Opmerking: ik doe mijn spreekbeurt over het vliegveld
het onderwerp vond ik leuk en er was veel over te vertellen.

De terminal
Het stations gebouw is de plek waar luchtreizigers vertrekken en aankomen.
in het engels noemen we dit gebouw de terminal.
De terminal is een hele grote zaal, omdat het zo groot is hebben ze er lange wandelbanen aan de lopende banden van de aankomst en vertrekhal naar de verschillende pieren waar de vliegtuigen wachten.
Op die wandelbanen hoef je er alleen op te gaan staan en de rest doet hij wel, dus daar hoef je niet te verdwalen.
Mensen die hier werken gebruiken meestal fietsjes, steppen of elektrische scootertjes.
Er zijn ook elektrische autootjes waar mensen die slecht ter been mee weggebracht kunnen worden.
De floormanager die zorgt da alles op rolletjes loopt, gaat meestal te voet.
De floormanager loop soms wel 30 kilometer door de terminal per dag.
Zijn voeten doen aan het eind van de dag erg pijn.
Maar de meeste floormanagers vinden het toch heerlijk werk.

Inchecken
De reis begint altijd met inchecken, een engels woord.
Inchecken betekend dat je jezelf en je bagage aanmeldt voor de reis.
Hiervoor ga je naar de incheckbalie in de vertrekhal.
Op de televisies kun je zien welke incheck balie voor jouw vlucht is.
De mensen van de incheckbalie plakken op de bagage een sticker en gooien hem op de lopende band, die bagage gaat dan naar het vliegtuig toe.
Ze voeren de gegevens in de computer van de passagiers, kunnen ze precies zien welke en hoeveel passagiers er al zijn.
Daarna krijg je een kaartje die kan je dan laten zien aan de stewardess.
Dit kaartje moet goed bewaard worden, want er staat op welke uitgang je moet zijn en welke stoel je moet zitten in het vliegtuig.

Ummetjes
Kinderen mogen in hun eentje vliegen.
Dat mag pas als ze zeven jaar zijn.
Ze moeten worden gebracht door een volwassene en in het andere land moeten ze worden opgehaald worden door een volwassene, zulke jong reizigers noemen we ummetjes.
De stewardess is de oppas van de ummetjes.
Ummetjes betekend unaccompanied minor.
Dat is engels voor minderjarige zonder begeleiding.
Die kinderen reizen vaak naar hun grootouders, die bijvoorbeeld overwinteren op eilanden vlakbij de evenaar.








De douane
De marechaussee controleert de mensen die het land uitgaan.
De douane daarentegen controleert de spullen.
Niet alleen de spullen, maar ook de kleren die ze aan hebben.
Als je vertrekt kom je meestal geen douane tegen, maar terugreis kom je er langs.
Ze zorgen dat er geen verboden goederen uit het land komen.
De spullen die niet mee mogen naar huis, stoppen ze in een heel groot magazijn wat meestal al na drie maanden al vol zit.
Dat magazijn word de hel genoemd.
Het is natuurlijk ook verboden om drugs en wapens het land in te smokkelen.

de verkeerstoren
op de luchthaven werken duizenden mensen, in restaurants, winkels en achter balies.
Maar er werken ook mensen op afdelingen waar mensen nooit komen.
Vaak zijn die mensen echte specialisten bij het vliegveld.
De techniek van het vliegtuig bijvoorbeeld, de monteurs moeten heel wat verstand hebben om een vliegtuigmotor te repareren.
De mensen die achter de schermen werken vallen minder op, maar zijn meestal wel mensen die meer werk verrichten. < br>bij de verkeerstoren bijvoorbeeld.
De luchtverkeersleiding zorgt dat er in de lucht en op het vliegveld geen botsingen gebeuren.
Op hele drukke dagen starten en landen er wel 100 vliegtuigen per uur.
Ze regelen dat ze allemaal netjes na elkaar landen en opstijgen.
Ze vertellen welke richtingen, snelheid, hoogt en welke baan ze moeten zijn.
Ze hebben speciale radars waarop ze kunnen kijken waar de vliegtuigen zijn.
In het verkeersleidercentrum op de grond werken de verkeersleiders bijna in dichte ruimte, ze hoeven niet naar buiten te zien, ze kijken alleen maar naar de radars, behalve de verkeerstoren, daar hebben het personeel meer toezicht over het vliegveld, zodat ze het nog een beetje beter kunnen regelen, de verkeerstoren is heel goed te herkennen, hij is heel hoog en heeft veel van een ijsje met een bolletje erop.
De verkeersleider in de toren heeft een werktafel voor zich met een radarscherm en knoppen paneel en een microfoon.
Hierdoo r houd hij contact met de piloten.
Omdat heel veel piloten uit andere landen komen praten ze engels, engels is een wereldwijde taal die alle piloten kennen.
Hij moet ook heel goed op de motoren letten van het vliegtuig, als er brand in zit bijvoorbeeld, kan hij meteen een brandweer sturen.
Ook voor andere vreemde dingen aan het vliegtuig stuurt hij een brandweer heen.



De hangar
In de hangar worden de vliegtuigen nagekeken voor de reis, of worden ze gerepareerd.
Op een vliegveld hebben alle vliegtuigmaatschappijen een hangar.
Er zijn hangars die hebben hele groten afmetingen.
De grootste die er is, heeft afmetingen van driehonderd meter breed, meer dan honderd meter diep en een hoogte van vijfendertig meter, de Eiffeltoren in Parijs zou er liggend bijna in passen.
In deze hangar kunnen maximaal zes jumbojets in.
Een jumbojet is het grootste verkeersvliegtuig van de wereld.
Platform
Het platform is de parkeerplaat s van de vliegtuigen
Op het platform liggen de pieren, met slurven naar de terminal waardoor de reizigers naar het vliegtuig moeten lopen.
Bij de pieren staan de vliegtuigen die klaar staan voor vertrek.
Er moet tussen de vluchten heel wat gedaan worden bijvoorbeeld lossen, schoonmaken, technische inspectie, tanken en laden.
als je op het vliegveld door het raam bij de terminal kijkt, kan je de vliegtuigen die net geland zijn zien taxiën naar de pier waar ze zich kunnen klaar maken voor de volgende vlucht.
Taxiën betekend dat het vliegtuig op eigen kracht rijd.
Op de taxibaan staat een dikke gele streep, zo kan de piloot zien dat hij mooi in het midden zit, als die dikke streep er niet was, kon het vliegtuig zo met zijn vleugels en iets raken.
Als het vliegtuig goed staat worden er metalen blokken voor en achter het neus wiel gezet, zo kan hij niet naar voren of naar achter rijden.
Je ziet op het vliegveld ook wel dat vliegtuigen worden getrok ken, dat gebeurd meestal als het vliegtuig de hangar in moet.

Banen
De start en landingsbanen van het vliegveld liggen in verschillende richtingen.
Het hangt van het weer af en vooral van de windrichting.
Een start en landingsbaan ziet er uit als een hele brede weg maar heel kort.
De breedte heeft een dikte van vijfenveertig meter zo’n drie en halve kilometer lang.
Meer heeft een vliegtuig niet nodig om een hoge snelheid te bereiken.
Hij heeft driehonderd km per uur nodig om op te stijgen.
Gaat het vliegtuig snel genoeg, dan trekt de piloot de knuppel naar zich toe en stijgt het vliegtuig op.

Het vliegtuig
Zonder vliegen zou er natuurlijk geen luchthaven zijn.
Vroeger was het vliegveld alleen een stuk grasveld.
Omdat de vliegtuigen groter werden en de aantallen reizigers ook, groeide het vliegveld mee.
Een grote luchthaven neemt bijna net zo veel ruimte in beslag als een grote stad.
Grote vliegtuigen hebben me er ruimte nodig om te stijgen en te landen.
Het grootste verkeersvliegtuig ter wereld is de boeing 747, die heeft ook veel ruimte nodig om op te stijgen.
Hij is 70 meter lang en de afstand tussen de punten en de vleugels is bijna 65 meter lang.
De staart steekt 20 meter de lucht in, en het is zo hoog als een gebouw van 6 verdiepingen.
Hij kan 500 passagiers meenemen en als hij vol zit weegt hij wel 400.000 kilo.
De boeing 747 kost 115 miljoen euro.

De cockpit
In de cockpit zitten meestal twee en soms drie man.
De gezagvoeder in het engels is de officiële baas aan boord, hij is de piloot met de meeste ervaring.

ik doe mijn spreekbeurt over het vliegveld
het onderwerp vond ik leuk en er was veel over te vertellen.

De terminal
Het stations gebouw is de plek waar luchtreizigers vertrekken en aankomen.
in het engels noemen we dit gebouw de terminal.
De terminal is een hele grote zaal, omdat het zo groot is hebben ze er lange wandelbanen aan de lopende banden van de aankomst en vertrekhal naar de verschillende pieren waar de vliegtuigen wachten.
Op die wandelbanen hoef je er alleen op te gaan staan en de rest doet hij wel, dus daar hoef je niet te verdwalen.
Mensen die hier werken gebruiken meestal fietsjes, steppen of elektrische scootertjes.
Er zijn ook elektrische autootjes waar mensen die slecht ter been mee weggebracht kunnen worden.
De floormanager die zorgt da alles op rolletjes loopt, gaat meestal te voet.
De floormanager loop soms wel 30 kilometer door de terminal per dag.
Zijn voeten doen aan het eind van de dag erg pijn.
Maar de meeste floormanagers vinden het toch heerlijk werk.

Inchecken
De reis begint altijd met inchecken, een engels woord.
Inchecken betekend dat je jezelf en je bagage aanmeldt voor de reis.
Hiervoor ga je naar de incheckbalie in de vertrekhal.
Op de televisies kun je zien welke incheck balie vo or jouw vlucht is.
De mensen van de incheckbalie plakken op de bagage een sticker en gooien hem op de lopende band, die bagage gaat dan naar het vliegtuig toe.
Ze voeren de gegevens in de computer van de passagiers, kunnen ze precies zien welke en hoeveel passagiers er al zijn.
Daarna krijg je een kaartje die kan je dan laten zien aan de stewardess.
Dit kaartje moet goed bewaard worden, want er staat op welke uitgang je moet zijn en welke stoel je moet zitten in het vliegtuig.

Ummetjes
Kinderen mogen in hun eentje vliegen.
Dat mag pas als ze zeven jaar zijn.
Ze moeten worden gebracht door een volwassene en in het andere land moeten ze worden opgehaald worden door een volwassene, zulke jong reizigers noemen we ummetjes.
De stewardess is de oppas van de ummetjes.
Ummetjes betekend unaccompanied minor.
Dat is engels voor minderjarige zonder begeleiding.
Die kinderen reizen vaak naar hun grootouders, die bijvoorbeeld overwinte ren op eilanden vlakbij de evenaar.








De douane
De marechaussee controleert de mensen die het land uitgaan.
De douane daarentegen controleert de spullen.
Niet alleen de spullen, maar ook de kleren die ze aan hebben.
Als je vertrekt kom je meestal geen douane tegen, maar terugreis kom je er langs.
Ze zorgen dat er geen verboden goederen uit het land komen.
De spullen die niet mee mogen naar huis, stoppen ze in een heel groot magazijn wat meestal al na drie maanden al vol zit.
Dat magazijn word de hel genoemd.
Het is natuurlijk ook verboden om drugs en wapens het land in te smokkelen.

de verkeerstoren
op de luchthaven werken duizenden mensen, in restaurants, winkels en achter balies.
Maar er werken ook mensen op afdelingen waar mensen nooit komen.
Vaak zijn die mensen echte specialisten bij het vliegveld.
De techniek van het vliegtuig bijvoorbeeld, de monteurs moeten heel wat ve rstand hebben om een vliegtuigmotor te repareren.
De mensen die achter de schermen werken vallen minder op, maar zijn meestal wel mensen die meer werk verrichten.
bij de verkeerstoren bijvoorbeeld.
De luchtverkeersleiding zorgt dat er in de lucht en op het vliegveld geen botsingen gebeuren.
Op hele drukke dagen starten en landen er wel 100 vliegtuigen per uur.
Ze regelen dat ze allemaal netjes na elkaar landen en opstijgen.
Ze vertellen welke richtingen, snelheid, hoogt en welke baan ze moeten zijn.
Ze hebben speciale radars waarop ze kunnen kijken waar de vliegtuigen zijn.
In het verkeersleidercentrum op de grond werken de verkeersleiders bijna in dichte ruimte, ze hoeven niet naar buiten te zien, ze kijken alleen maar naar de radars, behalve de verkeerstoren, daar hebben het personeel meer toezicht over het vliegveld, zodat ze het nog een beetje beter kunnen regelen, de verkeerstoren is heel goed te herkennen, hij is heel hoog en heeft veel van een ijsje met een bolletje erop.
De verkeersleider in de toren heeft een werktafel voor zich met een radarscherm en knoppen paneel en een microfoon.
Hierdoor houd hij contact met de piloten.
Omdat heel veel piloten uit andere landen komen praten ze engels, engels is een wereldwijde taal die alle piloten kennen.
Hij moet ook heel goed op de motoren letten van het vliegtuig, als er brand in zit bijvoorbeeld, kan hij meteen een brandweer sturen.
Ook voor andere vreemde dingen aan het vliegtuig stuurt hij een brandweer heen.



De hangar
In de hangar worden de vliegtuigen nagekeken voor de reis, of worden ze gerepareerd.
Op een vliegveld hebben alle vliegtuigmaatschappijen een hangar.
Er zijn hangars die hebben hele groten afmetingen.
De grootste die er is, heeft afmetingen van driehonderd meter breed, meer dan honderd meter diep en een hoogte van vijfendertig meter, de Eiffeltoren in Parijs zou er liggend bijna in passen.
In deze hangar kunnen maximaal zes jumbojets in.
Een jumbojet is het grootste verkeersvliegtuig van de wereld.
Platform
Het platform is de parkeerplaats van de vliegtuigen
Op het platform liggen de pieren, met slurven naar de terminal waardoor de reizigers naar het vliegtuig moeten lopen.
Bij de pieren staan de vliegtuigen die klaar staan voor vertrek.
Er moet tussen de vluchten heel wat gedaan worden bijvoorbeeld lossen, schoonmaken, technische inspectie, tanken en laden.
als je op het vliegveld door het raam bij de terminal kijkt, kan je de vliegtuigen die net geland zijn zien taxiën naar de pier waar ze zich kunnen klaar maken voor de volgende vlucht.
Taxiën betekend dat het vliegtuig op eigen kracht rijd.
Op de taxibaan staat een dikke gele streep, zo kan de piloot zien dat hij mooi in het midden zit, als die dikke streep er niet was, kon het vliegtuig zo met zijn vleugels en iets raken.
Als het vliegtuig goed staat worden er metalen blokken voor en achter het neus wiel gezet, zo kan hij niet naar voren of naar achter rijden.
Je ziet op het vliegveld ook wel dat vliegtuigen worden getrokken, dat gebeurd meestal als het vliegtuig de hangar in moet.

Banen
De start en landingsbanen van het vliegveld liggen in verschillende richtingen.
Het hangt van het weer af en vooral van de windrichting.
Een start en landingsbaan ziet er uit als een hele brede weg maar heel kort.
De breedte heeft een dikte van vijfenveertig meter zo’n drie en halve kilometer lang.
Meer heeft een vliegtuig niet nodig om een hoge snelheid te bereiken.
Hij heeft driehonderd km per uur nodig om op te stijgen.
Gaat het vliegtuig snel genoeg, dan trekt de piloot de knuppel naar zich toe en stijgt het vliegtuig op.

Het vliegtuig
Zonder vliegen zou er natuurlijk geen luchthaven zijn.
Vroeger was het vliegveld alleen een stuk grasveld.
Omdat de vliegtuigen groter werden en de a antallen reizigers ook, groeide het vliegveld mee.
Een grote luchthaven neemt bijna net zo veel ruimte in beslag als een grote stad.
Grote vliegtuigen hebben meer ruimte nodig om te stijgen en te landen.
Het grootste verkeersvliegtuig ter wereld is de boeing 747, die heeft ook veel ruimte nodig om op te stijgen.
Hij is 70 meter lang en de afstand tussen de punten en de vleugels is bijna 65 meter lang.
De staart steekt 20 meter de lucht in, en het is zo hoog als een gebouw van 6 verdiepingen.
Hij kan 500 passagiers meenemen en als hij vol zit weegt hij wel 400.000 kilo.
De boeing 747 kost 115 miljoen euro.

De cockpit
In de cockpit zitten meestal twee en soms drie man.
De gezagvoeder in het engels is de officiële baas aan boord, hij is de piloot met de meeste ervaring.




Privacy Copyright Spreekbeurtenstartpagina.nl