitgeholde grot met een grote zware steen ervoor. Het kruis is nu leeg, en in veel kerken is nu ook het altaar leeggeruimd. Er liggen en staan geen bloemen, kaarsen, of mooie kleden op het altaar (kerktafel waar de pastoor of dominee aan staat.)

Hemelvaart

Veertig dagen na de kruisiging en opstanding van Jezus (Pasen) riep Hij zijn volgelingen bij elkaar en nam ze mee naar een berg aan de oostkant van Jeruzalem. Daar vertelde Hij hun dat Hij klaar was met zijn werk op aarde en dat Hij ging vertrekken naar de hemel. En zo gebeurde het ook. Dat is een triest verhaal, maar gelukkig is dat niet alles: toen Jezus weg was en zij elkaar een beetje beteuterd stonden aan te kijken zo van “wat moeten we nou?”, stonden er opeens engelen bij hen. Deze zeiden het volgende: “jullie hoeven niet verdrietig te zijn, want Jezus, die jullie net hebben zien weggaan, zal op dezelfde manier ook weer terugkomen aan het eind van de tijd”.
Jezus had hen ook de opdracht gegeven om na zijn vertrek te wachten op de komst van de Heilige Geest.

Kerst

Kerstmis is afgeleid van “Christus-mis”. Op het kerstfeest wordt de geboorte van Jezus herdacht. Het is het feest van de komst van het goede in de wereld.
Het is het feest van de vrede. De datum van kerstmis valt altijd op 25 december. Deze datum is in Rome ongeveer in het jaar 330 als datum gekozen. Met kerstmis worden kerstbomen versierd en onder de kerstboom wordt een kerstkribje gezet met beelden. Het Kerstfeest wordt voorafgegaan door de advent. Advent is de periode van vier weken vóór Kerstmis.
De zondag van de eerste adventweek is het begin van het kerkelijk jaar. Het kerkelijk jaar is de kerkelijke indeling van het jaar volgens elkaar opvolgende feest- en gedenkdagen. Het jaar is in twee helften verdeeld: de tijd van advent tot en met Pinksteren (met de kerst- en paaskring) en de feestloze tijd.

Heilige Boeken

De Bijbel
De Bijbel is het belangrijkste boek voor de Christenen. De Bijbel vormt een verzameling van geschriften die te maken hebben met het Christendom. Het bestaat uit 66 boeken, allemaal geschreven door verschillende schrijvers. De Bijbel bestaat uit geschiedenisboeken, levensbeschrijvingen, gedichten, profetieën, brieven, enz. De Bijbel is nog steeds van toepassing op het leven van de Christenen.

De Bijbel lees je niet zomaar uit. Dat komt omdat het ten eerste veel te veel is om te lezen maar ook omdat de bijbel een soort bibliotheek is van wel 66 boeken in één band. In die boeken hebben zo’n 31 profeten en later ook 8 leerlingen van Jezus in de loop van 16 eeuwen neergeschreven wat ze van God aan inzicht en aan geestelijke schatten ontvingen.

De Bijbel bestaat uit twee hoofdonderdelen:

-Het oude testament (TeNaCH)
-Het nieuwe testament

Het oude testament is geschreven voor de geboorte van Jezus. Dit hebben de Christenen en de Joden samen geschreven. Hierin vinden we dus ook nog boeken over hoe Joden over God denken.

Het oude testament bevat 4 boeken:

-profeten boeken
-Thora (regels)
-‘Historische’ boeken
-‘Wijsheid’-boeken

Verder vind je in het Oude Testament liederen, gebeden, spreuken en voorspellingen over de komst van de Verlosser en de toekomst van de wereld.

Het nieuwe testament bestaat uit vier boeken:

-Vier evangelies
-Handelingen van de Apostelen
-Brieven, vooral van de Christenen uit verschillende landen
-Openbaring (een gelovige toekomst visie)

Hierin kun je lezen hoe volgelingen van Jezus hun geloof in God zagen. De vier verhalen die over Jezus gaan zijn de vier evangelies. Zij zijn geschreven door Matteüs, Marcus, Lucas en Johannes. Zij worden ook wel de vier evangelisten genoemd. De vier evangelisten hadden alle vier een eigen mening over Jezus. Ze schreven allemaal voor een andere groep mensen. De evangelies van Matteüs, Marcus en Lucas lijken een beetje op elkaar. De evangelies zijn in het Grieks geschreven, later zijn ze vertaald. Het nieuwe testament werd geschreven tussen het jaar 50 en het jaar 110 na Chr..

Levensvragen

Wat is belangrijk in het leven?
Het allerbelangrijkste is dat je God lief hebt. Het is belangrijk dat je af en toe naar de kerk gaat en bid tot God. Je kan God van alles vertellen. Bijvoorbeeld dingen waar je mee zit of God bedanken voor de fijne dingen in het leven. Ook is het belangrijk dat je je naaste lief hebt en mensen die het moeilijk hebben helpt. De sterkeren helpen de zwakkeren. Je moet net zo proberen te leven als God.

Hoe leven mensen met elkaar samen?
Als Christenen hoor je je naaste lief te hebben, rechtvaardig te leven en op te komen voor mensen die het moeilijker hebben dan jijzelf. Eigenlijk moeten we in Nederland wat eenvoudiger gaan leven. Zodat alles wat wij overhouden naar landen kan gaan waar ze het minder goed hebben.

Wie is de mens?
Een mensenleven is eindig maar na de dood is er een ander leven. Je komt dan in ‘het Rijk van God’. Dat is een leven met Christus. Er is alleen geluk en alles komt goed.
Mensen zijn ook beperkt. We kunnen heel veel zelf maar sommige dingen moeten we ook aan God overlaten.
De mens is gemaakt naar het beeld van God. Niemand is hetzelfde, God heeft iedereen anders gemaakt. Dat maakt mensen zo mooi. God heeft mensen als een vrij wezen gemaakt. Mensen kunnen zelf keuzes maken. Maar ze mogen hun vrijheid niet misbruiken zodat het ten koste van anderen gaat.

Dit was mijn spreekbeurt over het Christendom, zijn er nog vragen?